Verhoor Hans Frank

Ochtendzitting 1 18-04-1946

Inhoudsopgave

De PRESIDENT: Dr. Seidl.
Dr. ALFRED SEIDL (raadsman van Hans Frank): Meneer de President, leden van het Tribunaal, op 9 april van dit jaar heb ik, in afwijking van de regel opgelegd door het Tribunaal, het verzoek gedaan of mij eerst kan worden toegestaan de documenten te presenteren, dan de getuige op te roepen en aan het einde de beklaagde als getuige te horen. Ik weet niet of het Tribunaal al in het bezit is van de documentenboeken. Ik heb vastgesteld dat Deel I van het documentenboek tegen 8 april vertaald was, de Delen II en III op 11 april en de Delen IV en V enkele dagen later. Ik heb zelf echter nog geen enkel documentenboek ontvangen omdat de betrokken afdeling nog geen toestemming heeft gekregen de boeken in te binden.
De PRESIDENT: Nou, ik dacht dat ik hierom had gevraagd, niet gisteren maar eergisteren, ja en u zei dat u helemaal klaar was om verder te gaan.
Dr. SEIDL: Mij was verteld dat de boeken waren vertaald en ik nam natuurlijk aan dat die boeken ook zouden worden ingebonden. Ik ontdekte gisteren dat dat niet het geval was. In ieder geval ligt de fout niet bij mij.
De PRESIDENT: Ik suggereerde ook niet dat het uw fout was.
Mr. THOMAS J. DODD: In de eerste plaats hadden we niet al te veel met Dr. Seidl te bespreken. Er werd eergisterenavond overeenstemming met hem bereikt, rond 6 uur of iets later. Daarna werd het materiaal ter verwerking aangeboden en het zijn 500 pagina’s. Ze zijn nog niet klaar en het is niet zo dat de mensen geen toestemming kregen om verder te gaan. Ze hebben hun werk niet af kunnen krijgen en er zal dus enig oponthoud ontstaan.
De PRESIDENT: Dr. Seidl, u kunt verder gaan met uw getuigen. U hebt de beklaagde zelf die u moet oproepen en een aantal andere getuigen.
Dr. SEIDL: Ja
De PRESIDENT: En de documenten zullen tegen die tijd ongetwijfeld klaar zijn. We beëindigen de zitting om half vijf en tegen de tijd dat het Tribunaal op dinsdagmorgen weer bijeen komt, zullen alle documenten ongetwijfeld klaar zijn. Wat uw verzoek betreft, het Tribunaal heeft uw verzoek overwogen en ziet geen reden af te wijken van de gebruikelijke regel dat de beklaagde het eerst moet worden opgeroepen, tenminste, als u van plan bent de beklaagde op te roepen.
Dr. SEIDL: Oh ja. Ik ben van plan de beklaagde te verhoren; maar in het belang van het versnellen van de procedure, stelde ik voor dat de andere getuigen het eerst zouden worden gehoord zodat het verhoor van de beklaagde zo kort mogelijk kan zijn. Het is dan mogelijk dat hij een aantal vragen gewoon met ja of nee kan beantwoorden. Een andere reden waarom ik deze procedure het makkelijkste vind is dat een juist verhoor van beklaagde alleen maar mogelijk is als ik op hetzelfde moment de documentenboeken bij de hand heb. Dat geldt niet noodzakelijkerwijs voor de andere getuigen. Ik zou daarom het Tribunaal wilen verzoeken mij die toestemming te geven zodat ik eerst de getuigen kan verhoren die zich al in de wachtkamer bevinden.
De PRESIDENT: Ik stel me voor dat de documenten allemaal, of bijna allemaal in het Duits zijn en in de loop van het verhoor aan de beklaagde kunnen worden voorgelegd; het Tribunaal is van mening, zoals ik al heb gezegd dat het als eerste oproepen van de beklaagde in het belang van de snelheid is en dat het Tribunaal daarom meent zich aan de regel te moeten houden.
Dr. SEIDL: Goed. In dat geval roep ik, met permissie van het Tribunaal beklaagde Dr. Hans Frank naar de beklaagdenbank.
(Beklaagde Hans Frank neemt plaats in de beklaagdenbank.)
De PRESIDENT: Wilt u uw volledige naam zeggen?
HANS FRANK (beklaagde): Hans Frank.
De PRESIDENT: Wilt u mij deze eed nazeggen:
Ik zweer bij God, de Almachtige en Alwetende dat ik de zuivere waarheid zal spreken, niets zal achterhouden en niets zal toevoegen.
(de beklaagde herhaalt de eed)
De PRESIDENT: Wilt u alstublieft gaan zitten.
Dr. SEIDL: Beklaagde, waar en wanneer bent u geboren?
FRANK: Ik ben op 23 mei 1900 geboren in Karlsruhe, Baden.
Dr. SEIDL: Wilt u het Tribunaal een korte schets van uw opleiding geven?
FRANK: In 1919 deed ik eindexamen Gymnasium en in 1926 deed ik het staatsexeamen rechten waarmee ik mijn rechtenstudie afrondde.
Dr. SEIDL: En welk beroep oefende u daarna uit?
FRANK: Ik had diverse juridische functies. Ik werkte als advocaat, als lid van de lerarenstaf aan een technisch college; daarna werkte ik voornamelijk als juridisch adviseur van Adolf Hitler en de NSDAP.
Dr. SEIDL: Sinds wanneer was u lid van de NSDAP?
