Beck, Ludwig

1933-1939

Beck en de uitbreiding van de Wehrmacht na de machtsovername van Hitler

De machtswissel van 30 januari 1933 deed Ludwig Beck goed, want hij stond op dat moment nog niet zeer kritisch tegenover het nationaalsocialistische bewind. Er ging namelijk een sterk signaal van de nieuwe machthebbers uit dat het leger weer belangrijk zou worden en dat iedereen trots mocht zijn op het leger. Beck was echter niet blind enthousiast, want over de ongeregeldheden op straat en de agressieve taal was hij kritisch. Zijn trots gaf hier toch de doorslag en hij wilde het nieuwe regime een serieuze kans geven. Op 1 oktober 1933 werd Beck Chef des Truppenamtes, één van de belangrijkste posities in het leger. Dat betekende dat hij naar Berlijn moest verhuizen en daarmee kort op de politieke ontwikkelingen zat. Voor Beck was de omgeving van de Heeresleitung en het Kriegsministerium nieuw, omdat hij de eerste stafchef was die nog nooit eerder in die kringen gewerkt had. Helmuth Graf von Moltke, de meest beroemde Generalstabschef van de Generalstab die onder andere de Frans-Duitse oorlog in 1870-1871 wist te winnen, was zijn grote voorbeeld en Beck had met het bereiken van deze positie zijn hoogste doel bereikt. Hij nam zijn werk uiterst serieus, nam vaak werk mee naar huis en stelde ook hoge eisen aan zijn omgeving. Militairen aan wie Beck leiding gaf schreven later over zijn strenge houding en zijn veeleisendheid.

Het was in 1934 roerig binnen de leiding van de Duitse Reichswehr. Er waren verschillende rivaliteiten, een gevolg van de omstandigheid dat met de uitbreiding van het leger verschillende stafeenheden kans zagen om meer macht naar zich toe te trekken. Beck zat daar middenin en kreeg het voor elkaar om van zijn eigen functie de belangrijkste te maken van alle staffuncties. Daarbij was het van waarde dat hij goed kon opschieten met de nieuwe commandant van de landmacht: Generalleutnant Werner von Fritsch. Beck werd de belangrijkste raadgever van Fritsch en kreeg ook plaatsvervangende bevoegdheden van de commandant toegewezen. Hiermee was de concurrentiestrijd voorlopig gestreden. Voorlopig, want er was in 1934 nog veel onduidelijk over de verantwoordelijkheid van planning en het uitvoeren van operaties . Er bleef strijd tussen de drie legeronderdelen Kriegsmarine, Heer (de landmacht) en Luftwaffe, omdat er verschil van inzicht was over een nieuwe commandostructuur waarbij alle legeronderdelen onder één commando werden gebracht. Van oudsher was de Oberbefehlshaber des Heeres de primus inter pares (de "eerste onder zijn gelijken"), hij bepaalde wat er in een oorlog militair moest gebeuren en overlegde dat met de politieke leiding. De strijd binnen de Wehrmacht kwam voort uit een tijd van nieuwe wapens, die nieuwe mogelijkheden met zich meebrachten. Gedurende de gehele oorlog bleef er strijd tussen het Oberkommando der Wehrmacht en het Oberkommando des Heeres. Formeel was laatstgenoemde ondergeschikt aan de eerstgenoemde, maar dat werd in de praktijk niet altijd zo opgevat.

Het is niet helemaal duidelijk sinds wanneer Ludwig Beck het regime van Adolf Hitler volledig afwees. Net als veel andere officieren was hij lang van mening dat er tegen Hitler op zichzelf geen bezwaren waren, maar dat hij zich moest beschermen tegen radicale elementen in zijn Nationalsozialistische Deutsche Arbeiterpartei (NSDAP). Hij was hoe dan ook tegen de misdaden van de NSDAP, de pesterijen jegens de Joden bijvoorbeeld, en hij probeerde via officiële kanalen zijn ongenoegen te uiten. Hij meldde dan aan de Kriegsminister dat die uitspattingen ervoor konden zorgen dat het prestige en geloofwaardigheid van zijn politiek ten onder zouden gaan. Hij realiseerde zich niet dat die uitspattingen deel waren van Hitlers politiek. Beck was midden jaren dertig daarom beslist nog geen tegenstander van Hitler te noemen. Wel is duidelijk dat hij beslist geen voorstander was van het afleggen van de eed op de persoon van Adolf Hitler; tot augustus 1934 werd trouw gezworen aan de rijksgrondwet. Beck liet destijds weten dat de dag dat hij in 1934 de eed op Hitler moest afleggen, de zwartste uit zijn leven was.

