Australische korvetten van de Bathurst-klasse

Bathurst-klasse korvetten in Nederlandse dienst

Nederland had vlak na de Tweede Wereldoorlog dringend behoefte aan oorlogsschepen om vooral de rust en orde te herstellen in het naar onafhankelijkheid strevende IndonesiŽ. Met de British Admiralty werd overeengekomen dat Nederland acht Bathurst-klasse korvetten over zou nemen. In eerste instantie werd een viertal van deze schepen in bruikleen ontvangen omdat de overdrachtsdocumenten nog niet gereed waren. Deze korvetten werden in AustraliŽ overgenomen. Door politieke verwikkelingen in AustraliŽ, waarbij vooral de vakbonden het niet eens waren met het snel buiten dienst stellen van de Bathurst-klasse korvetten, was het niet mogelijk de laatste vier schepen over te dragen in AustraliŽ. Daarom werd er gekozen voor overdracht in Trincomalee op Ceylon. De Koninklijke Marine stuurde Hr. Ms. Van Kinsbergen met de aangewezen 220 bemanningsleden voor de korvetten naar Ceylon.

Bij de overgang werden de originele boegnummers, die met een J of een B begonnen, nog enige tijd aangehouden. Ook werden de originele namen aangehouden maar dan vooraf gegaan door Hr. Ms. Nadat de schepen hun Nederlandse namen gekregen hadden, werden ze geclassificeerd als mijnenvegers hoewel ze nooit in deze hoedanigheid gebruikt werden. De Koninklijke Marine gebruikte de schepen vooral als patrouilleboten in de Indische wateren en de wateren bij Nieuw-Guinea. Het vegen van mijnen in de Indische wateren werd overgelaten aan de vier overgebleven stalen mijnenvegers van de Jan van Amstel-klasse.

De schepen werden de Batjan-klasse genoemd omdat Hr. Ms. Batjan als eerste van de acht korvetten op stapel was gezet. De schepen werden op alfabetische volgorde ook wel aangeduid als Ambon-klasse korvetten of mijnenvegers. Vanaf 15 juni 1946 kregen de schepen de classificatieletters MV van mijnenveger op de boeg, vanaf 15 september 1946 de letters PK van korvet en van 15 januari 1947 de P van patrouilleboot. Als onderdeel van de NAVO werden de schepen wederom geclassificeerd als mijnenveger en kregen de NAVO letter M. In 1949 werden vier van de Batjan-klasse korvetten overgedragen aan de Indonesische marine. De overige vier schepen werden op 15 juli 1952 geclassificeerd als fregat. In die tijd werden veel Nederlandse oorlogsschepen, al of niet omgebouwd, als fregat ingedeeld bij de NAVO zoals de kanonneerboot Hr. Ms. Van Speijk, de mijnenleggers Hr. Ms. Willem van der Zaan en Hr. Ms. Jan van Brakel en de torpedobootjagers Hr. Ms. Piet Hein (2), Hr. Ms. Evertsen (2) en Hr. Ms. Kortenaer (2). De Ternate werd in 1956 een opleidingsvaartuig in Amsterdam en vanaf 15 juli 1957 werden de drie overgebleven Nederlandse Bathurst-klasse korvetten ingezet als logementsschip. De vier schepen kregen de letter A van Auxiliary Vessel (hulpschip) als laatste boegnummer.

Hr. Ms. Batjan J145, B247, MV25, PK5, P10, M813, F813, A870

HMAS Lismore werd op 3 juli 1946 te Trincomalee buiten Australische dienst gesteld en dezelfde dag in Nederlandse dienst gesteld als Hr. Ms. Lismore. Bij aankomst in Tandjong Priok, de haven van Batavia op Java, werd het schip op 18 juli 1946 omgedoopt in Hr. Ms. Batjan. Het korvet was tot de onafhankelijkheid van IndonesiŽ, op 27 december 1949, betrokken bij de strijd tegen de Indonesische nationalisten. In die jaren was het schip actief als patrouillevaartuig en ondersteunde het landingen van mariniers tijdens de politionele acties, zoals de Nederlandse militaire acties werden genoemd. Nadat IndonesiŽ onafhankelijk was geworden, was Hr. Ms. Batjan in Nederlandse wateren actief als patrouilleschip en als visserijinspectievaartuig. In 1958 werd de Batjan voor sloop verkocht.