FRANK: Ik werd in 1919 lid van de Deutsche Arbeiter Partei, de voorloper van de NSDAP maar voegde mij destijds niet bij de nieuw gevormde Nationaal Sozialistische Arbeiter Partei. In 1923 werd ik in München lid van de beweging als lid van de SA; uiteindelijk kwam ik, om het zo maar te zeggen, voor het eerst in 1927 bij de NSDAP.
Dr. SEIDL: Bent u ooit lid van de SS geweest?
FRANK: Ik ben nooit lid van de SS geweest.
Dr. SEIDL: Dat betekent dat u nooit de rang van SS-Obergruppenführer of General der SS hebt gehad?
FRANK: Ik heb nooit de rang van SS-Obergruppenführer of General der SS gehad.
Dr. SEIDL: Zelfs niet honorair?
FRANK: Nee, zelfs niet honorair.
Dr. SEIDL: U was lid van de SA. Wat was de laatste rang die u daar bekleedde?
FRANK: Ik was op het laatst SA-Obergruppenführer en dat was een honoraire rang.
Dr. SEIDL: Welke posten bekleedde u binnen de NSDAP in de diverse perioden en welke functies oefende u uit?
FRANK: In 1929 werd ik hoofd van de juridische afdeling van de Oberste Parteirat van de NSDAP. In die hoedanigheid werd ik door Adolf Hitler in 1931 benoemd tot Reichsleiter NSDAP. Ik behield die positie totdat ik in 1942 werd terug geroepen. Dat zijn de belangrijkste functies die ik binnen de Partei had.
Dr. SEIDL: Tot aan de machtsovername hield u zich binnen de Partei voornamelijk bezig met juridische kwesties, niet waar?
FRANK: Ik hield me in het belang van Adolf Hitler, de NSDAP en haar leden bezig met juridische vraagstukken gedurende de moeilijke jaren van strijd om de overwinning van de beweging.
Dr. SEIDL: Wat waren uw grondgedachten betreffende de opvatting over een staat die door een juridisch systeem wordt geleid?
FRANK: Dat idee, voor zover het mij betrof, stond in Punt 19 van het partijprogramma, dat handelt over het scheppen van een algemene wetgeving voor Duitsland. In het belang van het bespoedigen van het proces zal ik mijn ideeën niet volledig uiten. Mijn eerste inspanningen betroffen het behouden van de kern van het Duitse juridische stelsel: de onafhankelijke advocatuur.
Mijn idee was dat zelfs in een hoog ontwikkelde Führerstaat, zelfs onder een dictatuur, de gevaren voor de gemeenschap en de wettelijke rechten voor het individu in elk geval kleiner worden wanneer rechters die niet afhankelijk zijn van de leiding van de Staat nog recht kunnen spreken binnen de gemeenschap. Dat betekent naar mijn mening dat een staat die door het recht wordt geregeerd in alle gevallen identiek is aan de kwestie van het bestaan van een onafhankelijke rechtsspraak. Veel van mijn strijd en gesprekken met Hitler, Himmler en Bormann gedurende die jaren spitsten zich steeds meer toe op dat bijzondere onderwerp. Pas nadat de onafhankelijke advocatuur in het Nationaalsocialistische Reich definitief was afgeschaft gaf ik mijn werk en inspanningen op omdat die hopeloos waren.
Dr. SEIDL: U bent ook lid geweest van de Reichstag?
FRANK: Ik werd in 1930 lid van de Reichstag.
Dr. SEIDL: Welke posten bekleedde u na 1933?
FRANK: Allereerst was ik Justizminister van Beieren en nadat de ministeries van justitie waren opgeheven werd ik Rijksminister zonder Portefeuille. In 1933 werd ik President van de Akademie für Deutsches Recht die ik had opgericht. Ik was Reichsleiter van de NationaalSozialistische Anwälterbund die later de naam Reichswährbund heette. In 1933 en 1934 was ik Reichsjustizkommissar en in 1939 werd ik Gouverneur-generaal van het Generaalgouvernement in Krakow.
Dr. SEIDL: Wat waren de doelstellingen van de Akademie für Deutsches Recht waarvan u de oprichter was?
FRANK: Deze doelen zijn neergelegd in het Reichsgesetz betreffende de Akademie für Deutsches Recht. De belangrijkste taak, de centrale taak was de uitvoering van Punt 19 van het partijprogramma om de Duitse algemene wetgeving in lijn te brengen met onze cultuur.
Dr. SEIDL: Had de Akademie für Deutsches Recht vast omlijnde functies of kon die alleen maar in een adviserende functie optreden?
FRANK: De Akademie für Deutsches Recht was de ontmoetingsplaats van de meest vooraanstaande juristen in Duitsland op theoretisch en practisch gebied. Direct vanaf het begin hechtte ik geen belang aan de vraag of de leden ervan partijlid waren of niet. 90 % van de leden van de Akademie für Deutsches Recht was geen partijlid. Hun taak was het voorbereiden van wetten en ze werkten zo’n beetje als een adviesraad binnen een goed georganiseerd parlement. Het was ook mijn idee dat de adviesraad van de Akademie de juridische comitees van de Duitse Reichstag zou vervangen die binnen het Reich toch langzaam naar de achtergrond verdwenen.
In het algemeen hielp de Akademie alleen maar bij het opstellen van wetten met een economisch of sociaal karakter want vanwege de ontwikkeling van het totalitaire regime werd het steeds moeilijk om op andere gebieden samen te werken.
