Verhoor Fritz Sauckel 4

Ochtendzitting 1 31-05-1946

Inhoudsopgave

(beklaagde Sauckel neemt weer plaats in de beklaagdenbank)
GEN. ALEXANDROV: Beklaagde Sauckel, ik kreeg gisteren geen voldoende antwoord op mijn vraag hoeveel buitenlandse arbeiders uit de bezette gebieden naar Duitsland werden gehaald. Aan u zal nu document 1296-PS worden overhandigd. Het is uw rapport van 27 juli 1942. Bovendien zal ook document 1739-PS aan u worden overhandigd. Dat is uw overzicht van de toestand sinds 30 november 1942. Ik zou u willen uitleggen dat we het in dit geval hebben over het aantal buitenlandse arbeiders dat naar Duitsland werd gehaald, waaronder krijgsgevangenen. Het verlies aan mankracht is in dit geval niet van belang omdat dat het aantal naar Duitsland gehaalde personen niet zal veranderen. Ze werden naar Duitsland vervoerd, maar kwamen later om als gevolg van arbeid boven hun kunnen of anderszins teruggestuurd omdat ze niet in staat waren tot werken. Hebt u die documenten gekregen?
SAUCKEL: Ja. Laten we de documenten alstublieft bekijken want we hebben het over aantallen.
GEN. ALEXANDROV: Heel graag. In document nummer ....
SAUCKEL: Ik ben nog niet klaar. Ik kan niet ....
GEN. ALEXANDROV: U hoeft zich niet vertrouwd te maken met de inhoud van alle documenten. In document 1296-PS, op de laatste pagina van het rapport vindt u Sectie V. Die is getiteld: “Algemeen overzicht ....” Hebt u dat gevonden?
SAUCKEL: Nee, ik heb de passage nog niet gevonden? Welk document, alstublieft?
GEN. ALEXANDROV: Document 1296-PS. Hebt u het gevonden?
SAUCKEL: Ja, ik heb de passage gevonden.
GEN. ALEXANDROV: Daar staat een totaal aantal van 5.124.000. Is dat juist?
De PRESIDENT: 12 miljoen zei U? 12 miljoen?
GEN. ALEXANDROV: 5.124.000 personen.
De PRESIDENT: De tolk vertaalde het als 12 miljoen.
GEN. ALEXANDROV: Dat was een vergissing.
SAUCKEL: In verband met dit document moet ik nadrukkelijk stellen dat het aantal hier wordt aangegeven met 5.124.000. Daaronder zijn begrepen 1.576.000 krijgsgevangenen maar de laatsten zijn niet meegeteld bij de burgerarbeiders. Gevangen vielen onder de verantwoordelijkheid van de strijdkrachten en tijdens hun tewerkstelling, of tijdens hun tewerkstelling door de generaals die de leiding van de krijgsgevangenenkampen hadden werden ze in de afzonderlijke militaire gebieden gehuisvest en verzorgd.
GEN. ALEXANDROV: Ze werden tewerkgesteld in de Duitse industrie. Leest u alstublieft met mij mee, subparagraaf V: “Algemeen overzicht van buitenlandse arbeiders ...... momenteel tewerkgesteld in Duitsland.”
SAUCKEL: Ja. Dat is juist.
GEN. ALEXANDROV: Dat is alles wat ik wil weten. Neem nu ......
SAUCKEL: Heb ik uw toestemming om uit te leggen dat deze krijgsgevangen niet werden gehuisvest of verzorgd door de fabrieken of door het DAF maar waren ondergebracht in kampen die onder leiding stonden van de generaals belast met de leiding over krijgsgevangenen in de militaire gebieden, en die werden in mijn statistieken dus niet meegeteld met burgerarbeiders.
GEN. ALEXANDROV: Voor wat betreft het aantal krijgsgevangenen dat binnen uw organisatie werkte wordt later nog een aanvullende vraag gesteld. Ik ben er feiteijk in geïnteresseerd te weten hoeveel burgers en hoeveel krijgsgevangenen in de Duitse industrie te werk waren gesteld. Bevestigt u het aantal van 5.124.000? Is dat aantal juist of niet?
SAUCKEL: Dat is een juist aantal voor die specifieke periode. Maar om voor het Tribunaal een juist beeld van de procedure te schetsen zou ik verzoeken mij toe te staan naar een nauwkeurig document te verwijzen. Dat is document 1764-PS. Dat vermeldt een juiste opsomming van individuele werknemers uit individuele landen en krijgsgevangenen van zes maanden later. Ik heb dit overhandigd aan de belangrijkste rijksdiensten en aan het Partijbureau in Posen. Het is ook overhandigd aan de Führer en aan de Rijksdiensten ......
GEN. ALEXANDROV: Ik moet u onderbreken .......
SAUCKEL: Ik verzoek u mij toe te staan mijn uitleg af te maken. Ik moet deze kwestie hier en nu volledig ophelderen. Mijn geweten eist van mij dat ik dit voor de hele wereld doe.
Voor februari 1943, een half jaar later, staat op pagina 7 van document 1764-PS nog een nauwkeurige opsomming met een aantal van 4.014.000 burgerarbeiders en 1.658.000 krijgsgevangenen. Het totaal – dit aantal is erg nauwkeurig – bedraagt 5.672.000. Dat dit aantal ondanks de bijtelling van meer buitenlandse arbeiders niet noemenswaardig toenam is bewezen door het feit – zoals ik gisteren al verklaard heb – dat burgerarbeiders uit westelijke, zuidelijke en zuidwestelijke gebieden voor het merendeel arbeidscontracten hadden die hen slechts voor zes maanden bonden. Waar mogelijk en voor zover onder mijn leiding werden deze contracten gerespecteerd want anders, als ik mij niet aan die contracten had gehouden, als ik er niet op had gestaan dan zou ik niet langer arbeiders hebben kunnen krijgen.
Als ik in een half jaar enkele honderdduizenden arbeiders aan het werk had en die weer terugstuurde, zou dit aantal altijd weer verdwijnen omdat zij naar huis gingen. Daarom kwamen er op elk moment veel meer burgerarbeiders Duitsland binnen dan officieel gemeld werd – dan in het totaal verschenen – want het aantal van hen die terugkeerden moest er altijd van worden afgetrokken en daar waren er veel van.
Er is hier een Frans document overlegd, een rapport van de zaakgelastigde Hemmen in Parijs. Mijn raadsman zal mij het PS nummer later wel noemen. Het toont aan dat van de Franse arbeiders, er ongeveer 800.000 naar Duitsland kwamen maar dat aantal is niet in overeenstemming met het aantal dat door mijn departement is genoemd, maar in overeenstemming met een verklaring van de Franse ambassade. In 1944 waren er nog maar 400.000 in Duitsland over omdat, vanwege de tijdslimiet van hun contracten, deze contracten dagelijks verliepen en duizenden dagelijks naar huis terugkeerden. Ruwweg 50% van de contracten zou verlopen terwijl de rest door bleef lopen. Dat is een nauwkeurige uitleg van deze uitspraak, gedaan naar eer en geweten.
GEN. ALEXANDROV: Wat deze arbeidscontracten feitelijk inhielden, deze zogenaamde arbeidscontracten, zal ik op een later tijdstip noemen. Mijn Franse confrère heeft tijdens zijn verhoor de misdadige methoden genoegzaam bewezen die werden toegepast bij het mobiliseren van arbeiders in het Westen. Hoe dit in het Oosten gebeurde zal ik u later vertellen. Ik zou nu willen dat u het aantal van 5.124.000 uit uw rapporten bevestigt. Is dit een nauwkeurig aantal of niet? Ik vraag niet om een overbodige uitleg. U wordt alleen maar gevraagd te verklaren of dit aantal juist is of niet.
SAUCKEL: Het is juist voor de periode toen deze opgave werd gedaan maar het veranderde voortdurend om de reden die ik net heb genoemd.
