Opstand en liquidatie van het getto van Warschau

Deportaties

In het voorjaar van 1942 was Aktion Reinhard van start gegaan. Het doel van deze geheime operatie was de complete uitroeiing van de Joden in het Generalgouvernement, het deel van Polen dat niet door Duitsland werd geannexeerd, maar wel onder Duits bestuur stond. De getto’s werden ontruimd en alle Joden (voorlopig met uitzondering van degenen die in concentratiekampen dwangarbeid verrichtten) moesten omgebracht worden in de gaskamers van de vernietigingskampen Belzec, Sobibor en Treblinka. De ontruiming van het getto van Warschau begon op 22 juli 1942. Alhoewel de populatie aan het begin van 1941 was opgelopen tot 445.000, verbleven er door de hoge sterftecijfers op het moment dat de deportaties van start gingen naar schatting nog 350.000 Joden in het getto. De ontruiming werd aangevoerd door SS-Sturmbannführer Hermann Höfle, de stafchef van Aktion Reinhard. Hij deelde in de ochtend van 22 juli 1942 aan Adam Czerniakow mee dat de Joodse Raad er dagelijks voor diende te zorgen dat er 6.000 Joden aanwezig waren op de Umslagplatz, de locatie vanwaar de treinen richting Treblinka vertrokken. Alhoewel er niet werd gezegd dat de Joden vermoord zouden worden, heeft Czerniakow dit waarschijnlijk toch geweten. In elk geval pleegde hij op 24 juli zelfmoord, omdat hij geen verantwoording kon dragen voor de deportaties. Hij werd opgevolgd door Marek Lichtenbaum.

In de periode van 22 juli tot 3 oktober 1942 werden, volgens het rapport van Jürgen Stroop dat hij in mei 1943 opstelde nadat het getto volledig geliquideerd was, “310.322 Joden geherhuisvest [ausgesiedelt]”. Herhuisvesting was een eufemisme voor massamoord, want naar schatting bijna 254.000 van deze Joden arriveerden tussen 22 juli en 21 september 1942 in het vernietigingskamp Treblinka om hier vermoord te worden. De rest van deze 310.322 Joden werd ter plekke vermoord of kwam terecht in een werkkamp. De deportaties verliepen zonder grote problemen. Er waren weliswaar weinig Joden die zich vrijwillig meldden op de Umslagplatz, maar sommigen gingen overstag toen de belofte gedaan werd dat iedereen die tussen 29 en 31 juli uit zichzelf verscheen een reisrantsoen van 3 kg brood en 1kg jam kreeg. De Joden die zich vrijwillig meldden, was echter nog niet voldoende en dus voerden de Duitse autoriteiten het geweld op. Huizenblokken en soms zelfs hele straten werden afgesloten door Duitse troepen en politieagenten pakten vervolgens iedereen op die niet in het bezit was van een werkpas die voorlopig uitsluitsel van deportatie gaf. In vrachtwagens werden zij vervolgens naar de Umschlagplatz gebracht.

Duitse en Poolse troepen werden tijdens de uitvoering van de ontruiming van het getto gesteund door leden van de Joodse Ordedienst. Hiermee waren dezen zelf voorlopig uitgesloten van deportatie, maar hun medewerking aan de deportatie van anderen leidde tot grote verontwaardiging binnen de Joodse gemeenschap. Op 20 augustus 1942 pleegde een verzetstrijder een mislukte aanslag op Jozef Szerynski, de commandant van de Joodse politie. Er werden pamfletten gedrukt waarop de leden van de Joodse politie werden beschuldigd van medewerking aan moord. Meerdere keren pleegden Joden ook in klein groepsverband of individueel verzet tegen hun arrestatie door de Duitsers of de Joodse politie. Ook werd er brand gesticht in Duitse werkplaatsen in het getto. Dit kleinschalige verzet had echter nauwelijks effect op de deportaties en er werd keihard tegen opgetreden. Joden die verzet pleegden, werden ter plaatse omgebracht. Onder hen waren ook leden van het toch al ernstig verzwakte Antifascistische Blok. Nadat het voorlopig laatste transport van 2.200 Joden, inclusief Joodse politieagenten en hun gezinnen, naar Treblinka vertrokken was, leefden in de nog resterende delen van het getto nog ongeveer 55.000 tot 60.000 Joden. Het waren hoofdzakelijk jonge Joden die werkten in de Duitse werkplaatsen in het getto of waren ondergedoken.