Dr. SEIDL: Als ik u goed begrijp lag de toepassing van wetten door de regering geheel in handen van de Reichsjustizminister en dat was u niet.
FRANK: Nee, ik was geen Reichsjustizminister. De Reichsjustizminister, Dr. Gurtner was echter niet bevoegd op het hele gebied van wetgeving maar alleen voor die wetten die binnen het kader van zijn ministerie vielen. Wetgeving binnen het Reich lag, overeenkomstig het Ausführungsgesetz, in handen van de Führer en Reichskanzler en van de Reichsregierung als orgaan.
Als gevolg daarvan verschijnt mijn naam maar een keer onder een wet in het Reichsgesetzblatt en dat is de wet betreffende de herinvoering van de dienstplicht. Ik ben er echter trots op dat mijn naam onder die wet staat.
Dr. SEIDL: U hebt eerder gezegd dat u in 1933 en 1934 Justizminister in Beieren was?
FRANK: Ja.
Dr. SEIDL: Had u in die hoedanigheid de gelegenheid uw mening te uiten over de kwestie van de concentratiekampen en wat waren de omstandigheden?
FRANK: Ik hoorde dat het concentratiekamp Dachau werd opgericht in verband met een rapport dat ik van de Staatsanwaltschaft in München kreeg vanwege de moord op de Münchener advocaat Dr. Strauss. De Staatsanwaltschaft beklaagde zich er bij mij over, nadat ik hen bevel had gegeven de moord te onderzoeken, dat de SS hen de toegang tot kamp Dachau had geweigerd. Daarop liet ik Rijksgouverneur Generaal von Epp een vergadering bijeen roepen waar ik de dossiers betreffende deze moord overlegde en wees op de onwettigheid van een dergelijke actie door de SS en stelde dat ik er mij tot dus verre niet van bewust was dat er in het Reich van dat principe was afgeweken. Daarna bleef ik tegen deze methode protesteren bij Dr. Gurtner, de Reichsjustizminister en toen ook Staatsanwalt. Ik wees hem erop dat dit het begin betekende van een ontwikkeling die het rechtssysteem op een alarmerende manier bedreigde.
Op verzoek van Heinrich Himmler greep Hitler in deze kwestie persoonlijk in en hij gebruikte zijn macht om elk juridisch proces de kop in te drukken. Er werd bevel gegeven dat het proces moest worden gestaakt. Ik diende mijn ontslag als Justizminister in maar dat werd niet aanvaard.
Dr. SEIDL: Wanneer werd u Gouverneur-generaal van de bezette gebieden in Polen en waar was u toen u van die benoeming hoorde?
FRANK: Op 24 augustus 1939 moest ik mij als reserve-officier bij mijn regiment in Potsdam melden. Ik was druk bezig mijn compagnie te trainen en op 17 september, het kan ook 16 september zijn geweest, trof ik mijn laatste voorbereidingen om naar het front te gaan toen er een telefoontje kwam uit de speciale trein van de Führer en ik bevel kreeg mij direct bij de Führer te melden.
De volgende dag reisde ik naar Opper-Silezië waar destijds de speciale trein van de Führer stond en in een heel kort gesprek dat nog geen tien minuten duurde gaf hij mij de taak, zoals hij het noemde, de functie van civiel gouverneur voor de bezette gebieden in Polen over te nemen.
Destijds stonden alle bezette gebieden in Polen onder bestuurlijke leiding van een militaire commandant, Generaal von Rundstedt. Tegen eind september werd ik toegevoegd aan de staf van Von Rundstedt als Hoofd Administratie en mijn taak bestond uit administratief werk binnen de Militärverwaltung. In korte tijd bleek echter dat deze methode niet werkte en toen de Poolse gebieden werden gesplitst in een gedeelte dat in het Reich werd opgenomen en een gedeelte dat toen het Generaal-gouvernement werd, werd ik met ingang van 26 oktober benoemd tot Gouverneur-generaal.
Dr. SEIDL: U hebt de diverse functies genoemd die gedurende een aantal jaren hebt bekleed. Ik vraag u nu: hebt u in enige functie die u binnen de Partei of de Staat bekleedde een belangrijke rol gespeeld bij de politieke gebeurtenissen van de afgelopen 20 jaar?
FRANK: Op mijn eigen terrein deed ik alles dat mogelijk kan worden verwacht van een man die in de grootheid van zijn volk geloofd, en die vervuld is van fanatisme voor de grootheid van zijn land, ten einde de overwinning van Adolf Hitler en de Nationaalsocialistische beweging tot stand te brengen.
Ik heb nooit deelgenomen aan verreikende politieke beslissingen omdat ik nooit heb behoord tot de kring naaste vertrouwelingen van Adolf Hitler, noch ben ik door Adolf Hitler ooit geraadpleegd over algemeen politeke kwesties, noch heb ik ooit deelgenomen aan conferenties over dat soort kwesties. Het bewijs hiervoor is dat ik in de periode tussen 1933 en 1945 slechts zes keer door Hitler persoonlijk ben ontvangen om verslag uit te brengen over mijn activiteiten.
Dr. SEIDL: Welk aandeel had u in de wetgeving in het Reich?
FRANK: Dat heb ik u al verteld en ik hoef daar verder geen antwoord op te geven.
Dr. SEIDL: Hebt u als Reichsminister of in enig andere staats- of partijfunctie deze oorlog gewild of hebt u een oorlog gewild ondanks gesloten overeenkomsten?
