Anoniem, van Arbeidsinzet tot FLAK-soldaat

Ooggetuigenverslag van een gedwongen Luftwaffe soldaat

Bij een razzia op 10 november 1944 werden in Rotterdam grote groepen Nederlandse mannen in de leeftijd tussen 17 en 40 jaar gearresteerd. Het doel van deze actie was om diegenen die zich wilden onttrekken aan verplichte arbeidsinzet hiertoe alsnog met geweld te dwingen.
Van de velen die werden opgepakt, ging een groep van 300 mannen op transport naar Meppel. Zij waren hier onder erbarmelijke omstandigheden heen getransporteerd. Bijeengepakt in een rijnaak werden ze via Utrecht en Amsterdam naar Kampen vervoerd, van waar het te voet naar een opvangkamp in Wezep ging. Vanuit Wezep ging men per trein naar Meppel.

In de Noordoostpolder werd op 17 november door dezelfde eenheden als in Rotterdam (SS'ers en de zogenaamde GrŁnen, de Duitse militaire politie) eveneens een razzia gehouden waarvan circa 350 man werd toegevoegd aan de groep van 300 in Meppel.

Aanvankelijk was deze mensen schriftelijk medegedeeld dat zij waren gearresteerd om te werk te worden gesteld in Nederland. Met een zwaar bewaakte trein werden deze mensen echter vervoerd naar Haren a/d Ems, waar men in een school werd gehuisvest. Na een maand van erbarmelijk slechte omstandigheden ging de groep weer op transport naar Oldenburg. Hier kwam men terecht in een kazerne en in Duits uniform gestoken. Deze mannen werd hier verteld dat ze in het Duitse leger moesten meevechten met de Duitsers of werden veroordeeld tot het vuurpeloton. Iedere vorm van obstructie werd met zware mishandeling gestraft zodat de mannen enkel om te kunnen overleven wel mee moesten werken.

Na zes weken militaire opleiding volgde een beŽdiging waarbij door een Duitse officier de eed werd afgelegd en werd verteld dat dit namens alle aanwezigen gold. Vervolgens werden de Nederlanders ingedeeld op verschillend FLAK-treinen.

Het hieronder volgende verhaal is een getuigenis van een Nederlandse Arbeidsdienstdeelnemer, die aan het einde van de Tweede Wereldoorlog werd gedwongen om in dienst te treden bij de Luftwaffe. Hij werd ingedeeld op een Flak-wagon bij de Deutsche Reichsbahn.
Omdat de man geen verdere publiciteit wenst is in de tekst geen naam vermeld. Om alle emoties en gevoelens tot uitdrukking te laten komen is de tekst onveranderd en ongecorrigeerd geplaatst. Sommige uitspraken komen dan ook geheel voort uit de gevoelens van de schrijver.

In de zomer van 1943 werd ik opgeroepen voor de Arbeidsdienst. Op het eind van die periode kon men kiezen of naar Duitsland of naar de Noordoostpolder.
Dus gingen we naar de polder, deze was nog maar voor de helft ontgonnen. We lagen in Ramspol.
We moesten greppels graven voor de drainage tegen 12 cent per strekkende meter.
In de zomer helpen bij de oogst enz. enz.
Op 17 en 18 november 1944 werd er een razzia gehouden onder generaal Rauters persoonlijke leiding. Eenheden van de Wehrmacht, de Ordnungspolizei, de tot de Waffen SS behorende Landstorm alsmede het Waffen SS Wachtbataljon uit Amersfoort werden er bij ingezet, tezamen 4000 man.
De polder werd grondig uitgekamd, gespreid met een tussenruimte van 10-20 meter ging men de polder in en zocht men gedurende twee dagen alles af. De werkkampen werden overhoop gehaald en geplunderd. Daarbij trad de Hollandse SS nog erger op dan de Duitse. In totaal werden er 2700 man gegrepen van 17 tot 45 jaar (aldus het boek van L. de Jong).

