Operatie Charnwood

De eerste dag, 8 juli 1944

Het artilleriebombardement
Nog voor de zware bommenwerpers hun aanval uitvoerden op de avond van de 7de, beschoten de schepen voor de kust al de bekende Duitse strongpoints in en rond Caen. Om 21:50 uur, terwijl de bommenwerpers overvlogen, beschoten de artillerie-eenheden de Duitse luchtafweerstellingen. Na het bombardement vlogen de lichte bommenwerpers van No. 2 Group RAF over om verdere doelen en troepenverplaatsingen aan te vallen. Rond 23:00 uur begonnen de artillerie-eenheden van het I en VIII Corps en de schepen voor de kust aan een intensief bombardement op Caen en de daarvoor gelegen versterkte dorpen. Dit ging door tot het begin van de operatie op 8 juli rond 04:20 uur; op dat moment schakelden alle artillerie-eenheden over op de doelen direct in de frontlinie. Vlak na 07:00 uur keerden de bommenwerpers weer terug, dit keer waren het 250 medium bommenwerpers van de US Ninth Air Force. Zij vielen tijdens de komende twee uur alle mogelijke vijandelijke posities aan, waaronder hoofdkwartieren, bruggen en artillerieposities. Daarnaast werden de Typhoons van de RAF Second Tactical Air Force ingezet om de gebieden achter de frontlinies onder vuur te nemen.

De Iron Sides op de flank
Direct na het overweldigende artilleriebombardement rond half vijf in de vroege ochtend van 8 juli viel de 3rd Infantry Division met één brigade, de 185th, Hérouville en Lebisey, aan. De opmars ging snel en binnen het uur was de brigade in de genoemde dorpen. Om 08:35 uur waren de bossen van Lebisey schoongeveegd van vijandelijk eenheden. De opmars van de 59th Infantry Division op de rechterflank van de 3rd Infantry verliep zo stroef dat Crocker besloot om de tanks van de 3rd Infantry Division op te laten rukken naar het hogergelegen terrein rond Point 64. Later in de ochtend werd hiervoor ook de 33rd Armoured Brigade uit de korpsreserve overgedragen aan deze divisie. Dit gebeurde echter pas na uitdrukkelijke toestemming van Dempsey.

Aan het eind van de dag was het gebied rond Lebisey geheel in Britse handen en de verdere tegenstand was verwaarloosbaar. Enkel wat artillerieschoten van de andere kant van de Orne en een korte gepantserde tegenaanval tegen Hérouville. In de avond werd, met ondersteuning van de 33rd Armoured Brigade, Point 64 genomen en had de 3rd Infantry Division eindelijk het uitzicht op Caen wat ze op D-Day al gehad moeten hebben.

De Staffordshire's vuurdoop in Normandië
De 59th (Staffordshire) Infantry Division landde op 25 juni op Juno Beach en werd voor het eerst ingezet tijdens operatie Charnwood. De divisie kwam onder het bevel van het I Corps te staan en werd in de frontlijn voor Caen tussen de Britse en de Canadese 3rd Infantry Divisions geplaatst. De divisie startte die ochtend om 04:20 uur en viel vanuit Cambes de dorpen Galmanche en La Bijude aan. Het 2nd/6th Battalion, The South Staffordshire Regiment, tijdelijk onder bevel van de 197th Infantry Brigade, viel hierbij Galmanche op de rechterflank aan. Op de linkerflank werd het 6th Battalion, The North Staffordshire Regiment, van de 176th Infantry Brigade, tegen La Bijude ingezet.

De opmars van de 2/6 South Staffords naar Galmanche verliep erg stroef, ook al waren de eerste eenheden al binnen een uur aan de rand van het dorp. Tanks van het 1st Regiment, East Riding of Yorkshire Yeomanry, van de 27 Armoured Brigade (1 ERY), ondersteunden de aanval, maar werden voornamelijk ingezet als artillerie, door ze te laten vuren van vaste posities. Toen om 07:30 uur Crocker de tweede fase liet beginnen, had de 2/6 South Staffords Galmanche nog steeds niet veroverd. Om 09:30 uur was het 1st/7th Battalion, The Royal Warwickshire Regiment, om Galmanche heen getrokken en zette het de aanval in op het volgende dorp, St. Contest. De slechte communicatie tussen de infanterie en de tanks komt duidelijk naar voren doordat de tanks van de 1 ERY wilden oprukken naar Galmanche ter ondersteuning van de Warwicks, maar tot de ontdekking kwamen dat Galmanche nog niet in zijn geheel veroverd was. St. Contest werd uiteindelijk om 15:50 uur door de Warwicks veroverd, maar Galmanche bleef een probleem. Een company van het 5th Battalion, The South Staffordshire Regiment (van de 177th Infantry Brigade), werd naar Galmanche gestuurd om haar zustereenheid te helpen. Later op de dag werd het 2nd/6th Battalion naar Anisy teruggetrokken en vervangen door het 5th Battalion. Tegen de avond was Galmanche in Britse handen, al werd het Château de Galmanche nog door Duitse troepen bezet. Een laatste aanval door een versterkte company van de 5 South Staffords voor het donker werd kon de Duitsers niet uit het Château verdrijven. In de nacht van 7 op 8 juli trokken de ongeveer 40 Duitse soldaten van de 7. Kompanie, II. SS Bataillon zich door de Britse linies terug.

