Tolk in oorlogstijd

Titel: Tolk in oorlogstijd - van Moskou naar Berlijn
Schrijver: Jelena Rzjevskaja
Uitgever: Mouria
Uitgebracht: oktober 2009
Pagina's: 384
ISBN: 9789045801018
Omschrijving:

Twee dagen nadat Adolf Hitler op 30 april 1945 zelfmoord pleegde in zijn ondergrondse bunker in Berlijn drongen stormtroepen van het Rode Leger de Rijkskanselarij binnen. Het laatste Duitse verzet werd er uitgeschakeld en vervolgens betraden ze het enorme ondergrondse complex, waar Hitler zich gedurende de laatste fase had teruggetrokken en uiteindelijk een eind aan zijn leven had gemaakt. De Russin Jelena Rzjevskaja was erbij als tolk van een speciale eenheid die belast werd met het verzamelen van documenten en getuigen die meer konden vertellen over het lot van de Führer, want op dat moment was er nog twijfel en gingen er wilde geruchten dat hij gevlucht was. Gauw genoeg werd zijn zelfmoord echter bevestigd door Duitsers die aanwezig waren geweest bij die noodlottige laatste uren in de bunker. Toen bekend werd dat het lichaam van de dictator in de tuin van de Rijkskanselarij verbrand was, werden zijn stoffelijke resten en die van zijn vrouw, Eva Braun, geborgen en naar een veilige locatie overgebracht voor nader onderzoek. Zijn kaak werd in een bordeauxrood satijnen doosje toevertrouwd aan Rzjevskaja, die moest zoeken naar de tandarts die het gebit kon identificeren als dat van Hitler. Het was deze belangrijke missie waardoor de jonge letterenstudente van een onbekende pion veranderde in iemand die een bescheiden stempel drukte op de geschiedschrijving.

In “Tolk in oorlogstijd” beschrijft Rzjevskaja hoe zij na een korte opleiding als tolk met de rang van luitenant werd opgenomen in het Rode Leger. Ze werd als tolk ingezet bij het verhoren van Duitse krijgsgevangenen en vertaalde in beslag genomen Duitse documenten. Ze citeert uitbundig uit het papierwerk dat ze tijdens de oorlog vertaalde. Het meest bekende werk dat door haar vertaald werd, is het dagboek van Joseph Goebbels, dat aangetroffen werd in de ondergrondse bunker in Berlijn, waar de propagandaminister en zijn vrouw zelfmoord pleegden, nadat ze eerst hun kinderen om het leven hadden gebracht. Voordat Rzjevskaja in het verwoeste Berlijn op zoek ging naar bewijzen van het overlijden van Hitler, maakte ze in 1941 de slag om Moskou mee en in 1942 en 1943 de dertien maanden durende verdediging van de stad Rzjev. Het meest uitgebreid gaat ze echter in op de vier maanden die ze in Berlijn verbleef. Aan de hand van de documenten en getuigenverklaringen die mede door haar gevonden en afgenomen werden, schetst ze een uitvoerig beeld van de laatste dagen van Hitler en van zijn zelfmoord. Tevens beschrijft ze hoe er van hogerhand tot strikte geheimhouding werd aangedrongen, omdat Stalin zijn bondgenoten ongewis wilde laten van de dood van Hitler.

Wat een veelbelovend en uniek ooggetuigenverslag lijkt, valt enigszins tegen. De schrijfster lijkt haar literaire ambities voorop te hebben gesteld boven haar rol als ooggetuige. Haar boek is geen chronologische beschrijving van objectieve feiten en concrete ervaringen, maar veel meer een verzameling van allerlei niet altijd samenhangende indrukken waarin verschillende tijdsperioden door elkaar heen lopen. Persoonlijke informatie over haar voor- en naoorlogse leven ontbreekt. Teveel gericht op het schrijven van mooie zinnen, is het resultaat een niet altijd even prettig leesbaar en makkelijk te begrijpen geheel. Haar uitgebreide analyse van Hitlers zelfmoord is goed gedocumenteerd en wel duidelijk beschreven, maar bevat niet veel andere feiten ten opzichte van boeken die eerder verschenen over hetzelfde onderwerp, zoals “De Ondergang” van Joachim Fest. Interessant is wel haar beschrijving van haar persoonlijke rol bij de identificatie van de kaak van Hitler, waarbij ze uiteindelijk geholpen werd door de tandartsassistente Käthe Häusermann, die aan de hand van gebitsfoto’s kon bevestigen dat het werkelijk de kaak van de Führer betrof. Kort voor het verschijnen van dit boek werd in de media bekend gemaakt dat na DNA-onderzoek gebleken was dat een schedelfragment met kogelgat, dat tot dusver ook werd beschouwd als van Hitler en zich in een Russisch archief bevond, toch niet van hem, maar van een jonge vrouw was geweest. Dat geeft weliswaar ook enige twijfel over de oorsprong van de kaakresten, alhoewel dit DNA-onderzoek niet tegenstrijdig is aan wat Rzjevskaja schrijft. Volgens haar is namelijk de veronderstelling van historici dat Hitler zelfmoord gepleegd zou hebben door middel van een pistoolschot nooit afdoende bevestigd.

Ook al had het verhaal van Rzjevskaja duidelijker kunnen zijn wanneer ze zich had gehouden aan een meer gebruikelijke opzet van een ooggetuigenverslag (dus met een chronologische en nuchtere opzet) en ze bepaalde historische achtergronden beter had kunnen duiden (niet elke lezer zal bekend zijn met de strijd om Rzjev), oninteressant en onbelangrijk is het niet. Het hierboven genoemde DNA-onderzoek veroorzaakte in de media opnieuw allerlei speculaties over het lot van Hitler, alsof hij de oorlog overleefd had, terwijl nu ook uit het boek van Rzjevskaja blijkt dat er een enorme hoeveelheid is aan bronnen waaruit het tegendeel overduidelijk blijkt. Misschien overtuigt haar relaas als directe betrokkene de lezer meer dan studies van historici of vormt het een overtuigende bevestiging van de conclusies die door historici al getrokken zijn. Voor diegenen die zich dieper interesseren in de kwestie rond de zelfmoord van Hitler en het lot van zijn stoffelijke resten bevat het boek van Rzjevskaja nuttige achtergrondinformatie over de belangrijkste bronnen die mede dankzij haar boven tafel gekomen zijn. Ter illustratie zijn enkele unieke foto’s opgenomen. Verder bevat het boek interessante fragmenten uit verschillende egodocumenten, zoals het dagboek van de Duitse luitenant Kurt Grumann die bijvoorbeeld schrijft over de ontberingen aan het Oostfront en de oorlogsmisdaden zoals die gepleegd werden door de Wehrmacht (meermaals schrijft hij over dorpen die in de brand gestoken worden). Dit alles maakt haar boek, dat qua leesbaarheid enigszins tegenvalt, als tijdsdocument voor de geïnteresseerden toch zeker wel de moeite waard.

Beoordeling: Goed

Definitielijst

Führer
Duits woord voor leider. Hitler was gedurende zijn machtsperiode de führer van nazi-Duitsland.
oorlogsmisdaden
Misdaden die in oorlogstijd worden begaan. Vaak betreft het hier misdaden van militairen ten opzichte van burgers.
Rode Leger
Leger van de Sovjetunie.

Afbeeldingen


Bestel nu bij bol.com

Informatie

Artikel door:
Kevin Prenger
Geplaatst op:
22-11-2009
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

Categorieën


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2017
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.