Keitel, Wilhelm

Oorlogsmisdaden en operatie Barbarossa

Op 13 maart 1941 tekende Keitel het plan voor operatie Barbarossa. De inzet van de Einsatzgruppen werd hierin niet expliciet genoemd, maar er is waarschijnlijk wel over gesproken met SS-leider Heinrich Himmler. In het plan stond ook dat de ReichsfŁhrer-SS belast was met speciale taken, (Sonderaufgaben), een synoniem voor grootschalige moord.

Op 6 juni 1941 ondertekende Keitel het 'Kommissarbefehl', dat inhield dat elke politiek commissaris van het Rode Leger, die gevangen werd genomen direct diende te worden geŽxecuteerd. Keitel had zelf opdracht gegeven tot uitvaardiging van dit bevel naar aanleiding van een toespraak van Hitler op 30 maart voor 200 generaals van de Wehrmacht. Een aantal generaals, onder wie Fedor von Bock en Gerd von Rundstedt drongen er op aan dat Walther von Brauchitsch hier tegen zou protesteren bij Hitler. Dit deed deze echter niet. Keitel gaf op 16 juni opdracht dat de economische richtlijnen van Hermann GŲring door alle eenheden moesten worden uitgevoerd in de veroverde gebieden. Hij schreef onder meer in dit bevel: "De exploitatie van de Sovjet-Unie moet op grote schaal ter hand worden genomen." Op 23 juli 1941 vaardigde hij een order uit waarin stond dat er draconische maatregelen moesten worden genomen om de orde in de veiligheidsgebieden (sectoren achter het front) te bewaren.

Tijdens de eerste maanden van operatie Barbarossa maakten de Duitsers miljoenen Russische krijgsgevangenen. Het OKW was belast met het gezag over hen. In een order van 8 september 1941 gaf Keitel aan dat zij niet conform de conventie van GenŤve mochten worden behandeld. Toen Wilhelm Canaris hier tegen protesteerde, verklaarde Keitel dat de bezwaren van de Abwehrchef voortvloeiden uit de militaire opvatting over ridderlijke oorlogvoering. Deze maatregelen hadden betrekking op de vernietiging van een idiologie en daarom kon hij (Keitel) er zijn goedkeuring en steun aangeven. Volgens Albert Speer verzette Keitel zich er tegen dat Franse en andere westerse krijgsgevangenen in strijd met de Geneefse conventie werden ingezet in de wapenindustrie. Bij de Russische krijgsgevangenen had hij daar geen moeite mee.[1] Op 20 februari 1942 schreef Alfred Rosenberg, minister van de bezette Oostelijke Gebieden in een brief aan Keitel dat er van de 3,6 miljoen krijgsgevangenen er slechts nog een paar duizend in staat waren te werken. Als gevolg van de slechte omstandigheden in Duits gevangenschap stierven er gedurende de oorlog drie miljoen Sovjetkrijgsgevangenen.

Op 12 september 1941 schreef Keitel in een geheime instructie aan de Duitse Wehrmacht: "De strijd tegen het Bolsjewisme verlangt een meedogenloos (rŁcksichtsloss) en energiek optreden, vooral ook tegen de Joden, de hoofdrager van het Bolsjewisme." Hoe Keitel zelf stond ten opzichte van het Jodendom is niet geheel duidelijk. Een aantal bevelen van hem waren antisemitisch. Anderzijds beweerde hij gedecoreerde Joodse militairen uit de Eerste Wereldoorlog verdedigd te hebben om hen voor vervolging te behoeden. Overigens bleven deze inspanningen zonder succes.

Op 7 december 1941 tekende Keitel het 'Nacht und Nebel-Erlass' dat inhield dat politieke gevangenen en leden van het verzet zonder proces naar een concentratiekamp konden worden gedeporteerd. Hierin verklaarde hij onder meer: "In dergelijke gevallen zal een werkkamp of zelfs levenslange dwangarbeid als een bewijs van zwakte worden beschouwd. Een afdoend en blijvend afschrikwekkend middel kan alleen gevonden worden in de doodstraf of in het treffen van maatregelen die de familieleden en de rest van de bevolking in het ongewisse laten over het lot van de overtreder. Deportatie naar Duitsland beantwoordt aan dit doel." Volgens Keitel werd tot dit bevel besloten omdat het verzet in de onderworpen landen toenam en daardoor veel Duitse eenheden noodgedwongen in het westen gestationeerd moesten blijven. Adolf Hitler zag liever niet dat er openbare processen kwamen voor de verzetslieden. Volgens Keitel was dit bevel alleen bedoeld voor de Wehrmacht en was hij er tijdens het proces van Neurenberg zeer verbaasd over dat het tijdens de oorlog op grote schaal werd toegepast door de Duitse politiediensten en dat personen op basis van dit bevel werden geliquideerd.