De Canadezen vallen aan
Om 06:30 uur beval generaal Crocker de tweede fase van de operatie. Deze fase diende een uur later te beginnen. Om 07:30 uur viel de 3rd Infantry Division aan. Op de rechterflank van de 59th Infantry Division was de aanval gericht tegen de dorpen Gruchy en Buron. Buron werd aangevallen door de Highland Light Infantry of Canada (HLI) en Gruchy door de Stormont, Dundas and Glengarry Highlanders (SDG). Beide eenheden vielen onder het bevel van de 9th Brigade van Brigadier Ben Cunningham. Het laatste regiment van de brigade was de North Nova Scotia Highlanders (NNSH). Zij zouden in de tweede fase oprukken naar Authie en Franqueville.

Om 09:45 uur werd door B Company van de SDG aangegeven dat Gruchy veroverd was. Dit lukte echter pas na een 'charge' van ongeveer 15 Brenguncarriers van het 7th Reconnaissance Regiment, 17th Duke of York's Royal Canadian Hussars. Een Kompanie van het 25. SS-Panzergrenadier-Regiment werd hierbij volledig vernietigd. Om 09:55 uur beval generaal Keller de 9th Brigade om de aanval voort te zetten op het Château de St. Louet en Authie. De SDG rukte pas om 14:30 uur op naar het Château, waarschijnlijk door het hevige verzet dat nog werd geboden in en rond Buron. De NNSH trok rond 15:30 Authie binnen, maar kwam direct onder zwaar artillerievuur te liggen. Ook Château de St. Louet werd rond die tijd veroverd. De bijbehorende tanks trokken door naar Franqueville maar kwamen aldaar onder vuur te liggen van de Bogensberger Zug, 3. Panzerkompanie en verloor enkele Shermans.

Het III Bataillon van het 25. SS-Panzergrenadier-Regiment hield ondertussen nog met moeite stand in Buron. De Canadezen waren hier om 08:30 uur al aan de rand van het dorp, maar kwamen door hevig verzet niet verder. De Duitse bataljonscommandant Hauptmann Steger had nog radiocontact met het regimentshoofdkwartier in de Abbaye d'Ardenne. Hij vertelde de daar aanwezige divisiecommandant Meyer dat het grootste gedeelte van zijn bataljon gedood was en dat de geallieerde tanks net buiten het dorp stonden. Meyer beval SS-Obersturmführer Von Ribbentrop een tegenaanval in te zetten met de I. en II. Zug van zijn 3. Panzerkompanie. Deze aanval werd om 17:30 uur ingezet.

SS-Unterscharführer Heinz Freiberg had het bevel over één van de Panthers: "Op hoge snelheid reden we over open terrein naar de dorpsmuur van Buron. Mijn tank reed in de meest rechterpositie. Toen we door een opening van de muur reden, waren er plotseling twee explosies. De tank van Sepp Trattning en iemand anders brandde. We vuurden direct onze machinegeweren op de opening in de muur." Freiberg werd zelf ook onder vuur genomen en verliet met zijn mannen de tank. Er werd door de Duitsers een aantal tanks, carriers en anti-tankgeschutten uitgeschakeld tegen een verlies van 7 Panthers. Het bataljon van Steger kon niet meer gered worden. Aan het eind van de dag waren er slechts 100 soldaten en onderofficieren over, alle officieren waren gedood, gewond of vermist.

Om half zeven in de avond werd door de 7th Brigade de derde fase van de operatie in gang gezet. Er werd door de linies van de 9th Brigade opgerukt naar Cussy en de Abbaye d'Ardenne. Om 20:30 uur werd Cussy veroverd, waarbij 6 Duitse tanks tijdens een tegenaanval werden uitgeschakeld. De Regina Rifles van de 7th Brigade waren er in de avond in geslaagd om, ondanks extreme verliezen, de muren van de abdij te bereiken. Zij bleven buiten de muren omdat er een Duitse artillerieaanval werd verwacht vanwege het terugtrekken van de Duitse troepen. Deze aanval volgde dan ook snel. Pas de volgende morgen werd de Abbaye d'Ardenne ingenomen.

