Joods Hospitaal Berlijn tijdens de nazi-periode

Joodse leiding

Herr Dr. Dr.

Net zoals elders in door de naziís overheerst Europa werden ook in Duitsland de Joden zelf ingezet bij de organisatie van de deportatie van hun lotgenoten. Het orgaan dat hiermee belast werd, was de Reichsvereinigung der Juden in Deutschland, de in Berlijn gezetelde landelijke Joodse vereniging waaronder alle lokale Gemeinde (gemeenten) vielen. Bij de oprichting in 1933 had de organisatie nog Reichsvertretungder deutschen Juden geheten en sinds 1935 Reichsvertretung der Juden in Deutschland. Na de Kristallnacht mocht de illusie dat de Joden nog iets te zeggen had (Vertretung betekent vertegenwoordiging) echter niet langer gewekt worden. De Reichsvereinigung was vanaf dat moment niets meer dan een doorgeefluik van nazibevelen aan de Joodse gemeenschap. Tijdens de deportaties was de organisatie belast met het samenstellen van de transportlijsten. Ook de Transportreklamationstelle viel onder haar verantwoordelijkheid, net als (vanaf 1941) het Joodse hospitaal (hoewel die verantwoordelijkheid gedeeld werd met de afdeling Gezondheidszaken van de Berlijnse Gemeinde).

Een centrale figuur binnen de geschiedenis van de Reichsvereinigung en Berlijnse Gemeinde en het hospitaal tijdens de naziperiode was de in 1891 geboren Walter Lustig. Hij was volgens de naziwetten Joods maar leek in niets op de karikaturen uit de antisemitische propaganda. Een tijdgenoot beschreef hem als op en top Duits en vergeleek hem, vanwege zijn grote snor en Pruisische uitstraling, met "een majoor uit de Eerste Wereldoorlog". Autocratisch, afstandelijk en arrogant, zo werd hij omschreven door anderen die hem gekend hebben in de tijd dat hij in het hospitaal werkte. Hij wenste aangesproken te worden met Herr Dr. Dr., verwijzend naar zijn doctorstitels in de geneeskunde en filosofie. Sommigen beschuldigden de geassimileerde Jood ervan dat hij, ondanks zijn eigen afkomst, een antisemiet was. Hij had zich in elk geval bekeerd tot het christendom en was getrouwd met een Arische vrouw. Dankzij dit huwelijk was hij tijdens de oorlogsjaren beschermd tegen deportatie.

Voorafgaand aan het nazitijdperk had Lustig zich ten volle ingezet voor het Duitse Rijk. Tijdens de Eerste Wereldoorlog diende hij als legerarts, onder andere in Breslau waar hij medische zorg verleende aan soldaten die ziek of gewond van het Oostfront terugkeerden. Daarna volgde een jarenlange en succesvolle carriŤre in overheidsdienst. Hij klom op tot chef van de afdeling Medische Zaken van het Berlijnse politiepresidium met de titels Oberregierungsrat en Obermedizinalrat. In die functie kwam hij in contact met politiemensen die later in dienst van het RSHA toezicht zouden houden op het Joodse hospitaal, zoals Rolf GŁnther, de plaatsvervanger van Adolf Eichmann.

Lustigs uitstekende staat van dienst deed niet ter zake toen hij in oktober 1933 werd ontslagen omdat Joden in overheidsdienst niet langer getolereerd werden. Hij werkte daarna op de afdeling Gezondheidszaken van de Joodse Gemeinde in Berlijn en kreeg vanaf juli 1939 de leiding over diezelfde afdeling binnen zowel de Gemeinde als de Reichsvereinigung. Als verantwoordelijke voor alle Joodse medische aangelegenheden zag Lustig ook toe op het Joodse hospitaal en op de Transportreklamationstelle. Elk door de commissie uitgevaardigd uitstel van transport werd door hem persoonlijk gecontroleerd. Binnen het hospitaal werd hij gevreesd omdat hij er nauw op toezag dat de regels en bevelen van de Gestapo opgevolgd werden. Misschien nog wel beruchter was hij als vrouwenverslinder. Hij zou buitenechtelijke affaires gehad met meerdere jonge verpleegsters.

