Nederlandse hulpmijnenvegers

Gevorderde trawlers als hulpmijnenvegers 1

Hr. Ms. Alkmaar (HMV 3)

(ex IJm 31)

Bouwwerf:Cochrane & Sons te Selby, Groot-BrittanniŽ, 1914
Waterverplaatsing:310 ton
Machinevermogen:550 pk
Maximale snelheid:10 knopen
Bemanning:15 koppen
Bewapening:2 x 12,7mm mitrailleurs

De Alkmaar werd op 1 september 1939 gevorderd en omgebouwd tot hulpmijnenveger. De trawler werd elf dagen later door commandant luitenant-ter-zee (LTZ) 2 M.L. Bazuin in dienst gesteld als hulpmijnenveger 3. Op 10 mei 1940 stoomde Hr. Ms. Alkmaar, samen met Hr. Ms. Walrus die ook tot de Divisie Hulpmijnenvegers III behoorde, en samen met Hr. Ms. Z5 en TM51 de Nieuwe Waterweg op om Duitse mitrailleurnesten op de Willemsbrug onder vuur te nemen. Na de Nederlandse capitulatie, op 14 mei 1940, viel het schip in Duitse handen en werd door hen als oorlogsbuit verklaard en in Duitse dienst gesteld als hulpmijnenveger M 3620. Na de oorlog werd het oude vissersschip overgedragen aan de Sovjets.

Hr. Ms. Alma (FY 1747)

(ex IJM 44, John Bennet, Eider II, Trooper, No. 150)

Bouwwerf:Smith`s Dock Co. te Middlesborough, Groot-BrittanniŽ, 1915
Grootste lengte:36,66 meter
Grootste breedte:6,71 meter
Waterverplaatsing:206 ton
Machinevermogen:400 pk
Maximale snelheid:12 knopen
Bemanning:15 koppen

De Alma week in mei 1940 uit naar Engeland en werd in Falmouth verbouwd tot hulpmijnenveger en in juni door commandant LTZ 2 J.H. van Klinkenberg in dienst gesteld. Hr. Ms. Alma nam deel aan veegoperaties in Britse wateren. Op 14 april 1941 nam LTZ 1 S.E. Schipper het commando over en deze gaf het stokje door aan LTZ 2 J.N.B. Bijleveld op 1 juni van datzelfde jaar. Op 22 maart 1943 werd het schip uit dienst gesteld en aan de oorspronkelijke eigenaar teruggegeven.

Hr. Ms. Andijk (4B, FY 1921)

(ex Amsterdam, IJM 58)

Bouwwerf:Cochrane & Sons te Selby, Groot-BrittanniŽ, 1913
Grootste lengte:37,16 meter
Grootste breedte:6,75 meter
Waterverplaatsing:241 ton
Machinevermogen:400 pk
Maximale snelheid:12 knopen
Bemanning:15 koppen
Bewapening:1 x 7,7mm mitrailleur

De Amsterdam werd op 30 augustus 1939 gevorderd en verbouwd. Op 2 oktober van dat jaar werd het schip als boeienschip 4 in dienst gesteld. In mei 1940 kon het schip uitwijken naar Engeland waar het in Falmouth omgebouwd werd tot hulpmijnenveger en in juni door commandant LTZ 2 L. Henneveld in dienst werd gesteld. Het schip werd omgedoopt in Hr. Ms. Andijk en verrichtte veegdiensten in Britse wateren. Op 17 maart 1943 werd de hulpmijnenveger uit dienst gesteld en overgedragen aan de Royal Navy. Na de oorlog werd het schip teruggegeven aan de oorspronkelijke eigenaar.