Waarom was er geen sprake van grootschalig, goed georganiseerd verzet gedurende deze eerste deportatiegolf? Daar zijn meerdere redenen voor te noemen. Een belangrijke reden was dat veel Joden weinig geloof hechtten aan de geruchten over hun daadwerkelijke eindbestemming. Het ging hun voorstellingsvermogen te boven dat ze allemaal vermoord zouden worden in gaskamers. Dit kwam onder andere door het Duitse beleid van ontkenning en misleiding. Kort voor de deportaties werd het opeens weer toegestaan om scholen te openen, werd het werk van de Joodse werknemers in de Duitse werkplaatsen geprezen en liet men op geen enkele manier blijken dat de bewoners van het getto groot gevaar liepen. Dit hield men zelfs in stand tijdens de uitvoering van de deportaties door de Joden extra voedsel te beloven als ze zich vrijwillig zouden melden voor deportatie. Ook hield men de ware eindbestemming van de transporten geheim door de Joden toe te zeggen dat ze zouden verhuizen naar werkkampen in het oosten. De Joodse Raad hielp bewust of onbewust mee aan de instandhouding van dit beleid van misleiding. Zij bestempelden de geruchten over massamoord als schadelijk en onzinnig. Een ooggetuigenverslag van een uit Treblinka ontsnapte Jood werd door de Joodse Raad niet erkend en door Jacob Lejkin, de opvolger van Jozef Szerynski als de commandant van de Joodse Ordedienst, zelfs beschouwd als een provocatie.

Andere oorzaken voor het uitblijven van grootschalig en georganiseerd verzet waren onder andere ook het grote gebrek aan wapens en de zware klappen die het Joodse verzet toegebracht waren in het voorjaar van 1942. Maar ondanks dat deze eerste deportatiegolf voor de nazi’s zonder serieuze problemen verliep, vormde de deportatieterreur gedurende deze periode wel de achtergrond voor de oprichting van de Joodse Strijdorganisatie, de belangrijkste verzetsorganisatie tijdens de opstand in april en mei 1943.

Definitielijst

Generalgouvernement
Dat deel van het Poolse gebied dat sinds september 1939 door de Duitsers was bezet. Was een autonoom deel van Grossdeutschland. In augustus 1941 werd Oost-Galicië aan het Generalgouvernement toegevoegd. Het werd door uitsluitend Duitsers bestuurd onder leiding van Generalgouverneur Hans Frank. Het zou uiteindelijk een volwaardige Duitse provincie moeten worden bevolkt door Duitse kolonisten.
getto
Grotendeels van de buitenwereld afgescheiden stadswijk voor Joden. Het aanstellen van getto's had als doel om Joden uit het dagelijkse leven te weren. Vanuit getto's konden Joden bovendien gemakkelijker gedeporteerd worden naar de concentratie- en vernietigingskampen. Ook bekend als 'Judenviertel' ofwel 'Joodse wijk'.
Joodse Raad
Tijdens de bezetting een door de Duitsers ingesteld joods bestuur, dat onder andere mee moest werken aan de deportatie van joodse Nederlanders.
nazi
Afkorting voor een nationaal socialist.
vernietigingskamp
Kamp waar tijdens de Tweede Wereldoorlog grote groepen mensen (voornamelijk Joden en zigeuners) door de SS werden geliquideerd door middel van vergassing. Auschwitz, Treblinka en Majdanek zijn drie voorbeelden van vernietigingskampen.

Pagina navigatie

Afbeeldingen


Adam Czerniakow, leider van de Joodse Raad, poseert met enkele bewoners van het getto.
(Bron: USHMM)


Bewoners van het getto op weg naar de deportatietrein.
(Bron: USHMM)


Gettobewoners zijn op de Umschlagplatz verzameld om gedeporteerd te worden.
(Bron: USHMM)


Een Joodse man met zijn kinderen bij de deportatietrein.
(Bron: USHMM)

Informatie

Artikel door:
Kevin Prenger
Geplaatst op:
19-02-2007
Laatst gewijzigd:
26-10-2009
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

Categorieën


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2018
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.