Hr. Ms. Ambon J183, B239, MV21, PK1, P6

Op 17 januari 1946 werd HMAS Cairns uit Australische dienst gesteld en in dienst genomen bij de Koninklijke Marine als Hr. Ms. Cairns. Op 7 maart van dat jaar vertrok het korvet naar Makassar op Celebes, het huidige Sulawesi. Vanaf 1 juni 1946 werd de naam van het schip officieel Hr. Ms. Ambon. Het Nederlandse schip vocht in de Indonesische onafhankelijkheidstrijd waarbij zij landingen van Nederlandse mariniers ondersteunde op Madoera, Soemba, Bali, Lombok en Flores. Op 1 november 1946 liep het schip vast op een rif ten zuidoosten van Timor en het duurde drie dagen voordat het schip los was. Bij terugkeer in Soerabaja werd commandant luitenant-ter-zee der eerste klasse P. Cool uit zijn functie ontheven. Tot eind 1949 voerde Hr. Ms. Ambon patrouilletochten en vlagvertoonreizen uit in Indische wateren. Van tijd tot tijd werden drijvende mijnen onschadelijk gemaakt, maar tot echt mijnenvegen kwam het niet. Op 6 april 1950 werd Hr. Ms. Ambon, eerst in bruikleen, maar later kocht IndonesiŽ het schip, overgedragen aan de Indonesische marine als KRI Banteng. In 1968 werd het korvet uiteindelijk voor sloop verkocht.

Hr. Ms. Banda J172, MV22, PK2, P7

HMAS Wollongong werd op 11 februari 1946 te Sydney uit Australische dienst gesteld en bij de Koninklijke Marine in dienst gesteld als Hr. Ms. Wollongong. Bij aankomst in Makassar werd het schip omgedoopt in Hr. Ms. Banda. Net als haar zusterschepen was het Nederlandse korvet tot december 1949 actief in Indonesische wateren als patrouillevaartuig. Op 8 augustus 1947 werden door Hr. Ms. Banda enkele Indonesische prauwen met rubber in beslag genomen. Bij de schermutselingen die hier op volgden viel een dode aan boord van het Nederlandse schip. Samen met de Ambon werd de Banda op 6 april overgedragen aan de nieuw opgerichte Indonesische marine als KRI Radjawali. Het Bathurst-klasse korvet bleef tot 1968 in Indonesische dienst waarna het schip voor sloop werd verkocht naar Hong Kong.

Hr. Ms. Boeroe J157, B251, MV26, PK6, P11, M814, F814, A871

HMAS Toowoomba werd op 5 juli 1946 te Trincomalee buiten Australische dienst gesteld en in Nederlandse dienst genomen als Hr. Ms. Toowoomba. De volgende dag vertrok het korvet via Sabang in Sumatra naar Tandjong Priok waar het op 18 juli aankwam en omgedoopt werd in Hr. Ms. Boeroe. Nadat Hr. Ms. Boeroe tot eind 1949 had meegevochten tegen de Indonesische nationalisten werd het schip in 1950 het eerste stationsschip in Nederlands Nieuw-Guinea. In 1952 werd Hr. Ms. Boeroe afgelost door Hr. Ms. Ternate en vertrok het korvet naar Nederland. Na een grote onderhoudsbeurt werd het schip in Nederlandse wateren ingezet als patrouillevaartuig en politiekruiser. In september 1961 werd de Boeroe voor sloop verkocht.

Hr. Ms. Ceram J198, B238, MV27, PK7, P12, M815, F815, A872

Ook HMAS Burnie werd op 5 juli 1946 te Trincomalee buiten Australische dienst gesteld en in Nederlandse dienst genomen als Hr. Ms. Burnie. Samen met Hr. Ms. Toowoomba en Hr. Ms. Ipswich vertrok het korvet de volgende dag via Sabang naar Tandjong Priok waar het schip omgedoopt werd in Hr. Ms. Ceram. Net als haar zusterschepen vocht Hr. Ms. Ceram tot eind 1949 tegen de Indonesische nationalisten. In 1950 kwam het korvet naar Nederland waar het ingezet werd als schip van de wacht, visserijinspectiekruiser, patrouilleboot en volgschip van het Nederlandse vliegdekschip Hr. Ms. Karel Doorman. De Ceram werd in 1958 voor sloop verkocht.

