Dönitz, Karl

Voor de Tweede Wereldoorlog

Inhoudsopgave

Karl Dönitz werd op 16 september 1891 geboren in Grünau, destijds een stadje vlakbij Berlijn en tegenwoordig een stadsdeel van de Duitse hoofdstad. Zijn vader was Emil Dönitz en zijn moeder heette Anna Beyer. Karl had een oudere broer, Friedrich. In april 1910 trad hij toe tot de Kaiserliche Marine, de marine van het Duitse keizerrijk en kwam in dienst als Seekadett (adelborst), zeeofficier in opleiding. Nauwelijks een jaar later, op 15 april 1911, werd hij Fänrich zur See (vaandrig). Op 22-jarige leeftijd werd Karl Dönitz beëdigd tot officier in de rang van Leutnant zur See (luitenant-ter-zee der 3e klasse).

Tijdens de Eerste Wereldoorlog diende Karl Dönitz op de lichte kruiser Breslau van de Magdeburg-klasse. Hij ging snel door de rangen en werd op 22 maart 1916 bevorderd tot Oberleutnant zur See (luitenant-ter-zee der 2e klasse). Op 27 mei van datzelfde jaar trad hij in het huwelijk met verpleegster Ingeborg Weber, dochter van een Duitse generaal. Korte tijd later deed hij een verzoek om overgeplaatst te worden naar de onderzeedienst. Dit verzoek werd gehonoreerd in oktober 1916 toen hij wachtofficier werd op U-39. Op 3 april 1917 werd dochter Ursula geboren. Vanaf februari 1918 werd hij commandant van UC-25 en vanaf 2 juli van datzelfde jaar voerde hij het bevel over UB-68. Met deze onderzeeboot was hij actief in de Middellandse Zee. Op 4 oktober 1918 werd UB-68 door technische problemen gedwongen aan de oppervlakte te komen en werd de onderzeeboot door Britse kanonnen tot zinken gebracht. Dönitz en 32 van zijn bemanningsleden overleefden de ramp en werden gevangen gezet in Valetta, Malta. Na de wapenstilstand, in november 1918, werd Karl Dönitz als krijgsgevangene vastgehouden in een kamp bij Sheffield, Groot-Brittannië. Om gezondheidsredenen werd hij, in juli 1919, vervroegd vrijgelaten en keerde terug naar Duitsland. Op 14 mei 1920 werd zoon Klaus geboren.

Oberleutnant zur See Dönitz zette zijn carrière voort bij de Vorläufige Reichsmarine, die voort was gekomen uit de Kaiserliche Marine als zeemachtonderdeel van de Reichswehr van de Weimarrepubliek. Nog geen jaar later, op 10 januari 1921, werd hij bevorderd tot Kapitänleutnant (luitenant-ter-zee der 2e klasse oudste categorie). Op 20 maart 1922 werd het gezin Dönitz uitgebreid met de geboorte van zoon Peter. De jaren daarna was Dönitz vooral actief als commandant van verschillende torpedoboten tot hij op 1 november 1928 bevorderd werd tot Korvettenkapitän (luitenant-ter-zee der eerste klasse). Op diezelfde dag werd hij commandant van het 4. Torpedobootshalbflottille dat bestond uit de gloednieuwe torpedoboten Albatros, Kondor, Möve en Greif. De marineofficier uit Grünau bleef carrière maken en werd op 1 september 1933 beëdigd als Fregattenkapitän (kapitein-luitenant-ter-zee). Net als vele andere Duitse officieren was Karl Dönitz gefrustreerd door de ondergang van het Duitse Keizerrijk en het verval van de Duitse marine. Hij verlangde naar herstel van de orde en een nieuwe leider. Hij werd in 1933 lid van de nazi-partij (NSDAP), omdat hij in Hitler de nieuwe sterke leider zag die van Duitsland weer een wereldrijk kon maken. In 1934 werd hij commandant van de lichte kruiser Emden en maakte met dat schip een vlagvertoonreis van een jaar over de hele wereld. Aan boord waren vele adelborsten en vaandrigs die tijdens de reis praktijkervaring konden opdoen. In 1935 ging de Reichsmarine van de Weimarrepubliek over in de Kriegsmarine van nazi-Duitsland. Op 1 september van datzelfde jaar werd Karl Dönitz bevorderd tot Kapitän zur See (kapitein-ter-zee) en commandant van de 1. U-bootflottille Weddingen, die bestond uit U-7, U-8 en U-9.

De Kriegsmarine zag in die tijd, net als alle andere zeemachten ter wereld, het onderzeebootwapen als onderdeel van een oppervlaktevloot, dat ingezet moest worden tegen vijandelijke oorlogsschepen. In het geval van Duitsland vooral Britse en Franse marine-eenheden. Karl Dönitz pleitte openlijk voor een Duitse oorlogsvloot die grotendeels uit U-boten zou moeten bestaan. De onderzeeboten zouden zich moeten concentreren op Britse en Franse koopvaardijschepen en olietankers. Dit waren relatief gemakkelijke doelen en door de uitschakeling van de vijandelijke koopvaardijvloot zou de vijandelijke oorlogsvloot lamgelegd worden door een gebrek aan brandstof en voorraden. Hij claimde dat hij met een vloot van 300 nieuwe U-boten van het type VII de vijand op de knieën zou kunnen dwingen. Tijdens zijn gevangenschap in de Eerste Wereldoorlog had hij de strategie van de Wolfsrudel (wolfpack) bedacht waarbij meerdere U-boten tegelijk koopvaardijschepen en hun escortes aanvielen. In die periode was dat nog niet mogelijk omdat de Duitse U-boten niet over de juiste communicatiemiddelen beschikten. Halverwege de jaren `30 hadden de Duitsers echter radioapparatuur ontwikkeld met ultrahoge frequentietechnieken waarvan de berichten met de nieuwe Enigma-codeermachine beveiligd konden worden.

Kapitän zur See Dönitz stond echter alleen met zijn ideeën en werd nauwelijks serieus genomen door de overige Duitse marineofficieren. Hij lag voortdurend overhoop met de opperbevelhebber van de Kriegsmarine, Erich Raeder, die pleitte voor een grotere oppervlaktevloot. Door de bouwbeperkingen van het verdrag van Versailles beschikte Duitsland slechts over een klein aantal moderne oppervlakte-eenheden dat de strijd tegen de overmacht aan Britse en Franse oorlogsschepen zeker zou verliezen. Raeder rekende echter op Plan Z, de uitbreiding van de Hochseeflotte, maar dit bouwprogramma zou pas in 1945 voltooid zijn. Op 28 januari 1939 werd Karl Dönitz benoemd tot Führer der Unterseeboote met de rang van Kommodore (commandeur). Karl Dönitz schreef in 1939 een boek over zijn ideeën en plannen. In zijn boek kwamen behalve veel tactieken en strategieën ook vooral zijn nazi-fanatisme en waardering voor het kameraadschap van U-boot bemanningen naar voren.

Pagina navigatie

Afbeeldingen


Grossadmiral Karl Dönitz.
(Bron: WW2incolor)


Karl Dönitz diende tijdens de eerste helft van de Eerste Wereldoorlog op de kruiser Breslau.
(Bron: Courtesy of Michael W. Pocock)


Dönitz als wachtofficier op U-39.
(Bron: Wikipedia)

Informatie

Artikel door:
Peter Kimenai
Geplaatst op:
13-06-2011
Laatst gewijzigd:
10-12-2015
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

Categorieën


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2018
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.