Hr. Ms. Aneta

(ex IJM 82)

Bouwwerf:Frerichs te Einswarden, Duitsland, 1916
Waterverplaatsing:261 ton
Machinevermogen:400 pk
Maximale snelheid:12 knopen
Bemanning:15 koppen
Bewapening:1 x 7,7mm mitrailleur

De Aneta werd op 2 september 1939 gevorderd en na de nodige aanpassingen op de 19e van die maand nog in dienst gesteld als Boeienschip 6. Het schip kon in de meidagen van 1940 niet ontkomen naar Engeland en viel in Duitse handen. De hulpmijnenveger is tijdens de oorlog verloren gegaan.

Hr. Ms. Antje (HMV 5)

(ex RO 15X)

Bouwwerf:J. Smit Czn. te Alblasserdam, 1931
Waterverplaatsing:183 ton
Machinevermogen:500 pk
Maximale snelheid:10 knopen
Bemanning:15 koppen

De trawler Antje werd op 1 april 1940 gevorderd, omgebouwd tot hulpmijnenveger en in dienst gesteld als Hulpmijnenveger 5. In mei 1940 kon het schip niet uitwijken naar Engeland en werd in IJmuiden als blokschip tot zinken gebracht en viel later in Duitse handen. De Duitsers gebruikten het als Hafenschutzboot bij Borkum totdat het schip eind 1941 overging naar de Rheinflotille als HR47. In juli 1942 keerde het omgebouwde vissersvaartuig weer terug naar Borkum waar het op 16 januari 1943 op non-actief werd gesteld. In augustus 1945 werd het vissersschip in IJmuiden opgeknapt om in juni 1946 weer onder de naam Antje te gaan vissen.

Hr. Ms. Azimuth (HMV 2)

(ex IJM 195)

Bouwwerf:John Durthie te Aberdeen, Schotland, 1911
Waterverplaatsing:229 ton
Machinevermogen:420 pk
Maximale snelheid:10 knopen
Bemanning:15 koppen
Bewapening:2 x 7,7mm mitrailleurs

De Azimuth werd op 25 augustus 1939 gevorderd. Nadat de trawler verbouwd was werd deze in dienst gesteld als Hulpmijnenveger 2. Commandant werd LTZ 2 K.J. Roberti. Op 14 mei 1940 viel het schip in Duitse handen. In 1944 is de hulpmijnenveger verloren gegaan.

Hr. Ms. Bergen (6C)

(ex IJM 16, Beatrice)

Bouwwerf:Smith`s Dock Co. te Middlesborough, Groot-BrittanniŽ, 1907
Grootste lengte:36,65 meter
Grootste breedte:6,55 meter
Waterverplaatsing:236 ton
Machinevermogen:400 pk
Maximale snelheid:11 knopen
Bemanning:15 koppen

De Bergen kon in mei 1940 uitwijken naar Engeland waar het schip werd gevorderd. Het vissersschip werd in Falmouth omgebouwd tot hulpmijnenveger en op 20 oktober door commandant LTZ 1 S.E. Schipper in dienst gesteld. De aangepaste trawler verrichtte veegoperaties in Britse wateren. Op 14 april 1941 nam LTZ 1 J.W.C. Calten Houwing het commando over van LTZ Schipper. Op 1 juni 1942 werd het schip uit dienst gesteld en overgedragen aan de Royal Navy. In Britse dienst is de omgebouwde trawler tijdens de oorlog verloren gegaan.

Hr. Ms. Bloemendaal (4A, FY 1787)

(ex IJM 71, Christina Catharina, Admiral Souchon)

Bouwwerf:Stettiner Oderwerke te Stettin, Duitsland, 1917
Grootste lengte:38,61 meter
Grootste breedte:7,06 meter
Waterverplaatsing:242 ton
Machinevermogen:400 pk
Maximale snelheid:11 knopen
Bemanning:15 koppen
Bewapening:1 x 7,7mm mitrailleur

Op 4 september 1939 werd de Bloemendaal gevorderd. De trawler werd verbouwd en als Boeienschip 5 in dienst gesteld. In mei 1940 kon het schip ontkomen naar Engeland waar het te Falmouth werd ingericht als hulpmijnenveger en door commandant LTZ 2 J.P. D. Visser in dienst werd gesteld. Op 17 februari 1941 nam LTZ 2 H.A.C. Wiedeman het commando op zich. Ruim drie jaar lang verrichtte het schip veegoperaties in Britse wateren totdat het op 29 oktober 1943 uit dienst gesteld en overgedragen werd aan de Britse marine. Na de oorlog is het schip teruggegeven aan de eigenaar.

