Lichte kruisers van de Tromp-klasse

Inleiding

Inhoudsopgave

In 1922 had een vlootwetcommissie bepaald uit welke schepen de vloot van de Koninklijke Marine de komende jaren minimaal zou moeten bestaan. In oktober 1923 werd dit vlootwetsontwerp verworpen door de Tweede Kamer. In 1930 werd door de toenmalige minister van Marine, dr. L.N. Deckers, het aanbouwbeleid voor de marine bepaald van 1930 tot 1940. Het zogenaamde Vlootplan Deckers omvatte slechts de helft van het aantal te bouwen eenheden in vergelijking met het in 1922 voorgestelde plan en werd daarom ook wel het ďhalve minimumĒ genoemd. Vooral de duurste oorlogsschepen, kruisers, waren steeds aanleiding tot discussies in de Nederlandse politiek. Er gingen vele stemmen op om ze weg te bezuinigen maar minister Deckers kon door zijn goedgekeurde vlootplan de bestaande kruisers van de Java-klasse, Hr. Ms. Java en Hr. Ms. Sumatra, behouden. Bovendien was er in het plan een derde lichte kruiser voorzien die in 1936 in dienst werd gesteld als Hr. Ms. De Ruyter.

De Koninklijke Marine had echter behoefte aan twee kleinere kruisers, ter vervanging van de verouderde pantserschepen Hr. Ms. Hertog Hendrik en Hr. Ms. Jacob van Heemskerck, die eventueel ook zouden kunnen fungeren als leider van een flottielje torpedobootjagers. Om de politiek beladen term kruiser te vermijden voorzag het Vlootplan Deckers dan ook in de aanbouw van twee flottieljeleiders. In de praktijk zouden deze schepen echter wel degelijk de taken van een lichte kruiser kunnen en gaan vervullen.

Het ontwerp van de beide flottieljeleiders was afgeleid van plannen die ingediend waren door de Britse scheepsbouwers van Thornycroft en Yarrow. Zij hadden begin jaren `30, op Nederlands verzoek, ontwerpen overlegd die veelal uitgingen van een vergroot type Britse torpedobootjagers van de A- tot en met de H-class. Uiteindelijk werden de tekeningen niet aangekocht, maar werd besloten om een Nederlands ontwerp te laten maken door de Nederlandse Vereeniging Scheepsbouw Bureaux, een consortium van vijf grote ondernemingen dat in 1935 speciaal tot stand was gekomen voor marineprojecten. Het resultaat was een eigen ontwerp gebaseerd op het Britse voorontwerp. De ingenieurs G. `t Hoofd en W.M. den Hollander ontwierpen de definitieve versie van de nieuwe schepen.

Het ontwerp was meer dan een flottieljeleider of een grote torpedobootjager. De schepen, die een standaard waterverplaatsing van 3.450 ton zouden krijgen, hadden een lichte bepantsering aan beide zijden van de romp, op de dekken en munitiekokers, volgens een schema dat ook voor Hr. Ms. De Ruyter was gebruikt. Hiervoor werd 900 ton gehard staal geÔmporteerd van de Duitse firma Krupp. Door het toepassen van twee Werkspoor Parsons turbines, die een machinevermogen van 56.000 pk opleverden, kon een maximale snelheid van ruim 32 knopen behaald worden. De toepassing van een zware primaire bewapening, die bestond uit zes 15cm kanonnen, leverde samen met de snelheid en de bepantsering het typische concept van een kruiser op: zwaarder bewapend en bepantserd dan de directe tegenstander en sneller dan grotere vijandelijke schepen die een direct gevaar vormden.

In 1935 werden de twee nieuwe oorlogsschepen besteld bij de Nederlandse Scheepsbouw Maatschappij (NSM) te Amsterdam en zouden Tromp en Jacob van Heemskerck gaan heten. Met de bouw van de eerste flottieljeleider zou echter pas in januari 1936 begonnen worden en het groene licht voor de bouw van de tweede werd pas in de tweede helft van 1938 gegeven, na de indienststelling van Hr. Ms. Tromp. Op 10 mei 1940, de dag dat de Duitsers Nederland binnenvielen, was de Jacob van Heemskerck nog in de afbouwfase. Het schip kon ontkomen naar Engeland en werd daar afgebouwd als luchtafweerkruiser.

De beide schepen van de Tromp-klasse zouden de gehele Tweede Wereldoorlog overleven en waren na de ondergang van Hr. Ms. De Ruyter en Hr. Ms. Java, tijdens de Slag in de Javazee in de nacht van 27 op 28 februari 1942, de belangrijkste Nederlandse oppervlakteschepen. Zij werden tijdens deze periode vooral ingezet als kruisers en maar zelden als flottieljeleiders. De geallieerde bondgenoten spraken alleen maar over lichte kruisers als het Hr. Ms. Tromp en Hr. Ms. Jacob van Heemskerck betrof. Daarom worden de beide schepen door historici nog altijd geklasseerd als lichte kruisers.

Definitielijst

kruiser
Snelvarend oorlogsschip van 8000-15000 ton, geschikt voor diverse taken als verkenning, verkenningsafweer en konvooibescherming.
torpedobootjager
(Engels=destroyer) Zeer lichtgebouwd, snel en wendbaar oorlogsschip, bestemd om door verrassingsaanvallen grote vijandelijke schepen met de torpedo tot zinken te brengen.

Pagina navigatie

Afbeeldingen


Hr. Ms. Tromp in Fremantle, 1945.
(Bron: Australian War Memorial)


Hr. Ms. Jacob van Heemskerck.
(Bron: Courtesy of M. Thijs)

Informatie

Artikel door:
Peter Kimenai
Geplaatst op:
30-05-2011
Laatst gewijzigd:
05-11-2012
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

CategorieŽn


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2017
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.