FRANK: Oorlog is niet iets dat iemand wenst. Oorlog is vreselijk. We hebben het overleefd; we wilden die oorlog niet. We wilden een groot Duitsland en het herstel van vrede en welvaart, gezondheid en geluk voor ons volk. Het was mijn droom, en waarschijnlijk de droom van ieder van ons om met vreedzame middelen een herziening van het Verdrag van Versailles tot stand te brengen, waarin in dat zelfde verdrag was voorzien. Maar net als in de wereld van de verdragen, ook tussen landen, is het alleen de sterkste waar naar wordt geluisterd; Duitsland moest eerst sterk worden voordat we konden onderhandelen. Zo zag ik de ontwikkeling als geheel: de versterking van het Reich, herstel van haar onafhankelijkheid op alle gebieden en met deze middelen ons bevrijden van de ondragelijke last die ons volk was opgelegd. Ik was daarom gelukkig toen Adolf Hitler, in een prachtige klim naar de macht die zijn weerga in de geschiedenis van de mensheid niet kent, er tegen het einde van 1938 in slaagde de meeste van deze doelen te verwezenlijken; ik was net zo ongelukkig toen ik mij in 1939, tot mijn ontzetting er steeds meer van bewust werd dat Adolf Hitler van die koers bleek af te wijken en andere methoden volgde.
De PRESIDENT: Dit schijnt te zijn behandeld door wat beklaagde Göring ons heeft verteld, door wat beklaagde Von Ribbentrop ons heeft verteld.
Dr. SEIDL: De beklaagde heeft zijn verklaring over dit punt al afgerond. Beklaagde, wat was uw aandeel in de gebeurtenissen in Polen na 1939?
FRANK: Ik draag de verantwoordelijkheid en toen Adolf Hitler op 30 april 1945 een einde aan zijn leven maakte besloot ik die verantwoordelijkheid van mij zo duidelijk mogelijk aan de wereld te onthullen.
Ik heb de 43 delen van mijn dagboek, waarin een verslag staat van al die gebeurtenissen en het aandeel dat ik daarin had, niet vernietigd maar heb die op eigen initiatief vrijwillig overgedragen aan de officeren van het Amerikaanse leger die mij kwamen arresteren.
Dr. SEIDL: Beklaagde, acht u zich schuldig aan het gepleegd hebben van misdaden die strijdig zijn met internationale verdragen of misdaden tegen de menselijkheid?
De PRESIDENT: Dat is een vraag die het Tribunaal moet beoordelen.
Dr. SEIDL: Dan zal ik de vraag achterwege laten.
Beklaagde, wat hebt u te zeggen op de beschuldigingen die in de Aanklacht tegen u zijn geüit?
FRANK: Op deze beschuldigingen kan ik alleen maar zeggen dat ik het aan het Tribunaal over laat, aan het einde van mijn proces over mijn mate van schuld te beslissen.
Sprekend vanuit het diepst van mijn hart en nadat ik de vijf maanden van dit proces heb meegemaakt, wil ik zeggen dat nu ik een volledig inzicht heb gekregen in alle afschuwelijke wreedheden die zijn gepleegd, ik vervuld ben van een diep gevoel van schuld.
Dr. SEIDL: Wat waren uw doelstellingen toen u de functie van Gouverneur-generaal overnam?
FRANK: Ik werd nergens over ingelicht. Ik heb hier pas, tijdens dit proces over de Sonderkommandos van de SS gehoord. In verband met en direct volgend op mijn benoeming werden er speciale volmachten aan Himmler gegeven en mijn gezag in veel essentiële zaken werd mij ontnomen. Een aantal Reichsämter regelde rechtstreeks kwesties als economie, sociaal beleid, valutabeleid, voedselverstrekking en daarom was alles wat ik kon doen mijzelf tot taak stellen om ervoor te zorrgen dat temidden van de chaos van deze oorlog enige regelmaat tot stand moest komen die de mensen in staat stelde in leven te blijven. Het werk dat ik daar deed kan daarom niet beoordeeld worden in het licht van het moment maar moet in zijn geheel worden beoordeeld en daar moeten we later op terug komen. Mijn doel was gerechtigheid te handhaven zonder de oorlogsinspanning te benadelen.
Dr. SEIDL: Beklaagde, stond de politie, en in het bijzonder de SIPO en de SD onder uw gezag in het Generaal-gouvernement?
FRANK: De HSSPF waren in principe ondergeschikt aan Reichsführer-SS Himmler. De SS viel niet onder mijn gezag en orders of instructies die ik wellicht zou hebben gegeven zouden niet zijn opgevolgd. Getuige Buhler zal tot in details op deze kwestie ingaan.
De algemene afspraak was dat de HSSPF formeel toegevoegd was aan mijn departement maar in werkelijkheid en vanwege zijn activiteiten was hij gewoon een agent van Reichsführer-SS Himmler. Deze gang van zaken was al in november 1939 aanleiding tot het indienen van mijn ontslag bij Adolf Hitler. Het was een gang van zaken die de dingen uiterst moeilijk maakte naar gelang de tijd verstreek. Ondanks al mijn pogingen de zaak onder controle te krijgen bleef het een slepende kwestie.
