Maduro, George

Verzet, arrestatie en overlijden

Maduro raakte na de meidagen betrokken bij het verzet. Hier zag hij onder andere Oncko Wttewaall van Stoetwegen weer terug. Bij welke daden in het verzet Maduro betrokken was, is niet volledig duidelijk, maar bekend is wel dat Maduro met Wttewaall van Stoetwegen wapens stal uit Duitse barakken. Ook kwam hij in contact met ‘Soldaat van Oranje’ Erik Hazelhoff Roelfzema over eventuele vluchtpogingen. Maduro zou echter niet vertrekken omdat hij zijn geliefde, Hedda de Haseth Möller, niet wilde verlaten en zijn studie wenste af te maken. Ook speelde mee dat hij al eens in de gevangenis had gezeten en dus mogelijk door de Duitsers in de gaten werd gehouden.

In 1941 werd hij opnieuw opgepakt en vastgezet in het Oranjehotel, de gevangenis in Scheveningen. Meerdere andere Nederlanders, die verzet tegen de Duitse bezetter hadden gepleegd, waren daar opgesloten. Terwijl hij in de gevangenis zat, trouwde Hedda de Haseth Möller met een andere man. Toen hij op 15 december 1941 uit zijn cel werd gehaald, vreesde hij naar een concentratiekamp te worden afgevoerd. Maar bij de poort gaf de cipier hem de keuze: "Wilt u drieduizend gulden betalen of weer terug in de gevangenis?" George reageerde: "Dan maar weer terug." De Duitser werd toen kwaad: "Verdammter Jude, Sie können nach Hause gehen, Sie sind Entlassen." Ondanks de mislukte afpersing was Maduro toch vrijgekomen.

Eenmaal vrijgelaten dook hij onder en beleefde angstige momenten. In mei 1943 werd Maduro ’s avonds in Amsterdam gecontroleerd op straat nadat hij een vriend bezocht had. Vlak voordat hij bij Wttewaall van Stoetwegen arriveerde, werd zijn persoonsbewijs gecontroleerd. "Waar woont u", vroeg men George. "Hoofdstaat 700 Sassenheim", zei hij prompt. "Waar gaat u dan nu heen?". "Ik ga naar mijnheer van Boetzelaer." "Waar woont die?". "Minervaplein 3, hier vlak boven", zei George brutaalweg. "Wat gaat u daar nu doen?". "Ik doe kantoorwerk voor mijnheer Boetzelaer", antwoordde hij prompt. Toen was het goed. Boven gekomen kwam George pas na het derde glas cognac bij van de schrik.’

Het ondergrondse leven werd onhoudbaar en Maduro vatte in 1943 het plan op om naar Engeland te vluchten, waarbij hij Oncko achternaging die eerder was vertrokken. In België werden de twee verraden door de Belgische 'Abwehragent' Prosper deZitter, die hen op 4 september 1943 uitleverde aan de Duitsers. Tezamen met een groep Engelse en Amerikaanse piloten werden zij gevangengenomen. Het verraad werd meteen duidelijk, doordat de Duitsers wilden weten wie de Nederlanders waren. Ondanks pogingen om Maduro en Wttewaall van Stoetwegen door te laten gaan voor Amerikanen, werden zij herkend doordat zij geen identificatieplaatjes hadden. Vervolgens werden Maduro en Wttewaall van Stoetwegen opgesloten in de gevangenis van Saarbrücken.

Maduro en Wttewaall werden apart opgesloten en kwamen zes cellen van elkaar af te zitten. De zes maanden die Maduro in 1941 in het Oranjehotel had doorgebracht, kwamen hem nu goed van pas. Maduro schreef op wat Wttewaall van Stoetwegen diende te vertellen als hij verhoord werd. Later gaf Maduro een kaart van Rusland aan Wttewaall van Stoetwegen, die hem de eerste keer niet durfde aan te nemen. Pas bij de tweede keer accepteerde hij de kaart. De reden hiervoor was waarschijnlijk om Wttewaall van Stoetwegen een opsteker te geven in de lastige situatie. In de gevangenis ondernamen Maduro en Wttewaall van Stoetwegen twee ontsnappingspogingen. Tijdens geallieerde bombardementen, konden zij ontsnappen. Op 11 mei 1944 deden zij een poging toen de Amerikanen Saarbrücken bombardeerden. Er vielen vijf voltreffers op de gevangenis, zoals Wttewaall van Stoetwegen beschreef:

‘Het was net voor het eten. George zat te lezen toen het gebeurde en hij zat ongeveer dertig meter van de inslag af. Alle cellen werden opengegooid, twee vleugels waren zwaar geraakt, de onze had toevallig niets. Ik liep meteen naar George zijn cel, hij was al weg en ik ontmoette hem in het puin met een Duitse 'Luftschutzhelm' op zijn hoofd en mijn regenjas aan. We konden weg maar George vond het immoreel daar hier mensen onder het puin lagen te gillen. We hebben er twee uitgegraven wat Polen bleken te zijn […]. Later vertelde ons de oppercipier (Herr Oberverwalter!) dat we als het Duitsers geweest waren een lintje gekregen zouden hebben.’ De bombardementen zorgden voor angstige momenten. En meer dan eens zaten de mannen in angst bij de deur van hun cel, want daar was het veiliger dan onder het raam. Totdat er tijdens een bombardement iets bijzonders gebeurde.

‘Op een zekere dag toen ze weer kwamen en Saarbrücken hevig gebombardeerd werd, heeft een Pool George zijn cel die alleen op de klik zat geopend. George holde toen naar de mijne, maakte die open en daar het personeel in de schuilkelder zat, hebben we geprobeerd weg te komen. George had zijn eigen kleren aan en ik gevangenis-kleren. Maar hij had, daar hij mijn jas aanhad die hij snel aan mij gaf om aan te trekken zodat ik toen ook minder op viel, gelegenheid met mij weg te komen tot buiten de muur, waar we gesnapt werden door de directeur van de gevangenis met het pistool in de hand. We hebben ons eruit gepraat door te zeggen dat we naar de schuilkelder zochten, ze hebben toen een week gezocht naar de vent die onze cellen had opengemaakt, maar niet gevonden.’ Hoewel ze buiten de gevangenis waren gekomen, werden zij meteen weer gevangen gezet. Na 46 weken werden Wttewaall van Stoetwegen en Maduro van elkaar gescheiden. Het was eind juli 1944. Oncko werd afgevoerd naar Sachsenhausen, terwijl Maduro naar Dachau ging. Wttewaall van Stoetwegen woog op dat moment 56 kilo. Maduro liep op dat moment moeilijk en had last van zijn hart.

Op 25 november 1944 arriveerde Maduro in Dachau, nadat hij 11 dagen op transport had gezeten. Daar stierf hij op 8 februari 1945 aan de vlektyfus. Op zijn sterfakte staat 9 februari, maar dit is de datum waarop de akte ondertekend is, in plaats van de datum waarop hij overleden was. Ter nagedachtenis werd in 1952 in Den Haag de miniatuurstad Madurodam opgericht. Destijds ging de opbrengst van het park naar studenten die aan tuberculose leden. Tegenwoordig gaat het geld naar goede doelen voor kinderen. Postuum werd hem in 1946 de Militaire Willems-Orde 4e klasse toegekend voor zijn bijdrage aan de meidagen van 1940.

Oncko Wttewaall van Stoetwegen overleefde de oorlog, maar kon die nooit verwerken. Uiteindelijk maakte hij zijn rechtenstudie af en trouwde in 1949 met Machteld van Loon. Hij overleed in 1991.

Bronnen

  • Centraal Bureau Genealogie, brief George Maduro aan Joshua Maduro (12 september 1934).
  • Maduro Library, brief Oncko Wttewaall van Stoetwegen aan Joshua en Rebecca Maduro (3 juni 1945)
  • Mongui Maduro Library, brief Oncko Wttewaall van Stoetwegen aan Joshua en Rebecca Maduro (24 juni 1945)
  • Nederlands Instituut voor Militaire Historie, toegangsnummer 409, inventarisnummer 536023, Verslag van de commandant detachement bewakingstroepen van het depot cavalerie. Verovering villa Dorrepaal te Leidschendam reserve 2e luitenant G.J. L. Maduro.

Pagina navigatie

Afbeeldingen


De Belgische 'Abwehragent' Prosper deZitter.
(Bron: Escape Line Research and Remembrance)


Toegangshek Dachau met daarop de beruchte spreuk
(Bron: Dachau Scrapbook)


Postuum werd aan George John Lionel in 1946 de Militaire Willems-Orde 4e klasse toegekend voor zijn bijdrage aan de meidagen van 1940.
(Bron: Wikipedia)


De plaquette aan de ingang van de Maduro Holding op Curaçao.
(Bron: George Alvarez-Correa)


Ter nagedachtenis aan George John Lionel Maduro werd in 1952 in Den Haag de miniatuurstad Madurodam opgericht, met o.a. Maduro's geboortehuis.
(Bron: Wikimedia (CC BY-SA 3.0))

Informatie

Artikel door:
Samuel de Korte
Geplaatst op:
03-09-2018
Laatst gewijzigd:
04-09-2018
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

Categorieën


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2018
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.