Harris, Arthur

Commander-in-Chief Bomber Command

Eerste maanden onder zijn bevel

Harris werd aangesteld als Commander-in-Chief Bomber Command op 22 februari 1942. Hij nam het bevel over van Air Vice-Marshal Jack Baldwin, die het commando tijdelijk had overgenomen na het vertrek van Peirse. Harris’ strijdmacht omvatte 44 squadrons van middelzware en zware bommenwerpers (waarvan 38 operationeel), 2 Groups lichte bommenwerpers en 17 Operational Training Unit’s. Dit kwam neer op minder dan 400 beschikbare vliegtuigen. De meerderheid van de squadron’s vloog nog met de verouderde Wellingtons, Whitleys en Hampdens, die een te klein bereik en beperkte bommenlading hadden. Op het moment dat Harris het commando overnam was het voortbestaan van Bomber Command als zelfstandige strijdmacht onzeker vanwege het onlangs verschenen Butt Report. Dit onderzoek had aangetoond dat van twee derde van de bemanningen die claimden het doel geraakt te hebben, slechts een derde binnen vijf mijl van het doel was gekomen. Dit aandeel was nog lager tijdens nachten zonder maneschijn waarin het Ruhrgebied het doel was. Niet alleen in het Britse parlement, maar ook onder oorlogscorrespondenten groeiden de twijfels over Bomber Command en dit had ook invloed op de publieke opinie. Het leek erop dat Peirse overmoedig was geweest over het werk van zijn Command en Harris moest de critici voor zich zien te winnen.

Het Air Ministry had Peirse op 9 juli 1941 een belangrijke nieuwe richtlijn gegeven, waarin stond dat precisiebombardementen op militaire en industriële doelen niet langer uitvoerbaar waren. Om die reden moesten hij zich richtten op ‘area-bombing’. Steden met doelen van industrieel of militair belang moesten worden aangevallen en tegelijkertijd zouden deze aanvallen het Duitse transportsysteem en het moreel van de burgers, met name de industriearbeiders, treffen. Op 14 februari 1942 kwam er nog een nieuwe richtlijn binnen op het hoofdkwartier van Bomber Command. Hierin werd benadrukt dat het primaire doel het moreel van de burgers moest zijn. Harris is en wordt er vaak van beschuldigd dat hij de man achter de strategie van ‘area-bombing’ is, maar onterecht. Het was bepaald door het Air Ministry, onder leiding van Portal, en werd gesteund door het War Cabinet. Churchill was eveneens een voorstander van de strategie: "Wanneer ik om me heen kijk hoe we de oorlog kunnen winnen zie ik dat er maar één weg is […] en dat is een allesverwoestende en verdelgende aanval vanuit dit land op het thuisland van de nazi’s door zware bommenwerpers."

Tijdens de eerste maanden onder de nieuwe bevelhebber voerde Bomber Command een aantal interessante aanvallen uit. Op 3 maart 1942 werd de Renault fabriek in Billancourt gebombardeerd. De grootste vloot van bommenwerpers tot dan toe werd naar het doel gestuurd en de concentratie van vliegtuigen boven het doel en het tonnage gedropte bommen waren eveneens een record. Op 17 april liet Harris zien dat hij precisiebombardementen nog altijd effectief achtte, ondanks de nieuwe richtlijnen. Twaalf Lancasters vielen de fabriek aan in Augsburg waar motoren voor onderzeeërs werden gemaakt. Bij deze aanval gingen echter zeven vliegtuigen verloren. Een aantal weken eerder was de strategie van ‘area-bombing’ met groot succes uitgevoerd tegen Lübeck (28/29 maart) en Rostock (vier nachten tussen 23 en 27 maart).