Een bestuur zonder politiemacht is machteloos en daar zijn vele bewijzen voor. De politieoffcieren stonden waar het discipline, organisatie betaling en bevelen betrof uitsluitend onder het Duitse Rijkspolitiestelsel en waren op geen enkele manier verbonden aan het bestuur van het Generaal-gouvernement. De ambtenaren van de SS en de politie vonden dus niet dat zij toegevoegd waren aan het bestuur van het Generaal-gouvernement in kwesties betreffende hun taken en ook werd het politierayon niet “Politierayon Generaal-gouvernement” genoemd. Bovendien noemde de HSSPF zich niet SS und Polizeiführer in het Generaal-gouvernement maar “Höhere SS und Polizeiführer Ost.”
Ik zal in deze fase echter niet op details ingaan.
Dr. SEIDL: Beklaagde, vielen de concentratiekampen in het Generaal-gouvernement onder uw gezag en had u iets te maken met het bestuur erover?
FRANK: Concentratiekampen waren uitsluitend een zaak voor de politie en hadden niets te maken met het bestuur. Leden van het burgerlijk bestuur was officieel verboden de kampen te betreden.
Dr. SEIDL: Bent u zelf ooit in een concentratiekamp geweest?
FRANK: In 1935 nam ik deel aan een bezoek aan het concentratiekamp Dachau dat voor de Gauleiter was georganiseerd. Dat was de enige keer dat ik in een concentratiekamp ben geweest.
Dr. SEIDL: Beklaagde, in 1942 werd bij decreet van de Führer een Staatssecretariaat voor Veiligheid in het Generaal-gouvernement in het leven geroepen. De datum is 7 mei 1942. Wat was de reden voor het instellen van dat Staatssecretariaat?
FRANK: De instelling van dit staatssecretariaat was een van de vele pogingen om het probleem van de politie in het Generaal-gouvernement op te lossen. Ik was er destijds zeer blij mee want ik dacht dat we nu een manier hadden gevonden om het probleem op te lossen. Ik ben er zeker van dat het zou hebben gewerkt als Himmler en Krüger zich aan het principe van dit decreet, samenwerken, hadden gehouden en niet tegen elkaar in hadden gewerkt. Maar al gauw bleek dat deze hernieuwde poging ook weer een verdoezeling was en de oude situatie bleef bestaan.
Dr. SEIDL: Op 3 juni 1942 werd er, op basis van dit Führerdecreet nog een decreet uitgegeven betreffende de overdracht van officiële zaken aan het Staatsecretariaat voor Veiligheid. Is dat waar?
FRANK: Dat neem ik aan, als u het document hebt. Ik kan me de bijzonderheden natuurlijk niet herinneren.
Dr. SEIDL: In dat geval zal ik getuige Bilfinger over deze kwestie ondervragen.
FRANK: Maar ik zou daar iets aan willen toevoegen. Waar hier wordt gesproken over de SS wordt er vanuit gegaan dat de SS en de politie één orgaan vormen. Het zou van mij niet juist zijn als ik dat misverstand niet recht zou zetten. Ik heb in de looop der jaren zoveel, eerlijke, zuivere en oprechte soldaten binnen de SS gekend, en in het bijzonder binnen de Waffen-SS en de polite, dat wanneer men hier het probleem beschouwd van de SS met betrekking tot het misdadige karakter van zijn activiteiten, men hetzelfde onderscheid kan maken als in het geval van alle andere sociale groeperingen. De SS als zodanig gedroeg zich niet meer misdadig dan andere sociale groeperingen zich zouden gedragen bij deelname aan politieke evenementen.. Het afschuwelijke was dat de verantwoordelijke chef en een aantal andere SS’ers die helaas grote macht hadden gekregen, in staat waren de loyale houding die zo kenmerkend is voor de Duitse soldaat te misbruiken.
Dr. SEIDL: Beklaagde, een andere vraag. In het besluit betreffende het instellen van het Staatssecretariaat voor Veiligheid wordt bepaald dat de Staatssecretaris – in dit geval de HSSPF – u om uw toestemming moet vragen voordat hij definitieve besluiten neemt. Gebeurde dat?
FRANK: Nee, mij werd nooit om mijn toestemming gevraagd en dat was de reden waarom al gauw mijn laatste poging een mislukking bleek te zijn.
Dr. SEIDL: Volgden de HSSPF en SS-Obergruppenführer Krüger in het bijzonder de bevelen op die u hen gaf?
FRANK: Wilt u de vraag alstublieft herhalen? Hij kwam niet al te goed door. En alstublieft Dr. Seidl, wilt u niet zo luid spreken?
Dr. SEIDL: Volgden de HSSPF en SS-Obergruppenführer Krüger, die tegelijk Staatssecreataris voor Veiligheid was, de bevelen op die u hen gaf in uw hoedanigheid van Gouverneur-generaal?
FRANK: Nog geen enkel bevel. Op grond van dit nieuwe decreet gaf ik regelmatig orders. Deze orders werden wellicht doorgegeven aan Heinrich Himmler en omdat zijn toestemming noodzakelijk was, werden die orders nooit uitgevoerd. Sommige bijzondere gevallen kunnen worden bevestigd door Staatssecretaris Buhler als hij hier komt getuigen.
Dr. SEIDL: Vroeg de Reichsführer-SS en Chef van de Duitse politie ooit uw toestemming voordat hij veiligheidsmaatregelen in het Generaal-gouvernement nam?
FRANK: In geen enkel geval.
