Duits Spoorweggeschut

28-cm Kanone 5, Leopold

28-cm Kanone 5 (Eisenbahn) "Leopold".
Het tweede ontwerp uit het langetermijnprogramma bleek een groter succes. Het was een totaal nieuw ontwerp van Krupp, dat in 1934 begon met de productie. De eerste exemplaren rolden in 1936 uit de fabriek en bleef in productie tot in 1945. Het totaal aantal geproduceerde exemplaren is onbekend, maar afgaand op de snelheid van afleveren, moeten het tussen de 25 en 28 zijn geweest. Ten tijde van de Duitse inval in Polen waren er al vijf in operationele dienst. Tegen het einde van 1940 was dat aantal gestegen tot acht.
De productie was verdeeld over twee fabrieken, namelijk Krupp zelf en de Hanomag-fabrieken in Hannover. In navolging van de beroemde "Dikke Bertha" uit de Eerste Wereldoorlog kreeg het geschut de bijnaam "Slanke Bertha".
Standaard werden met dit geschut 28 cm brisantgranaten afgevuurd van het type Granate 35.

Een ander projectiel dat nu en dan werd gebruikt was de met een raketmotor aangedreven RGr 4331 (Raketengranate), waarmee in combinatie met een K 5 (E) een bereik van maar liefst 86.500 m kon worden bereikt met een formidabele snelheid. De granaat was echter onvoldoende precies om van effectief nut te kunnen zijn.
In de loop van de productie werden er diverse versies van het geschut ontwikkeld. Door problemen met scheuren van de loop werd een loop ontwikkeld met ondiepere groeven (7 in plaats van 10 mm). Het gevolg was natuurlijk dat er ook granaten voor dit type moesten worden ontwikkeld. Een gevolg dat de efficiŽntie in de bevoorrading niet ten goede kwam.
Een andere, niet succesvolle, variant, betrof daar waar nieuwe granaten met stuurbanden werden ingezet, waardoor ook de lopen moesten worden aangepast. Dat dit geen succes was blijkt uit het feit dat slechts twee exemplaren van deze variant werden gebouwd.
Van een andere variant werd er maar ťťn exemplaar gebouwd. Het betrof hier een K 5 (E) met uitgeboorde gladde loop, voor het afvuren van het zogenaamde PeenemŁnder Pfeil Geschoss. Dit was een soort raketvormige granaat, waar maar liefst een afstand van 150 km mee kon worden overbrugd. De loop werd hiervoor uitgeboord tot een kaliber van 31 cm. Dit wapen is alleen in 1945 aan het oostfront gebruikt en bij een bombardement op Maastricht in 1945 vanaf een basis nabij Bonn.

Een batterij van de K 5 (E) bestond standaard uit twee treinen. Beide werden getrokken door een dieselelektrische locomotief van het type C 14.
Eťn trein bestond uit het wapen zelf, een magazijnwagon, een personenwagon voor uitrusting met een keuken, twee wagons met munitie (113 granaten per wagon), twee wagons met patronen voor luchtdoelgeschut, een platte wagon met schuilplaats tegen luchtdruk, een open wagon met een luchtdoelkanon en drie rijtuigen voor de manschappen. De tweede trein telde drie munitiewagons, nogmaals een wagon voor uitrustingstukken, negen wagons met diverse voertuigen, een wagon met schuilplaats, een open wagon met luchtdoelgeschut, een personenrijtuig en twee wagons voor de hulpstukken voor de K 5. Als stuksbemanning telde de eenheid 42 man, waaronder vijf officieren en onderofficieren. Voorts reisde er nog een grote hoeveelheid personeel mee ter ondersteuning, waaronder de eigen verdediging.
Een aantal van deze wapens werd vast gestationeerd ter verdediging van de Atlantikwall in het gebied van Calais.
Bij het 204e Marine Kustbataljon waren nabij Calais twee exemplaren van de 690e Eisenbahnbatterie ondergebracht. Bij het 240e Marine Kustbataljon, waren nabij Wimereux-Les-Oies twee vuurmonden ondergebracht van 702e Eisenbahnbatterie. Bij het 244e Marine Kustbataljon ten slotte waren de vuurmonden ondergebracht van de 710e, 712e, 713e en 765ste Eisenbahnbatterie.
Dit gebied was echter niet het enige inzetterrein. De K 5 (E)'s zijn nagenoeg op ieder oorlogstheater in Europa ingezet.

