Hitlerjugend

12. SS-Panzer-Division

Het jaar 1943 markeerde voor de Duitsers vrijwel definitief een keerpunt in de oorlog. Hoewel de Sovjet-Unie al sinds het begin van de Duitse inval in Rusland een veel stuggere vijand was gebleken dan vooraf werd aangenomen, moesten de Duitsers nu echte verliezen erkennen. Op 2 februari hadden de Duitsers de Slag om Stalingrad definitief verloren. Enkele maanden later moesten ze hun veroveringen in Noord-Afrika prijsgeven. In juli faalden ze in hun tegenaanval tijdens de Slag om Koersk. De geallieerden trokken Italië binnen en bereidden ondertussen een nog grootschaliger invasie via de westkust van Europa voor. Het leger zag zich geconfronteerd met een almaar groeiend tekort aan soldaten. Om de Duitse gelederen weer te voorzien van manschappen werd er een beroep gedaan op de Hitlerjugend. Daarmee werd concreet gestalte gegeven aan suggesties binnen de NSDAP, die al gedurende lange tijd de ronde deden, om de Hitlerjugend actief deel te laten nemen aan de oorlogsinspanning.

Het resultaat was de formatie van de 12. SS-Panzer-Division “Hitlerjugend”. Er werd fanatiek gerekruteerd onder de jongens. Hoewel het doel was een divisie te vormen van 17-jarige jongens, werden jongens van 16 jaar en jonger niet buitengesloten. Gedurende de zomermaanden van 1943 arriveerden de rekruten in een trainingskamp in Beverloo (België). Om de divisie te voorzien van ervaren soldaten en officieren werden er veteranen uit de Waffen-SS die aan het Russische front hadden gediend, naar de pasgeformeerde divisie overgeplaatst. Onder de veteranen bevonden zich tevens soldaten van de 1. SS-Panzerdivision “Leibstandarte SS Adolf Hitler”. Voormalige leiders van de Hitlerjugend, die inmiddels officier waren in de Wehrmacht, werden tevens aan de divisie toegevoegd. De onderofficieren bestonden vrijwel alleen maar uit Hitlerjugend die tijdens paramilitaire trainingen bekwaamheid in leiderschap hadden getoond. De divisie zou geleid worden door de 34-jarige SS-Oberführer Fritz Witt, die vroeger zelf ook in de gelederen van de Hitlerjugend actief was geweest.

Tegen 1 september 1943 hadden ruim 16.000 jongens de zesweekse basistraining voltooid. Daarvan waren de meeste jongens die de training doorlopen hadden zo jong dat ze in plaats van sigaretten en alcohol snoep in hun rantsoen kregen. Aangezien SS-Oberführer Fritz Witt zich realiseerde dat zijn divisie zo snel mogelijk gevechtsklaar zou moeten zijn, negeerde hij vele militaire regels en conventies. Hij liet gevechtsoefeningen zo realistisch mogelijk ensceneren en liet zijn 'mannen' tijdens de oefeningen met scherp schieten. Er ontstond een verstandhouding tussen manschappen en officieren die gebaseerd was op wederzijds vertrouwen en respect, in plaats van de conventionele gedragsregels en straffe militaire discipline. In maart 1944 werd de divisie klaar geacht om ingezet te worden en werd verplaatst naar Caen in Normandië. Gedurende het daaropvolgende voorjaar bleef de divisie fanatiek trainen en maakte het zich bekend met het gebied.

Op 6 juni 1944 vond de invasie van West-Europa door de geallieerden plaats in Normandië. De Hitlerjugend-divisie bevond zich samen met de 21. Panzer-Division op korte afstand van de stranden waar de geallieerden zojuist geland waren. Nadat ze eenmaal door Hitler geautoriseerd waren om zich naar de stranden te begeven, kwamen ze voor het eerst in aanraking met geallieerde bommenwerpers. Die wisten met hun luchtaanvallen veel materiële schade aan te richten, waardoor de opmars van de divisie richting Caen forse vertraging opliep. Aan het einde van de dag bereikten de eerste eenheden van de divisie de verzamelplek nabij Evrecy.