GEN. ALEXANDROV: Dit aantal is van 24 juli 1942, dat is voor iedereen duidelijk. Gaat u nu naar het tweede document, 1739-PS; de laatste pagina van 1739-PS waar u de volgende zin zult vinden:
“Alleen dan kunnen we er zeker van zijn dat het enorme aantal buitenlandse arbeiders – dat nu de zeven miljoen heeft bereikt, waar onder alle werkende krijgsgevangenen - mannen zowel als vrouwen op het grondgebied van het Reich de grootst mogelijke steun zal verlenen aan de Duitse oorlogsindustrie.”
Staat die zin daar? Wordt het aantal van 7 miljoen daar gegeven?
SAUCKEL: Een aantal van 7 miljoen wordt hier genoemd en dat is inclusief alle krijgsgevangenen die op dat tijdstip te werk waren gesteld ....
GEN. ALEXANDROV: Ja, ik weet wat er staat. Ik vraag u: wordt dit aantal van 7 miljoen in het document genoemd of niet?
SAUCKEL: Ja, het staat in het document.
GEN. ALEXANDROV: Is dat het juiste aantal?
SAUCKEL: Dat is het juiste aantal en ik verzoek het Tribunaal mij toe te staan de twee volgende zinnen ook voor te lezen omdat u mij beschuldigt van het toepassen van criminele methoden. Ik van mijn kant deed alles wat ik kon en wendde al mijn invloed aan om de toepassing van criminele methoden te voorkomen. Dat volgt uit de twee volgende zinnen die ik nu ga voorlezen en die luiden ....
GEN. ALEXANDROV: Ik moet u nogmaals onderbreken.
SAUCKEL: Alstublieft, mag ik aan mijn uitleg die ik al heb gegeven, in overeenstemming met de mogelijkheden die het Tribunaal mij biedt, nog twee zinnen toevoegen om mijn verklaring te ondersteunen: “......ondervoede, half ......”
GEN. ALEXANDROV: Beklaagde Sauckel ....
De PRESIDENT: Laat hem de twee zinnen voorlezen die hij wil voorlezen.
GEN. ALEXANDROV: Die hebben absoluut niets te maken met de kwestie van het aantal naar Duitsland gehaalde arbeiders.
De PRESIDENT: Ik heb de vertaling van het document niet, dus kan ik daar niets over zeggen. Ik wil hem die zinnen horen voorlezen.
GEN. ALEXANDROV: Leest u ze dan maar voor, alstublieft.
SAUCKEL: ...... half wanhopige Ostarbeiter zouden de oorlogseconomie meer tot last dan gemak zijn”. “Het is van het grootste belang dat alle rijksdiensten, tot aan de fabrieken aan toe,” –waarvoor ik, moet ik toevoegen, niet verantwoordelijk was, - “duidelijk zijn over dit onderwerp en dat is mijn voortdurend streven.”
Ik wilde met deze twee zinnen alleen maar mijn geweten laten spreken en aantonen hoe gewetensvol ik probeerde mijn taak uit te voeren, die voor mij een uitzonderlijk moeilijke was.
De PRESIDENT: Nu, beklaagde, wilt u zo goed zijn de vragen te beantwoorden en slechts uitleg te geven wanneer het nodig is uw antwoord te verklaren. Alles wat u werd gevraagd was of het aantal van 5.124.000 in het eerste document juist was en of het aantal van 7 miljoen in het tweede document juist was, en u zei dat in beide gevallen zo was.
Gaat u maar verder, generaal.
SAUCKEL: Ik heb al geantwoord dat het juist is, dat het aantal van 7 miljoen dat in dit document wordt gegeven ....
De PRESIDENT: We hebben geen verdere uitleg nodig.
GEN. ALEXANDROV: Ik kan volkomen begrijpen dat u niet van plan bent deze afschuwelijke aantallen ook maar met een enkel persoon te verhogen, laat staan met enkele miljoenen.
Gisteren verklaarde u dat er in 1943 nog eens 2 miljoen buitenlandse arbeiders naar Duitsland kwamen en in 1944 nog eens 900.000.
SAUCKEL: Ik moet dat beslist verbeteren. Ik heb dat niet gezegd, maar het is waar dat vanaf juli 1942 tot eind 1943 ongeveer 2 miljoen buitenlandse arbeiders naar Duitsland kwamen, niet alleen in 1943. Vanaf februari 1943 bijvoorbeeld tot aan het einde van 1943 kwamen er slechts 1 miljoen naar Duitsland omdat we in die tijd ernstige moeilijkheden ondervonden. Maar vanaf juli 1942 tot het einde van 1942 kwamen er ongeveer 1,5 miljoen aan, zodat er in 1,5 jaar tijd 2 miljoen werden toegevoegd aan het aantal dat ik gisteren heb genoemd.
GEN. ALEXANDROV: Het is al bekend hoeveel u er in 1942 ontving. Gisteren verklaarde u nogal nadrukkelijk dat er in 1943 ongeveer 2 miljoen arbeiders naar Duitsland kwamen. Is dat juist? Ik heb het over 1943.
SAUCKEL: Als wordt verondersteld dat ik dat gisteren heb gezegd, dan herinner ik het mij niet want het is niet waar. De waarheid is dat er vanaf juli 1942 tot aan het einde van 1943 ongeveer 2 miljoen buitenlandse arbeiders naar Duitsland werden gestuurd.
De PRESIDENT: Generaal, het Tribunaal is niet echt geïnteresseerd in het exacte aantal buitenlandse arbeiders dat naar Duitsland kwam. Het lijkt ons geen groot verschil uit te maken of er nu 5, 6 of 7 miljoen binnenkwamen. Het is zeer moeilijk de aantallen te volgen.
GEN. ALEXANDROV: Ik ben niet van plan het aantal arbeiders dat naar Duitsland kwam met mathematische precisie vast te stellen. Ik acht het echter noodzakelijk dat men zich volledig bewust is van de mate waarin deze misdaden werden gepleegd. Ik zou beklaagde Sauckel nadrukkelijk willen laten verklaren hoeveel arbeiders er tijdens de oorlog naar Duitsland werden gehaald.
De PRESIDENT: Wel, ik heb u net gezegd dat wij dat niet belangrijk vinden. U zegt dat u dat wel niet met mathematische precisie wilt vaststellen maar er is al aanzienlijke tijd besteed aan een poging dat wel te doen.
GEN. ALEXANDROV: Dat kan worden verklaard uit het feit dat beklaagde Sauckel geen exaxcte antwoorden geeft op de vragen die hem worden gesteld.
(tot de beklaagde) Vertelt u eens, acht u dergelijke methoden van oorlogvoering, het in slavernij brengen van miljoenen mensen uit de bezette gebieden in overeenstemming met de wetten en gebruiken van oorlog en menselijke moraal in het algemeen?
SAUCKEL: Ik acht slavernij en deportatie niet toelaatbaar. Staat u mij alstublieft toe de volgende uitleg te geven aan dit duidelijke antwoord. Persoonlijk was ik er heilig van overtuigd dat dat het geen misdaad is .....
GEN. ALEXANDROV: Ontwijkt u de vraag alstublieft niet.
SAUCKEL: Ik ontwijk de vraag ook niet maar mag ik, en ik heb het recht een uitleg te geven van mijn antwoord; ik heb het antwoord al gegeven.
GEN. ALEXANDROV: Geeft u alstublieft een rechtstreeks antwoord.
SAUCKEL: Voor mijn verdediging is het nodig dat .....
GEN. ALEXANDROV: Ik denk helemaal niet dat het nodig is. Geeft u een rechtstreeks antwoord: vindt u deze methoden misdadig of niet?
De PRESIDENT: Een moment, generaal; u vroeg beklaagde of hij dat eerbaar vond. Laat hem op zijn eigen manier antwoorden. Het is geen kwestie of iets eerbaar is. Hij heeft het recht er vrijelijk op te antwoorden.
SAUCKEL: Nu dat ik een duidelijk antwoord heb gegeven dat ik er naar mijn volle geweten niet van overtuigd kon raken dat ik een misdaad beging, vraag ik toestemming de belangrijkste zinnen uit document Sauckel-86 in documentenboek 3 voor te lezen. Die bevatten instructies die ik aan mijn departement en aan de bedrijven heb gegeven:
“We houden ons niet bezig” - ik citeer – “met materiële zaken maar, en dat wil ik nogmaals sterk benadrukken, met mensen, met vele miljoenen mensen waarvan elk apart – of we dat nou willen of niet – kritiek uit vanuit zijn eigen standpunt, of hij nu een Duitser of een Fremdarbeiter is.”