In een poging om de critici van Bomber Command de mond te snoeren moest Harris laten zien waartoe zijn strijdmacht in staat was. Hij besloot een aanval te doen op maximale sterkte. Portal en Churchill steunden hem. Keulen werd gekozen als doel voor de aanval waaraan meer dan 1000 bommenwerpers deelnamen. Operatie Millennium, zoals de codenaam luidde, werd uitgevoerd in de nacht van 30/31 mei 1942. 1047 vliegtuigen werden naar de stad gestuurd, waarvan er 43 (3,9%) verloren gingen. De aanval richtte grote schade aan en was een enorme boost voor Bomber Command. Harris: "Wanneer ik elke nacht 1000 bommenwerpers naar Duitsland kon sturen, dan zou de oorlog in de herfst beëindigd zijn. We zullen Duitsland onophoudelijk bombarderen. [..] De dag is nabij waarop de VS en wijzelf zo’n grote strijdmacht hebben dat de Duitsers om genade zullen schreeuwen." Deze harde woorden waren wat de meerderheid van de Britten wilde horen en die indruk maakten op bondgenoten.

Uitbreiding van het offensief

In de zomer van 1942 dreven de Duitsers het Rode Leger weer oostwaarts en was de slag om de Atlantische Oceaan nog in volle gang. Harris was ervan overtuigd dat Bomber Command een beslissend aandeel kon hebben in de oorlog en zelfs dat het deze voor de geallieerden kon winnen, zolang hij maar genoeg zware bommenwerpers tot zijn beschikking zou krijgen. Churchill was er niet van overtuigd dat Bomber Command de oorlog alleen kon winnen, maar wel dat het een groot aandeel zou hebben. Hij verzekerde Harris van zijn steun. Het aantal operationele squadrons moest voor het einde van het jaar gegroeid zijn van 32 naar 50. Harris weigerde echter om elk doel aan te vallen dat door het Air Ministry aan hem voorgesteld werd. Harris had een eerlijke en realistische kijk op bepaalde doelen, met name die aan olie gerelateerd. Op de aanhoudende verzoeken om de olieraffinaderijen bij Schweinfurt en Gelsenkirchen aan te vallen, reageerde hij: "Dit zou een verspilling van tijd en moeite zijn. Ze zijn erg klein en lastig te vinden in de rokerige en mistige atmosfeer van de Ruhr. Ik geloof dat het ons nog nooit is gelukt om ze te beschadigen terwijl we al duizenden vluchten hebben ondernomen. [...] Als we daar iets van geleerd hebben dan is het wel dat enkel onder de meest uitzonderlijke omstandigheden de allerbeste bemanningen deze doelen in de Ruhr kunnen vinden en dan nog alleen als het geluk aan hun zijde is." Harris ging ook niet meteen in op de verzoeken om Berlijn te bombarderen, gezien de hoge verliezen en geringe successen tijdens eerdere aanvallen. Hij wilde Berlijn graag bombarderen, maar pas wanneer hij dacht dat hij dit succesvol kon doen. Zijn eerste aanval op de Duitse hoofdstad vond plaats in de nacht van 16/17 januari 1943, elf maanden na zijn benoeming als bevelhebber.

Op dit moment in de oorlog was het strategische bombardementsoffensief niet alleen een militair middel voor Churchill, maar eveneens in politiek opzicht belangrijk in relatie tot Stalin en de Sovjet-Unie. Om die reden gaf hij Harris zijn volledige steun. Dit overtuigde Harris er nog meer van dat Bomber Command de oorlog alleen kon winnen en vanaf dit moment deed hij er alles aan om het volledige potentieel van zijn strijdkracht te ontplooien. OP 3 februari 1943 ontving hij een nieuwe en belangrijke richtlijn om mee te werken. Deze was opgesteld door Churchill, Franklin Roosevelt en de Combined Chiefs of Staff tijdens de Conferentie van Casablanca. In de richtlijn stond het primaire doel van de Britse en Amerikaanse bommenwerpers omschreven als: "de vernietiging en ontwrichting van het Duitse militaire, industriële en economische systeem en het ondermijnen van het moreel van de Duitse bevolking tot een punt waarop hun bereidheid tot gewapend verzet gebroken is." Historici verschillen nog steeds van mening hoe deze richtlijn geïnterpreteerd diende te worden. In de ogen van Harris betekende het dat de strategie van ‘area-bombing’ uitgebreid moest worden. Hij geloofde ook dat het Duitse moreel kwetsbaar was op dit moment van de oorlog en dat Duitsland zich zou overgeven wanneer het gebroken werd.