De volgende dag wist de divisie de oprukkende Canadese infanterie van zich af te slaan. De Canadezen probeerden daarop de openliggende rechterflank van de divisie met tanks te doorbreken, maar slaagden daar niet in. De Hitlerjugend-divise verweerde zich kranig en slaagde er zelfs in om ongeveer 150 krijgsgevangenen te maken. Op 8 juni werd de divisie opgedragen om de door de Canadese ingenomen omringende dorpen te heroveren. Hoewel de Hitlerjugend-divisie fanatiek aanviel en de Canadezen wel degelijk schade wist te berokkenen, slaagde ze er niet in om hun tegenstanders te verdrijven. Volgens de Canadezen was het falen van de jonge Duitsers niet te wijten aan gebrek aan moed of toewijding, maar aan het feit dat de aanvallen ongecoördineerd werden uitgevoerd en dat ze geen gebruik wisten te maken van gunstige aanvalsmogelijkheden. Het gevolg was dat de Duitsers er niet in slaagden de geallieerden, zoals bevolen, “terug de zee in te beuken”. De gevechten versplinterden in lokale aanvallen en de Hitlerjugend-divisie werd gedwongen geleidelijk aan terug te trekken richten Caen.

Op 16 juni sneuvelde divisiecommandant Fritz Witt als gevolg van artilleriebombardementen van de Royal Navy. De 33-jarige SS-Standartenführer Kurt Meyer nam daarop direct daarop het bevel over. De Hitlerjugend-divisie hield zich ondanks zware artilleriebombardementen van de Canadezen en felle strijd staande. Kurt Meyer schreef na het aanschouwen van een compagnie, die zeer moeizaam hun verdediging overeind hield, dat hij “grote waardering had voor de moed van de jonge soldaten die pas kort daarvoor hun vuurdoop hadden ondergaan“. Wel was hij zich bewust van de wankelende staat waarin zijn eenheden verkeerden. Na het bezoeken van een bijna gedecimeerde verdedigingsstelling aan de rand van Caen schreef hij:

“Deze volkomen afgepeigerde soldaten waren in een diepe slaap verzonken. Mannen kropen in de bunker en lieten zich vallen waar een plekje vrij was. De soldaten van de 12. SS Panzer-Division waren aan het eind van hun uithoudingsvermogen. Ze hadden vier weken zonder aflossing aan het front gevochten en hadden zware klappen gekregen. Ze marcheerden naar de strijd met frisse, gloeiende wangetjes. Nu wierpen de modderige helmen hun schaduwen op ingevallen gezichten met ogen die al te vaak over de rand gekeken hadden”.

Op 11 juli werd, na nog enkele sporadische gevechten in Caen, de Hitlerjugend-divisie vervangen door de 1. SS-Panzer-Division. De divisie telde 595 gesneuvelden. Het artillerieregiment en een bataljon pantsergrenadiers zou in het veld blijven om de 1. SS PAnzer-Division te assisteren. De overige eenheden kregen een korte verlofperiode. Op 19 juli waren ze echter alweer actief aan het front om te vechten tegen de Britten en Canadezen tijdens operatie Goodwood. De maand juli werd afgesloten met het afslaan van het Britse 2nd Army tijdens operatie Bluecoat.

Op 8 augustus zetten de Canadezen wederom een nieuwe aanval in tegen de divisie. Ze wisten de Duitsers fors te verzwakken door de meeste tanks uit te schakelen. De verzwakking van de Duitse verdediging die hierdoor teweeg werd gebracht, werd door de Canadezen uitgebuit door de Duitsers steeds verder terug te laten trekken. De eenheid had zoveel verliezen geleden dat het feitelijk niet meer als divisie kon opereren. Meyer was genoodzaakt om zijn divisie, die nog slechts beschikking had over 10 tanks en geen artillerie, de rivier Dives over te steken om verder landinwaarts terug te trekken. Daar werd de divisie gereorganiseerd. De strijd in Normandië had zijn tol geëist: 55 officieren, 229 onderofficieren en 1548 manschappen waren gesneuveld. Inclusief de 241 officieren, 1024 onderofficieren en 7244 manschappen liep het slachtoffertal op tot 8569 van de oorspronkelijke 20540. De eenheden die nog in staat waren strijd te leveren werden toegevoegd aan een Kampfgruppe die deel uit zou maken van de 2. SS-Panzerdivision “Das Reich”.

De Hitlerjugend-divisie kreeg een korte rustperiode toegewezen. De verliezen van manschappen en materieel werden nauwelijks aangevuld tijdens deze periode. Even later waren ze actief aan het front tijdens het terugtrekken over de Frans-Belgische grens. Op 6 september werd bevelhebber Kurt Meyer gevangen genomen door het Belgische verzet en omdat de divisie niet in staat was een reddingsactie uit te voeren, werd SS-Sturmbannführer Hubert Meyer als nieuwe commandant aangesteld. De divisie werd in november naar Nienburg in Duitsland gestuurd om daar uit te rusten. Hier werd Meyer op 24 oktober als commandant vervangen door SS-Sturmbannführer Fritz Krämer, die vervolgens op 13 november weer werd vervangen door SS-Brigadeführer Hugo Kraas. Tevens werden de gaten in de gelederen eindelijk opgevuld door personeel van de Luftwaffe en Kriegsmarine, maar de divisie zou nooit meer dezelfde slagkracht verkrijgen als voorheen. De divisie werd toegevoegd aan Sepp Dietrichs 6. Panzer-Armee om vervolgens deel te nemen aan de strijd tijdens het Ardennenoffensief.