“Aan de andere kant, de prestatie van het individu, of hij nu een Volksgenosse” – een Duitser – of een Fremdgenosse – een vreemdeling - is, of hij nu een vriend of vijand van Duitsland is, zal altijd hiervan afhangen of hij voor zichzelf toegeeft dat hij correct behandeld wordt of dat hij tot de conclusie komt dat hem onrecht is aangedaan.” “Weest oprecht” – ik mag eraan toevoegen dat dit mijn bevel aan mijn afdelingen was – “Weest oprecht! Er zijn vele vragen die u altijd kunt beantwoorden door het bestuderen van mijn instructies, het Gesetzblatt of het Reichsarbeitsblatt ..... “
De PRESIDENT: We wensen geen lange toespraak over dit onderwerp aan te horen over een kwestie als deze, weet u. Ik bedoel, u gaat toch niet alle instructies aan uw ondergeschikten nogmaals voorlezen?
SAUCKEL: Nee, ik wil nog twee zinnen voorlezen, Edelachtbare.
“Het leven van een arbeider is zo rijk dat het zelfs niet in dikke boeken kan worden samengevat. Maar elke menselijke inborst herbergt een gevoel dat hem zegt, ‘ben je vriendelijk en oprecht behandeld ........’?
De PRESIDENT: Beklaagde, dat is genoeg. We hebben er genoeg over gehoord.
GEN. ALEXANDROV: Beklaagde Sauckel, in juli 1944 werd er een vergadering gehouden op Hitler’s hoofdkwartier hoe om te gaan met de behandeling van buitenlandse arbeiders in geval van een verder succesvol oprukken van de Geallieerde legers. Weet u iets van die vergadering af of niet?
SAUCKEL: Mag ik nogmaals naar de datum vragen?
GEN. ALEXANDROV: Ik vroeg u naar de vergadering die in juli 1944 op Hitler’s hoofdkwartier werd gehouden. Weet u iets over deze vergadering of niet?
SAUCKEL: Ik kan het me niet precies herinneren. Ik moet u verzoeken mij documenten te overhandigen. Ik kan me geen enkele bijeenkomst in juli herinneren want vanaf 20 juli 1944 of daaromtrent werd ik niet langer voor wat voor gesprekken dan ook tot de Führer toegelaten.
GEN. ALEXANDROV: Dat is voor mij voldoende. Dat betekent dat u niets weet over deze vergadering?
Vertelt u mij, tot welk doel, voor welk werk werden de buitenlandse arbeiders ingezet die naar Duitsland waren gehaald? Is het juist te stellen dat zij voornamelijk werden ingezet in de wapen- en munitieindustrie?
SAUCKEL: Arbeiders werden naar Duitsland gehaald om in de wapenindustrie te gaan werken. Wapenindustrie is een ruim begrip en is niet gelijk aan het produceren van wapens en munitie. De wapenindustrie omvat alle producten – van lucifers tot kanonnen – die iets te maken hebben met de bevoorrading van het leger. Het is daarom noodzakelijk om zich binnen dit ruime begrip te beperken tot de productie van wapens en munitie.
Bovendien werden er arbeiders naar Duitsland gehaald voor alle andere sectoren van de civiele economie die essentieel zijn voor de oorlogsinspanning, zoals landbouw, mijnbouw, vaklieden enzovoorts. We maakten onderscheid in drie delen: Oorlogseconomie, de hele Duitse economie in oorlogstijd; wapeneconomie betekende ......
De PRESIDENT: Wel beklaagde, we hoeven daar geen lezing over aan te horen, weet u. Alles wat u werd gevraagd was of ze daarheen werden gehaald om te werken in de wapenindustrie.
SAUCKEL: Een deel ervan.
GEN. ALEXANDROV: Ik zou een antwoord willen hebben op de vraag of de arbeiders die naar Duitsland werden gehaald voornamelijk werden ingezet in de Duitse oorlogsindustrie en voor militaire doeleinden? Is dat juist of niet? Ik bedoel in de brede zin van het woord.
SAUCKEL: In de brede zin van het woord, ja, inclusief de gehele economie in oorlogstijd.
GEN. ALEXANDROV: Het gebruik van geïmporteerde mankracht was dus geheel en al ondergeschikt aan het voeren van een agressieve oorlog door Duitsland. Geeft u dat toe?
SAUCKEL: Dat gaat te ver. In mijn eigen ideeën, volgens welke ik destijds handelde en alleen maar kon handelen, ontbrak het woord agressie.
GEN. ALEXANDROV: Antwoordt u alstublieft kort als het te ver lijkt te gaan. Vertelt u mij, geeft u dat toe of niet?
SAUCKEL: Mijn antwoord heb ik al gegeven.
GEN. ALEXANDROV: Uw aandeel als organisator van het massaal tot slaaf maken van de vreedzame bevolking van de bezette gebieden is voldoende duidelijk. Ik zou nu willen overgaan op de opheldering van de rol die de afzonderlijke ministeries in deze zaak speelden. Noemt u alstublieft de ministeries en andere regeringsinstellingen die direct betrokken waren bij de uitvoering van de vereiste maatregelen voor de mobilisatie en inzet van buitenlandse werkkrachten. Er is al melding gemaakt van het Ministerie voor de bezette gebieden in het Oosten, het Ministerie van Oorlog en het OKW, het is dus niet nodig het daar nog eens over te hebben. Noemt u alstublieft de andere.
SAUCKEL: Op het schema dat al aan uw delegatie is overhandigd, Meneeer de Aanklager, staan een paar onjuistheden, onjuistheden gemaakt door de tekenaar. Ik heb het volledige schema niet gezien maar ik heb direct aangenomen dat het oorspronkelijke schema, zoals aan mij overhandigd correct is gemaakt door de tekenaar. Deze kleine onjuistheden en afwijkingen kunnen worden verbeterd en het schema zal dan helder zijn en een goede verklaring opleveren.
GEN. ALEXANDROV: Uw raadsman heeft hier verklaard dat dit schema niet voldoende nauwkeurig is. Juist om die reden stel ik u die vraag en verzoek u uit te leggen welke ministeries en andere regeringsinstellingen een directe rol speelden bij de mobilisatie en inzet van buitenlandse arbeiders, boven degene die ik al heb aangegeven.
De PRESIDENT: Generaal, hij zegt dat het in grote lijnen juist is en dat er slechts een kleine wijziging was voorgesteld. Dat is zeker voldoende voor ons.
GEN. ALEXANDROV: Meneer de President, Sauckel’s raadsman heeft zelf verklaard dat er een aantal onjuistheden in dit schema zitten. Ik zal echter proberen deze zaak simpel te houden. (tot de beklaagde) Vertelt u mij alstublieft hoe het Ministerie van Buitenlandse Zaken bij deze zaak betrokken was.
SAUCKEL: Het Ministerie van Buitenlandse Zaken was op de volgende manier bij deze zaak betrokken:
Het moest contact leggen met landen waar ambassades, legaties of Duitse vertegenwoordigingen actief waren. De onderhandelingen zouden dan plaats vinden onder voorzitterschap van het hoofd van een ambassade of een vertegenwoordiging. Het Ministerie stelde altijd alles in het werk om deze onderhandeligen op passende en correcte wijze te laten verlopen.
GEN. ALEXANDROV: Op 4 januari 1944 vond er overleg plaats met Hitler. Dit is document 1292-PS. Het staat in alinea 4 van de notulen van deze vergadering, “De Algemeen Gevolmachtigde voor de Arbeitseinsatz moet, voordat hij maatregelen neemt, contact opnemen met de Minister van Buitenlandse Zaken.” Wat betekende dit in dit bijzondere geval?
SAUCKEL: In dit geval betekende het dat wanneer ik moest onderhandelen met de Franse of de Italiaanse regering, ik eerst contact moest opnemen met de minister van Buitenlandse Zaken.