's Morgens op 17 november, toen we naar ons werk gingen, hoorden we onderweg dat de moffen de polder waren binnengetrokken. Op een stapel stro zagen we ze in linie over het land lopen met het geweer in de aanslag. Via sloten en watergangen zijn we toen het riet ingevlucht.
Dat liep van Schokland tot Urk en was 2,5 meter hoog. We waren met een man of 15 overgebleven. Er waren ook Joden onder, die begroeven hun papieren in de grond.
Tegen donker zijn we teruggegaan naar het kamp. Het werd te gevaarlijk want ze schoten met machinegeweren en eten en drinken hadden we ook niet.
Het kamp was leeg en we vleiden ons op de vloer en probeerden te slapen. De andere morgen kwamen de moffen terug en we moesten onze handen omhoog steken en werden naar de keuken gebracht.
Generaal Rauter was daar aanwezig en vroeg aan een ieder van ons hoe oud of we waren en of we in het leger gediend hadden. Vervolgens werden we met een vrachtwagen naar Vollenhove gebracht in het bijzijn van twee gewapende moffen. We hadden niets meer dan de kleren die we aanhadden. We lagen in een school in het stro net als de varkens en we werden door het Rode Kruis van eten en drinken voorzien.
Op een zeker moment waren er 15 man ontsnapt via luchtkokers. Een Nederlandse SS.er kwam het lokaal binnen en vertelde ons dat als die 15 man binnen een uur niet terug waren, er 15 man van ons zouden worden doodgeschoten. Na een uur kwam hij terug en vroeg wie er vrijwillig de dood in wilde gaan. Niemand sprak een woord, het was bladstil. Toen werden er 2 man aangewezen waaronder mijn persoon en uit de andere lokalen ook mannen. Met de karabijn in de rug werden we naar een binnenplaats geleid, waar we op een rij moesten gaan staan. In een hoek van de binnenplaats stonden twee soldaten met de helm op en een karabijn in de handen. We dachten allemaal dat ons laatste uur was aangebroken.
In het Nederlands vroeg ik of er nog een geestelijke mocht komen aan een Duits officier. Van hem kreeg ik een klap in m'n gezicht. Na 5 minuten werd de zaak afgelast en keerden we terug naar de lokalen. Wat er dan in je omgaat is met geen pen te beschrijven.

De andere morgen naar Meppel, 22 km lopend in de regen. De Waffen SS op de fiets naast ons. In Meppel werden we weer in een school ondergebracht, hier stonden bedden klaar in plaats van stro op de vloer. Hier waren ook mensen uit Rotterdam, die hadden ze een week eerder opgepakt.
Op een avond, 26 november 1944, werden we met z'n allen naar de trein gebracht en gingen we 's nachts de grens over. De andere morgen werden we door de geallieerde vliegtuigen beschoten. Wij de trein uit en het veld in. Maar de soldaten dreven ons na enige minuten weer terug de in de wagons. In Meppel moesten we uitstappen en werden we ondergebracht in een gymnastieklokaal. Net als in Vollenhove lagen we ook hier in het stro. Wassen konden we ons niet want de kranen stonden buiten en waren bevroren.
Hier moesten we loopgraven maken voor de Organisation Todt. 's Middags kwam er een veldkeuken met soep.
Als het regende zochten we onderdak op een boerderij in de buurt, waar ze op een fornuis krielaardappelen aan het koken waren. Hier werd door ons flink van gegeten want we blaften van de honger.
Na een week vertrokken we weer met de trein naar Oldenburg, waar we 's avonds aankwamen. Met 650 man kwamen we in de kazerne, 80 man uit Urk, 250 man uit Rotterdam en de rest uit de Noordoostpolder, en waar we 's nachts werden toegesproken door een hoge officier. Die vertelde ons dat we moesten vechten tegen het bolsjewisme.

Hier werden we opgeleid als soldaat en volledig in uniform gestoken van de Luftwaffe. Verschillende onderwerpen kwamen hier aan bod. Vliegtuigherkenning, wapenonderricht, exerceren enz.
Als we naar de schietbaan gingen waren we gekleed in witte overalls en een helm op je kop. Elke nacht moesten we uit bed voor luchtalarm. Tijdens de weken in Oldenburg gingen we op een zekere dag naar een ontluisinrichting, toen er luchtalarm kwam. We zagen de bommen vallen en doken toen een voetgangerstunnel in onder een spoorwegemplacement. Het was een heidens lawaai. Daarna moesten we alsnog, ontluisd, de kleren uit en in bad. Onze kleren kregen we half verbrand terug. Maar na enkele dagen was het weer hetzelfde met de luizen.