Op 16 december trok de divisie naar de Ardennen. Daar wist het na enig verkeersoponthoud de richel bij Elsenborg te bereiken, maar slaagde er niet in de Amerikaanse verdedigers, die daar gelegerd waren, te verslaan. Na enkele mislukte pogingen om de Amerikaanse verdedigingsstellingen in te nemen, boog de divisie tegen oudejaarsdag af naar Bastogne. Het stadje werd het strijdtoneel van een aantal intensieve gevechten, waar de Duitsers er niet in slaagden door de Amerikaanse linie te breken. De Hitlerjugend-divisie bevond zich op 3,5 kilometer afstand van Bastogne; te ver om met artillerie te bereiken. Om dat mogelijk te maken kreeg de divisie bevel om Heuvel 510 in te nemen. Ondanks protesten vanuit de divisieleiding dat de eenheid niet meer de kracht had om de heuvel in bezit te nemen na alle verliezen, werd het bevel niet ingetrokken. Op 8 januari slaagde de divisie erin om met veel moeite de heuvel te veroveren. Vanwege de gebrekkige mankracht binnen de eenheid konden ze niet lang genieten van het succes, omdat de heuvel twee dagen later werd heroverd door de Amerikanen. Voor de Duitsers liep het Ardennenoffensief uiteindelijk uit op een gefaalde onderneming, omdat ze er niet in waren geslaagd door de Ardennen heen te stoten en de geallieerden terug te dringen.

Op 14 januari 1945 werd de 6. Panzer-armee onder bevel van Sepp Dietrich naar het oosten van Hongarije bevolen om daar de door het Rode Leger bezette olievelden te heroveren en zodoende tevens de weg vrij te banen naar Boedapest, waar 45.000 man van het IX.Waffen-Gebirgs-Korps der SS omsingeld was. Hoewel de Sovjets verbaasd waren dat de Duitsers nog een offensief konden ondernemen, kwam de Wehrmacht niet verder dan een uitbraakpoging op 11 februari. Het kleine succes dat geboekt werd versterkte het moraal onder de Duitse troepen en er werd een nieuwe aanval op het 20 kilometer diepe Sovjet bruggenhoofd bij Gran, ten noorden van de Donau, en vier andere bruggenhoofden gepland. De inmiddels gearriveerde Hitlerjugend-divise en de Leibstandarte Adolf Hitler wisten op 17 februari de Sovjets te verslaan.

De divisie hield de weken daarop ondanks zware verliezen stand. Hoewel er geen cijfers over het aantal slachtoffers bekend zijn, is wel zeker dat de divisie begin maart werd versterkt met 23 officieren, 60 onderofficieren en 1040 manschappen. De divisie werd daarna bevolen deel te nemen aan operatie Frühlingserwachen. Het doel van dit offensief was om de eerder geboekte successen van de Wehrmacht in Hongarije te consolideren. Daar had de Wehrmacht strijd geleverd om de kostbare olievelden te behouden. Hoewel de operatie in groot geheim werd voorbereid, waren de Sovjets nu veel beter op de hoogte van de slagkracht en de ontwikkelingen binnen het Duitse leger. Het Duitse plan was erg ambitieus aangezien het met beperkte middelen over een breed front strijd moest leveren. De Hitlerjugend-divise zou deel uitmaken van de troepen die naar het Siókanaal (ongeveer zestig kilometer ten noordwesten van Budapest) moesten oprukken om er bruggenhoofden te vestigen.

Op 6 maart begon het Duitse offensief. In de sneeuw en in een temperatuur rond het vriespunt behaalden de Duitsers kleine successen, maar deze waren zeer minimaal. De stalinorgels en mortieren van het Rode Leger zorgden voor vele verliezen in de Duitse gelederen. Op 11 maart wist de Hitlerjugend-divisie wel een bruggenhoofd te vestigen bij het Siókanaal, maar dit succes werd op 15 maart door het Rode Leger teniet gedaan. Op 18 maart verpletterden de Sovjets de Duitsers, die hun nederlaag moesten accepteren door het helse artillerievuur waarmee ze bestookt werden. De Hitlerjugend had zijn laatste offensief gevoerd.