Om zijn taak uit te voeren had Harris een team van ondergeschikten nodig waar hij op kon rekenen. Zijn Groups werden geleid door mannen die hij heel goed kende en waar hij het volste vertrouwen in had (Robert Oxland, Roderick Carr en Edward Rice) en met wie hij eerder gevlogen of gewerkt had (Alec Coryton, Ralph Cochrane, Donald Bennett en Richard Harrison). George Brookes voerde het bevel over de recent geformeerde Canadese No.6 Group. Harris rekende ook erg op zijn Station Commanders en andere hoge officieren in de staf van de Groups. Hij kon echter ook hard optreden wanneer iemand van zijn team uit de pas liep. Zo ontsloeg hij bijvoorbeeld Coryton in februari 1943 toen de bevelhebber van No.5 Group weigerde om zijn bemanningen naar de Ruhr te sturen tijdens een nacht met slecht weer. In februari 1944 ontsloeg hij ook Brookes omdat hij niet overtuigd was van zijn leiderschapskwaliteiten en stelde in zijn plaats Clifford McEwen aan, in wie hij meer vertrouwen had. Hierdoor werd het beeld van een afstandelijke, harde en intolerante man gecreëerd. Maar de meeste van zijn personeelsleden op High Wycombe vonden hem een vriendelijke man, die zorgvuldig luisterde en daadkrachtig kon optreden. Zij zagen hem als de man die Bomber Command verder kon brengen. Harris genoot ook het vertrouwen en de loyaliteit van zijn vliegers, ook al waren de verliezen verschrikkelijk en zagen ze hem nauwelijks op hun vliegvelden. Harris wist dat hun taak aanzienlijke verliezen onvermijdelijk maakte en om die reden bleef hij aandringen op vliegtuigen en technieken die de bemanningen in staat moesten stellen zichzelf te verdedigen en zo de verliezen te minimaliseren. Hierdoor hadden de vliegers het gevoel dat hun bevelhebber zich om hen bekommerde. Historicus Max Hastings schreef hierover: "Hij was vastbesloten om elke man onder zijn commando de best mogelijke kansen op overleven te bieden."

Tot februari 1943 had Bomber Command een offensief tegen onderzeebootbases uitgevoerd. Nu kon zijn ‘main offensive’ beginnen. De slag om de Ruhr duurde vier maanden, waarin 43 grote operaties werden uitgevoerd. De belangrijkste doelen waren de wapenfabrieken van Krupp in Essen, de synthetische olieraffinaderij van Nordstern in Gelsenkirchen en de fabriek van Rheinmetal-Borsig in Düsseldorf. De meest bekende aanval van de hele campagne was Operatie Chastise (16/17 mei 1943), beter bekend als de Dambusters aanval. Het was een poging om de stuwdammen in de Möhne, Eder en Sorpe te doorbreken en zo de Ruhrvallei te laten overstromen. Het speciaal geformeerde en getrainde No.617 Squadron wist twee dammen te vernietigen. De aanval was een enorme boost voor het moreel, maar acht uit negentien van Harris allerbeste bemanningen waren gesneuveld en zij waren vrijwel onvervangbaar. Om die reden was het niet mogelijk om de strategie te wijzigen en dergelijke operaties uit te blijven voeren. Maar Harris wilde No.617 Squadron in stand houden voor operaties die speciale training en vaardigheden vergden, zoals de aanval op het Dortmund-Eems Kanaal in de nacht van 15/16 september 1943. Wederom waren de verliezen groot: vijf van de acht bemanningen keerden niet terug.

