Operatie Matador

Brits-Japanse betrekkingen.
In de jaren twintig werd al langzamerhand bekend dat het zeer moeilijk zou worden om de Brits-Japanse betrekkingen, welke sinds de Eerste Wereldoorlog bestonden, in stand te houden. Ten tijde van de Eerste Wereldoorlog waren deze betrekkingen van cruciaal belang. Ze hadden ervoor gezorgd dat Japan de Britse belangen in het Verre Oosten beschermde, zodat Groot-BrittanniŽ haar handen vrij had voor de oorlog in Europa.

Als onbedoelde bijkomstigheid, was hierdoor echter de invloed van Japan in het gebied behoorlijk gegroeid. Japan had zich verzekerd van invloed in Korea en China en had zich meester gemaakt van diverse strategische havens, welke voormalig Duits bezit waren.

Doordat de Amerikanen zich steeds meer druk gingen maken over de groeiende machtspositie van Japan werd almaar duidelijker dat Japan haar positie nog verder wilde versterken, om zodoende minder afhankelijk te worden van diverse Westerse mogendheden. Dat men hierbij vooral haar oog had laten vallen op Brits en Nederlands koloniaal bezit, werd al snel duidelijk. Mede om deze redenen werd door de Britten besloten de posities in Hong Kong en Singapore verder te versterken.

In 1936 werd aan de Opperbevelhebber Major General William Dobbie gevraagd wat er aan troepen nodig was om Singapore afdoende te kunnen verdedigen. Dobbie had al grote twijfels over de verdediging, aangezien hij ervan overtuigd was dat Singapore wel degelijk via de binnenlanden van Thailand en Malakka kon worden aangevallen.

Falende verdediging.
Tot aan die tijd was aangenomen dat het kustgeschut afdoende was om de basis te kunnen beschermen en dat de verdediging van Malakka eenvoudig door vrijwilligers van de plaatselijke bevolking ter hand kon worden genomen. William Dobbie liet dit ontzenuwen door in 1937 Colonel Arthur Percival een aanvalsplan te laten opstellen, alsof hij een Japanse aanval over land zou leiden. Frappant is te ontdekken dat dit plan bijna identiek zou zijn aan de later, werkelijk uitgevoerde Japanse aanval.

Percival ging uit van Japanse landingen in Thailand en Malakka. Hij voorspelde dat Japan op deze wijze snel over havens en vliegvelden zou beschikken om meer troepen in te zetten en luchtoverwicht te verkrijgen.

Dobbie en Percival adviseerden de Britse aanwezigheid in Malakka dan ook danig te versterken. Dit advies werd aanvankelijk overgenomen door de Britse legerstaf. Winston Churchill stak er echter weer een stokje voor. Het was ondertussen augustus 1940 en Groot-BrittanniŽ had vele andere verplichtingen in Europa en Noord-Afrika. Er was simpelweg niet voldoende materieel om naar Singapore te sturen. Men moest zich in zijn mening blijven concentreren op de verdediging van Singapore zelf.

In 1941 werd de druk opgevoerd doordat Singapore aangaf voor haar verdediging minstens 566 vliegtuigen nodig te hebben. Generaal Bond (nieuwe tijdelijke opperbevelhebber Malakka) gaf aan dat hij zelfs dan geen mogelijkheden zag om in geval van een aanval in Malakka werkelijk strijd te kunnen voeren. In plaats van dit soort signalen serieus te nemen, werd Bond gelijk vervangen. Malakka werd onder nieuw bevel geplaatst, ditmaal onder het Opperbevel van het gehele Verre Oosten. Als opperbevelhebber werd luchtmaarschalk Sir Robert Brooke-Popham aangewezen. Het vreemde hierbij is dat Brooke-Popham alleen leger en luchtmacht onder zijn bevel kreeg en niet de marine.

Matador.
Aangezien Brooke-Popham ook inzag dat hij weinig nieuwe troepen toebedeeld zou krijgen en hij toch inzag dat bij een mogelijk Japanse aanval iets ondernomen moest worden, dacht hij een strategisch plan uit. De nieuwe opperbevelhebber in Malakka, Percival, moest aangenaam verrast zijn te ontdekken dat de ideeŽn van hem en William Dobbie uit 1936/1937 nieuw leven werden ingeblazen. Brooke-Popham voorzag namelijk ook de mogelijkheid van een Japanse invasie vanuit Thailand. Om dit te kunnen weerstaan werd een plan opgesteld onder de naam Etonian, wat korte tijd later zou worden omgedoopt tot Operatie Matador.

Het plan bestond ruwweg uit het binnentrekken van Thailand bij een dreigende Japanse invasie. Op deze wijze moesten alle havens en mogelijke landingsstranden worden bezet. Zo zou voldoende tijd gewonnen kunnen worden voor massale troepenverplaatsingen van elders, ter bescherming van Malakka en Singapore. De RAF zou dan haar volle kracht moeten inzetten om de Japanse aanvallers al op zee te vernietigen. Hier waren echter wel extra troepen en vliegtuigen voor nodig.

Het plan werd door Winston Churchill wel goedgekeurd, maar Percival moest het uitvoeren met de troepen die hij had. Geen man of vliegtuig zou er extra naar het gebied gestuurd worden.

Wat leverde dit alles op? Aan de vooravond van de Japanse aanval op Malakka en Singapore waren er dus voldoende plannen. Men had de inzichten op welke wijze Japan mogelijk zou kunnen aanvallen. Er waren echter onvoldoende middelen om de plannen uit te voeren en een aanval het hoofd te kunnen bieden. Al met al geen best vooruitzicht voor Singapore.

Definitielijst

Eerste Wereldoorlog
Ook wel Grote Oorlog genoemd, conflict dat ontstond na een groei van het nationalisme, militarisme en neo-kolonialisme in Europa en waarbij twee allianties elkaar bestreden gedurende een vier jaar durende strijd, die zich na een turbulent begin, geheel afspeelde in de loopgraven. De strijdende partijen waren Groot-BrittanniŽ, Frankrijk, Rusland aan de ene kant (de Triple Entente), op den duur versterkt door o.a. ItaliŽ en de Verenigde Staten, en Duitsland, Bulgarije, Oostenrijk-Hongarije en het Ottomaanse Rijk aan de andere kant (de Centrale Mogendheden of Centralen). De strijd werd gekenmerkt door enorme aantallen slachtoffers en de inzet van vele nieuwe wapens (vlammenwerpers, vliegtuigen, gifgas, tanks). De oorlog eindigde met de onvoorwaardelijke overgave van Duitsland en zijn bondgenoten in 1918.
invasie
Gewapende inval.

Bronnen

- Frei, HP, Malaya in World War II, essay
- Greenfield e.a, Command Decisions, Chapter 4, Japans decision for war, Center of military history, Department of the Army, Wachington, 1960
- Mayer S.L. ea., De Japanse Oorlogsmachine, Elsevier, Amsterdam,1978
- Percival A.E., The war in Malaya, 1949
- Sulzberger C.L., Geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog, De Kern, Utrecht, 1980
- Swinson A., De Val van Singapore, Standaard Uitgeverij Antwerpen, 1976
- Tobback A., De Korea-oorlog dl 2 t/m 4

Afbeeldingen


Brooke-Popham


Percival

Informatie

Artikel door:
Wilco Vermeer
Geplaatst op:
13-06-2005
Laatst gewijzigd:
23-10-2009
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

CategorieŽn


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2017
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.