Nederlandse escorteschepen

Inleiding

Inhoudsopgave

De Koninklijke Marine had voor eind 1940, in tegenstelling tot bijvoorbeeld de Royal Navy, nooit de beschikking gehad over oorlogsschepen die speciaal gebouwd waren als escortevaartuig. Vanaf de algemene mobilisatie, in augustus 1939, werden escortediensten in Nederlandse en Nederlands Oost-Indische wateren uitgevoerd door alle beschikbare schepen die daarvoor in aanmerking kwamen, zoals kanonneerboten, torpedobootjagers, kruisers en de stalen mijnenvegers van de Jan van Amstel-klasse. Zelfs de oude Nederlandse torpedoboten werden in Nederland ingezet voor het begeleiden en beschermen van koopvaardijschepen.

In Groot-BrittanniŽ en AustraliŽ, allebei landen die volledig afhankelijk waren, en nog steeds zijn van een vrije zeescheepvaart, zag men in 1939 al in dat zij behoefte hadden aan grote aantallen escortevaartuigen. Deze oorlogsschepen behoefden geen grote snelheid te hebben omdat de te begeleiden koopvaardijschepen gemiddeld niet sneller liepen dan zo`n 10 tot 12 knopen. Ook de grootste vijanden van deze koopvaardijers, de onderzeeboten, hadden geen hoge snelheid. Onder water had een onderzeeboot gemiddeld slechts een snelheid van tegen de 10 knopen. De escorteschepen dienden echter wel uitgerust te zijn met opsporings- en bestrijdingsmiddelen voor zowel onderzeeboten als vliegtuigen.

Vrijwel meteen na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog werden in oktober 1939 de eerste korvetten van de Flower-klasse op stapel gezet. Dit waren schepen van ongeveer 1.000 ton, bewapend met een 10,2cm kanon, machinegeweren en dieptebommen en uitgerust met ASDIC (Allied Submarine Detection and Investigation Committee, eerste actieve sonartechnologie) en radar. De korvetten hadden een maximale snelheid van ongeveer 16 knopen. In Frankrijk, Canada en Groot-BrittanniŽ zouden tijdens de Tweede Wereldoorlog 267 van dergelijke vaartuigen gebouwd worden.

In 1940 liep in AustraliŽ de eerste van 60 stuks Bathurst-klasse korvetten van stapel. Deze schepen met een standaard waterverplaatsing van 650 ton waren in AustraliŽ ontworpen en werden in de loop van de oorlog op acht verschillende werven in AustraliŽ gebouwd. Ze waren ongeveer gelijkwaardig gewapend en uitgerust in vergelijking met de Flower-klasse korvetten.

Nadat Duitsland in het voorjaar van 1940 Noorwegen, Denemarken, Nederland, BelgiŽ en een gedeelte van Frankrijk had bezet beschikte het land over tientallen uitvalsbases voor hun meest gevreesde maritieme wapen: de U-boot. Hierdoor werden het bereik en het operatiegebied van de Duitse onderzeeboten aanzienlijk groter waardoor de Britten de behoefte kregen aan grotere, oceaanwaardige escortevaartuigen. Deze behoefte werd ingevuld door het bouwen van de River-klasse fregatten. Dit waren schepen van bijna 1.400 ton en zwaarder bewapend dan de korvetten, maar zij beschikten vooral over een grotere actieradius. Op 31 december 1941 werd de kiel gelegd van het eerste van in totaal 151 van deze schepen.

De Nederlandse marine had tijdens de meidagen van 1940 verschillende schepen, die dienst konden doen als escorteschip, verloren in de strijd tegen de Duitsers. Dit waren onder andere de kanonneerboten Hr. Ms. Friso, Hr. Ms. Brinio en Hr. Ms. Johan Maurits van Nassau, de stalen mijnenvegers Hr. Ms. Pieter Florisz en Hr. Ms. Abraham van der Hulst en de torpedoboot Hr. Ms. Z 3. De laatste drie schepen waren met het IJsselmeerflottielje ten onder gegaan. Om het tekort aan escorteschepen in te vullen nam de Koninklijke Marine tijdelijk het Britse Flower-klasse korvet HMS Carnation, de Franse torpedoboot Bouclier en de twee Franse antionderzeeboot trawlers Jean Frederic en Notre Dame de France in bruikleen van de Royal Navy. Verder kocht Nederland tijdens de afbouw een River-klasse fregat van de Britten. Na de Tweede Wereldoorlog nam de Koninklijke Marine bovendien acht Bathurst-klasse korvetten van de Australische marine over om het tekort aan oorlogsschepen in Nederlands Oost-IndiŽ aan te vullen.

Definitielijst

ASDIC
Engelse afkorting voor: Allied Submarine Detection Investigation Committee. Door de Britten gebruikt systeem om Duitse onderzeeŽrs op te sporen. ASDIC zond een elektronisch signaal en ving de echo van deze signalen op en zette deze om in geluid, de bekende 'ping'. ASDIC had maar een bereik van 1,5 zeemijl en er was een ervaren luisteraar nodig om een U-boot te onderscheiden van een school vissen.
kanon
ook bekend als Kanone (Du) en Gun (En). Wordt vaak gebruikt om allerlei geschut aan te duiden. Eigenlijk slaat de term op vlakbaan geschut. Wordt gekenmerkt door een langere loop en grotere dracht.
mobilisatie
Een leger in staat van oorlog brengen, dus eigenlijk de overgang van vredestoestand naar oorlogstoestand. Het Nederlandse leger werd gemobiliseerd op 29 augustus 1939.
radar
Engelse afkorting met als betekenis: Radio Detection And Ranging. Systeem voor het met elektromagnetische golven vaststellen van de aanwezigheid, afstand, snelheid en richting van voorwerpen als schepen, vliegtuigen, enz.
U-boot
Duitse benaming voor onderzeeboot. Duitse U(ntersee)-boten hebben tot in mei 1943 een belangrijke rol gespeeld in de oorlogvoering. Ook veel vracht- en passagiersboten werden door deze sluipmoordenaars van de zee getorpedeerd en tot zinken gebracht.

Pagina navigatie

Afbeeldingen


Hr. Ms. Johan Maurits van Nassau (2) als fregat F802.
(Bron: Maritiem digitaal)


Het Flower-klasse korvet HMS Clematis in 1942.
(Bron: Naval-history)


Het Bathurst-klasse korvet HMAS Mildura.
(Bron: World Naval Ships)

Informatie

Artikel door:
Peter Kimenai
Geplaatst op:
13-01-2013
Laatst gewijzigd:
25-01-2013
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

CategorieŽn


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2017
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.