GEN. ALEXANDROV: Na dat overleg met Hitler, dat op 4 januari 1944 werd gehouden, stuurde u op 5 januari een brief aan Lammers waarin u de kwestie vermeldde betreffende de noodzaak om als gevolg van dit overleg een bijzondere richtlijn uit te geven met als doel dat u alle steun zou moeten worden verleend door de volgende autoriteiten – ik zal ze noemen: de Reichsführer-SS, de Ministers van Binnenlandse Zaken, van Buitenlandse Zaken en voor de bezette gebieden in het Oosten, Rosenberg, Feldmarschall Keitel, de Rijkscommissarissen, de Gouverneur-generaal en anderen. Herinnert u zich deze brief?
SAUCKEL: Ik herinner me die brief; wilt u zou goed zijn mij die te overhandigen. Ik herinner me de inhoud natuurlijk niet tot in bijzonderheden.
De PRESIDENT: Wat is het nummer van dat document, Generaal?
GEN. ALEXANDROV: Het is 1292-PS, pagina 6 van de Russische tekst.
(tot de beklaagde) Hebt u de passage gevonden?
SAUCKEL: Ja, het staat op de laatste pagina. Mag ik vragen of dit juist is?
GEN. ALEXANDROV: Dit betekent dat u vond dat al deze organisaties en autoriteiten volledig en op welke manier dan ook, moesten meewerken bij de uitvoering van maatregelen voor de werving en inzet van mankracht, is dat correct?
SAUCKEL: Dat is correct en ik vraag toestemming om in dit verband de volgende uitleg te geven: het is duidelijk dat ik zelf vanuit mijn departement bepaalde dingen niet kon doen zonder de hoge autoriteiten van het Reich in te lichten. Het toont alleen maar aan dat ik probeerde correct te werk te gaan en niet zo maar binnen het Reich tussenbeide te komen of binnen enig andere bestuurlijke afdeling.
GEN. ALEXANDROV: Ik zou graag willen dat u het volgende uitlegt: Toen de Hitleriaanse regering overging tot deze misdadige maatregelen voor het in slavernij drijven van de bevolking van de bezette gebieden, hebben toen niet ongeveer alle regeringsinstanties van Hitleriaans Duitsland – naast u zelf – en het partijapparaat van de NSDAP deelgenomen aan deze activitieten? Zou het correct zijn dat zo te stellen?
SAUCKEL: Ik protesteer tegen de term in slavernij drijven. Luistert u alstublieft naar mijn raadsman in zijn pleidooi over dit onderwerp.
GEN. ALEXANDROV: Het is geen kwestie van woordkeus. Geeft u antwoord – is het juist of niet?
SAUCKEL: De woordkeus is uiterst belangrijk.
GEN. ALEXANDROV: Nam de hele machinerie van de Duitse Staat deel aan deze activiteit of niet?
SAUCKEL: In deze vorm moet ik uw vraag ontkennend beantwoorden. Er was ....
GEN. ALEXANDROV: Er wordt geen ander antwoord van u verlangd.
SAUCKEL: In de .... ik moet dit misschien uitleggen. Voor het werven van mankracht, dat is de registratie volgens Duitse instructies was het de chef van een regionaal bestuur, voorzien van de vereiste bevoegdheden en destijds tot dit doel benoemd, of een Reichskommissar of iets dergelijks, die er deel aan had – want ik moet benadrukken dat ik niet in staat was op dat gebied wetten uit te vaardigen en geen toestemming had dat te doen. Ik kon me niet bemoeien met ongeacht welke regeringsinstantie, dat is bij alle regeringsstelsels ter wereld onmogelijk.
GEN. ALEXANDROV: Ja. Maar u was verplicht de activiteiten van al deze vertegenwoordigde organisaties in Duitsland te coördineren. Dat was de taak die u werd opgedragen?
SAUCKEL: Niet om te coördineren maar om instructies te geven; en om hun medewerking te vragen als en wanneer een geval zich voordeed of onder hun bevoegdheid viel.
GEN. ALEXANDROV: Dat is niet helemaal waar. Ik wilde deze vraag niet aansnijden maar ik moet hem nu stellen omdat u uw aandeel in deze zaak ietwat gebagatelliseerd hebt.
SAUCKEL: Ik vraag toestemming om op het woord gebagatelliseerd te reageren. De leiding over en de verdeling van mankracht in het Reich was mijn voornaamste taak. Die omvatte, inclusief Duitse arbeiders, 30 miljoen personen. Ik wil deze taak niet bagatelliseren, want ik heb mijn best gedaan om orde te scheppen in deze massa arbeiders, zoals mijn plicht mij dat voorschreef. Ik wil niets bagatellliseren. Het was mijn taak en mijn plicht tegenover mijn volk.
GEN. ALEXANDROV: Hierover hoeven we niet te discussiëren. Het zou veel eenvoudiger zijn het document te raadplegen. Een order van Göring zal u zo dadelijk worden overhandigd.
SAUCKEL: Ik zou willen – Ik moet me bij u verontschuldigen als u mij verkeerd hebt begrepen. Ik ben niet van plan om in discussie te gaan. Ik vraag alleen toestemming om mijn opvatting van mijn plicht met betrekking tot deze taak op te helderen, want het was de meest persoonlijke taak die ik had.
GEN. ALEXANDROV: Dat blijkt heel duidelijk uit deze order van Göring van 27 maart 1942. Het is bewijstuk USSR-365. Dat zal u zo direct worden overhandigd. Ik zal er een korte passage uit voorlezen die aantoont over welke bevoegdheden u beschikte.
De PRESIDENT: Wat is daar het nummer van?
GEN. ALEXANDROV: Het is bewijsstuk USSR-365.
De PRESIDENT: Heeft dat een PS nummer?
GEN. ALEXANDROV: Nee; dit is een bewijsstuk van de Sovjet Unie.
(tot de beklaagde) Leest u alstublieft alinea 4 waarin duidelijk staat:
“De Algemeen Gevolmachtigde voor de Arbeitseinsatz heeft van mij, op grond van mijn door de Führer toegewezen bevoegdheid, het recht gekregen om bij de uitvoering van zijn taken instructies te geven aan zowel de hoogste autoriteiten van het Reich en aan hun ondergeschikte afdelingen, als aan de bureau’s van de Partei, haar organisaties en aangesloten organisaties, aan de Reichsprotektor, aan de Gouverneur-generaal, aan de militaire commandanten en aan de hoofden van het burgerlijk bestuur.”
Dat staat te lezen in alinea 4 van deze order. Ik geloof daarom dat u op basis van deze order benoemd werd tot Algemeen Gevolmachtigde voor de Arbeitseinsatz met buitengewone bevoegdheden voor de toewijzing van arbeid. Is dat correct of niet?
SAUCKEL: Dat is juist. Ik zou eraan willen toevoegen dat deze bevoegdheden waren beperkt tot mijn eigen werkterrein en ik neem de vrijheid, de volgende zin voor te lezen:
“Orders en richtlijnen van fundamenteel belang moeten vooraf aan mij worden overlegd.”
Ik zou er wellicht ook op mogen wijzen dat er later in de herfst beperkingen werden opgelegd aan mijn plaatsvervangers. Er is een getuige die daarover een verklaring kan afleggen.
GEN. ALEXANDROV: Ik heb het niet over uw plaatsvervangers. Uw bevoegdheden worden maar al te duidelijk omschreven in alinea 4 van Göring’s order.
Wilt u nu opnoemen wie van de beklaagden die, in dezelfde periode als u zelf, direct en op zijn eigen gebied deel had aan de uitvoering van maatregelen voor het massaal in slavernij drijven van de bevolking van de bezette gebieden en hun te werk stelling in Duitsland. Noemt u ze achter elkaar. Had beklaagde Göring, als uw directe chef en leider, deel aan deze misdaden?