Hoewel de divisie inmiddels al naam had verworven door het fanatieke enthousiasme waarmee de jonge soldaten strijd leverden, verwierven ze pas na de oorlog echt bekendheid doordat de door hen gepleegde oorlogsmisdaden in de rechtszaken aan het licht kwamen. Op 7 en 8 juni 1944 waren 140 Canadezen en 2 Britten geëxecuteerd door de divisie. SS-Oberführer Kurt Meyer werd als bevelhebber van de divisie verantwoordelijk geacht voor deze misdaden. Aanvankelijk werd hem de doodstraf opgelegd, hoewel dit later werd omgezet in levenslange gevangenschap. Tijdens zijn gevangenschap correspondeerde hij met een aantal Canadese en Britse officieren die in Normandië tegen hem hadden gestreden. Op 7 september 1954 werd hij vroegtijdig vrijgelaten, nadat zijn correspondentievrienden voor zijn vrijlating hadden gepleit.

Definitielijst

Armee
Bestond uit meestal tussen de drie en zes Korps en andere ondergeschikte of onafhankelijke eenheden. Een Armee was ondergeschikt aan een Heeresgruppe of Armeegruppe en had in theorie 60.000 - 100.000 man.
artillerie
Verzamelnaam voor krijgswerktuigen waarmee men projectielen afschiet. De moderne term artillerie duidt in het algemeen geschut aan, waarvan de schootsafstanden en kalibers boven bepaalde grenzen vallen. Met artillerie duidt men ook een legeronderdeel aan dat zich voornamelijk van geschut bedient.
bruggenhoofd
Een aan de andere kant van een (natuurlijk)opstakel veroverd stuk land waaruit de aanvaller zijn aanval verder kan voorzetten.
divisie
Bestond meestal uit tussen de een en vier Regimenten en maakte meestal deel uit van een Korps. In theorie bestond een Divisie uit 10.000 - 20.000 man.
geallieerden
Verzamelnaam voor de landen / strijdkrachten die vochten tegen Nazi-Duitsland, Italië en Japan gedurende WO 2.
infanterie
Het voetvolk van een leger (infanterist).
invasie
Gewapende inval.
Kampfgruppe
Tijdelijke militaire formatie in het Duitse leger, samengesteld uit verschillende specialismen (pantsereenheden, artillerie, infanterie, anti-tankwapens en soms ook genie) met een speciale opdracht binnen het slagveld. De Kampfgruppen werden meestal genoemd naar de commandant van het verband.
Kriegsmarine
Duitse marine, naast de Heer en de Luftwaffe onderdeel van de Duitse Wehrmacht.
Luftwaffe
Duitse luchtmacht.
offensief
Aanval in kleinere of grote schaal.
oorlogsmisdaden
Misdaden die in oorlogstijd worden begaan. Vaak betreft het hier misdaden van militairen ten opzichte van burgers.
operatie Bluecoat
Britse aanval van 30 juli tot 1 augustus 1944 met als doel het bezetten van de berg Pincon en de omliggende hoge grond ten zuiden van Caumont en Villers-Bocage in Normandië (Frankrijk).
operatie Goodwood
Brits offensief op 18 en 19 juli 1944 met als doel het doorbreken van de Duitse posities rond Caen in Normandië (Frankrijk). Gelijktijdig met deze operatie, rukten de Canadezen (aan de rechterflank) op met operatie Atlantic. Dit was een gecombineerde operatie.
Rode Leger
Leger van de Sovjetunie.
Sovjet-Unie
Sovjet Rusland, andere naam voor de USSR.

Pagina navigatie

Afbeeldingen


Het embleem van de 12. SS Panzer Divion "Hitlerjugend".
(Bron: Jecowa / Wikipedia)


Een grenadier van de Hitlerjugend-divisie tijdens de slag om Normandië.
(Bron: Bundesarchiv)


SS-Sturmbannführer Fritz Witt in gesprek met Max Wünsche in Caen, tijdens de slag om Normandië.
(Bron: Bundesarchiv)


Een tijdens de slag om Caen krijgsgevangen genomen Panzergrenadier uit de Hitlerjugend-divisie.
(Bron: Bundesarchiv)

Informatie

Artikel door:
Bob Erinkveld
Geplaatst op:
03-02-2010
Laatst gewijzigd:
22-08-2017
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

Categorieën


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2018
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.