Partizanen van Baarlo

Boekenderhof

De leider van KP-Limburg vroeg in de septemberdagen van 1944 dringend om versterking. Dit verzoek belandde bij LSC Frank die KP Maas en Waal op 6 september opdracht gaf om zich bij KP Limburg te voegen voor ‘een grote opdracht’. In de loop van zaterdagmiddag 9 september ontmoetten de twee knokploegen elkaar aan de Emmastraat in Venlo in een fabriek waar religieuze beelden werden gemaakt. Deze fabriek was een centrum van het verzet. Er was niet alleen een grote ondergrondse schuilplaats, maar ook een fors wapenarsenaal.

Een dag later werd er naar de fabriek gebeld met de mededeling dat de brug over de Maas door de Duitsers afgesloten zou worden. Na een kort overleg besloten de vanaf nu gezamenlijk optrekkende KP’s om naar de overkant van de Maas te gaan en wel naar Baarlo op de linkeroever. Men meende daar strategisch beter te zitten.

Via het verzet in Baarlo werd een plaats gevonden waar de groep ondergebracht kon worden. Dit werd ‘de Boekenderhof’, een eeuwenoude Limburgse boerderij, ten zuiden van het dorp gunstig gelegen tegen de dichte Heldense bossen aan en ver van de doorgaande weg. De boerderij werd bewoond door het boerenechtpaar Mertens.

Het besluit om uit Venlo weg te trekken, was precies op tijd genomen. Als gevolg van de geallieerde opmars verplaatste de SD haar hoofdkwartier in het zuiden op 11 september van Maastricht naar Venlo. Ook andere Duitse troepen trokken zich samen in deze stad en op 14 september werden alle mannelijke inwoners van Venlo opgeroepen om zich te melden voor graafwerk.

Ondertussen vermaakten de KP’ers zich goed op de Boekenderhof. Het waren prachtige septemberdagen en er werd druk geholpen met de appeloogst. Toch waren de partizanen van Baarlo, zoals ze na de oorlog genoemd zouden worden, niet tevreden, want het leek alsof zij tot nietsdoen gedwongen waren.

Op 14 september kwamen er rond zes uur ’s avonds vier Duitsers de oprijlaan van de Boekenderhof op. De soldaten werden vriendelijk ontvangen en hen werd een maaltijd voorgezet. Daarna werden zij naar buiten gelokt, terwijl de KP’ers zich over hun wapens ontfermden. Terwijl de Duitsers in de tuin zaten te genieten, werden zij plotseling gearresteerd door de verzetsmannen. De soldaten gaven zich gewillig over en waren zo de eerste krijgsgevangenen van de Baarlose partizanen.

Op 17 september 1944 was de lucht rond Arnhem en Nijmegen vol met parachutes en zweefvliegtuigen. De grootste luchtlandingsoperatie uit de Tweede Wereldoorlog onder de codenaam Market Garden was van start gegaan. Via de radio werd het Nederlandse verzet opgeroepen om steun te verlenen aan de geallieerde troepen en om op andere manieren de verwarring onder de Duitse soldaten nog groter te maken.

Dat was de aanleiding voor de KP’ers om een Duitse vrachtwagen te overvallen. Na lang gewacht te hebben in het struikgewas bij Kessel-Hout kwam er een vrachtauto langs. De auto werd door middel van geweervuur tot stoppen gemaand en de drie inzittenden werden krijgsgevangen gemaakt. Ook werden voorraden wapens, munitie en geld uit de vrachtwagen meegenomen. Daarnaast had een ander lid van de verzetsgroep in dezelfde omgeving nog drie Duitsers gevangen genomen.

De zes nieuwe krijgsgevangenen werden in tegenstelling tot de eerste vier niet ondergebracht op de Boekenderhof. Zij kregen voorlopig onderdak in een onderaarde schuilplaats die de OD ergens in de bossen bij Baarlo had ingericht. De OD verrichtte vanaf dat moment de bewakingsdiensten over de gevangen genomen Duitsers, zodat de KP’ers hun handen vrij hadden voor het riskantere werk.

