Panzer Selbstfahrlafette 1 für 7,62cm PaK36(r) auf Fahrgestell PzKpfw. II Ausf. D1 und D2

Inleiding

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden verschillende tankjagers gebouwd. Vaak werden op verouderde tankonderstellen tankkanonnen gemonteerd. Zodoende konden de rompen en onderstellen van verouderde tanks efficiënt gebruikt worden. De Duitse invasie in de Sovjet-Unie op 22 juni 1941 maakte duidelijk dat bestaande Duitse tanks zoals de Panzerkampfwagen I, II en III over het algemeen niet sterk genoeg waren om de nieuwste Sovjettanks, zoals de T-34 tank en de KV-1, te vernietigen. De PzKpfw I en PzKpfw II waren niet in staat het pantser van genoemde types te doorboren. De PzKpfw III, en zelfs de PzKpfw IV, hadden grote moeite met pantsermunitie om de bepantsering van die middelzware en zware Sovjettanks te doorboren. Paniek ontstond bij Duitse troepen toen zij zagen hoe 3,7 cm antitankmunitie afketste tegen de T-34 en KV Sovjettanks. Zelfs de 5 cm PaK 38 bleek vaak niet in staat de T-34 en de KV aan de voorkant op grote afstand uit te schakelen. De situatie was zo ernstig dat meteen gezocht werd naar mogelijkheden om krachtigere en zwaardere antitankkanonnen te monteren op tanks voordat nieuwe tankmodellen ontwikkeld en ingezet konden worden.

Omdat veel 7,62 cm Sovjetkanonnen door Duitse troepen werd veroverd en die wapens uitstekende ballistische eigenschappen hadden, werd besloten het 7,62 cm kanon te monteren op verouderde Duitse tankonderstellen. De Panzer Selbstfahrlafette 1 für 7,62cm PaK36(r) auf Fahrgestell Panzerkampfwagen II Ausf. D1 und D2 (Sd.Kfz. 132, 'Sonderkraftfahrzeug 132'), was een improvisatie of poging om het 7,62 cm Sovjetgeschut te monteren op de romp van de Panzerkampfwagen II.

Ontwikkeling en techniek

Op 20 december 1941 werd de fabrikant Alkett gevraagd om een gemechaniseerd antitankgeschut (tankjager) te ontwikkelen waarbij 7,62 cm Sovjet-geschut (type F-22) werd gemonteerd op het onderstel van de Panzer II Ausf. D en E. Een order van 150 stuks was voltooid op 12 mei 1942. De romp en de bovenbouw van de Panzerkampfwagen II Ausf. D, E en de vlammenwerperversie (Flamm) werden gekozen voor de massaproductie van de tankjager. De romp was voorzien van een verhoogd schild met het 7,62 cm geschut gemonteerd op de top. Het kanon, de 7,62 cm PaK 36(r), oftewel 7,62-cm-Panzerabwehrkanone 36 of 7,62 cm Pak 36(r), werd door een 10 tot 14,5mm gepantserd schild beschermd en was voorzien van een mondingsrem. De Maybach-motor leverde ongeveer 140 paardenkracht. De hoogte van het voertuig was een nadeel omdat de tankjager zodoende snel op te merken was. Ook bestond het gevaar van kantelen of omvallen op moeilijk begaanbaar terrein.

Bewapening en munitie

De bewapening van het voertuig was het door Duitse technici aangepaste 7,62 cm F-22 Sovjetkanon. Het Sovjetkanon werd aangepast om Duitse munitie af te vuren. Zo werd het sluitstuk van het kanon aangepast waar de granaten werden geladen. Ook werd een mondingsrem om rookontwikkeling en terugslag te reduceren toegevoegd. De munitie bestond vaak uit de huls van de 7,5 cm PaK 40 (Panzergranatpatrone 39 genoemd) en het projectiel van het 7,62 cm Sovjet-geschut. De 7,62 cm PaK 36(r) was een zeer geliefd antitankkanon bij Duitse troepen. Het kanon kon zich meten met de Duitse 7,5 cm PaK 40 en was in 1941 en 1942 een van de weinige antitankwapens die de Duitsers hadden om sterke Sovjettanks te vernietigen (de 3,7 cm Pak 35/36 en de 5 cm PaK 38 waren over het algemeen met pantsermunitie te zwak om dik Sovjetpantser op grote afstand te doorboren). De vuursnelheid van het kanon bedroeg tien tot twaalf schoten per minuut met een getrainde bemanning. Grote voordelen van het kanon waren vooral de nauwkeurigheid en de vuursnelheid. Nadeel was het hoge gewicht (meer dan een ton). De 7,62 cm PaK 36(r) had in het voertuig een elevatie van vijf graden omlaag (-5°) en zestien graden omhoog (+16°). Het richtvizier was de ZF3x8 (Zielfernrohr 3x8).

