Duitse torpedobootjagers van de Z 1-klasse

Z 2 Georg Thiele en Z 3 Max Schultz

Z 2 Georg Thiele werd vernoemd naar Korvettenkapitän Georg Thiele, de commandant van VI. Torpedobootflottille tijdens de Eerste Wereldoorlog. Het flottielje, dat bestond uit de torpedoboten T 115, T 117, T 118 en vlaggenschip T 119, werd op 17 oktober 1917 bij Texel vernietigd door een superieure Britse vlooteenheid.

Tijdens de proefvaarten bleek al snel dat de nieuwe torpedobootjager teveel water maakte en in april 1938 werd de boeg van het schip verhoogd en verlengd bij Deutsche Werke. Z 2 Georg Thiele werd ingedeeld bij het 1. Z-Flottille. Net als zusterschip Z 1 Leberecht Maass maakte Z 2 Georg Thiele deel uit van de Duitse vloot in Memel op 23 maart 1939. Op 26 augustus 1939 moest Z 2 Georg Thiele zusterschip Z 3 Max Schulz op sleeptouw nemen omdat deze torpedobootjager haar boeg ernstig had beschadigd bij een aanvaring met de torpedoboot Tiger in de Pommerse Bocht bij Swinemünde. Eind 1939 legde Z 2 Georg Thiele mijnen voor de Britse kust totdat de Zerstörer in groot onderhoud ging.

Op 2 april 1940 was Z 2 Georg Thiele weer operationeel en werd toegewezen aan 1. Kriegsschiffgruppe voor operatie Weserübung, de invasie van Noorwegen. De groep, die verder bestond uit de torpedobootjagers Z 11 Bernd von Arnim en Z 21 Wilhelm Heidkamp en een aantal transportschepen, kreeg als opdracht het 139. Gebirgsjäger Regiment naar Narvik aan de Ofotfjord te brengen. Bij aankomst in de Noorse fjord, op 9 april 1940, konden de torpedobootjagers onder dekking van een sneeuwstorm ongezien een pier in de haven van Narvik bereiken waar de ingescheepte troepen aan land gezet werden. Een aantal minuten later werden de Zerstörer echter ontdekt door het Noorse kustverdedigingsschip Norge, dat meteen het vuur opende. Voordat het Noorse schip treffers kon plaatsen, werd het tot zinken gebracht door torpedo`s van Z 11 Bernd von Arnim.

Na brandstof ingenomen te hebben uit de tanker Jan Wellem, namen Z 2 Georg Thiele en Z 11 Bernd von Arnim positie in, in de toegang tot de Ballangenfjord, een zijtak van de Ofotfjord. De volgende ochtend vielen vijf Britse torpedobootjagers geheel onverwacht de Duitse invasievloot in de Ofotfjord aan en ontstond de Eerste zeeslag bij Narvik. De twee Zerstörer in de Ballangenfjord waren de eerste Duitse schepen die in gevecht raakten met de Britten. De Britse torpedobootjagers HMS Hunter en HMS Hardy werden tot zinken gebracht nadat Z 9 Wolfgang Zenker, Z 13 Erich Koellner en Z 12 Erich Giese zich in de strijd gemengd hadden. De Duitse torpedobootjagers Z 21 Wilhelm Heidkamp en Z 22 Anton Schmitt werden tot zinken gebracht en de Britse destroyer HMS Hotspur verloor haar boeg door een Duitse torpedo. Z 2 Georg Thiele had zeven treffers moeten incasseren en er waren 27 doden gevallen. Er brak brand uit aan boord en Z 11 Bernd von Arnim assisteerde bij het bluswerk. Z 2 Georg Thiele keerde terug naar Narvik om gerepareerd te worden. Nadat HMS Hotspur, HMS Havock en HMS Hostile de Ofotfjord verlaten hadden, bleven, behalve de twee gezonken Duitse torpedobootjagers, een gezonken Duits munitieschip, zes gezonken Duitse transportschepen en vier beschadigde Zerstörer achter.

Drie dagen later vond de Tweede zeeslag bij Narvik plaats. Op 13 april 1940 vielen het Britse slagschip HMS Warspite en negen Britse torpedobootjagers de Duitse invasievloot in de Ofotfjord aan. Samen met Z 18 Hans Lüdemann nam Z 2 Georg Thiele positie in bij de ingang van de Rombaksfjord, een andere zijtak van de Ofotfjord. Haar laatste torpedo trof HMS Eskimo, maar nadat alle munitie verschoten was, werd de Duitse torpedobootjager op de rotsen van de fjord gezet. De bemanning ging aan land en werd ingezet om de grondtroepen te versterken. Het wrak van Z 2 Georg Thiele ligt nog steeds gedeeltelijk op de rotsen van de Rombaksfjord.