Na een opleiding van enkele weken werden we op de trein geplaatst. Op een platte wagon stonden op het begin en het eind 2 betonnen ringen, met daarin FLAK geschut. In de ene ring geschut met 1 loop en in de andere ring geschut met 4 lopen voor 20 mm patronen. De ringen waren Ī 15 cm dik en reikten tot borsthoogte. Midden op de wagon bevond zich een houten huisje voor onderkomen van de bemanning, 2 Duitsers, 1 Hongaar, 1 Pool en ondergetekende.
We reisden heel Duitsland door met troepen, tanks en olie. Alleen 's nachts, overdag stonden we stil in verband met beschietingen van vliegtuigen. Op een nacht stonden we midden in Praag en ik stond op wacht met een Franse karabijn zonder patronen.

In mei 1945 kwam de capitulatie en waren we in Klagenfurt in Oostenrijk. In de chaos die toen ontstond zijn we met allerlei voertuigen teruggevlucht naar Duitsland. Want de partizanen van Tito waren in de buurt. Tenslotte kwamen we in een krijgsgevangenenkamp van de Amerikanen terecht van 95.000 man. Tot twee keer toe geprobeerd om uit te breken en de laatste lukte dat om in het dorp, waar het hoofdkwartier van de Amerikanen was, m'n verhaal te vertellen dat ik was opgepakt in de Noordoostpolder. Maar ze geloofden me niet en ik werd op de eerstvolgende vrachtwagen gezet terug naar het kamp.

Tegen de heuvel had ik een soort tent gemaakt van stokken en dekens. Na een werden de vakmensen op de trein gezet richting West-Duitsland in open wagons zonder eten of drinken, twee dagen duurde die tocht.
In Aken kwamen we uit de trein en werden we ontvangen door de Amerikanen. Je moest je broek openmaken en je werd bespoten met D.D.T. tegen de luizen. Daarna met vrachtwagens naar Vaals. Hier werden we onderzocht door een arts. Die vroeg of ik altijd zo mager was geweest. Daarna ondervraging door het Militair Gezag, waar ik alles vertelde.
Waarna ze me opsloten in een interneringskamp te Voerendaal in Limburg, waar een luitenant me vertelde dat ik wel spoedig vrij zou zijn in verband dat ik was opgepakt in de Noordoostpolder.
Na een paar dagen werden we te werk gesteld in Heerlen om vrachtwagens te lossen en later in september de boeren te helpen bij de oogst van aardappels. Eens in de week werden we naar de Staatsmijnen gebracht om te douchen.

In september naar het Oorlogstribunaal te Hoensbroek alwaar ik werd vrijgesproken van alles wat ik ondervonden heb. Op 4 oktober werd ik op straat gezet en moest ik maar zien hoe we thuis kwamen. Op 6 oktober kwam ik thuis.

Definitielijst

capitulatie
Overeenkomst tussen strijdende partijen met betrekking tot de overgave van een land of leger.
FLAK
Flieger/ Flugzeug Abwehr Kanone. Duits luchtafweergeschut.
karabijn
Een al dan niet automatisch wapen met een geringer ballistisch vermogen dan een geweer van hetzelfde kaliber, veroorzaakt door een kortere loop. Het effectief vuur varieert van 200 tot 300 m.
Landstorm
Vůůr WO II de benaming voor verschillende, uit vrijwilligers bestaande formaties van de landmacht in Nederland. De Landstorm werd kort na de Duitse inval in 1940 door de bezetter ontbonden.
Luftwaffe
Duitse luchtmacht.
razzia
Georganiseerde drijfjacht op een groep mensen. Dat konden joden zijn, maar ook onderduikers of andere groeperingen.

Afbeeldingen


Bevel voor de in de tekst genoemde Razzia in Rotterdam
(Bron: Wilco Vermeer)

Informatie

Geplaatst door:
Wilco Vermeer
Geplaatst op:
24-02-2005
Laatst gewijzigd:
05-02-2015
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

CategorieŽn


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2017
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.