De 7,62 cm PaK 36(r) kon pantsergranaten, wolfraamgranaten, holle lading en brisant afvuren. De 7,6 kilogram wegende projectielen (710-740m/s) van de standaard PzGr 39 rot (Panzergranatpatrone 39 rot) doorboorden 133 mm staal tot op een afstand van honderd meter, 121 mm tot op een afstand van vijfhonderd meter, 108 mm tot op een afstand van een kilometer, 97 mm tot op een afstand van anderhalve kilometer en 86 mm staal tot op een afstand van twee kilometer (allemaal bij een inslaghoek van 90 graden). De granaat was gevuld met twintig gram H.10 (hexogeen en wax). De 4,1 tot 4,15 kilogram wegende projectielen (960-990m/s) van de wolfraammunitie PzGr 40 (Panzergranatpatrone 40) doorboorden 188 mm staal tot op een afstand van honderd meter, 165 mm tot op een afstand van vijfhonderd meter, 139 mm tot op een afstand van een kilometer, 117 mm tot op een afstand van anderhalve kilometer en 99 mm tot op een afstand van twee kilometer. De holle lading doorboorde ongeveer 90 tot 100 mm staal op een kilometer of verder. De brisantmunitie was alleen geschikt tegen infanterie, licht gepantserde voertuigen en trucks. De standaard pantsergranaat (PzGr 39 rot) was in staat de T-34 tank tot op een afstand van een halve kilometer of verder aan de voorkant uit te schakelen (de T-34 tank was voorzien van 45mm frontaal staal in een hoek met een verticale staalequivalentie van 90mm). Uiteraard speelde het weer daarbij mee (zichtbereik), de training van de vijandelijke tankbemanning en de ervaring van de eigen bemanning. De wolfraammunitie doorboorde dikker staal, maar was niet voorzien van een explosieve inhoud en was minder destructief (veroorzaakte minder grote interne schade).

Zelfs de zeer goed gepantserde Sovjet KV-1 tank kon met het 7,62 cm antitankgeschut aan de voorkant (75-100mm) doorboord worden. De zijkant en de achterkant van de romp van de KV-1 (70-75mm) waren ook kwetsbaar voor de 7,62 cm PzGr 39 rot en de PzGr 40. De holle lading kon in theorie het KV-pantser doorboren, maar had een trage mondingssnelheid wat ervoor zorgde dat bewegende doelen moeilijker te raken waren. Ook was de tankjager door het dunne pantser zelf zeer kwetsbaar voor het tankkanon van de KV (de standaard 7,62 cm BR-350A Sovjetgranaat kon het Duitse voertuig op grote afstand uitschakelen).

In actie

Alle Panzer Selbstfahrlafette 1 für 7,62cm PaK36(r) auf Fahrgestell Panzerkampfwagen II Ausf. D1 und D2 voertuigen werden ingezet bij Panzerjägerabteilungen van de Panzer- en Panzer-Grenadier-divisies vanaf april 1942. De voertuigen werden vooral aan het Oostfront ingezet als mobiele antitankkanonnen. Ook werden de tankjagers in 1943 in Tunesië (Noord-Afrika) ingezet.

Conclusie

Opvallend is dat op internet het voertuig soms 'Marder II' genoemd wordt (Sd.Kfz.132). Die naam is in een gezaghebbende publicatie (Chamberlain & Doyle, 2004) niet terug te vinden. De tankjager was een tussenoplossing voordat nieuwe Duitse tanks aan het Oostfront ingezet werden (de PzKpfw V Panther en PzKpfw VI Tiger). De dunne bepantsering zorgde ervoor dat het voertuig op grote afstand moest opereren om vijandelijke pantservoertuigen te vernietigen. Artillerievuur, mortieren, handgranaten en vliegtuigen vormden grote bedreigingen voor het voertuig. Het grote voordeel van de tankjager was echter de bewapening. De grote vuurkracht van de 7,62 cm PaK 36(r) zorgde ervoor dat vrijwel alle Sovjettanks op grote afstand aan de voor-, zij- of achterkant vernietigd konden worden. In totaal zijn tussen april 1942 en juni 1943 201 Panzer Selbstfahrlafette 1 für 7,62cm PaK36(r) auf Fahrgestell Panzerkampfwagen II Ausf. D1 und D2 geproduceerd. De rol van het voertuig werd later overgenomen door beter gepantserde en volledig beschermde tankjagers, zoals de Jagdpanzer 38(t) Hetzer en de Jagdpanzer IV.

Technische gegevens:

Model: Panzer Selbstfahrlafette 1 für 7,62cm PaK36(r) auf Fahrgestell Panzerkampfwagen II Ausf. D1 und D2
Gewicht:Plusminus 10,5 tot 11,5 ton
Bemanning:4 man
Motor: Maybach HL62TRM (HL 62 TRM) van 140pk
Snelheid:55 km/u maximaal op de weg
Bereik:220 km
Afmetingen: Lengte: 5.65 meter, hoogte: 2.6 meter, breedte: 2.3 meter
Bewapening: 1 x 76,2mm (7,6 cm) PaK 36, 1 x 7,92mm MG 34
Munitie: 76,2mm (7,6 cm) PaK 36 (30 granaten), 7,92mm MG 34 (900 kogels)
Bepantsering:Voorkant - 30mm (schild: 14.5mm), zijkant - 14.5mm (schild: 14.5mm), achterkant - 14.5mm (schild: open), bovenkant - 5mm (romp)

Definitielijst

infanterie
Het voetvolk van een leger (infanterist).
invasie
Gewapende inval.
kanon
ook bekend als Kanone (Du) en Gun (En). Wordt vaak gebruikt om allerlei geschut aan te duiden. Eigenlijk slaat de term op vlakbaan geschut. Wordt gekenmerkt door een langere loop en grotere dracht.
massaproductie
Het maken van een grote hoeveelheid van hetzelfde produkt.
Sovjet-Unie
Sovjet Rusland, andere naam voor de USSR.

Afbeeldingen


Vooraanzicht van het voertuig.
(Bron: Publiek domein)


Zijaanzicht.
(Bron: Publiek domein)


Colonne voertuigen van dit type.
(Bron: WorldWarPhotos.info)


Zijaanzicht.
(Bron: Publiek domein)


Achtergelaten voertuigen in Stalingrad, winter 1943.
(Bron: Publiek domein)

Informatie

Artikel door:
Ruben Krutzen
Geplaatst op:
21-11-2018
Laatst gewijzigd:
30-11-2018
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

Categorieën


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2018
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.