SAUCKEL: Ik wil met nadruk stellen dat ik er onmogelijk van bewust geweest kon zijn dat er hele bevolkingsgroepen waren afgevoerd door middel van wettige werving en arbeidscontracten, gebaseerd op wettelijke besluiten. Ik ontken dat. Ik had niets te maken met maatregelen betreffende gevangenen, enzovoorts, maar ......
De PRESIDENT: De vraag was, had beklaagde Göring samen met u deel aan het vervoeren van buitenlandse arbeiders naar Duitsland? Het lijkt mij dat u er helemaal geen antwoord op geeft.
SAUCKEL: Ik was direct ondergeschikt aan de Reichsmarschall des Grossdeutschen Reiches met betrekking tot de aanvoer van buitenlandse arbeidskrachten.
De PRESIDENT: Waarom zei u dat dan niet?
GEN. ALEXANDROV: Beklaagde Göring had dus deel aan de uitvoering van deze criminele maatregelen?
De PRESIDENT: Generaal Alexandrov, als u een dergelijke vraag wilt stellen lijkt het me veel beter om het feit niet als een misdaad af te schilderen. Als u wilt weten of beklaagde Göring samen met deze beklaagde deel had aan het werk dat hij deed kunt u daarnaar verwijzen zonder het een misdaad te noemen en dan geeft hij u misschien gemakkelijker antwoord.
GEN. ALEXANDROV: Zo u wilt, Edelachtbare.
(tot de beklaagde) Nam beklaagde Von Ribbentrop op diplomatiek gebied deel aan de uitvoering van deze maatregelen en stemde hij toe in de schending van internationale verdragen en afspraken waar het betrof de inzet van buitenlandse arbeiders en krijgsgevangenen in de Duitse industrie?
De PRESIDENT: Wel, hier zeggen de beklaagden weer dat er geen sprake was van schending van internationaal recht, dus de vraag die u hem zou moeten stellen luidt: “Had Von Ribbentrop samen met hem deel aan deze maatregelen waar het de diplomatie betrof”?
GEN. ALEXANDROV: Ik vraag nu wat de relatie was tussen beklaagde Von Ribbentrop en de Arbeitseinsatz en ik zou graag een antwoord op deze vraag van beklaagde Sauckel willen horen.
SAUCKEL: De rol die beklaagde Von Ribbentrop speelde bestond uit het voeren van overleg met buitenlandse staatslieden of buitenlandse regeringsinstanties in de bezette gebieden, zowel in neutrale als in bevriende naties en hij achtte het uitermate belangrijk dat deze besprekingen op correcte wijze werden gevoerd en dat het streven moest zijn de meest gunstige omstandigheden voor de buitenlandse arbeiders te bereiken.
GEN. ALEXANDROV: Daarover zal ik u wat later ondervragen wanneer de kwestie van de inzet van krijgsgevangenen in de Duitse industrie ter sprake komt. Vertelt u mij nu, hoe was de houding van beklaagde Kaltenbrunner ten opzichte van deze maatregelen?
SAUCKEL: In dit verband ontmoette ik beklaagde Kaltenbrunner bij een enkele gelegenheid tijdens een bijeenkomst – de datum daarvan kan ik me momenteel niet precies herinneren – op de Reichskanzlei met Minister Lammers. Ik denk dat het in 1944 was. Afgezien daarvan had ik geen enkel gesprek met Kaltenbrunner, noch maakte ik afspraken met hem aangaande de inzet van arbeiders.
GEN. ALEXANDROV: En toch stelde beklaagde Kaltenbrunner politietroepen tot uw beschikking om de werving van arbeiders uit te voeren, niet waar?
SAUCKEL: Ik heb herhaaldelijk het feit benadrukt dat de werving van arbeiders geen zaak was voor de politie. Ik moet mijn raadsman verzoeken de relevante regelingen te overleggen, waarvan diverse exemplaren beschikbaar zijn. Die tonen de scheiding van taken tussen de politie en mijn departement duidelijk, ondubbelzinnig en onweerlegbaar aan.
GEN. ALEXANDROV: Nam de politie deel aan de uitvoering van deze maatregelen of niet? Ik verwijt u niets.
SAUCKEL: Naar mijn mening nam de politie alleen maar deel in die gevallen waar de uitvoering van bestuurlijke taken onmogelijk werd gemaakt in gebieden met partizanen. Alleen al in Wit-Rusland werden 1.500 plaatselijke burgemeesters door partizanen vermoord. Dat kan uit documenten worden opgemaakt.
GEN. ALEXANDROV: Maar werd werving, zelfs onder normale omstandigheden, niet uitgevoerd met behulp van politiemaatregelen? Wist u daar helemaal niets van?
SAUCKEL: Ik zal u precies vertellen wat ik erover weet. De bezette gebieden in Europa waren onderverdeeld in ongeveer 1.500 districten – hiermee bedoel ik zones of departementen, de Feldkommandantur die we in het Duitse bestuur zouden omschrijven als ongeveer met de grootte van een Kreis – en in deze districten bevonden zich 1.500 bestuurlijke centra, bezet door deels plaatselijk en deels Duits personeel. Als aanvulling op dit personeel werkten in de gebieden in de Sovjet Unie alleen al 1.000 Russische arbeiders, die eerst in Duitsland hadden gewerkt, als wervingsambtenaren. Als nu elk van deze bestuurlijke centra, overeenkomend met een Landkreis in Duitsland en met een bevolking van tussen de 40.000 en 70.000 personen op een correcte manier vijf personen per dag selecteerde, keurde en testte, zou dat alleen al 2 miljoen mensen per jaar opleveren, een duidelijke methode van bestuur zoals ik die gelastte, opzette en naar mijn beste bestuurlijke mogelijkheden uitvoerde,
GEN. ALEXANDROV: U geeft een nodeloos gedetaillerde uitleg van deze vragen en onder dergelijke omstandigheden wordt het verhoor sterk verlengd. Ik acht het noodzakelijk dat u korte antwoorden geeft. U kunt dit heel goed doen want ik stel u duidelijke vragen.
SAUCKEL: Ik probeer zo kort mogelijk te antwoorden. Ik betreur het dat een gespecialiseerd gebied altijd moeilijk te begrijpen is en veel uitleg vereist; ik vond het zelf erg moeilijk.
GEN. ALEXANDROV: Geeft u alstublieft antwoord: Welke rol speelde beklaagde Kaltenbrunner bij de uitvoering van maatregelen voor de Arbeitseinsatz. Had hij er deel aan of niet?
SAUCKEL: Ik heb u dat antwoord al gegeven.
GEN. ALEXANDROV: Ik heb u niet verstaan. Had hij er deel aan of niet?
De PRESIDENT: Neemt u mij niet kwalijk. Hij zei dat hij Kaltenbrunner slechts bij een gelegenheid ontmoette en dat het werven van arbeiders geen taak voor de politie was. Dat heeft hij gezegd.
GEN. ALEXANDROV: Het is onnodig het aantal ontmoetingen met Kaltenbrunner te vermenigvuldigen om Kaltenbrunner te laten deelnemen aan de uitvoering van deze maatregelen. Hij hoefde beklaagde Sauckel niet eens regelmatig te ontmoeten.
De PRESIDENT: Generaal Alexandrov, ik wens niet dat u met mij in discussie gaat. Ik heb u verteld wat zijn antwoord was. Het leek een antwoord op uw vraag te zijn.
GEN. ALEXANDROV: Ik ga ook niet met u in discussie. Ik leg alleen de reden voor deze vraag uit.
(tot de beklaagde) Wat de deelname van beklaagde Rosenberg betreft, daarover zal ik u geen vragen stellen want beklaagde Rosenberg heeft voldoende duidelijke antwoorden gegeven toen hij door mijn Amerikaanse confrère, Aanklager Dodd werd ondervraagd. Vertelt u mij nu, welke rol speelde beklaagde Frick bij de uitvoering van deze maatregelen?
SAUCKEL: Beklaagde Frick, als Reichsinnenminister – ik weet niet hoelang hij in functie is gebleven – had er nauwelijks deel aan. Voor zover ik mij herinner voerde ik overleg met zijn ministerie over de meest noodzakelijke wetten die in Duitsland moesten worden uitgevaardigd voor Duitse arbeiders en over de geldigheid van die wetten. Afgezien daarvan had hij geen deel aan deze taak; zijn werk was van geheel andere aard.