Al in 1933 liet Beck duidelijk via memoranda weten dat hij Duitsland het liefst weer als Europese grootmacht zag. Duitsland moest in dat kader een sterk leger bezitten en daarom wilde Beck vaart maken met de herbewapening. Hier speelde mee dat aangrenzende landen, zoals Frankrijk, behoorlijke legers hadden, waardoor Duitsland, meer specifiek de legerleiding, zich uitgesproken bedreigd voelde. Eén van Becks belangrijkste taken was dan ook de uitbreiding van de Reichswehr. Het leger van 100.000 man moest worden uitgebreid tot een leger met 21 Friedensdivisionen in vredestijd en een Risiko-Heer van ten minste 67 divisies in het geval dat Duitsland zou worden aangevallen. Dat betekende een verdrievoudiging van het aantal beschikbare manschappen naar 300.000 alleen al in vredestijd en Beck plande dat hij dat in vier jaar tijd kon realiseren. Hitler gooide echter roet in het eten door te eisen dat het de uitbreiding al in het voorjaar van 1935 moest worden afgerond. In mei 1934 stelde Beck een memorandum op waarin hij waarschuwde voor een té snelle uitbreiding van het leger, omdat dat argwaan in het buitenland zou opleveren, maar meer nog, omdat in Duitsland middelen voor de uitbreiding in balans moesten zijn en de slagkracht bewaard moest blijven. Het memorandum leverde alleen een uitstel op van de deadline, van voorjaar 1935 tot herfst 1935. Er werd op 16 maart 1935 weer de dienstplicht ingesteld, waardoor in elk geval in een groot aantal nieuwe rekruten voorzien kon worden. Beck en de legerleiding zorgden ervoor dat het leger, ondanks veel tegenslagen en grote druk gestaag groeide.

Op 1 oktober 1935 werd Beck tot General der Artillerie bevorderd. Eind 1935 werd door Beck en Fritsch begonnen met het ombouwen van het leger tot Angriffsheer (aanvalsleger), fase 2 van de uitbreiding van het leger. Er moest plaats gemaakt worden voor gemotoriseerde en gepantserde troepen, zodat het leger in staat werd gesteld om ook in de diepte veel slagkracht te genereren. De ruggengraat van dat leger moesten pantsereenheden vormen. Dit programma volgde op een studie die Beck in opdracht van het Kriegsministerium moest aanleveren over de mogelijkheid van een aanval op een zuidoostelijke staat. Beck had grote kritiek op deze studie, omdat het volgens hem de eerste stap in voorbereidingen tot oorlog was. Desondanks voerde hij de order uit. Zijn verdere diensttijd tot zijn ontslag stond in het teken van het uitdenken van aanvals- en verdedigingsscenario’s gericht op landen die Duitsland bedreigden. Die werden niet alleen door Becks staf, maar ook staven op lagere niveaus en het Wehrmachtamt, bestudeerd en beschreven. Voor Beck waren twee zaken belangrijk: dat Duitsland en het Duitse leger weer sterk zouden worden en dat Duitsland binnen Europa vervolgens een gunstige positie kon innemen. Voor het eerste kon Hitler zorgen, maar het tweede werd met zijn politiek verspeeld en dat bracht Beck ertoe om steeds kritischer te worden jegens de nationaalsocialistische regering. Hij stond veel meer een diplomatieke gang van zaken voor, wat terug te zien was in zijn contacten met buitenlandse legers. Hij vond het gevaarlijk dat Duitsland geïsoleerd zijn leger uitbreidde, omdat dat in het buitenland argwaan wekte. Hij was vooral kritisch op het, in zijn ogen, te snelle handelen in militair-politiek opzicht. De voorbereiding van de inval in Oostenrijk vond hij te vroeg komen voor een leger dat er nog niet klaar voor was om zulke risico’s te nemen. Daarnaast werd er weinig rekening gehouden met Europese machtsverhoudingen en dat maakte Beck bezorgd. Hij bereidde de inval weliswaar voor, maar persoonlijk keurde de Chef des Stabes der Heeresleitung die gang van zaken volkomen af. Beck heeft veel protesten aangetekend tegen de agressieve bewapenings- en buitenlandpolitiek, maar telkens stuitte hij op een muur en werden de plannen gewoon uitgevoerd.