Tegen de avond dacht generaal Keller een mogelijkheid te zien om de bruggen over de Orne te veroveren voordat deze vernietigd zouden worden. Hiervoor stuurde hij gepantserde wagens van de Inns of Court Regiment, tezamen met delen van het 7th Canadian Reconnaissance Regiment, richting Caen. Langs de snelweg en door St. German-la-Blanche-Herbe rukten zij op naar de buitenwijken van Caen. In de invallende duisternis werden zij echter opgehouden door mijnen en Duitse sluipschutters en kwamen daardoor niet verder.

De avond valt
Aan het eind van de dag op 8 juli naderden de Canadese en de Britse 3rd Infantry Division elkaar in de richting van Caen. De 59th werd nog tegengehouden door de zware verdediging van de Duitsers. Generaal Crocker besloot dan ook om de verovering van Caen over te laten aan de 3rd British en 3rd Canadian Infantry Divisions. De 59th kreeg de opdracht om enkel de zware verdediging op haar eigen front uit te schakelen, maar niet verder de stad in te trekken; het diende enkel de dorpen Malon, Bitot, La Folie en Couvre-Chef te veroveren.

General der Panzertruppen Heinrich Eberbach ontving die avond Generalfeldmarschall Erwin Rommel op zijn hoofdkwartier van Panzer Gruppe West en gaf met de goedkeuring van Rommel toestemming voor het terugtrekken van alle zware wapens ten noorden van de Orne. Het noorden van Caen diende nog wel verdedigd te worden met sterke infanterie-eenheden ondersteund door genietroepen, tenzij er werd aangevallen door een superieure vijand. In dat geval diende er teruggetrokken te worden op oostelijke oevers van de Orne en in het zuidwesten via de noordelijke rand van Bretteville-sur-Odon naar de noordkant van Venoix. Meyer had toen al het bevel gegeven om in de nacht terug te trekken. Enkel het III Bataillon van de 26. SS-Panzergrenadier-Regiment bleef als infanterie achter in de sector van de 12. SS-Panzer-Division.

Definitielijst

artillerie
Verzamelnaam voor krijgswerktuigen waarmee men projectielen afschiet. De moderne term artillerie duidt in het algemeen geschut aan, waarvan de schootsafstanden en kalibers boven bepaalde grenzen vallen. Met artillerie duidt men ook een legeronderdeel aan dat zich voornamelijk van geschut bedient.
Bataillon
Maakte meestal deel uit van een Regiment en bestond meestal uit een aantal Kompanien. In theorie bestond een Bataillon uit 500 - 1.000 man.
brigade
Bestond meestal uit twee of meer Regimenten. Kon onafhankelijk of als een deel van een Divisie dienen. Soms waren ze deel van een Korps in plaats van een Divisie. In theorie bestond een Brigade uit 5.000 - 7.000 man.
D-Day
De dag dat de invasie van West-Europa plaatsvond op 6 juni 1944. Na een lange misleidingsoperatie vielen de geallieerden op vijf plaatsen op de Normandische kust de stranden binnen om zo hun opmars naar Nazi-Duitsland te beginnen. Hoewel D-Day vaak als Decision Day wordt gezien, is dit niet geheel correct. De D staat in dit geval gewoon voor Day, in het militaire jargon wordt namelijk gesproken van een operatie op Dag D, beginnend op Uur U.
divisie
Bestond meestal uit tussen de een en vier Regimenten en maakte meestal deel uit van een Korps. In theorie bestond een Divisie uit 10.000 - 20.000 man.
infanterie
Het voetvolk van een leger (infanterist).
Kompanie
Maakte meestal deel uit van een Bataillon of een Abteilung en bestond uit een aantal Züge. In theorie bestond een Kompanie uit 100 - 200 man.
Regiment
Onderdeel van een divisie. Een divisie bestaat uit een aantal regimenten. Bij de landmacht van oudsher de benaming van de grootste organieke eenheid van één wapensoort.
Tactical
Tactic betekent taktiek. De werkelijke uitvoering van het militaire bedrijf. De Amerikanen gebruikten de term Tactical ook om luchtmacht onderdelen aan te duiden die aanvallend optraden, zoals jagers en jachtbommenwerpers. Dit in tegenstelling tot Strategical, waarmee bommenwerper eenheden werden aangeduid.

Pagina navigatie

Afbeeldingen


De omgeving van Caen.
(Bron: Stacey, The Victory Campaign)


Krijgsgevangen Duitsers van de 12. SS-Panzer-Division in Normandië rond 7-8 juli 1944.
(Bron: Library and Archives Canada)

Informatie

Artikel door:
Jeroen Koppes
Geplaatst op:
13-11-2010
Laatst gewijzigd:
29-06-2018
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

Categorieën


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2018
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.