GEN. ALEXANDROV: We hebben het over de kwestie van buitenlandse arbeidskrachten. Het was niet bij toeval dat u in een brief aan Lammers, geschreven na een overleg op Hitler’s hoofdkwartier op 4 januari 1944, dat het Ministerie van Binnenlandse Zaken een van de regeringsinstellingen was die opdracht hadden met u samen te werken. Daarom vraag ik u: welke rol speelde Frick bij de uitvoering van de maatregelen voor de werving van arbeiders? U hebt zelf gevraagd om medewerking van het Innenministerium. Hoe moest die samenwerking dan tot uiting komen?
SAUCKEL: Tot mijn zeer groot persoonlijk verdriet was Frick in die periode niet langer Reichsinnenminister maar Himmler, als ik me goed herinner.
GEN. ALEXANDROV: Welke samenwerking verwachtte u van het ministerie?
SAUCKEL: Het is meen ik alleen maar normaal dat bij iedere regeringsvorm het interne en het algemene bestuur op de hoogte wordt gehouden van de gebeurtenissen en er ook deel aan moet nemen; een zo belangrijk gebied als de inzet van mankracht vereist vele besluiten. Ik kon onmogelijk wettelijke decreten uitvaardigen, ik had daar ook de bevoegdheid niet voor. Ik moest ze voorleggen aan de Reichsverteidigungsrat. Ik kon alleen maar technische instructies geven en dat is heel iets anders.
GEN. ALEXANDROV: Waren de beklaagden Funk als minister van economie en Speer als minister van bewapening de belangrijkste tussenpersonen tussen de industrieëlen en u zelf als leveranciers van mankracht? Is dat juist?
SAUCKEL: Het einde van uw zin bevat een totaal verkeerde conclusie. Zij waren niet de tussenpersonen tussen mij en de industrie maar de industrie was verantwoording schuldig aan het Ministerie van Bewapening. Hierover werden in de loop der jaren natuurlijk persoonlijke instructies gegeven. Ik onderhandelde niet met de bedrijven. De bedrijven vroegen om arbeiders en die kregen ze, net zoals de agrarische bedrijven.
GEN. ALEXANDROV: Vertelt u mij alstublieft, welke rol speelden de beklaagden Funk en Speer bij de uitvoering van deze maatregelen? Ik wens geen ellenlange verklaringen. Antwoordt u mij kort.
SAUCKEL: Die twee ministers stonden aan het hoofd van de diverse ondernemingen binnen de Duitse economie die onder het gezag van hun ministeries vielen. Zij ontvingen hun arbeiders en dat was het einde van mijn taak.
GEN. ALEXANDROV: Namen de beklaagden Frank, Seyss-Inquart en Von Neurath deel aan de uitvoering van deze maatregelen voor de Arbeitseinsatz in die gebieden die onder hun gezag stonden? Ik bedoel Polen, Bohemen, Moravië en Nederland. Is dat juist?
SAUCKEL: Binnen het kader van hun taken in hun eigen gebieden ondersteunden deze heren mij door het uitvaardigen van decreten en wetten en zijzelf hechtten grote waarde aan een correct en humaan opstellen van deze decreten en wetten.
GEN. ALEXANDROV: Wat was de rol van beklaagde Fritzsche?
SAUCKEL: Dat kan ik u niet zeggen. Ik heb Dr. Fritzsche slechts bij een gelegenheid – een hele korte – in Duitsland ontmoet, ik denk in 1945, begin 1945. Ik heb nooit met hem over mijn werk gesproken en ik weet ook niet of hij er iets mee te maken had. Ik kan alleen maar zeggen dat ik herhaaldelijke verzoeken heb gericht aan het Rijksministerie voor Propaganda om mijn instructies en richtlijnen – zoals die zijn opgenomen in de documentenboeken die door mijn raadsman zijn ingediend – op grote schaal te verspreiden, in het bijzonder onder de bedrijven en andere kringen die deze arbeiders ontvingen.
GEN. ALEXANDROV: Maar er ontbreekt een beklaagde – Bormann en hij is voortvluchtig. Welke rol speelde hij? Hij stelde het hele partijapparaat van de NSDAP tot uw beschikking, niet waar?
SAUCKEL: Nee, dat deed hij niet. Hij stelde de Gauleiter tot mijn beschikking. De instructies die ik aan de Gauleiter gaf en de brieven die ik aan hen richtte – drie ervan zijn hier aanwezig en er waren er nooit veel meer van – hielden in dat ik het recht had de steun van de Partei in te roepen om het welzijn, de voeding en kleding van de arbeiders veilig te stellen en er voor te zorgen dat ze alles kregen wat menselijkerwijs noodzakelijk was en alles wat we maar konden leveren gezien de heersende oorlogsomstandigheden. Dat was de rol die de Partei speelde, voor zover haar werd gevraagd dat voor mij te doen. Het was dus een vorm van controle ten gunste van de buitenlandse en Duitse arbeiders die in Duitsland werkzaam waren. Anderszins had de Partei er niets mee te maken. Tussen haakjes, ik hield niet erg van inmenging door derden.
GEN. ALEXANDROV: Dat is onjuist. Ik zou u willen herinneren aan uw programma voor de toewijzing van mankracht dat uitkwam in 1942. Dit is document USSR-365 dat vermeldt dat de Gauleiter worden benoemd tot uw gevolmachtigden waar het de kwestie van mankracht betreft en dat zij deze mankracht zullen gebruiken.
SAUCKEL: Waar staat dat? Ik kon mijn gevolmachtigden niet zelf benoemen.
GEN. ALEXANDROV: Het document zal u zo dadelijk worden getoond. Ik zal de passage niet citeren, ik noem alleen de inhoud, de strekking van de passage, waar staat dat de Gauleiter de Partijorganisaties in de aan hen ondergeschikte districten zullen gebruiken. Ik neem daarom aan dat het Partijapparaat als geheel deel had aan de uitvoering van deze maatregelen.
SAUCKEL: Dat staat er helemaal niet, Meneer de Aanklager.
GEN. ALEXANDROV: Hebt u het gevonden: “De gevolmachtigden ...... gebruiken hun .... ?
SAUCKEL: Ja en ik deed dit alleen om de reden die ik heb genoemd. Wilt u zo goed zijn verder te lezen?
GEN. ALEXANDROV: Leest u het zelf maar.
SAUCKEL: Dank u.
“De leiders van de hoogste departementen van de staat en van de economie die in hun respectieve Gaue het gezag uitoefenen zullen de Gauleiter adviseren en instrueren over alle belangrijke kwesties rond de toewijzing van arbeid.”
Dat betekent binnen het kader van hun werkterrein en dan worden de laatstgenoemde gespecificeerd:
“De president van het regionale arbeidsbureau” – dat is geen Partijorgaan maar een regeingsinstantie – “de gevolmachtigde voor de Arbeid” – geen partijorgaan maar een regeringsinstantie – “de regionale boerenleider” - geen partijorgaan maar een regeringsinstantie – de economisch adviseur in de Gau” – dat is een partijorgaan ....
De PRESIDENT: Let u op het licht, om er zeker van te zijn dat de tolken u kunnen volgen.
SAUCKEL: Neemt u mij niet kwakijk, Edelachtbare.
....”de vertegenwoordiger van het DAF in de Gau” – een afdeling van het DAF – “de regionale leiders van de Frauenschaft ....... “
GEN. ALEXANDROV: Het is allemaal volkomen duidelijk, u hoeft het niet op te noemen. Ik zou uw aandacht willen vestigen op subparagraaf VI. Daar staat duidelijk dat de Gauleiter, optredend als gevolmachtigde voor de toewijzing van arbeid, in hun Gau gebruik zullen maken van de onder hen gestelde partijorganen. Staat dat daar?
SAUCKEL: Ja.