In februari 1937 bracht Beck een bezoek aan de Franse legerleiding en bij dit gesprek werd duidelijk dat de Fransen de vrede wilden bewaren. Beck gaf aan dat het Duitse leger ook voor vrede stond en absoluut geen oorlog met de Fransen wilde. Via de Britse militaire attaché vernam Beck dat de Britten ook vrede wilden behouden. Na een bespreking met de commandanten van de verschillende legeronderdelen en de Reichskriegsminister op 5 november 1937, vernam Beck dat Hitler toekomstige plannen voor oorlog had. In elk geval in de richting van Tsjechoslowakije en de Sovjet-Unie. Hij was daarover ontstemd, omdat het leger daar in zijn ogen nog lang niet klaar voor was en omdat omliggende landen vrede wilden bewaren. Langzaam maar zeker werd de toon in zijn memoranda naar de Kriegsminister vinniger, omdat Beck steeds meer moeite had met de oorlogsretoriek van Hitler. Hij kon er niet tegen dat Hitler naar zijn mening nonchalant beslissingen nam, zonder daarbij de vaklui naar hun oordeel te vragen. Dat was voor Beck, die deze militair-strategische zaken graag goed onderzocht zag, onverdraaglijk. In de tweede helft van 1937 is duidelijk een kentering in Becks standpunt over Hitler te ontdekken. Hij noemde de nationaalsocialistische leider ziekelijk en onberekenbaar. Desondanks ging Beck door met het uitvoeren van de modernisering en herbewapening van het Duitse leger.

De Blomberg-Fritsch crisis, groeiende kritiek en ontslag

In 1938 werden zowel Reichskriegsminister Generalfeldmarschall Werner von Blomberg als landmachtcommandant Generaloberst Werner von Fritsch door Hitler uit hun functies ontheven. Daarmee werden de twee belangrijkste legercommandanten naar huis gestuurd. Hitler greep deze mogelijkheid om zelf de opperbevelhebber van het leger te worden. Beck maakte dit alles van dichtbij mee, als Chef des Generalstabes van Fritsch. Laatstgenoemde werd ervan beticht dat hij openlijk homofiel was en dat werd als reden gebruikt om hem zwart te maken en te laten ontslaan. Later bleek dat dit verhaal door de SS was geënsceneerd. Deze intrige was opgezet om "lastige elementen" in het commando van het leger te verwijderen, want de machtsstrijd was weer volop opgelaaid. Er was een Oberkommando der Wehrmacht (OKW) opgericht die direct de minister adviseerde over krijgszaken. Hitler had echter het commando overgenomen van Blomberg, waardoor er geen minister was en het OKW direct aan de dictator rapporteerde. Dat betekende een zware slag voor het Oberkommando des Heeres (OKH), dat zijn invloed zag slinken. Beck was zich daar volop bewust van en probeerde zich in die situatie te verweren. Hij was tijdens de Anschluss van Oostenrijk direct betrokken bij de militaire planning en uitvoering, als chef-staf van het grootste onderdeel van de Wehrmacht: das Heer. Hitler had de politieke en militaire macht in zichzelf verenigd. Daarnaast werd Beck vanuit het OKW steeds meer tegengewerkt.

De concurrentiestrijd tussen OKW en OKH leidde tot veel conflicten. In 1938 kwam daar nog een lastige situatie bij voor Beck, want Hitler speelde een conflict met Tsjechoslowakije op over de Sudetenduitsers in dat land. Het mondde uit in een crisis waarvan Beck vreesde dat die zou uitmonden in een oorlog die Duitsland niet kon winnen. Hij was van mening dat de Duitse buitenlandse politiek in balans moest zijn met de herbewapening van het leger. Nu dreigde de buitenlandse politiek de herbewapening voorbij te streven. Hij presenteerde in mei 1938 een memorandum aan Walther von Brauchitsch, de commandant van het landleger. Deze was net in functie en Beck probeerde hem via het memorandum op de hoogte te brengen van de manier van denken in zijn staf. Hij wilde aantonen dat Hitlers weg de verkeerde was en Brauchitsch moest zijn positie verdedigen. Beck koos hier voor een protest langs legale kanalen. Brauchitsch was echter bang om het memorandum in zijn geheel aan Hitler te presenteren. Hij ging daarom naar Generalmajor Wilhelm Keitel, de Chef des Stabes van het OKW. Dat was Becks grootste opponent in de concurrentiestrijd en Keitel stelde voor om bepaalde delen van het memorandum aan Hitler te tonen. Daarmee werd Becks argumentatie verzwakt en werden alleen die minst stekelige delen aan Hitler gepresenteerd. Zelfs dit deel van het memorandum zorgde voor een woede-uitbarsting bij Hitler, die vond dat Beck hem van het oorlogspad wilde afhouden, wat ook zo was. Dit was het moment waarop Hitler besloot om de Generalstabchef te vervangen, waarmee hij wachtte tot de herfst van 1938. Tot die tijd verzond Beck verschillende memoranda aan Hitler, maar alle zonder resultaat. Dit was zijn eerste oppositie tegen de leider van Duitsland, zij het via legale kanalen.