Eenmans-Joodse Raad

Dat het hospitaal gedurende de oorlogsjaren open bleef, betekende niet dat personeelsleden automatisch gevrijwaard waren van deportatie. Behalve dat dokters en verpleegsters transporten begeleidden en dan zelf ook niet meer terugkeerden, werden ziekenhuismedewerkers zelf ook individueel en collectief op transport gezet. Onder hen de gerenommeerde arts professor Hermann Strauss. Voor het nazitijdperk had hij een leerstoel in de interne geneeskunde aan de universiteit van Berlijn bekleed en daarnaast was hij sinds 1910 hoofdarts in het Joodse hospitaal. De hoogleraar, die al in de zeventig was, werd in juli 1942 gedeporteerd naar het "ouderengetto" Theresienstadt, waar hij een paar maanden voor het einde van de oorlog overleed.

Het eerste collectieve transport van hospitaalpersoneel vond plaats in oktober 1942 tijdens wat bekend is komen te staan als de Gemeindeaktion. Omdat er in Berlijn steeds minder Joden overbleven, was het niet langer nodig de Gemeinde en Reichsvereinigung op volle sterkte te houden. Daarom werden 553 medewerkers, samen met 328 familieleden, gedeporteerd naar Theresienstadt en Auschwitz. Onder hen waren ook medewerkers van het hospitaal, die in opdracht van SS-SturmbannfŁhrer GŁnther door Walter Lustig uitgekozen waren. Het was GŁnther zelf die ziekenhuisdirecteur SchŲnfeld aanwees, waarna die zelfmoord pleegde en Lustig de leiding over het hospitaal overnam. In juni 1943 volgde de opheffing van de Gemeinde en de Reichsvereinigung, al werd de opheffing van die laatst genoemde organisatie spoedig teruggedraaid waarna deze de rest van de oorlog bleef bestaan.

Nadat drie topmannen van de Reichsvereinigung in januari 1943 afgevoerd waren, was Lustig de machtigste man binnen de Joodse gemeenschap. Als leider van het hospitaal en het restant de Reichsvereinigung, dat zetelde in het ziekenhuis, bekleedde hij vanaf 1943 een functie die is omschreven als een "eenmans-Joodse Raad".

Definitielijst

Eerste Wereldoorlog
Ook wel Grote Oorlog genoemd, conflict dat ontstond na een groei van het nationalisme, militarisme en neo-kolonialisme in Europa en waarbij twee allianties elkaar bestreden gedurende een vier jaar durende strijd, die zich na een turbulent begin, geheel afspeelde in de loopgraven. De strijdende partijen waren Groot-BrittanniŽ, Frankrijk, Rusland aan de ene kant (de Triple Entente), op den duur versterkt door o.a. ItaliŽ en de Verenigde Staten, en Duitsland, Bulgarije, Oostenrijk-Hongarije en het Ottomaanse Rijk aan de andere kant (de Centrale Mogendheden of Centralen). De strijd werd gekenmerkt door enorme aantallen slachtoffers en de inzet van vele nieuwe wapens (vlammenwerpers, vliegtuigen, gifgas, tanks). De oorlog eindigde met de onvoorwaardelijke overgave van Duitsland en zijn bondgenoten in 1918.
Joodse Raad
Tijdens de bezetting een door de Duitsers ingesteld joods bestuur, dat onder andere mee moest werken aan de deportatie van joodse Nederlanders.
nazi
Afkorting voor een nationaal socialist.
propaganda
Vaak misleidende informatie die gebruikt wordt om aanhangers / steun te winnen. Vaak gebruikt om ideele en politieke doelen te verwezenlijken.
RSHA
Reichssicherheitshauptambt. De centrale inlichtingen en veiligheidsdienst van het Derde Rijk
Theresienstadt
Stad in TsjechiŽ, hier hadden de nazi's een modelconcentratiekamp ingericht.

Pagina navigatie

Afbeeldingen


SS-HauptsturmfŁhrer Rolf GŁnther, Eichmanns plaatsvervanger.
(Bron: Wikimedia Commons)

Informatie

Artikel door:
Kevin Prenger
Geplaatst op:
09-11-2015
Laatst gewijzigd:
12-03-2017
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

CategorieŽn


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2018
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.