Hamburg tot Berlijn

Voordat de slag om de Ruhr ten einde was gekomen, was Harris al de slag om Hamburg begonnen. Dit was een serie van aanvallen die op 24 juli begonnen en acht dagen aanhielden. Harris was aangemoedigd door Portal en de Admiralty om de stad te bombarderen, aangezien het de grootste haven van Duitsland en het centrum van de scheepsbouwindustrie was. De campagne, die als codenaam Operatie Gomorrah had gekregen, werd uitgevoerd in samenwerking met de USAAF 8th Air Force. Eén van de aanvallen in het bijzonder werd erg bekend. In de nacht van 27/28 juli vielen 787 vliegtuigen de stad aan. Een combinatie van hoge temperaturen, grote droogte en een geconcentreerd bombardement veroorzaakte een vuurstorm die drie uur lang voortraasde en ongeveer 40.000 mensen doodde. De meeste van hen stierven aan kooldioxidevergiftiging toen de lucht uit hun schuilplaatsen werd gezogen. Albert Speer, Hitlers minister van bewapening, gaf aan dat zes vergelijkbare aanvallen een einde aan de oorlog konden maken. Bomber Command was echter nog niet sterk genoeg om een aanval op dergelijke schaal regelmatig uit te voeren.

In augustus 1943 kreeg Harris het bevel om Peenemünde te bombarderen. Hier hadden de Duitsers een ontwikkelcentrum voor langeafstandsraketten. 596 vliegtuigen werden naar het doel gestuurd voor een precisiebombardement dat werd uitgevoerd vanaf geringe hoogte en in helder maanlicht. De operatie werd een succes en wordt gezien als een van Harris’ meest risicovolle. Hij stelde die maand nog een gewaagde aanval voor aan Churchill. Harris wilde het kantoor van Mussolini bombarderen om een Italiaanse overgave te bespoedigen. Hij had No.617 Squadron geselecteerd voor deze aanval. Churchill verwierp het plan echter en beval Harris de strategie van ‘area-bombing’ uit te voeren tegen Milaan, Turijn en Genoa om de Italiaanse regering te dwingen akkoord te gaan met de eisen tot overgave van de geallieerden.

Aangemoedigd door Churchill en Portal lanceerde Harris diezelfde maand de slag om Berlijn. Hij gaf het bevel voor drie bombardementen op de Duitse hoofdstad, maar de successen waren gering en de verliezen hoog. Harris besloot het offensief verder uit te stellen tot november. In oktober ontving hij een bericht van Churchill: "Het War Cabinet heeft mij gevraagd jou hun complimenten over te brengen voor de recente successen van Bomber Command. […] Jouw Command speelt een voorname rol in de grootschalige aanval op Duitsland die wordt uitgevoerd door de strijdkrachten van de verenigde naties. Ik weet dat jouw officieren en manschappen ondanks het hevige verzet dat geboden wordt door zullen gaan totdat hun inspanningen beloond worden met de ondergang van de vijand." In november werd de slag om Berlijn hervat. Een serie van zestien grootschalige aanvallen werd uitgevoerd in een tijdsbestek van vier maanden. Naast de sterke verdediging moesten de bemanningen ook omgaan met de winterse omstandigheden op deze lange vluchten. Harris had voorspeld dat de Duitse hoofdstad met de grond gelijk zou zijn gemaakt aan het einde van de slag en dat het Duitse moreel zou bezwijken. Er werden 8700 vluchten uitgevoerd, waarbij 500 vliegtuigen niet terugkeerden. En hoewel er zware schade werd toegebracht, stonden de Duitsers geenszins op het punt zich over te geven. Churchill maakte ook in politiek opzicht gebruik van deze aanvallen door hier veelvuldig aan te refereren in zijn berichten aan Stalin. De Sovjetleider vroeg in zijn antwoord "de aanvallen ten koste van alles te intensiveren."