GEN. ALEXANDROV: Vervolgens worden de methoden opgesomd volgens welke deze taak wordt uitgevoerd, ook door welke instellingen en welke autoriteiten. Ik concludeer uit deze subparagraaf, waarin staat dat zij de onder hen staande partijorganen zullen gebruiken, dat de hele organisatie van de NSDAP deelnam aan de uitvoering van deze maatregelen en ik zou willen dat u met ja of nee antwoordt.
SAUCKEL: Nee.
GEN. ALEXANDROV: Dan valt er niets meer te zeggen
SAUCKEL: Nee. Mag ik dit ontkennende antwoord aanvullen? In uw eerste reactie vertelde u mij dat mijn beschrijving niet helemaal juist was. Mijn omschrijving is volkomen juist, dat de Partei werd ingezet om te zorgen voor het welzijn van Duitse en buitenlandse arbeiders en er voor te zorgen dat zij op de juiste wijze werden verzorgd en gevoed. Dit soort taken was alleen toevertrouwd aan de Partijorganen die hier zijn genoemd en die konden geen andere taken gehad hebben; ik, vroeger zelf een arbeider was erop gebrand dat er voor deze arbeiders, zowel Duitse als buitenlandse zou worden gezorgd zo goed als de oorlogsomstandigheden dat toelieten. Vandaar de inzet van Partijorganen en geen andere. Daarom was mijn antwoord volkomen juist.
GEN. ALEXANDROV: Hadden de districtsleiders van de HitlerJugend ook deel aan de uitvoering van deze maatregelen?
SAUCKEL: De districtsleiders van de HitlerJugend namen eraan deel om de jeugd te beschermen en voor hen te zorgen zoals uitdrukkelijk door Reichsleiter Von Schirach en later door Reichsjugendleiter Axmann was geëist. De jeugd moest tegen alle mogelijke gevaren beschermd worden. De HitlerJugend zorgde hiervoor, samen met jonge mensen uit andere landen. Ik moet dit sterk benadrukken.
GEN. ALEXANDROV: Stemde u persoonlijk in met het beleid van de Hitlerregering met betrekking tot het afvoeren in slavernij van de bevolking van de bezette gebieden met het doel het voeren van een aanvalsoorlog te verzekeren? Stemde u in met dat beleid?
SAUCKEL: U dwingt mij uw vraag te zien in het licht van een beschuldiging.
Zelf heb ik keer op keer gezegd dat ik niets te maken heb gehad met buitenlandse, dan wel binnenlandse politiek; ik was ook geen soldaat, bedoelde ik te zeggen. Ik kreeg een taak en ontving bevelen. Als Duitser probeerde ik die taak naar beste kunnen correct uit te voeren in het belang van mijn volk en mijn regering want het werd mij overduidelijk gemaakt dat het lot van mijn volk afhing van het slagen van deze taak. Ik werkte met dit in gedachten en ik geef toe dat ik mijn uiterste best heb gedaan deze taak te volbrengen op de manier die ik hier heb beschreven. Ik beschouw dit als mijn plicht en moet dat feit hier bevestigen
GEN. ALEXANDROV: Om uw persoonlijke houding ten opzichte van deze misdaden te bepalen, zou ik u aan enkele van uw eigen uitspraken willen herinneren. Die zijn genomen uit document USSR-365. Dit document is het programma voor het gebruik van mankracht in 1942, pagina 9. Aan u zal nu de passage worden getoond die ik zo direct zal citeren: “Ik verzoek u, mij te geloven als als oude en fanatieke Nationaalsocialistische Gauleiter ...... “ Staat dat daar?
SAUCKEL: Dat staat er.
GEN. ALEXANDROV: Gaan we nu naar document 566-PS. Dat is uw telegram aan Hitler gedateerd 20 april 1943, dat u tijdens uw vlucht naar Riga verstuurde. Dat telegram zal nu aan u worden getoond en ook de passage die ik ga voorlezen zal aan u worden getoond:
“Ik zal met fanatieke vastberadenheid al mijn krachten inzetten voor het voltooien van mijn taak en uw vertrouwen bevestigen.”
Is dat correct?
SAUCKEL: Dat is correct. Ik zag in Hitler, die ik destijds aanbad, een man die de leider was van het Duitse volk, die was verkozen door het Duitse volk en ik, als Duits burger en lid van een Duitse regeringsinstantie achtte het mijn plicht, door mijn werk op mijn eigen gebied het vertrouwen dat door het hoofd van de staat in mij gesteld was, te rechtvaardigen. Ik zou met betrekking tot dit telegram willen zeggen ......
GEN. ALEXANDROV: Verdere uitleg over dit telegram is niet nodig. Ik stel geen belang in uw houding jegens Hitler. Ik ben alleen geïnteresseerd in uw houding ten opzichte van de maatregelen voor gedwongen arbeid die door u werden uitgevoerd. Het is van belang om alle vragen tot dit kader te beperken. Nu volgt document 1292-PS. Dat is het verslag van een bijeenkomst op Hitler’s hoofdkwartier op 4 januari 1944 ......
SAUCKEL: Ik verzoek het Tribunaal mij toe te staan, enkele woorden aan uw laatste uitspraak toe te voegen, Meneer de Aanklager. Ik kon destijds in Hitler geen misdadiger zien en ik heb nooit het gevoel gehad dat hij er een was, maar ik voelde mij gedwongen mijn plicht te doen, niets anders. Als mens en vanuit mijn opvoeding zou ik misdaad nooit gesteund hebben.
De PRESIDENT: Wat was uw vraag, Generaal? Simpelweg of dit een telegram was, gericht aan Hitler?
GEN. ALEXANDROV: Ik vroeg hem naar het telegram, waarvan ik een zin voor het verslag heb voorgelezen, om van beklaagde Sauckel een bevestiging te krijgen dat dit telegram is verstuurd. Ik ben in niets anders geïnteresseerd.
(tot de beklaagde) Het volgende document is 1292-PS. Hebt u dat document?
SAUCKEL: Nee.
GEN. ALEXANDROV: De passage die ik u ga voorlezen is al aan u getoond. Uw verklaring luidt als volgt: “GBA Sauckel verklaarde dat hij met fanatieke vastberadenheid zou proberen deze mankracht te garanderen.”
U sprak destijds over de mobilisatie van 4 miljoen arbeiders. Er staat verder: “Hij zou alles doen wat in zijn vermogen ligt om het voor 1944 vereiste aantal te verkrijgen.”
Hebt u dat gezegd? Is die uitspraak juist weergegeven in de notulen van die bijeenkomst?
SAUCKEL: Ik heb dat wel degelijk gezegd en ik verzoek dat mij wordt toegestaan het volgende aan mijn bevestigende antwoord toe te voegen. Ik wist dat het Duitse volk, en het was mijn volk, zich in slechte .... mag ik een uitleg toevoegen aan mijn duidelijke antwoord, zeggen waarom ik zo antwoordde? Ik heb er het recht toe.
GEN. ALEXANDROV: Beklaagde Sauckel, u laat ieder antwoord vergezeld gaan van een uitvoerige, aanvullende uitleg. U houdt het verhoor er alleen maar mee op. Ik ben volkomen tevreden met uw antwoord, wat u mij hebt verteld is alleszins voldoende.
De PRESIDENT: Generaal, hij heeft volkomen duidelijk geantwoord dat hij dat heeft gezegd en ik meen dat hij het recht heeft enige woorden ter uitleg te geven. Het is volkomen juist dat zijn verklaringen ontoelaatbaar lang zijn maar hij heeft het recht een en ander uit te leggen.
GEN. ALEXANDROV: Meneer de President, als ieder antwoord gepaard moet gaan met een dergelijke uitvoerige uitleg .....
De PRESIDENT: Generaal Alexandrov, ik heb net gezegd dat hij het recht heeft een en ander uit te leggen.
(tot de beklaagde) Houdt u het alstublieft kort.
SAUCKEL: Ik wist dat het Duitse volk verwikkeld was in haar meest bittere strijd. Het was mijn plicht met al mijn krachten mijn taak uit te voeren – dat bedoelde ik met fanatiek. In een andere zin legde ik verder uit dat ik mijn taak dat jaar niet kon volbrengen. Voor zover ik in staat was die in 1944 te volbrengen, twee/derde waren Duitse arbeiders, niet hoofdzakelijk buitenlanders maar twee/derde was Duitser; ik deed mijn uiterste best om alle Duitse vrouwen aan het werk te krijgen, voor zover zij tot werken in staat waren en in 1944 waren dat er meer dan twee miljoen.