Dr. SEIDL: De Aanklager heeft een document ingediend, L-37 als bewijsstuk USA-506. Het is een brief van de commandant van de SIPO en SD in het district Radom, gericht aan het filiaal in Tomassov. Dit document bevat het volgende: “Op 28 juni 1944 gaf de Höhere SS und Polizeiführer Ost het volgende bevel:
“De veiligheidstoestand in het Generaal-gouvernement is de afgelopen maanden zo verslechterd dat de meest radicale methoden en de strengste maatregelen moeten worden toegepast tegen deze moordenaars en saboteurs. De Reichsführer-SS heeft in overleg met de Gouverneur-generaal bevolen dat in ieder geval van moord of geprobeerde moord op Duitsers niet alleen de daders moeten worden geëxecuteerd wanneer ze worden gepakt, maar dat bovendien al hun mannelijke bloedverwanten ook moeten worden geëxecuteerd en hun vrouwelijke bloedverwanten ouder dan 16 jaar naar een concentratiekamp gestuurd moeten worden.”
FRANK: Zoals ik heb gezegd,ik werd nooit door Reichsführer-SS Himmler benaderd om mijn toestemming voor dergelijke orders te geven, uw vraag is dus al beantwoord. In dit geval werd mij ook niets gevraagd.
Dr. SEIDL: Beklaagde, werd u tenminste geïnformeerd over dergelijke orders van de Reichsführer-SS Himmler of de HSSPF Ost voordat ze werden uitgevoerd?
FRANK: De reden waarom dit niet werd gedaan was altijd dezelfde. Mij werd dit verteld; omdat Polen niet alleen in het Generaal-gouvernement woonden maar ook in die gebieden die bij het Reich waren ingelijfd moest de strijd tegen de Poolse verzetsbeweging gevoerd worden onder éénhoofdige leiding vanuit een centraal bureau en dat centrale bureau was Himmler.
Dr. SEIDL: Beklaagde, hoever ging uw gezag binnen het algemene bestuur?
FRANK: Ik denk dat het de procedure zou bespoedigen wanneer getuige Bühler zou kunnen getuigen over deze details. Als het Tribunaal dat wenst zal ik de vraag nu beantwoorden. In het algemeen hield ik mij bezig met het opzetten van de gebruikelijke bestuursafdelingen zoals voeding, cultuur, financiën, wetenschap en zo.
Dr. SEIDL: Waren er vertegenwoordigers van de Poolse en Oekraïnse bevolking in het Generaal-gouvernement?
FRANK: Ja, de vertegenwoordiging van de Poolse en Oekraïnse bevolking was op regionale basis en ik bracht de leiders van de vertegenwoordigers uit de diverse districten samen in de zogenaamde subcommissies. Er was een Poolse en een Oekraïnse subcommissie. Graaf Ronikie was een aantal jaren hoofd van de Poolse subcommissie en professor Kubiowicz stond aan het hoofd van de Oekraïnse subcommissie. Ik legde al mijn departementen de verplichting op contact op te nemen met deze subcommmissies over kwesties van algemene aard en dat deden zij ook. Ikzelf stond voortdurend met beide in contact. Klachten werden daar aan mij gemeld en we voerden open discussies. Mijn klachten en memoranda aan de Führer waren grotendeels gebaseerd op de rapporten van deze subsommisssies.
Een tweede manier waarop de bevolking deelnam aan het bestuur van het Generaal-gouvernement was door middel van de laagste bestuurlijke eenheden die via het Generaal-gouvernement in handen van de bevolking waren. Elke tien of twintig dorpen hadden als hoofd een zogenaamde Wojt. Dit Poolse woord Wojt is het zelfde als het Duitse Vogt (= bestuurder, Vert.). Hij was om zo te zeggen de laagste bestuurlijke eenheid.
Een derde vorm van deelname door de bevolking was de inzet van ongeveer 280.000 Polen en Oekraïners als ambtenaar in de openbare diensten van het Generaal-gouvernement waaronder de posterijen en de spoorwegen.
Dr. SEIDL: Wat was de getalsverhouding tussen Duitse ambtenaren en Poolse en Oekraïnse ambtenaren?
FRANK: De verhouding wisselde. Het aantal Duitse ambtenaren was erg klein. Er waren momenten waarop in het hele Generaal-gouvernement , een gebied van 150.000 km2 – half zo groot als Italië – er niet meer dan 40.000 Duitse ambtenaren waren. Dat betekende dat er op iedere Duitse ambtenaar gemiddeld tenminste zes niet-Duitse ambtenaren en werknemers waren.
Dr. SEIDL: Over welke gebieden voerde u als Gouverneur-generaal het bestuur?
FRANK: Polen, dat door Duitsland en de Sovjet Unie gezamenelijk was veroverd was in eerste instantie opgedeeld tussen Duitsland en de Sovjet Unie. Van de 380.000 km2, ongeveer de grootte van de Poolse staat, ging ongeveer 200.000 km2 naar de Sovjet Unie en ongeveer 170.000 tot 180.000 km2 naar het Duitse Reich. Vraagt u mij alstublieft niet naar de juiste cijfers; dat was ongeveer de verhouding.
Het gedeelte van Polen dat in de Sovjet Unie werd opgenomen werd direct behandeld als een integraal deel van de Sovjet Unie. De grenspalen in het oostelijk deel van het Generaal-gouvernement waren vanaf 1939 de gebruikelijke Rijksgrenspalen met de Sovjet Unie. Het gedeelte dat aan Duitsland was toegewezen werd als volgt verdeeld: 90.000 km2 werden aan het Generaal-gouvernement gelaten en de rest werd ingelijfd bij het Duitse Reich.
