Beck, Ludwig

Eerste Wereldoorlog en Interbellum

Eerste Wereldoorlog

In 1914 brak de Eerste Wereldoorlog uit en Beck werd toen aangesteld als 2. Generalstabsoffizier (Ib) im Generalkommando des VI. Reservekorps. In die functie was Beck verantwoordelijk voor de logistiek binnen het hele korps. Bij aanvang van de oorlog was hij nog relatief optimistisch over de oorlog en zag hij het als een professionele test van hem als beroepsmilitair, maar dat beeld werd snel bijgesteld na het zien van de kille realiteit. Hierna werd Beck 1. Generalstabsoffizier (Ia) bij de 117. Infanterie-Division en vervolgens bij de 13. Reserve-Division. Met die divisies vocht hij onder andere bij Arras in Frankrijk, waar zijn 117. Infanterie-Division na twee dagen van intensieve gevechten afgelost moest worden. Daarna, in september 1915, kreeg dezelfde divisie bij La Bassée een grote Britse tegenaanval te verduren, waardoor de divisie nagenoeg vernietigd werd. De 117. Infanterie-Division was de divisie met de zwaarste verliezen aan het front. Met de 13. Reserve-Division vocht hij in 1916 bij Verdun en ook daar werden enorme verliezen geleden. Beck zag de Eerste Wereldoorlog in een zinloze uitputtingsslag veranderen. Hij deed als 1. Generalstabsoffizier zijn best om de verliezen te beperken door bij zijn meerderen tegen bepaalde troepenverplaatsingen te adviseren, maar de strakke hiërarchische verhoudingen stonden dat vaak in de weg. Een beperkte terugtocht was vaak niet mogelijk, met desastreuse gevolgen. Becks meerderen bestempelden zijn adviezen als pessimistisch en schoven ze aan de kant.

Eind 1916 kreeg Beck een nieuwe functie als Stabsoffizier zur besonderen Verwendung in de staf van de Heeresgruppe Deutscher Kronprinz. Dat gaf Beck de mogelijkheid om de problemen aan Duitse zijde in deze fase van de oorlog van dichtbij mee te maken. Er waren continu logistieke uitdagingen, zoals het aanvoeren van nieuwe troepen om de uitgeputte eenheden te vervangen. Daarnaast maakte hij nu de discussies mee op het hoogste niveau over de te voeren strategie. Dat Beck op dit niveau acteerde getuigde van groot vertrouwen van de legerleiding in hem . In 1917 werd Beck bevorderd tot Major en waren zijn leidinggevenden erg van hem onder de indruk. Zoveel zelfs, dat hij meegenomen werd bij strategische en operationele besprekingen in het voorjaar van 1918. Dat was de tijd van het voorjaarsoffensief van het Duitse leger, een laatste poging om het tij van de oorlog in Duits voordeel te doen keren. Beck werd zelfs meegenomen bij een poging van kroonprins Wilhelm, de commandant van de Heeresgruppe, om Erich von Ludendorff, Erster Generalquartiermeister van het leger en plaatsvervanger van Generalfeldmarschall Paul von Hindenburg, ervan te overtuigen om te gaan onderhandelen met de westelijke geallieerde naties. Ludendorff wees het idee af en ging door met het geplande offensief. Het faalde en Duitsland raakte het initiatief definitief kwijt aan de geallieerden. Duitsland verloor en de Eerste Wereldoorlog was op 11 november 1918 ten einde. Beck had, mede vanwege zijn ervaringen op het hoogste niveau, scherpe kritiek op de manier waarop Ludendorff en Hindenburg tot overgave kwamen. Becks laatste opgave was het organiseren van de terugtocht van de vier legers die onder zijn Heeresgruppe vielen. Hij zorgde ervoor dat alle legers op 28 november 1918 op ordelijke wijze allemaal weer terug op Duits grondgebied kwamen.

Naweeën van de Grote Oorlog en het Interbellum

Na de oorlog kon Beck in het leger blijven. Op 5 januari 1919 werd de staf van de Heeresgruppe Kronprinz Wilhelm ontbonden en was Beck actief in de afwikkeling daarvan. De Major besloot de nieuwe republiek te dienen, ongeacht zijn aanvankelijke sceptische houding ten opzichte van de nieuwe regering van de republiek van Weimar. Begin 1919 werd hij Abteilungs-Kommandeur im Artillerie-Regiment 6. Hij kreeg een bijzondere opdracht direct van General von Seeckt. Hij moest een kritisch document schrijven over het opleiden van officieren in de Grote Oorlog. Dat document zou in de komende jaren belangrijk worden bij het uitbouwen van de nieuwe Generalstab en het opleiden van voldoende opvolgende leidinggevende onderofficieren en officieren. Op 24 maart 1920 kon hij het document aan de Chef der Heeresleitung General Reinhardt voorleggen. Het door Beck gemaakte document diende als adviesdocument aan de hoogste legerleiding wat zijn nog konden verbeteren aan de opleiding van officieren in de Reichswehr, maar helaas is niet bekend wat Seeckt of Reinhardt ermee gedaan hebben. Op 1 oktober 1922 werd Beck tot Oberstleutnant bevorderd en een jaar later kwam hij te werken in de staf van Wehrkreis VI un der 6. Division in Münster. Hij werd daar leider van de Führergehilfen-ausbildung, waardoor hij direct betrokken werd bij het opleiden van toekomstige leidinggevenden van de na de Eerste Wereldoorlog nieuw opgerichte Reichswehr.