Op 20 september besloot de verzetsgroep om nu niet weer een wagen te overvallen, omdat dit sporen naliet. Men ging weer ergens in stelling in de bossen en toen er op een gegeven moment een aantal Duitsers voorbijfietste werden zij tot stoppen gedwongen en gevangen genomen. De fietsen en andere spullen werden snel in het bos verborgen en de elf soldaten werden met de buit aan wapens en geld meegenomen.

De KP besloot na deze acties om een aantal afleidingsmanoeuvres uit te voeren. Als de Duitsers op de kaart zouden kijken naar de plaatsen waar vuurgevechten hadden plaatsgevonden, moesten ze namelijk wel tot de conclusie komen dat het centrum van de verzetsgroep in Baarlo zou liggen. Een deel van de verzetsgroep vertrok daarom naar boerderij ‘de Spik’ op de grens van de gemeenten Haelen en Heythuizen, ongeveer 20 kilometer ten zuidwesten van Baarlo. Vanuit die boerderij zouden zij enige dagen opereren. In de nacht van 22 september werd er door deze groep een overval gepleegd op een Duitse vrachtauto. Bij het vuurgevecht werd één soldaat gedood en verschillenden raakten gewond, maar de KP’ers vluchtten de bossen in toen de Duitsers de achtervolging inzetten.

Op 25 september werden de KP’ers in alle vroegte gewekt omdat een grote groep Duitse soldaten de Spik naderde. Na een urenlange zoektocht, waarbij de verzetsmensen verborgen zaten op de hooizolder en doodsangsten uitstonden, vertrokken de soldaten onverrichter zake. Snel trokken de KP’ers burgerkleren aan en hun wapens werden begraven. Daarna vertrokken zij in allerijl naar schuiladressen. Dat was net op tijd, want een half uur na hun vertrek kwam de legermacht terug en werd de hele boerderij, inclusief de zolder, nog eens grondig uitgekamd. De volgende ochtend vertrokken de bospartizanen via omwegen weer naar de Boekenderhof.

Vroeg in de morgen van 27 september verscheen er een Duitse douanier op de Boekenderhof die appels wilden hebben. Hij werd binnengelaten en direct overmeesterd door een verzetsman en naar een andere kamer vervoerd om verhoord te worden. Enkele ogenblikken later kwamen er echter weer twee Duitse soldaten binnen. Zij roken onraad en hielden een toevallig aanwezige koerierster onder schot. Eén van de twee soldaten deed de deur open waar de KP’er de douanier aan het verhoren was. De verzetsman opende gelijk het vuur, waardoor er paniek ontstond. Door de schoten werden de andere verzetsmensen ook gealarmeerd. Zij schoten de douanier neer die van de verwarring gebruik wilde maken om te vluchten.

Ondertussen was er nog een Duitse sergeant binnengekomen. Deze drie Duitse soldaten voerden de koerierster mee als een levend schild, terwijl de KP’ers klaar stonden om te schieten. De dappere vrouw riep plotseling dat ze moesten schieten en liet zich vallen, waardoor zij het overleefde. Twee Duitsers werden gedood, maar de derde lukte het te ontkomen. De Boekenderhof was in rep en roer. Snel werden alle belastende stukken opgeruimd en het echtpaar Mertens in veiligheid gebracht. Met hun wapens en andere voorraden vertrokken de verzetsmensen naar de bossen rond Baarlo. Dat liep maar net goed af, want een grote groep SS’ers kwam snel daarna en brandde de boerderij tot de grond toe af.

Pagina navigatie

Afbeeldingen


De Boekenderhof, een eeuwenoude Limburgse boerderij, waar de verzetsgroep onderdak vond.
(Bron: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)


De Boekenderhof na de wraakactie van de SS.
(Bron: HWG De Borcht Baarlo)


Om de verwarring na de grootschalige geallieerde luchtlandingen vanaf 17 september 1944 (o.a. op de foto) nog groter te maken, moesten verzetsgroepen in het achterland sabotageacties uitvoeren.


Leden van de Knokploeg Baarlo en koeriersters.
(Bron: HWG De Borcht Baarlo)


Naoorlogse opname van leden van de knokploeg (de Bospartizanen).
(Bron: HWG De Borcht Baarlo)

Informatie

Artikel door:
David Izelaar
Geplaatst op:
07-03-2014
Laatst gewijzigd:
23-05-2016
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

Categorieën


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2017
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.