Nederlandse patrouilleboten

Inleiding

Inhoudsopgave

De Koninklijke Marine had tot kort voor de Tweede Wereldoorlog nooit over patrouilleboten beschikt. De taken van dergelijke vaartuigen, het bewaken van de territoriale wateren, havens en zeegaten en visserij-inspectie, werden door andere kleine oorlogsschepen uitgevoerd. De torpedoboten van de Z-klasse en de torpedoboten van de G-klasse werden bijvoorbeeld vaak als patrouillevaartuigen ingezet, maar ook mijnenvegers van de Jan van Amstel-klasse en Hr. Ms. M1 tot en met Hr. Ms. M4.

Gedurende de laatste weken van augustus 1939 verscherpten de internationale verhoudingen in de landen rond Nederland zodanig dat de Nederlandse regering besloot tot de algemene mobilisatie. Voor de Koninklijke Marine betekende dit onder andere dat de Bewakingsdienst werd opgericht. Deze bewakingsdienst had als doel een verrassend optreden van vijandelijke oorlogs- of koopvaardijschepen te voorkomen, het bewaken van de territoriale wateren inclusief de havens en riviermondingen en het voorkomen van schending van de Nederlandse neutraliteit. Dit waren in principe de taken van patrouilleboten. De sleepboten, visserstrawlers en stoomloodsvaartuigen, die voor de Bewakingsdienst gevorderd werden, werden echter bewakingsvaartuigen genoemd (zie Nederlandse bewakingsvaartuigen).

Om de grenzen aan de bovenrivieren te bewaken werd vlak voor de Tweede Wereldoorlog de Onderzoekings- en Bewakingsdienst Bovenrivieren (OBB) in het leven geroepen. De oude kanonneerboten Hr. Ms. Braga, Hr. Ms. Freyr en Hr. Ms. Tyr en de oude torpedoboot Hr. Ms. Christiaan Cornelis, die samen met enkele kleinere vaartuigen deze dienst vormden, voerden eveneens de taken van patrouilleboten uit, maar werden evenmin als zodanig geclassificeerd.

Verder kreeg Nederland van de Amerikaanse president Franklin D. Roosevelt een onderzeebootbestrijdingsvaartuig cadeau, dat op 6 augustus in dienst werd gesteld als Hr. Ms. Queen Wilhelmina. Dit soort schepen werden door de Amerikanen zelf Patrol Craft genoemd, maar de Koninklijke Marine classificeerde het als een escortevaartuig. Pas na de oorlog werd de Queen Wilhelmina geclassificeerd als patrouilleboot.

De eerste Nederlandse patrouilleboten die als zodanig ontworpen en op stapel gezet werden, waren de vier verschillende klassen P-boten, die in Nederlands Oost-IndiŽ gebouwd werden. De eerste twee klassen P-boten, Hr. Ms. P1 tot en met Hr. Ms. P4 en Hr. Ms. P5 tot en met P8, werden in 1939 in dienst gesteld en de volgende klassen volgden in 1940 en 1941. In totaal werden er drieŽntwintig P-boten gebouwd die allemaal eind februari en begin maart 1942 door de eigen bemanning of door ander marinepersoneel tot zinken werden gebracht om te voorkomen dat ze in handen zouden vallen van de Japanners. Ongeveer de helft kwam alsnog in bezit van de vijand nadat de patrouillevaartuigen gelicht en hersteld waren. Een aantal daarvan kwam na de oorlog, via de Dienst van Scheepvaart, weer in dienst bij de Koninklijke Marine als zogenaamde RP-boten. Deze afkorting werd zowel voor River Patrolboat als voor Regionaal Patrouillevaartuig gebruikt. De Dienst van Scheepvaart was de overkoepelende organisatie waar sinds 1905 de Dienst der Bebakening en Kustverlichting, de Gouvernements Marine en de Dienst der Gewestelijke Vaartuigen onder vielen (zie Gemilitariseerde schepen van de Gouvernements Marine).

Verder had de Nederlandse marine in de Oost nog een buitgemaakt Japans vissersschip in dienst als patrouilleboot. Dit was de voormalige Borneo Maru, die in Nederlandse dienst Hr. Ms. Masdijn genoemd werd. In de West beschikte de Koninklijke Marine vanaf juli 1940 over een drietal Noorse walvisjagersboten, die gehuurd werden via de Noorse regering. Na de oorlog werden deze schepen teruggegeven aan hun oorspronkelijke eigenaar. De gevorderde sleepboot en hulpmijnenveger Hr. Ms. Mico deed in Antilliaanse en Surinaamse wateren eveneens regelmatig dienst als patrouilleboot. Op 23 december 1942 werd de Marine Patrouilledienst Suriname opgericht waarvoor in Miami een zestal snelle motorpatrouilleboten werd gebouwd. Op 23 november 1945 werd de dienst opgeheven en de motorboten werden overgebracht naar Nederland en CuraÁao.

Definitielijst

mobilisatie
Een leger in staat van oorlog brengen, dus eigenlijk de overgang van vredestoestand naar oorlogstoestand. Het Nederlandse leger werd gemobiliseerd op 29 augustus 1939.
neutraliteit
Onpartijdigheid, onzijdigheid, tussen de partijen instaand, geen partij kiezen.

Pagina navigatie

Afbeeldingen


Hr. Ms. P4 werd na de Tweede Wereldoorlog in dienst gesteld als Hr. Ms. RP 133.
(Bron: Maritiem Digitaal)


De torpedoboot Hr. Ms. Z 5 werd vaal als patrouillevaartuig ingezet.
(Bron: Wikipedia)


Hr. Ms. Queen Wilhelmina geclassificeerd als patrouilleboot.
(Bron: Navsource)

Informatie

Artikel door:
Peter Kimenai
Geplaatst op:
07-10-2013
Laatst gewijzigd:
20-11-2013
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

CategorieŽn


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2017
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.