In 1941, bij de Duitse inval in de Sovjet-Unie werden ook de spoorwegwapens ingezet.
Heeresgruppe Mitte kreeg een aantal vuurmonden toegewezen van de uit het gebied rond Calais afkomstige Eisenbahnbatterie 710, 712, 713 en 765. Heeresgruppe Sud kreeg 2e Batterie Eisenbahnartillerieabteilung 725 toegewezen.
Tijdens het beleg van Leningrad zijn de K5's van Eisenbahnartillerieabteilung 679 ingezet.
Later tijdens de oorlog aan het oostfront werd aan Heeresgruppe Nord Eisenbahnbatterie 686 toegevoegd en aan Heeresgruppe Mitte de 8e Batterie Eisenbahnartillerieabteilung 100.
Het meest berucht tijdens de oorlog zijn wel geworden de twee vuurmonden van Eisenbahnbatterie 712, die in 1944 naar ItaliŽ waren gestuurd. De wapens waren eigenlijk bedoeld voor inzet in TunesiŽ, maar door de afloop van de Noord Afrikaanse campagne waren ze rond Milaan gestationeerd. Om de verdediging van de Gustavlinie te ondersteunen waren de vuurmonden naar het gebied rond Anzio gestuurd waar ze net na de geallieerde landingen aldaar aankwamen. Ze werden gestationeerd nabij een spoorwegtunnel op het traject tussen Rome en Nettuno. Het dubbelspoor in de tunnel was ideaal om de wapens te verbergen. In de tunnel werden ze vuurgereed gemaakt, waarna men ze naar buiten reed, afvuurde en weer verstopte. De beide wapens zaaiden dood en verderf op de landingsstranden en de bijnaam "Anzio Annie" bezorgde schrik bij velen aan geallieerde zijde.

In 1944 vielen er in Noord Frankrijk en ItaliŽ tien K 5's in geallieerde handen. De eerste twee werden veroverd in ItaliŽ op een rangeerterrein nabij Civitavecchia door het Amerikaanse 5e leger. Het waren de wapens van Eisenbahnbatterie 712, de Anzio Annie's. Eťn hiervan is verscheept naar de Verenigde Staten. De Amerikaanse 36e Divisie veroverde de vuurmonden van Eisenbahnbatterie 749 in augustus 1944 in Zuid Frankrijk. Het eerste Canadese leger trof in september van dat jaar Eisenbahnbatterie 688, 710 en 713 aan op het rangeerterrein in Sluiskil, samen met de K 12 (E).
De laatste operationele actie van de K 5 (E) aan het westfront was de ondersteuning van het Ardennenoffensief door de wapens van Eisenbahnbatterie 686 en 765, de opnieuw uitgeruste Eisenbahnbatterie 712 en de 2e Batterie van Eisenbahnartillerieabteilung 725.
Naast het in de Verenigde Staten aanwezige exemplaar is er in Frankrijk nog een K 5 (E) te bezichtigen en wel in het Atlantikwall Museum te Audinghen (nabij Wissant, de voormalige Batterie Todt)

Technische gegevens:

Type: 28-cm Kanone 5 (Eisenbahn)
Kaliber: 283 mm
Lengte loop: 21,538 m
Totaal gewicht: 218000 kg
Gewicht granaten: 255,5 kg
Bereik: 62,4 km

Pagina navigatie

Afbeeldingen


De Leopold
(Bron: W. Vermeer)


28-cm K5 in de buitgemaakte trein bij Sluiskil
(Bron: Terneuzenstad)


Twee van de K5'en te Sluiskil
(Bron: Terneuzenstad)

Informatie

Artikel door:
Wilco Vermeer
Geplaatst op:
25-02-2003
Laatst gewijzigd:
22-03-2010
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

CategorieŽn


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2018
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.