Op 1 oktober 1925 werd Beck benoemd tot Chef des Stabes des Wehrkreiskommandos IV und der 4. Division in Dresden. In deze staf ontmoette Beck vele officieren met wie hij later een verzetsgroep vormde om Hitler door een aanslag om het leven te brengen. Hier vormden zich al de netwerken die in het latere verzetswerk van groot belang waren. De rol van Becks eenheid bestond voornamelijk uit de bewaking van de grens met Tsjechoslowakije en daartoe werden allerlei verdedigingsmaatregelen getroffen. Op 1 februari 1927 werd Beck tot Oberst benoemd en in die rang vervulde hij zijn functie tot 1 oktober 1929, toen hij het commando kreeg over het Artillerie-Regiment 5 in Fulda. In deze functie ervoer Beck meer van de politieke spanningen. Hij had bijvoorbeeld te maken met een luitenant die naar de SA wilde overlopen. Beck waarschuwde hem dat hij zijn bevelen moest volgen, maar later bleek dat de luitenant toch was vertrokken. Dit soort gevallen kwam rond deze tijd vaker voor bij het leger.

Op 1 februari 1931 werd Beck bevorderd tot Generalmajor en een jaar later werd hij Artillerieführer im Wehrkreis IV in Dresden. Dit was een functie die hoog gekwalificeerde officieren voornamelijk moest voorbereiden op hogere dienstrangen. Lang bleef hij daar niet, want op 1 oktober 1932 werd Beck commandant van de 1. Kavallerie-Division in Frankfurt an der Oder. Dat was een prestigefunctie, omdat het één van de slechts 10 divisies was in de tijd van de Reichswehr. Twee maanden later werd hij tot Generalleutnant bevorderd. Dat Beck een kundige generaal was, bewees hij tijdens een oefening vlak na zijn aantreden waarbij hij met zijn eenheid de denkbeeldige Poolse vijand was. Beck ging zo voortvarend te werk, dat hij, als de oefening na enkele dagen niet gestopt was, de Duitse strijdkrachten zo in de verdediging gedrukt had dat zij daar niet meer uit kwamen. In deze tijd kreeg Beck ook de leiding over een werkgroep die een nieuw document rondom de zogenaamde Truppenführung moest opstellen: een blauwdruk van gedragingen, leiderschapskwaliteiten en omgang met de nieuwste wapens, zoals tanks, vliegtuigen en dergelijke. Het document werd de handleiding voor de bevelvoering in het Duitse leger en was dus van groot belang.

Definitielijst

Artillerie
Verzamelnaam voor krijgswerktuigen waarmee men projectielen afschiet. De moderne term artillerie duidt in het algemeen geschut aan, waarvan de schootsafstanden en kalibers boven bepaalde grenzen vallen. Met artillerie duidt men ook een legeronderdeel aan dat zich voornamelijk van geschut bedient.
divisie
Bestond meestal uit tussen de een en vier Regimenten en maakte meestal deel uit van een Korps. In theorie bestond een Divisie uit 10.000 - 20.000 man.
Eerste Wereldoorlog
Ook wel Grote Oorlog genoemd, conflict dat ontstond na een groei van het nationalisme, militarisme en neo-kolonialisme in Europa en waarbij twee allianties elkaar bestreden gedurende een vier jaar durende strijd, die zich na een turbulent begin, geheel afspeelde in de loopgraven. De strijdende partijen waren Groot-Brittannië, Frankrijk, Rusland aan de ene kant (de Triple Entente), op den duur versterkt door o.a. Italië en de Verenigde Staten, en Duitsland, Bulgarije, Oostenrijk-Hongarije en het Ottomaanse Rijk aan de andere kant (de Centrale Mogendheden of Centralen). De strijd werd gekenmerkt door enorme aantallen slachtoffers en de inzet van vele nieuwe wapens (vlammenwerpers, vliegtuigen, gifgas, tanks). De oorlog eindigde met de onvoorwaardelijke overgave van Duitsland en zijn bondgenoten in 1918.
geallieerden
Verzamelnaam voor de landen / strijdkrachten die vochten tegen Nazi-Duitsland, Italië en Japan gedurende WO 2.
Heeresgruppe
Was de grootste Duitse grondformatie en was direct ondergeschikt aan het OKH. Bestond meestal uit een aantal Armeen met weinig andere direct ondergeschikte eenheden. Een Heeresgruppe opereerde in een groot gebied en kon een paar 100.000 man groot worden.
Infanterie
Het voetvolk van een leger (infanterist).
offensief
Aanval in kleinere of grote schaal.
Regiment
Onderdeel van een divisie. Een divisie bestaat uit een aantal regimenten. Bij de landmacht van oudsher de benaming van de grootste organieke eenheid van één wapensoort.
Reichswehr
Duitse leger in de tijd van de Weimarrepubliek.

Pagina navigatie

Afbeeldingen


Ludwig Beck in 1930.
(Bron: Bundesarchiv, Bild 146III-286 / CC-BY-SA 3.0)

Informatie

Artikel door:
Matthias Ouwejan
Geplaatst op:
13-04-2018
Laatst gewijzigd:
16-04-2018
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

Categorieën


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2018
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.