Beck vond dat het OKW door het sterke samenspel met Hitler de scheiding tussen politiek en militair te troebel maakte. Een scheiding die in zijn ogen nodig was om de vrede te bewaren met een sterk Duits leger. De Generalstabchef had een meerdere, Brauchitsch, die zich niet tegen Hitler durfde uit te spreken, waardoor Becks argumenten verzwakt of zelf weggelaten werden. Zijn boodschap dat oorlog koste wat het kost voorkomen moest worden, kwam daardoor niet over. Als dat wel het geval was geweest, dan was het maar de vraag of die serieus genomen werd. Beck wilde de gehele generaliteit bewegen om met één stem te spreken, maar het lukte hem niet om dat voor elkaar te krijgen. Hij stelde zelfs een collectief ontslag voor van alle bevelhebbers van het leger, zodat een glashelder statement gemaakt werd richting de politieke koers die gevaren werd. Rondom deze tijd, juli 1938, verscherpte zijn mening zeer en begon hij steeds radicalere ideeën te uiten . Zo eiste hij ook helderheid over de bevoorrechte positie van de SS ten opzichte van het leger. Al zijn memoranda waren gericht aan dovemansoren en Beck wilde ontslag nemen.

Beck vroeg op 18 augustus 1939 ontslag aan Hitler en dat werd hem ook verleend , maar Hitler verlangde van hem nog even in functie te blijven. Beck accepteerde dat verzoek, wat erop wijst dat zijn ontslag niet zo zeer een protestactie was, maar een besluit na vele mislukte pogingen om de militaire koers te veranderen. Bij zijn afscheidstoespraak voor zijn staf, maande Beck zijn officieren tot onafhankelijke oordeelsvorming om te voorkomen dat zij te veel in de nationaalsocialistische molen gezogen werden. Hij werd niet meteen uit actieve dienst gezet en Beck verwachtte daarom een vervolgfunctie. Die kwam er niet, want Beck moest de actieve dienst uiteindelijk toch verlaten op 1 november 1938. Bij zijn afscheid werd hij nog bevorderd tot Generaloberst. Beck nam zijn verlies gelaten en begon zich in de ontstane tijd te verdiepen in internationale crises. Hij schreef meerdere studies over de situatie in Duitsland na zijn pensionering en die werden na de oorlog gepubliceerd in een boek met de titel Studien.

Definitielijst

Anschluss
Duitse term voor aansluiting waarmee de annexatie van Oostenrijk door Nazi-Duitsland in 1938 (12 maart) wordt bedoeld. Hiermee ging Oostenrijk deel uitmaken van het Groot-Duitse Rijk.
Artillerie
Verzamelnaam voor krijgswerktuigen waarmee men projectielen afschiet. De moderne term artillerie duidt in het algemeen geschut aan, waarvan de schootsafstanden en kalibers boven bepaalde grenzen vallen. Met artillerie duidt men ook een legeronderdeel aan dat zich voornamelijk van geschut bedient.
Kriegsmarine
Duitse marine, naast de Heer en de Luftwaffe onderdeel van de Duitse Wehrmacht.
Luftwaffe
Duitse luchtmacht.
Reichswehr
Duitse leger in de tijd van de Weimarrepubliek.
Sovjet-Unie
Sovjet Rusland, andere naam voor de USSR.

Pagina navigatie

Afbeeldingen


De middelste ruiter is Ludwig Beck. Berlijn-Grunewald, omstreeks juni 1936.
(Bron: Bundesarchiv, Bild 146-1972-048-18 / CC-BY-SA 3.0)


Ludwig Beck in 1937.
(Bron: Bundesarchiv, Bild 183-C13564 / CC-BY-SA 3.0)


General der Artillerie Ludwig Beck in gesprek met Generaloberst Freiherr Werner von Fritsch tijdens een oefening van de Wehrmacht in 1937.
(Bron: Bundesarchiv, Bild 136-B3516 / Tellgmann, Gustav / CC-BY-SA)

Informatie

Artikel door:
Matthias Ouwejan
Geplaatst op:
13-04-2018
Laatst gewijzigd:
16-04-2018
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

Categorieën


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2018
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.