Hr. Ms. Bruinvisch (9B, FY 1713)

(ex IJM 47)

Bouwwerf:A. Pannevis te Alphen aan de Rijn, 1929
Grootste lengte:32,45 meter
Grootste breedte:6,3 meter
Waterverplaatsing:164 ton
Machinevermogen:250 pk
Maximale snelheid:12 knopen
Bemanning:15 koppen

De Bruinvisch kon in mei 1940 ontkomen naar Engeland waar de trawler werd gevorderd en in Milford Haven, Wales, werd omgebouwd. Op 26 augustus 1941 werd het aangepaste schip in dienst gesteld als hulpmijnenveger en nam deel aan mijnenveegoperaties in de zeeŽn rond Groot-BrittanniŽ. Op 28 maart 1944 werd het schip uit dienst gesteld en overgedragen aan de Royal Navy. Tijdens Operatie Neptune werd het schip door de Britten gebruikt als rookmaker tegen luchtaanvallen. In 1946 is de trawler teruggegeven aan de oorspronkelijke eigenaar.

Hr. Ms. Caroline (5A, FY 1729)

(ex IJM 26)

Bouwwerf:Bonn en Mees te Rotterdam, 1930
Grootste lengte:37,95 meter
Grootste breedte:7.04 meter
Waterverplaatsing:253 ton
Machinevermogen:500 pk
Maximale snelheid:12 knopen
Bemanning:15 koppen

In de meidagen van 1940 kon de Caroline ontkomen naar Engeland waar het vissersschip werd gevorderd. Na in Falmouth ingericht te zijn als hulpmijnenveger werd het schip op 20 juni door commandant LTZ 1 B.C. Mahieu in dienst gesteld en nam het schip deel aan veegoperaties in Britse wateren. Een maand later nam LTZ 2 J.W. van Buren Lensinck het commando over. In april 1941 werd Hr. Ms. Caroline uitgerust met een experimenteel tuig tegen akoestische mijnen. Op 28 april was de Caroline actief in de baai van Milford Haven en had die dag reeds zes akoestische mijnen opgeruimd. Door de ontploffing van een zevende mijn, recht onder het schip, werd Hr. Ms. Caroline volkomen uit elkaar geslagen. Alle 15 opvarenden kwamen hierbij om het leven.

Definitielijst

capitulatie
Overeenkomst tussen strijdende partijen met betrekking tot de overgave van een land of leger.
Divisie
Bestond meestal uit tussen de een en vier Regimenten en maakte meestal deel uit van een Korps. In theorie bestond een Divisie uit 10.000 - 20.000 man.
mitrailleur
Machinegeweer, een automatisch, zwaar snelvuurwapen.
Trooper
Verkorte naam voor een para trooper.

Pagina navigatie

Afbeeldingen


Hr. Ms. Caroline ging op 28 april verloren toen een akoestische mijn onder het schip tot ontploffing kwam.
(Bron: P. Kimenai Go2War2)


De gevorderde trawler Hr. Ms. Bloemendaal.
(Bron: P. Kimenai Go2War2)


Oefening met de 12,7 mitrailleur aan boord van een gevorderde trawler.
(Bron: P. Kimenai Go2War2)


Formatie varen met gevorderde vissersschepen, 1939.
(Bron: P. Kimenai Go2War2)


Gevorderde trawler.
(Bron: P. Kimenai Go2War2)

Informatie

Artikel door:
Peter Kimenai
Geplaatst op:
24-08-2010
Laatst gewijzigd:
01-10-2017
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

CategorieŽn


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2018
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.