Het laatste oorlogsjaar

Aan het begin van 1944 waren zowel Harris als Lieutenant Colonel Carl Spaatz (bevelhebber van de USAAF) er nog altijd van overtuigd dat de geallieerde bommenwerpers Duitsland tot overgave kon dwingen. Bomber Command werd echter onder het commando van het Supreme Headquarters Allied Expeditionary Force (SHAEF) geplaatst en moest meewerken aan de voorbereidingen op operatie Overlord. Harris was het hier niet mee eens. Hij maakte zich zorgen over de mogelijkheid voor de Duitse industrie en nachtjagers om zich te herstellen. Desondanks werd Bomber Command opgedragen om kustverdedigingswerken en spoorwegknooppunten in België en Frankrijk te bombarderen. De bommenwerpers voerden zo’n zestig operaties uit ter voorbereiding op de invasie. Solly Zuckerman, de wetenschapper die het Transportation Plan had bedacht, schreef later in zijn dagboek: "Het wonderbaarlijke is dat Harris, die zich in eerste instantie nog meer verzette dan de Amerikanen, zich juist volledig op dit gevecht heeft gestort […] en een grotere bijdrage heeft geleverd aan de ontwrichting van vijandelijke verbindingen dan wie dan ook." Na D-Day verzocht Harris om de hervatting van zijn strategische bombardemente, maar General Dwight Eisenhower besloot dat de bommenwerpers gebruikt moesten worden om de grondtroepen te ondersteunen. Toen de Duitsers een week na D-Day hun eerste V-1 raketten op Londen afvuurden, kreeg Harris het bevel om de bevoorradings- en lanceerplaatsen aan te vallen als onderdeel van operatie Crossbow.

Toen de geallieerde legers eindelijk door de Duitse verdediging braken, volgde een snelle opmars naar de Duitse grens. Bomber Command speelde maar een kleine rol in deze opmars. SHAEF had de controle over Bomber Command in september losgelaten. Na het mislukken van operatie Market Garden in diezelfde maand waren de geallieerden tot stilstand gekomen en werd duidelijk dat de oorlog niet voor Kerstmis beëindigd zou worden. Harris was van mening dat het luchtoverwicht moest worden gebruikt om "Duitsland met de grond gelijk te maken" en zo de weg vrij te maken voor de grondtroepen. Dit schreef hij ook in een brief aan Churchill en de premier reageerde met: "Ik ga akkoord met je prima brief […] Ik ben er een voorstander van om alles op Duitsland te werpen dat niet nodig is op de slagvelden." Dit bemoedigde Harris, net als de meest recente richtlijn die hij van het Air Ministry had ontvangen en waarin de taak van Bomber Command werd beschreven als "de vernietiging en ontwrichting van het Duitse militaire, industriële en economische systeem en het ondersteunen van de land- en zeestrijdkrachten." De doelen waren drieledig: de olie-industrie, het Duitse transportnetwerk en het bombarderen van industriesteden. De vloot van bommenwerpers groeide nog altijd gestaag. Harris kon nu dagelijks een beroep doen op 1400 operationele vliegtuigen.

Een tweede slag om de Ruhr werd in de herfst van 1944 gelanceerd. Hoewel het onder die naam vermeld staat in de Official History, geniet de campagne maar weinig bekendheid. De bekendste aanval is operatie Hurricane, de codenaam voor twee aanvallen met meer dan 1000 bommenwerpers op Duisburg op 14 en 15 oktober 1944. Maar Bomber Command had de grote steden allemaal al aangevallen en richtte zich nu op kleinere plaatsen, zoals Darmstadt, Bremerhaven, Bonn en Freiburg. Op 12 november slaagden No.9 en No.617 Squadron erin het slagschip Tirpitz tot zinken te brengen (operatie Paravane). Dit zorgde ervoor dat Bomber Command veel positieve publiciteit kreeg en zelfs gelukwensen van de koning, de premier en de Admiralty. Maar langzaam maar zeker werden er vraagtekens gezet bij de inzet van Bomber Command in deze fase van de oorlog. Ook al had men nu de beschikking over verbeterde technieken op het gebied van bombarderen en navigeren, Harris bleef een groot gedeelte van zijn bommenwerpers inzetten voor ‘area-bombing’ op Duitse steden. Harris claimde dat het weer vaak niet geschikt was voor bombardementen op de kleinere olie en transport gerelateerde doelen. Maar er werden wel in grote getalen bommenwerpers naar Duitse steden gestuurd voor ‘area-bombing’, in zowel goed als slecht weer. Critici van Harris zijn van mening dat het voortzetten van de strategie van ‘area-bombing’ in deze fase van de oorlog onnodig was.

