Tankmunitie in de Verenigde Staten (1941-1945)

Samenvatting

Tijdens de Tweede Wereldoorlog produceerden verschillende landen tankmunitie. De Verenigde Staten produceerden granaten voor hun 37, 75, 76 en 90mm kanonnen die gemonteerd waren in lichte, middelzware en zware tanks (de tank werd voor een korte periode, tussen 1945 en 1947 als zware tank aangeduid). De 37mm kanonnen waarmee lichte tanks zoals de M3 Stuart werden bewapend waren niet heel erg krachtig en niet zo geschikt om vijandelijke tanks tot op lange afstand te vernietigen. In combinatie met hun zwakke bepantsering waren lichte tanks vooral geschikt als verkenningswapens. De middelzware Amerikaanse M3 Lee en M4 Sherman tanks waren met 75mm kanonnen uitgerust die zowel pantsergranaten als dodelijk effectieve brisantgranaten konden afvuren. Met een penetratiewaarde van plusminus 80 tot 109 mm staal tot op een afstand van honderd meter kon het 75mm M2 en M3 kanon de meeste Duitse tanks zoals de Panzerkampfwagen III en IV in Noord-Afrika en West-Europa vernietigen. Vooral de zijkanten van Duitse tanks waren kwetsbaar. De introductie van beter gepantserde en bewapende Duitse tanks zoals de Tiger I en de Panther in 1942 en 1943 zorgden ervoor dat de Amerikanen zich bewust werden van het onvermogen van de standaard 75mm M2 en M3 kanonnen om dikker staal tot op lange afstand te doorboren.

De beschikbare munitiesoorten van de korte 75mm kanonnen hadden namelijk onvoldoende penetratievermogen om de voorkant van de genoemde Duitse tanks te doorboren, zij het met veel geluk en vanaf suÔcidaal korte (tussen nul en honderd meter) afstand. Door de standaardisatie wat betreft bewapening en koppigheid van enkele conservatieve Amerikaanse militairen (zie het artikel Tankontwikkeling in de Verenigde Staten (1918-1945) wat betreft nieuwe tankkanonnen bleef de de inzet van nieuwe 76mm kanonnen uit tot 1943 en 1944. Het vanaf 1944 ingezette 76mm M1 kanon (M1A1 en M1A2) dat in de nieuwere M4 Sherman modellen was gemonteerd, bijvoorbeeld in de M4A1 en M4A2, was in staat de nieuwste en meest krachtige Duitse tanks die vanaf 1942 aan het front verschenen, uit te schakelen. Ondanks de kracht van de 76mm kanonnen bleven de M4 Sherman tanks zelf kwetsbaar voor Duits antitankvuur door hun relatief dunne bepantsering. Om de Duitse zware tanks het hoofd te kunnen bieden werd uiteindelijk besloten om een zwaarder gepantserde en sterker bewapende Amerikaanse tank te produceren met een kanon dat gebaseerd was op een 90mm luchtdoelgeschut (AA). De M26 Pershing tank was in staat met dat 90mm M3 kanon de genoemde Duitse tanks tot op lange afstand met standaardmunitie uit te schakelen. De inzet van tankjagers door de Amerikanen had ook bijgedragen dat de ontwikkeling van de genoemde M26 Pershing tank was vertraagd (Amerikaanse tankjagers waren specifiek ontworpen om tanks te vernietigen, tanks moesten die taak ook uit kunnen voeren maar waren vooral bedoeld om infanterie te ondersteunen door vuursteun te verlenen). Gelukkig voor de Amerikanen werden er relatief weinig Tiger I (1354 tot 1356) en Tiger II (489) tanks geproduceerd. Van de Panther werden meer stuks geproduceerd: plusminus 6000. Concluderend kunnen we stellen dat de 90mm T33, M82 en M304 granaten voor het 90mm M3 kanon (90mm Gun M3) van de M26 Pershing tank de meest krachtige Amerikaanse tankmunitie was die tijdens de Tweede Wereldoorlog werd ingezet.

Definitielijst

infanterie
Het voetvolk van een leger (infanterist).
kanon
ook bekend als Kanone (Du) en Gun (En). Wordt vaak gebruikt om allerlei geschut aan te duiden. Eigenlijk slaat de term op vlakbaan geschut. Wordt gekenmerkt door een langere loop en grotere dracht.

Pagina navigatie

Informatie

Artikel door:
Ruben Krutzen
Geplaatst op:
04-06-2018
Laatst gewijzigd:
07-06-2018
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

CategorieŽn


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2018
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.