De PRESIDENT: Ik meen dat beklaagde er niet van beschuldigd wordt dat zijn burgerlijke bestuur slecht was. De aanklacht luidt dat er misdaden zijn gepleegd en de bijzonderheden van het bestuur tussen het Generaal-gouvernement en het departement in het Reich staan hier niet echt ter discussie.
Dr. SEIDL: De reden, Meneer de President, waarom ik deze vraag stelde was om de moeilijkheden aan te tonen waarmee het bestuur direct vanaf het begin in dit gebied te maken had, want een gebied dat eerst één economische eenheid vormde werd nu in drie delen opgedeeld.
(tot de beklaagde): Ik kom nu toe aan de volgende vraag: Hebt u ooit gijzelaars laten neerschieten?
FRANK: De feiten staan in mijn dagboek. Zelf heb ik nooit gijzelaars laten neerschieten.
Dr. SEIDL: Hebt u ooit deelgenomen aan het uitroeien van Joden?
FRANK: Ik zeg ja en de reden waarom ik ja zeg is omdat nu ik de afgelopen vijf maanden van dit proces heb meegemaakt en in het bijzonder na het aanhoren van de getuigenis van getuige Höss (Zie: Verhoor Höss), laat mijn geweten mij niet toe dat ik de verantwoordelijkheid uitsluitend afschuif op deze lagere mensen. Ik heb nooit een vernietigingskamp voor Joden opgezet of het bestaan van dergelijke kampen gesteund; maar wanneer Adolf Hitler persoonlijk zijn volk met die vreselijke verantwoordelijkheid heeft opgezadeld dan is dat ook mijn verantwoordelijkheid want we hebben jarenlang het Jodendom bestreden; we hebben ons uitgeleefd in de meest vreselijke uitspraken – mijn eigen dagboek is daarvan getuige. Daarom is het niet meer dan mijn plicht om in dit verband uw vraag met ja te beantwoorden. Duizend jaren zullen verstrijken en dan nog zal deze schuld van Duitsland niet zijn uitgewist.
Dr. SEIDL: Beklaagde, wat was uw beleid voor het recruteren van arbeiders voor het Reich toen u Gouverneur-generaal was?
FRANK: Wat zegt u?
Dr. SEIDL: Welk beleid volgde u voor het recruteren van arbeiders voor het Reich in uw hoedanigheid als Gouverneur-generaal?
FRANK: Dat beleid is vastgelegd in mijn decreten. Ik twijfel er niet aan of die worden door de Aanklager tegen mij gebruikt en denk dat ik tijd kan besparen door die vraag later, met toestemming van het Tribunaal te beantwoorden.
Dr. SEIDL: Beklaagde, gaf Hitler u instructies hoe u uw bestuur moest uitoefenen als Gouverneur-generaal?
FRANK: Gedurende de eerste tien minuten tijdens die ontvangst in zijn speciale trein gaf Hitler mij opdracht ervoor te zorgen dat dit gebied, dat grondig verwoest was – alle bruggen waren opgeblazen, de spoorwegen functioneerden niet langer en de bevolking verkeerde in een complete chaos – weer enigszins op orde gebracht moest worden en dat ik ervoor moest zorgen dat dit gebied een bijdrage zou kunnen leveren aan de verbetering van de uitzonderlijk slechte economische situatie en oorlogssituatie van het Duitse Reich.
Dr. SEIDL: Steunde Adolf Hitler u bij uw werk als Gouverneur-generaal?
FRANK: Al mijn klachten, alles wat ik aan hem rapporteerde werd helaas door hem in de prullenbak gegooid. Ik heb niet voor niets 14 keer mijn ontslag ingediend. Ik heb niet voor niets geprobeerd mij als officier bij mijn dappere troepen te voegen. In zijn hart had hij altijd iets tegen advocaten en dat was een van de ernstigste tekortkomingen van deze uitzonderlijke grote man. Hij wilde niet formeel de verantwoording aanvaarden en dat gold helaas ook voor zijn beleid, zoals ik nu heb ontdekt. Iedere advocaat was voor hem een storende factor die hem tegenwerkte. Ik kan daarom alleen maar zeggen dat hij door zijn onvoorwaardelijke steun aan de doelen van Himmler en Bormann, hij permanent iedere poging in gevaar bracht een regeringsvorm te vinden die de Duitse naam waardig was.
Dr. SEIDL: Welke departementen in het Reich gaven u instructie betreffende het bestuur over het Generaal-gouvernement?
FRANK: Om de behandeling te versnellen zou ik willen voorstellen dat getuige Buhler de hele lijst opnoemt.
Dr. SEIDL: Hebt u ooit kunstvoorwerpen gestolen?