In de tussentijd hadden de Britse Chiefs of Staff het plan van operatie Thunderclap geopperd: een grootschalige aanval op het moreel van de burgers die doorslaggevend zou kunnen zijn. Een aanval op Berlijn werd overwogen, maar uiteindelijk werd het plan in aangepaste vorm uitgevoerd op Dresden nadat Air Vice-Marshal Sidney Bufton (Director of Bomber Operations) had gesuggereerd dat Thunderclap gebruikt kon worden ter ondersteuning van de opmars van de Sovjets. Churchill stond op het punt te vertrekken naar de Conferentie van Jalta. Hier verzochten de Russen om luchtaanvallen op de transportnetwerken in het oosten van Duitsland. Het Air Ministry en de Chiefs of Staff gingen akkoord en Harris kreeg zijn orders. In de nacht van 13 op 14 februari 1945 werden 805 vliegtuigen naar Dresden gestuurd en het hart van de stad werd verwoest in een afschuwelijke vuurstorm. Geschat wordt dat 25.000 mensen, veelal burgers en vluchtelingen, bij de aanval om het leven kwamen. Het nieuws van de vernietiging van Dresden zorgde voor woede in het Britse parlement. Churchill, die een sterke voorstander was geweest en zelf een rol had gehad in het opzetten van de aanval op Dresden, bracht een memorandum uit: "Het lijkt mij dat het moment is gekomen dat het vraagstuk rond het bombarderen van Duitse steden enkel met als doel om angst te zaaien of onder andere voorwendselen, herzien moet worden. […] De vernietiging van Dresden blijft een punt van twijfel binnen de uitvoering van de geallieerde bombardementen." De vernietiging van Dresden is symbool komen te staan voor de bombardementen op Duitsland tijdens de Tweede Wereldoorlog en Harris werd publiekelijk gezien als de verantwoordelijke hiervoor. Harris noemde de beschuldigingen van terreur tegen hem en zijn vliegers een belediging voor zowel Bomber Command als het Air Ministry.

Het offensief van Bomber Command ging door en in maart 1945 werd er een groter tonnage bommen gedropt dan in elke andere maand van de oorlog. Olieraffinaderijen en transportknooppunten werden aangevallen, maar Harris stuurde ook in deze maand nog bommenwerpers naar industriesteden. Zijn doelen in de laatste vijf weken van de oorlog waren strikt van militaire aard. Zijn vliegers speelden ook een belangrijke rol in de voedseldroppingen boven het westen van Nederland (operatie Manna, 29 april tot 8 mei) en in de terugkeer van krijgsgevangenen naar Groot-Brittannië (26 april tot 6 juni).

