Slotverklaring Hjalmar Schacht

De PRESIDENT: Ik roep Beklaaagde Hjalmar Schacht op.
HJALMAR SCHACHT (Beklaagde): Mijn rechtsgevoel werd ernstig aangetast door het feit dat de slotpleidooien van de aanklagers volledig voorbijgingen aan de bewijzen die uit dit Proces zijn voortgekomen. De enige beschuldiging die tegen mij conform het Handvest is geuit is dat ik oorlog wenste. Het overvloedige bewijs heeft in mijn geval echter aangetoond dat ik een fanatiek tegenstander van oorlog was en actief en passief, door middel van protesten, sabotage, sluwheid en geweld heb geprobeerd de oorlog te voorkomen.
Hoe kan de aanklager dan beweren dat ik voorstander van oorlog was? Hoe kan de Russische aanklager beweren dat ik mij pas in 1943 van Hitler afkeerde terwijl ik mijn eerste poging tot een staatsgreep al in de herfst van 1938 had ondernomen?
En nu heeft Rechter Jackson in zijn slotpleidooi een nieuwe beschuldiging tegen mij geuit, die tot nu toe nog helemaal niet in dit Proces ter sprake is gekomen. Er wordt gezegd dat ik van plan zou zijn geweest, Joden in Duitsland vrij te laten tegen een losgeld in vreemde valuta. Dat is ook niet waar. Omdat ik mij had geŽrgerd aan de pogrom tegen de Joden van november 1938 slaagde ik erin, Hitler's toestemming te krijgen voor een plan dat emigratie voor Joden zou vereenvoudigen. Ik was van plan om 1.500 miljoen Reichsmark onder beheer van een internationale commissie te plaatsen en Duitsland zou zich verplichten dit bedrag in 20 jaarlijkse termijnen aan de commissie in vreemde valuta terug te betalen, hetgeen lijnrecht staat tegenover datgene wat Rechter Jackson hier heeft beweerd. Ik heb dit voorstel in december 1938 in Londen besproken met Lord Berstedt van Samuel en Samuel, met Lord Winterton en met de Amerikaanse vertegenwoordiger Mr. Rublee. Zij stonden allen sympathiek tegenover het voorstel. Maar omdat ik daarna door Hitler bij de Reichsbank werd ontslagen, liet men het plan vallen. Als het plan was uitgevoerd, zou geen enkele Duitse Jood het leven hebben verloren.
Mijn tegenstand tegen Hitler's beleid was hier en in het buitenland bekend en was zo duidelijk dat zelfs in 1940 de Amerikaanse zaakgelastigde, Mr. Kirk, mij zijn groeten stuurde voordat hij zijn post in Berlijn verliet, eraan toevoegend dat ik na de oorlog beschouw kon worden als een onschuldig man, hetgeen door getuige Hulse in zijn beŽdigde verklaring tot in bijzonderheden wordt vermeld (37-b in mijn map met documenten). In plaats daarvan heeft de aanklager mij in de wereldpers een jaar lang gebrandmerkt als een dief, een moordenaar en een verrader. Aan deze beschuldiging alleen heb ik het feit te danken dat ik in de nadagen van mijn leven geen middelen van bestaan en geen tehuis meer heb. Maar de aanklagers hebben het mis wanneer zij menen dat zij mij onder de zielige en gebroken personen kunnen rekenen, zoals het in ťťn van hun openingspleidooien werd genoemd.
Het is waar, ik heb in politiek opzicht gefaald. Ik heb nooit gepretendeerd een politicus te zijn maar mijn economische en financiŽle beleid voor het scheppen van arbeid door het verstrekken van kredieten bleek uiterst succesvol te zijn geweest. Het aantal werklozen daalde van 7.000.000 naar nul. In het jaar 1938 waren de opbrengsten voor de staat gestegen tot een niveau waarop het terugbetalen van de kredieten van de Reichsbank volledig verzekerd was. Het feit dat Hilter deze terugbetaling weigerde, iets wat hij stellig had verzekerd, was een enorm bedrog dat ik niet kon voorzien. Mijn politieke fout lag in het niet vroeg genoeg onderkennen van de mate van Hitler's misdadige karakter. Maar ik heb mijn handen niet bevuild aan ook maar een enkele onwettige of immorele daad. De terreur van de Gestapo boezemde mij geen vrees in. Immers, terreur faalt altijd bij een beroep op het geweten. Hierin ligt de grote bron van kracht die religie ons geeft.
Ondanks dat vond Rechter Jackson het nodig mij van opportunisme en lafheid te beschuldigen. En dat terwijl ik mij op het einde van de oorlog in het vernietigingskamp Flossenburg bevond, waar ik al 10 maanden gevangen zat en waar ik als door een gelukkig toeval aan een doodvonnis van Hitler ontsnapte. Aan het einde van dit Proces ben ik tot in de diepste diepten van mijn ziel geschokt door het onnoemelijk lijden dat ik in al mijn persoonlijke pogingen op alle mogelijke manieren heb geprobeerd te voorkomen, maar dat ik uiteindelijk niet door mijn schuld, niet heb kunnen voorkomen.
Daarom sta ik met opgeheven hoofd en onwankelbaar in het geloof dat de wereld eens beter zal worden, niet door de kracht van geweld maar slechts door de kracht van de geest en de moraliteit van daden.

Zie ook: Vonnis Schacht

Definitielijst

staatsgreep
Poging om met geweld de macht in de staat over te nemen.
vernietigingskamp
Kamp waar tijdens de Tweede Wereldoorlog grote groepen mensen (voornamelijk Joden en zigeuners) door de SS werden geliquideerd door middel van vergassing. Auschwitz, Treblinka en Majdanek zijn drie voorbeelden van vernietigingskampen.

Bronnen

International Military Tribunal, Nuremberg 1947

Afbeeldingen


Hjalmar Schacht, Minister van Economische Zaken (1934-1937) en President van de Rijksbank (1933-1939).

Informatie

Vertaald door:
Arnold Palthe
Geplaatst op:
24-10-2006
Laatst gewijzigd:
19-09-2012
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

CategorieŽn


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2017
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.