FRANK: Een beschuldiging die mij zeer in mijn privéleven raakt is dat ik mij verrijkt zou hebben met de kunstschatten van het land dat aan mij werd toevertrouwd. Ik heb geen schilderijen verzameld en ik heb tijdens de oorlog geen tijd gevonden mij kunstschatten toe te eigenen. Ik heb ervoor gezorgd dat alle kunstschatten in het land dat aan mij was toevertrouwd officieel werden geregistreerd en heb dat officiële register laten opnemen in een document dat wijd verspreid werd en bovendien heb ik erop toegezien dat al die kunstschatten tot aan het einde in het land bleven. Ondanks dat werden er kunstschatten uit het Generaal-gouvernement weggehaald. Een deel werd weggehaald voordat mijn bestuur gevestigd was. De ervaring leert dat men pas kan spreken van verantwoordelijkheid voor een bestuur enige tijd nadat het in werking is getreden, namelijk wanneer dat bestuur vanaf de grond is opgebouwd. Ik ben er dus zeker van dat vanaf het uitbreken van de oorlog op 1 september 1939 tot aan dat moment, ongeveer eind 1939 in zeer grote mate kunstschatten werden gestolen hetzij als oorlogsbuit, hetzij onder een ander voorwendsel. Tijdens het registreren van die kunstschatten gaf Adolf Hitler bevel dat het Veit Stoss altaar uit de St. Mariakerk in Krakau weggehaald moest worden en naar het Reich overgebracht. Tot dat doel kwam in september 1939 Majoor Liebel met een groep SS’ers uit Neurenberg naar Krakau en haalde het altaar weg. Een derde voorbeeld was het weghalen uit Lvov van de etsen van Dürer door een speciale afgezant voordat mijn bestuur daar was gevestigd. In 1944, kort voor de ineenstorting werden er kunstschatten voor opslag naar het Reich overgebracht. In kasteel Seichau in Silezië bevond zich een verzameling kunstschatten die daar voor dit doel door professor Kneisl was heengebracht. Een laatste groep kunstschatten werd door mij persoonlijk aan de Amerikanen overgedragen.
Dr. SEIDL: Beklaagde, hebt u getto’s in het Generaal-gouvernement ingesteld, woonwijken voor Joden?
FRANK: Ik heb instructie gegeven voor het opzetten van Joodse wijken. Ik herinner me de datum niet. Wat betreft de redenen ervoor en de noodzaak, daarvoor zal ik de vragen van de Aanklager moeten beantwoorden.
Dr. SEIDL: Hebt u herkenningstekens voor de Joden ingevoerd?
FRANK: Ja.
Dr. SEIDL: Hebt u zelf dwangarbeid ingevoerd in het Generaal-gouvernement?
FRANK: Dwangarbeid en Arbeitsdienst werden door mij in een van mijn eerste decreten ingevoerd; maar het blijkt uit alle decreten en de bewoording duidelijk dat ik alleen een arbeidsdienst binnen het land in gedachten had voor het herstellen van de schade die door de oorlog was veroorzaakt en om werk te verrichten dat voor het land zelf noodzakelijk was, net zoals natuurlijk door de Arbeitsdienst in het Reich werd gedaan.
Dr. SEIDL: Hebt u, zoals door de Aanklager is beweerd, in het Generaal-gouvernement bibliotheken leeggeplunderd?
FRANK: Ik kan die vraag met een duidelijk nee beantwoorden. De grootste en meest waardevolle bibliotheek die we aantroffen, de Jagellon universiteitsbibliotheek in Krakau, die God zij dank niet werd verwoest, werd op mijn persoonlijk bevel naar een nieuw gebouw overgebracht en de hele collectie, inclusief de oudste documenten werden met uiterste zorg behandeld.
Dr. SEIDL: Beklaagde, hebt u als Gouverneur-generaal de universiteiten in het Generaal-gouvernement gesloten?
FRANK: De universiteiten in het Generaal-gouvernement waren van vanwege de oorlog gesloten toen wij aankwamen. Heropenen van de universiteiten werd op grond van een bevel van Adolf Hitler verboden. Ik voorzag in de behoeften van de Poolse en Oekraïnse bevolking door cursussen – die in feite op universitair niveau lagen - voor Poolse en Oekraïnse studenten in te voeren op een manier waarop de Rijksautoriteiten er geen bezwaar tegen konden maken. Het feit dat er dringend behoefte bestond aan universitair opgeleide eigen mensen, in het bijzonder doktoren, technici, juristen, leraren en dergelijke, vormde de beste garantie dat Polen en Oekraïners universitair onderwijs konden blijven volgen voor zover de oorlogsomstandigheden dat toelieten.
De PRESIDENT: Ik schors de zitting voor tien minuten.

Definitielijst

dictatuur
Staatsvorm waarbij de macht in een land in de handen is van één persoon, de dictator. Oorspronkelijk een Romeinse staatsvorm voor tijden van nood, waarbij de totale macht 6 maanden in de handen lag van één persoon om de crisis het hoofd te bieden.
Führer
Duits woord voor leider. Hitler was gedurende zijn machtsperiode de führer van nazi-Duitsland.
Gauleiter
Leider en vertegenwoordiger van de NSDAP in een Gau.
getto
Grotendeels van de buitenwereld afgescheiden stadswijk voor Joden. Het aanstellen van getto's had als doel om Joden uit het dagelijkse leven te weren. Vanuit getto's konden Joden bovendien gemakkelijker gedeporteerd worden naar de concentratie- en vernietigingskampen. Ook bekend als 'Judenviertel' ofwel 'Joodse wijk'.
regiment
Onderdeel van een divisie. Een divisie bestaat uit een aantal regimenten. Bij de landmacht van oudsher de benaming van de grootste organieke eenheid van één wapensoort.
SIPO
Sicherheitspolizei. Samenvoegingsverband (sinds 1936) van de Gestapo en Kriminalpolizei
vernietigingskamp
Kamp waar tijdens de Tweede Wereldoorlog grote groepen mensen (voornamelijk Joden en zigeuners) door de SS werden geliquideerd door middel van vergassing. Auschwitz, Treblinka en Majdanek zijn drie voorbeelden van vernietigingskampen.

Pagina navigatie

Informatie

Vertaald door:
Arnold Palthe
Geplaatst op:
14-06-2009
Laatst gewijzigd:
18-04-2010
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

Categorieën


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2017
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.