Keitel vaardigde meer bevelen uit die neerkwamen op een flagrante schending van het oorlogsrecht. Naar aanleiding van het steeds fellere verzet van de partizanen in JoegoslaviŽ, dat in mei 1941 door de Wehrmacht was bezet, vaardigde Keitel op 16 september 1941 het 'SŁhnebefehl' uit, dat inhield dat voor elke door het verzet gedode Duitser 30 tot 100 communisten moesten worden gedood. Hij merkte hierbij op dat in het oosten een mensenleven minder dan niets waard is. Op 16 december 1942 werd dit gevolgd door het 'Banditenbekšmpfungsbefehl', dat dezelfde strekking had. Ook vaardigde hij een bevel uit dat inhield dat aanvallen van Duitse militairen op burgers niet bestraft hoefden te worden.

Om het ontluikende verzet door de onderworpen volkeren te onderdrukken, voerde het Duitse regime een keiharde repressie in. Keitel betrok ook de Wehrmacht bij deze maatregelen. Op 1 oktober 1941 vaardigde hij het bevel uit dat de Wehrmachtcommandanten in de bezette gebieden gijzelaars moesten nemen onder de burgerbevolking, welke als represaille diende te worden geŽxecuteerd in het geval van gewapende acties door het verzet. Op vragen van Josef Terboven, de Reichskommissar in Noorwegen, gaf hij aan dat het beste was om daarvoor vuurpelotons achter de hand te houden. In Nederland kwam er onder meer een gijzelaarskamp in het Brabantse Sint-Michielsgestel.

De geallieerden, met name de Britten, trachtten door middel van sabotageacties, uitgevoerd door kleine militaire eenheden, de Duitsers te hinderen door onder meer het opblazen van energiecentrales en schepen. Voorbeelden hiervan zijn onder meer de raid op Bruneval en operatie Frankton. De Duitsers traden hard op tegen dergelijke saboteurs. Op 4 augustus 1942 vaardigde Keitel een bevel uit op basis waarvan gevangen genomen parachutisten moesten worden overgedragen aan de Sicherheitsdienst (SD). Keitel was ook betrokken bij de uitvaardiging van het Kommandobefehl op 18 oktober 1942. Dit bevel hield in dat gevangengenomen commandoís direct dienden te worden geŽxecuteerd. In november 1942 werd dit bevel voor het eerst toegepast op een aantal Britse militairen die gevangen genomen waren tijdens een raid op de zwaar water-fabriek in Vemork (operatie Freshman). Naar aanleiding van vragen van Nikolaus Von Falkenhorst, de militair opperbevelhebber in Noorwegen, bevestigde Keitel het bevel van Hitler, waarna de gevangen commandoís werden gemarteld en geŽxecuteerd. Op 30 oktober 1942 waren er al zeven Britse en Noorse commandoís geŽxecuteerd, die op 21 september een aanval hadden uitgevoerd op de energiecentrale Glomfjord, Noorwegen. Ten tijde van de aanval was het Kommandobefehl nog niet officieel uitgevaardigd, waardoor het nog geen rechtskracht had. Het voorval werd in een door Keitel getekend rapport aan Hitler gemeld. Jodl noemde het tijdens het proces van Neurenberg een volkomen onwettige actie, die hij niet kon en wilde rechtvaardigen.[2] Na de invasie in NormandiŽ bevestigde Keitel nogmaals het Kommandobefehl. Keitel beweerde na de oorlog dat hij had getwijfeld over de rechtmatigheid van het bevel, maar hij deed niets om uitvoering ervan te hinderen.

Generalfeldmarschall Ewald von Kleist verklaarde na de oorlog tijdens het proces van Neurenberg: "Veel van Keitels bevelen waren verkeerd en crimineel. Het waren de bevelen van een domme volgeling van Hitler." Dom was Keitel overigens niet. Uit de IQ-test die hem na de oorlog in Neurenberg werd afgenomen kwam een score van 129.

