Onderzeeboten van de O 21-klasse

O 26 (UD 4)

Door de snelle Duitse inname van de linker Maasoever in Rotterdam kreeg het personeel van de Rotterdamsche Droogdok Maatschappij (RDM) geen tijd de nog op de helling staande onderzeeboten O 26 en O 27 te vernielen. Op 14 mei 1940 vielen deze boten dan ook onbeschadigd in Duitse handen. Beide onderzeeërs in aanbouw werden grondig geanalyseerd door Duitse technische specialisten, onder anderen de Duitse U-boot ontwerper C. Aschmoneit. Deze inspecties leidden tot de aanpassingen zoals die vernoemd zijn bij de O 25 (UD 3). De O 26 en O 27 werden voor Duitse rekening en onder regie van de Kriegsmarinewerft Wilhelmshaven in Rotterdam afgebouwd.

Op 28 januari 1941 werd de O 26 in Duitse dienst gesteld als UD 4 door commandant Korvettenkapitän H. Brümmer-Patzig. Daarna werd de buitboot gestationeerd in Kiel en ingezet als opleidingsschip. In de nacht van 25 februari 1942 werd Kiel gebombardeerd door de Royal Air Force (RAF) waarbij UD-4 een treffer te verwerken kreeg. De Duitsers verwachtten een redelijk snel herstel van de onderzeeboot maar de werkzaamheden liepen uit en het lukte niet om de steeds terugkerende slagzij bij het opduiken te verhelpen. Hierdoor zou UD 4 nooit ingezet worden als frontboot. In plaats daarvan werd de onderzeeër gebruikt voor testen met Asdic-absorberend rubber, dat op de scheepshuid werd geplakt. Later werd UD 4 weer ingezet als Schulboot. Het commando over de ex O 26 werd in oktober 1941 overgenomen door Korvettenkapitän R. von Singule, op 29 april 1942 door Kapitänleutnant H.O. Bernbeck die op 23 maart 1943 afgelost werd door Korvettenkapitän F. Schäfer.

Vanaf midden 1943 werd UD 4 omgebouwd tot tanker en gebruikt als testboot voor het overladen van dieselolie onder water. Hierbij werd met een constante snelheid, op een diepte van 30 à 35 meter varend, een vulslang gekoppeld aan een achterop varende U-boot en kon per uur 20 ton dieselolie overgepompt worden. Tot eind 1944 fungeerde UD 4 als tanker om in de Oostzee oefenende U-boten van brandstof te voorzien. In november van dat jaar verliet Schäfer de boot en zijn plaats werd ingenomen door Kapitänleutnant F. Bart. In januari 1945 werd UD 4 ingedeeld bij het geheime18e flottielje dat verder bestond uit drie hypermoderne U-boten en de buitgemaakte Turkse onderzeeboot UA. UA en UD 4 fungeerden als doelwit voor de drie moderne U-boten die uitgerust waren met de zeer geavanceerde, zowel passief als actief werkende sonarinstallatie Nibelung voor de nieuwe revolutionaire U-boten van het XXI type. De proeven met deze apparatuur verliepen succesvol en de Duitsers begonnen meteen met de serieproductie ervan. UD 4 werd op 19 maart 1945 buiten dienst gesteld en opgelegd in Kiel. Op 3 mei van datzelfde jaar onderging de onderzeeboot hetzelfde lot als zusterschip UD 3.

Definitielijst

Asdic
Engelse afkorting voor: Allied Submarine Detection Investigation Committee. Door de Britten gebruikt systeem om Duitse onderzeeërs op te sporen. ASDIC zond een elektronisch signaal en ving de echo van deze signalen op en zette deze om in geluid, de bekende 'ping'. ASDIC had maar een bereik van 1,5 zeemijl en er was een ervaren luisteraar nodig om een U-boot te onderscheiden van een school vissen.
U-boot
Duitse benaming voor onderzeeboot. Duitse U(ntersee)-boten hebben tot in mei 1943 een belangrijke rol gespeeld in de oorlogvoering. Ook veel vracht- en passagiersboten werden door deze sluipmoordenaars van de zee getorpedeerd en tot zinken gebracht.

Pagina navigatie

Afbeeldingen


UD-4.
(Bron: Subsim)

Informatie

Artikel door:
Peter Kimenai
Geplaatst op:
16-04-2011
Laatst gewijzigd:
23-03-2014
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

Categorieën


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2017
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.