Definitielijst

Bomber Command
Onderdeel van de RAF dat zich met strategische en soms tactische bombardementen (zoals in Normandië) bezighield.
Conferentie van Jalta
Conferentie tussen Churchill, Roosevelt en Stalin in Jalta op de Krim van 4 tot 11 februari 1945. Belangrijke besluiten werden genomen over de bezetting van Duitsland en de oprichting van de Verenigde Naties.
D-Day
De dag dat de invasie van West-Europa plaatsvond op 6 juni 1944. Na een lange misleidingsoperatie vielen de geallieerden op vijf plaatsen op de Normandische kust de stranden binnen om zo hun opmars naar Nazi-Duitsland te beginnen. Hoewel D-Day vaak als Decision Day wordt gezien, is dit niet geheel correct. De D staat in dit geval gewoon voor Day, in het militaire jargon wordt namelijk gesproken van een operatie op Dag D, beginnend op Uur U.
geallieerden
Verzamelnaam voor de landen / strijdkrachten die vochten tegen Nazi-Duitsland, Italië en Japan gedurende WO 2.
invasie
Gewapende inval.
nazi
Afkorting voor een nationaal socialist.
offensief
Aanval in kleinere of grote schaal.
operatie Crossbow
Britse geleerden- en inlichtingendienst uit de periode 1943-1944. Deze dienst was de opvolger van Bodyline en had als doelstelling het ontdekken van gegevens over geheime Duitse wapens, zoals mogelijk nieuwe vliegende bommen en raketten.
Operatie Gomorrah
Een serie Amerikaanse en Britse dag/nacht luchtaanvallen op Hamburg, van 24 juli t/m 3 augustus 1943.
operatie Manna
Britse luchtlandingsoperaties in Griekenland op 12, 14 en 16 oktober 1944.
operatie Manna
Voedseldroppings boven Nederland door de RAF van 29 april tot 8 mei 1945.
operatie Market Garden
Codenaam voor gecombineerde land- en luchtaanvallen van de geallieerden in de regio Eindhoven, Arnhem en Nijmegen van 17 tot 26 september 1944.
operatie Overlord
De overkoepelende strategische planning voor de Geallieerde landing op de Normandische kust in juni 1944 t/m 90 dagen na D-Day.
operatie Paravane
Codenaam van een Britse luchtaanval door het RAF Bomber Command op het Duitse slagschip Tirpitz op 15 september 1944.
operatie Thunderclap
Grootschalige geallieerde luchtaanval op Dresden. De aanval werd uitgevoerd door meer dan 1100 USAF en RAF viermotorige bommenwerpers, duurde in totaal ca 14 uur en maakte Dresden nagenoeg met de grond gelijk, 14 februari 1945.
operatie Thunderclap
Het onthullen van het D-day basisplan door SHAEF aan alle deelnemende commandanten op 7 en 8 april 1944.
Rode Leger
Leger van de Sovjetunie.
slagschip
Zwaar gepantserd oorlogsschip met geschut van zeer zwaar kaliber.
Sovjet-Unie
Sovjet Rusland, andere naam voor de USSR.
vuurstorm
Spontaan ontstaan in juli 1943 in Hamburg. Dit was het ultieme doel van elk bombardement. De vuurstorm was niet meer te blussen en verbrandde alles wat op zijn pad kwam. Er zijn aan de grond temperaturen gemeld van 800-1.000 graden Celsius en windsnelheden van 240 km/uur, dus van dubbele orkaankracht. Het lukte Bomber Command slechts enkele keren om de gewenste vuurstorm te ontketenen, namelijk in Hamburg op 27 juli 1943, Kassel op 22 oktober 1943, Darmstadt op 11 september 1944 en Dresden op 13-14 februari 1945. Bomber Command nam altijd de middeleeuwse stadscentra (Altstadt) als doelwit vanwege de hoge houten gebouwen en de smalle straten.

Pagina navigatie

Afbeeldingen


Harris in zijn kantoor op het hoofdkwartier van Bomber Command.


Harris, Saundby en Graham op het hoofdkwartier van Bomber Command.


Harris and Saundby bestuderen een kaart van Duitsland.


Harris en Cochrane bij de debriefing van Guy Gibson's crew na Operation Chastise.


Harris kreeg bezoek van HM King George VI en Queen Elizabeth op het hoofdkwartier van Bomber Command.
(Bron: The National Archives)

Informatie

Artikel door:
Pieter Schlebaum
Geplaatst op:
31-08-2015
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

Categorieën


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2018
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.