Z 3 Max Schultz

Z 3 Max Schultz werd vernoemd naar Korvettenkapitän Max Schultz, commandant van de torpedoboot V 69. V 69 werd op 23 januari 1917 door Britse kruisers bij Zeebrugge tot zinken gebracht.

Net als haar zusterschepen kreeg Z 3 Max Schultz in 1938 een nieuwe boeg, die in december van dat jaar getest werd door een reis te ondernemen naar IJsland. In maart 1939 was de Zerstörer aanwezig in Memel. Op 26 augustus 1939, tijdens een patrouilletocht bij Bornholm, ramde Z 3 Max Schultz de torpedoboot Tiger die als gevolg van de aanvaring zonk. Nadat de bemanning van de Tiger door Z 3 Max Schultz en Z 2 Georg Thiele gered was, sleepte de laatste haar zusterschip achterstevoren, met een snelheid van vier knopen, naar Swinemünde. Na noodreparaties werd Z 3 Max Schultz overgebracht naar Oderwerke te Stettin om definitief gerepareerd te worden.

In september 1939 was Z 3 Max Schultz weer operationeel, maar op 28 oktober van dat jaar deed zich aan boord een turbine-explosie voor als gevolg van een defecte voedingspomp. Ketelruim I kwam onder water te staan en de Zerstörer kwam stil te liggen. Na enkele mislukte pogingen om de torpedobootjager weg te slepen, kreeg de bemanning de overgebleven onbeschadigde stoomturbine aan de praat. Z 3 Max Schultz kon op eigen kracht, maar begeleid door Z 14 Friedrich Ihn en Z 16 Friedrich Eckoldt, Kiel bereiken. In februari 1940 was de torpedobootjager weer in de vaart en legde mijnen voor de Britse oostkust. Enkele dagen later, op 22 februari 1940, liep Z 3 Max Schultz op een Britse mijn tijdens operatie Wikinger. Terwijl de torpedobootjager opvarenden van de door de Luftwaffe gebombardeerde Z 1 Leberecht Maass probeerde op te pikken, kwam het schip in aanvaring met de pas gelegde Britse mijn en zonk vrijwel meteen. Alle 308 opvarenden van Z 3 Max Schultz kwamen hierbij om het leven.

Definitielijst

Eerste Wereldoorlog
Ook wel Grote Oorlog genoemd, conflict dat ontstond na een groei van het nationalisme, militarisme en neo-kolonialisme in Europa en waarbij twee allianties elkaar bestreden gedurende een vier jaar durende strijd, die zich na een turbulent begin, geheel afspeelde in de loopgraven. De strijdende partijen waren Groot-Brittannië, Frankrijk, Rusland aan de ene kant (de Triple Entente), op den duur versterkt door o.a. Italië en de Verenigde Staten, en Duitsland, Bulgarije, Oostenrijk-Hongarije en het Ottomaanse Rijk aan de andere kant (de Centrale Mogendheden of Centralen). De strijd werd gekenmerkt door enorme aantallen slachtoffers en de inzet van vele nieuwe wapens (vlammenwerpers, vliegtuigen, gifgas, tanks). De oorlog eindigde met de onvoorwaardelijke overgave van Duitsland en zijn bondgenoten in 1918.
invasie
Gewapende inval.
Luftwaffe
Duitse luchtmacht.
operatie Weserübung
Codenaam voor de Duitse inval in Denemarken en Noorwegen. Deze operatie, die begon op 9 april 1940, was bedoeld om Engelse acties in Scandinavië te voorkomen.
Regiment
Onderdeel van een divisie. Een divisie bestaat uit een aantal regimenten. Bij de landmacht van oudsher de benaming van de grootste organieke eenheid van één wapensoort.
slagschip
Zwaar gepantserd oorlogsschip met geschut van zeer zwaar kaliber.
torpedo
Oorlogswapen, met van een explosieve lading voorzien sigaarvormig lichaam met een voortstuwings- en besturingsmechanisme, bestemd om na lancering via het water zijn weg te zoeken naar vijandelijke schepen en deze door een onderwaterexplosie uit te schakelen.
torpedobootjager
(Engels=destroyer) Zeer lichtgebouwd, snel en wendbaar oorlogsschip, bestemd om door verrassingsaanvallen grote vijandelijke schepen met de torpedo tot zinken te brengen.

Pagina navigatie

Afbeeldingen


Z 2 Georg Thiele in Swinemünde.
(Bron: Courtesy of Michael W. Pocock)


Z 2 Georg Thiele.
(Bron: World Naval Ships)


Z 2 Georg Thiele op de rotsen in de Rombaksfjord.
(Bron: Wikipedia)


Z 3 Max Schultz in een Duitse haven.
(Bron: World Naval Ships)


Z 3 Max Schultz met aangepaste boeg.
(Bron: World Naval Ships)

Informatie

Artikel door:
Peter Kimenai
Geplaatst op:
11-11-2014
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

Categorieën


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2017
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.