GEN. ALEXANDROV: Om de deportatie van mankracht uit de bezette gebieden naar Duitsland te versnellen, bezocht u in 1943 Rovno, Kiev, Dniepropetrovsk, Zaporozhe, Simferopol, Minsk, en Riga. In juni van het zelfde jaar bezocht u Praag, Kiev, Krakov, Zaporozhe en Melitopol. Is dat juist?
SAUCKEL: Dat is waar en tijdens die reizen overtuigde ik mijzelf ervan dat mijn afdelingen correct functioneerden. Dat was het doel van mijn reis.
GEN. ALEXANDROV: Dus regelde u persoonlijk de deportatie in slavernij van de vredelievende bevolking van de bezette gebieden. Is dat ook juist?
SAUCKEL: Tegen die uitspraak moet ik ten stelligste protesteren. Dat deed ik niet.
GEN. ALEXANDROV: Waarom ging u dan naar al die steden? Deed u dat niet om de deportatie van de mensen in de bezette gebieden af te dwingen?
SAUCKEL: Ik bezocht deze gebieden om mij er persoonlijk van te overtuigen hoe mijn diensten in die steden werkten – ik zou niet “mijn” moeten zeggen maar de arbeidsbureau’s van de plaatselijke besturen - of ze hun plichten jegens de arbeiders gewetensvol uitvoerden, of ze medische keuringen deden, of ze correct registreerden enzovoorts, volgens mijn instructies. Daarom ging ik naar die steden. Ik onderhandelde met de diensthoofden over aantallen, dat is helemaal juist want het was mijn taak arbeiders te werven en aan de gestelde quota te voldoen, maar gedurende mijn bezoek aan die steden inspecteerde ik de diensten persoonlijk om mij ervan te overutuigen dat ze correct te werk gingen.
GEN. ALEXANDROV: En ook om een snelle deportatie van mankracht naar Duitsland te verzekeren? Is dat juist?
SAUCKEL: Om de beste methode te gebruiken voor het doel dat ons voor ogen stond. Dat staat ondubbelzinnig in mijn orders en het manifest dat bij het Tribunaal is ingediend werd juist op die reis geschreven die u net hebt genoemd.
GEN. ALEXANDROV: U bezocht die steden om in het bijzonder de methoden van gedwongen werving te verbeteren? Heb ik u goed begrepen?
SAUCKEL: Ik ging naar die steden om voor mijzelf te zien of de methoden correct waren of niet en ze met de afdelingen te bespreken. Dat is waar want ik hoefde Charkow, Kiev of welke andere stad dan ook niet te bezoeken om mijn taak met betrekking tot aantallen te bespreken. Daarvoor hoefde ik slechts te spreken met de vertegenwoordiger voor het Oosten, die zijn kantoor in Berlijn had, of met de Reichskommissar – met wie ik geen contact had omdat hij soms in Rovno was.
GEN. ALEXANDROV: In uw verklaringen tegenover uw verdediger stelde u dat geen enkel geval van criminele of illegale methoden van gedwongen werving ooit te uwer kennis was gekomen. Wat was dan de reden voor dergelijke uitgebreide reizen naar de bezette gebieden? Betekent het dat een of andere aanwijzing u al had bereikt dat er op grote schaal illegale methoden werden toegepast bij het proces van werving? Was dat de reden voor uw reizen? U bezocht meer dan 10 steden.
SAUCKEL: Mag ik u erop wijzen, Meneer de Aanklager, nu we het er toch over hebben, dat mijn verdediger mij die vraag al gesteld heeft, dat ik die bevestigend heb beantwoord en dat ik in het algemeen, wanneer mij klachten bereikten, ik die besprak met Rosenberg en waar onrecht kon worden rechtgezet werd dat rechtgezet. Hoort u in dit verband alstublieft mijn verdediger en mijn getuigen aan.
GEN. ALEXANDROV: De getuigen zullen op beslissing van het Tribunaal worden opgeroepen. Ik zou nu vast willen stellen dat u die reizen ondernam ten einde de methoden van werving te verbeteren. Ik ben tot de logische conclusie gekomen dat er in al deze steden, voordat u arriveerde, een zekere wetteloosheid heerste en er misdaden werden gepleegd tijdens de werving van arbeiders. Daar heb ik het over. En wilt u mij nu een definitief antwoord geven waarom u die steden bezocht?
SAUCKEL: Ik heb die vraag in elk opzicht al beantwoord. Ik zou er echter aan willen toevoegen dat ik aanneem dat u, Meneer de Aanklager, zelf voldoende bestuurlijke ervaring heeft om te weten dat in elk departement, overal in de hele wereld het vanzelf spreekt dat bestuurlijke orders worden gecontroleerd. Men hoeft niet te weten of in het leven en in elke menselijke organisatie fouten worden gemaakt, er moet toch controle plaatsvinden.
GEN. ALEXANDROV: Als u ontkent dat u daarheen ging om toestanden te verbeteren en misdaden, gepleegd in het kader van werving te onderdrukken, dan moet u erheen gegaan zijn om de deportatie van mankracht naar Duitsland te versnellen. Het is het een of het ander. Kiest u zelf maar.
SAUCKEL: Nee, ik moet dat ten stelligste ontkennen. Ik ondernam deze reizen om mij ervan te overtuigen, binnen het kader van mijn plichten, hoe deze taak werd uitgevoerd en klachten te verhelpen die mij werden gemeld, zoals bijvoorbeeld – zoals ik mijn verdediger tijdens mijn verhoor heb verteld – mij ook door Feldmarschall Von Kluge was gevraagd dat te doen. Maar ik wilde de zaken ook grondig bestuderen en zelf passende aanwijzingen en instructies aan de afdelingen geven. Het beste bewijs hiervoor is het manifest dat tijdens die reis is geschreven.
De PRESIDENT: Generaal Alexandrov, kunt u het Tribunaal zeggen hoeveel tijd u nog nodig zult hebben?
GEN. ALEXANDROV: Ik durf geen nauwkeurige opgave te doen maar ik stel me zo voor nog ongeveer twee uur.
De PRESIDENT: U verliest het feit toch niet uit het oog dat de Franse Aanklager al een grondig verhoor heeft afgenomen?
GEN. ALEXANDROV: Meneer de President.........
De PRESIDENT: Het Tribunaal hoopt dat u uw verhoor zo kort mogelijk zult houden en de zitting wordt nu geschorst.

Definitielijst

Arbeitseinsatz
Gedwongen tewerkstelling in Duitsland. Circa 11 miljoen Europese burgers werden in dit kader opgeroepen om dwangarbeid te verrichten in het Derde Rijk. Niet te verwarren met de Arbeidsdienst, een organisatie opgericht als nationaal-socialistisch vormingsinstituut voor Nederlandse jongeren.
Führer
Duits woord voor leider. Hitler was gedurende zijn machtsperiode de führer van nazi-Duitsland.
Gau
Door de NSDAP ingesteld landsdistrict van het Duitse Rijk.
Gauleiter
Leider en vertegenwoordiger van de NSDAP in een Gau.
mobilisatie
Een leger in staat van oorlog brengen, dus eigenlijk de overgang van vredestoestand naar oorlogstoestand. Het Nederlandse leger werd gemobiliseerd op 29 augustus 1939.
Propaganda
Vaak misleidende informatie die gebruikt wordt om aanhangers / steun te winnen. Vaak gebruikt om ideele en politieke doelen te verwezenlijken.
USSR
Unie van Socialistische Sovjet Republieken, ook wel Sovjet-Unie genoemd. Federatie van republieken tijdens de communistische periode van Rusland.

Pagina navigatie

Informatie

Vertaald door:
Arnold Palthe
Geplaatst op:
08-07-2008
Laatst gewijzigd:
18-04-2010
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

Categorieën


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2017
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.