Hr. Ms. Morotai J186, B244, MV28, PK8, P13

Samen met HMAS Burnie en HMAS Toowoomba werd HMAS Ipswich op 5 juli 1946 te Trincomalee buiten Australische dienst gesteld en bij de Koninklijke Marine in dienst gesteld als Hr. Ms. Ipswich. Via Sabang vertrok het korvet de volgende dag naar Tandjong Priok waar de naam veranderd werd in Hr. Ms. Morotai. De Morotai was tot eind 1949 actief in Indische wateren tijdens de Indonesische onafhankelijkheidstrijd. Op 28 december 1949 werd het schip overgedragen aan de Indonesische marine die het in dienst nam als KRI Hang Tuah. Op 28 april 1958 werd de Hang Tuah gebombardeerd en tot zinken gebracht door een Douglas A-26 Invader van Indonesische rebellen die van 1957 tot 1961 vochten tegen troepen van President Soekarno. Het vliegtuig werd met piloot door de CIA ter beschikking gesteld aan de separatisten. De CIA ondersteunde de rebellen met dergelijke vliegtuigen en andere wapens en uitrusting omdat ook de Verenigde Staten vond dat Soekarno Oost-IndonesiŽ en Sumatra achterstelde in vergelijking met Java. Bij het tot zinken brengen van de KRI Hang Tuah kwamen 18 bemanningsleden om het leven en raakten er 28 gewond.

Hr. Ms. Ternate J192, B245, MV23, PK3, P8, M816, F812, A874

HMAS Kalgoorlie werd op 8 mei 1946 te Melbourne buiten Australische dienst gesteld en in Nederlandse dienst genomen als Hr. Ms. Kalgoorlie. Op 28 juni van datzelfde jaar vertrok het korvet naar Makassar en vandaaruit naar Koepang op Nederlands Timor. Op 16 juli 1946 vertrok het Nederlandse schip uit Koepang en werd vanaf die dag officieel herdoopt in Hr. Ms. Ternate. Net als haar zusterschepen hield Hr. Ms. Ternate zich tot eind 1949 bezig met patrouille varen, vlag vertonen en het ondersteunen van de politionele acties in IndonesiŽ. In 1950 vertrok het schip naar Nederland voor groot onderhoud. Twee jaar later vertrok het korvet als stationsschip naar Nieuw-Guinea en kwam op 20 december 1952 aan in Sorong. Op 19 september vertrok het korvet van Sorong naar Townsville, Sydney en Cairns aan de Australische oostkust voordat het schip op 22 december weer terugkeerde op haar basis te Nederlands Nieuw-Guinea. Op 17 augustus 1955 vertrok Hr. Ms. Ternate via Singapore, Colombo, Aden, het Suezkanaal, Messina en Gibraltar naar Den Helder waar het schip op 27 oktober aankwam. In 1956 werd Hr. Ms. Ternate ter beschikking gesteld van de Technische Opleiding van de Koninklijke Marine (TOKM) te Amsterdam. Op 21 september 1961 werd het schip voor sloop verkocht.

Hr. Ms. Tidore J181, B250, MV24, PK4, P9

Op 30 april 1946 werd HMAS Tamworth in Nederlandse dienst gesteld als Hr. Ms. Tamworth nadat het korvet eerder op die dag buiten Australische dienst was gesteld. Op dezelfde dag als Hr. Ms. Kalgoorlie vertrok de Tamworth naar Makassar en van daaruit naar Koepang. Op 16 juli 1946 vertrok het korvet uit Nederlands Timor en werd vanaf die dag Hr. Ms. Tidore genoemd. Tot eind 1949 vocht Hr. Ms. Tidore tegen de Indonesische nationalisten en voerde dezelfde taken uit als haar zusterschepen. Op 28 december 1949 werd het korvet overgedragen aan de Indonesische marine als KRI Pati Unis. Het schip bleef tot 1969 in Indonesische dienst waarna het voor sloop werd verkocht.

Pagina navigatie

Afbeeldingen


Hr. Ms. Boeroe in Nederlands Oost-IndiŽ.
(Bron: Maritiemdigitaal)


Hr. Ms. Ternate in Indische wateren.
(Bron: Dutchfleet)


Hr. Ms. Morotai voor anker in Nederlands Oost-IndiŽ.
(Bron: Marine Museum)


Patrouillevaartuig Hr. Ms. Batjan in Den helder, 28 mei 1948.
(Bron: Marine Museum)


Hr. Ms. Ceram als fregat F815.
(Bron: Maritiemdigitaal)

Informatie

Artikel door:
Peter Kimenai
Geplaatst op:
01-12-2012
Laatst gewijzigd:
01-03-2015
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

CategorieŽn


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2017
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.