Noten

  1. Internationaal Militair Tribunaal, Verhoor Speer 2 (pag. 1), 20-06-1946
  2. Internationaal Militair Tribunaal, Verhoor Jodl 3 (pag. 3), 06-06-1946

Definitielijst

conventie van GenŤve
De verzamelnaam voor vier verdragen die in Geneve zijn geformuleerd en die, onderdeel uitmakend van het internationaal recht, de rechtsregels bepaalt voor oorlogstijd. Deze verdragen hielden zich onder andere bezig met de behandeling van oorlogsslachtoffers en gewonde soldaten, de erkenning van het Rode Kruis als beschermd orgaan in oorlogstijd, rechtsregels bij oorlogen op zee, bescherming van krijgsgevangenen en burgers in oorlogstijd.
Eerste Wereldoorlog
Ook wel Grote Oorlog genoemd, conflict dat ontstond na een groei van het nationalisme, militarisme en neo-kolonialisme in Europa en waarbij twee allianties elkaar bestreden gedurende een vier jaar durende strijd, die zich na een turbulent begin, geheel afspeelde in de loopgraven. De strijdende partijen waren Groot-BrittanniŽ, Frankrijk, Rusland aan de ene kant (de Triple Entente), op den duur versterkt door o.a. ItaliŽ en de Verenigde Staten, en Duitsland, Bulgarije, Oostenrijk-Hongarije en het Ottomaanse Rijk aan de andere kant (de Centrale Mogendheden of Centralen). De strijd werd gekenmerkt door enorme aantallen slachtoffers en de inzet van vele nieuwe wapens (vlammenwerpers, vliegtuigen, gifgas, tanks). De oorlog eindigde met de onvoorwaardelijke overgave van Duitsland en zijn bondgenoten in 1918.
geallieerden
Verzamelnaam voor de landen / strijdkrachten die vochten tegen Nazi-Duitsland, ItaliŽ en Japan gedurende WO 2.
invasie
Gewapende inval.
Kommandobefehl
Op 18 oktober 1942 vaardigde Adolf Hitler het Kommandobefehl uit. Dit hield in dat leden van geallieerde commando's en luchtlandingstroepen direct gedood moesten worden of overgedragen moesten worden aan de Sicherheitsdienst (SD).
Nacht und Nebel
Nacht und Nebel (NN), oftewel Nacht en Nevel, was een speciale strafklasse die de 'Chef des Oberkommando der Wehrmacht' veldmaarschalk Wilhelm Keitel in opdracht van Adolf Hitler tijdens de Tweede Wereldoorlog liet instellen om verzetsmensen spoorloos te laten verdwijnen.
proces van Neurenberg
Proces in 1946 van een geallieerd militair tribunaal tegen de belangrijkste vertegenwoordigers van het Nazi regime. Zij stonden als oorlogsmisdadigers terecht.
raid
Snelle militaire overval in vijandelijk gebied.
Rode Leger
Leger van de Sovjetunie.
Sicherheitsdienst (SD)
De nationaal-socialistische inlichtingen en (contra)spionagedienst van de SS.
Sovjet-Unie
Sovjet Rusland, andere naam voor de USSR.

Pagina navigatie

Afbeeldingen


Op 9 maart 1941 wordt Wilhelm Keitel, vanwege zijn 40 jarig dienstjubileum, gefeliciteerd door Hitler.
(Bron: Bundesarchiv, Bild 183-J1117-500-002 / CC-BY-SA 3.0)


In een treinwagon bespreekt Keitel met Hitler en Von Brauchitsch de situatie op de Balkan in april 1941.
(Bron: Bundesarchiv, Bild 183-L18678 / CC-BY-SA 3.0)


Een bespreking van de situatie in Rusland in oktober 1941, met v.l.n.r: Wilhelm Keitel, Adolf Hitler, Walther von Brauchitsch, Friedrich Paulus.
(Bron: Bundesarchiv, Bild 101I-771-0366-02A / CC-BY-SA 3.0)


Een voorbeeld van een Nacht und Nebel-opdracht omtrent een Nederlandse gevangene naar het kamp Natzweiler.
(Bron: Holocaustcontroversies.blogspot)


Het gijzelaarskamp in het Brabantse Sint-Michielsgestel (Haaren).
(Bron: Beeldbank WO2)

Informatie

Artikel door:
Wesley Dankers
Geplaatst op:
26-09-2018
Laatst gewijzigd:
28-11-2018
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

CategorieŽn


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2018
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.