Fins-Russische Winteroorlog 1939-1940

Finse successen

Met de stilstand in de strijd op de Karelische landengte verplaatste het zwaartepunt van de strijd zich naar het noorden, waar de Finnen een aantal opmerkelijke tegenaanvallen lanceerden. De Sovjetstrijdkrachten, die gebonden waren aan de wegen, werden tot stilstand gedwongen door Finse tegenstand, aanvoermoeilijkheden of de klimatologische omstandigheden. Vervolgens ondernamen de Finnen tegenaanvallen en maakten gebruik van hun grote mobiliteit om de Sovjets in de flank of in de rug aan te vallen. De Sovjetcolonnes werden in stukken gehakt en ze verschansten zich dan in egelstellingen, die door de Finnen motti's werden genoemd. In plaats van terug te trekken vochten de Sovjets tot het bittere eind. De grotere motti's, die vanuit de lucht van voorraden werden voorzien, hielden dikwijls tot het eind van de oorlog stand, maar de kleinere werden systematisch door de Finse strijdkrachten gezuiverd.

De motti bij Kitalš
Aan de noordkant van het Ladogameer werd de Sovjet 168e Divisie Fuseliers bij Kitalš tot stilstand gebracht, met de 18e Divisie Fuseliers op haar rechterflank. Een eerste poging door het IVe Legerkorps om de Sovjets in de flank en in de achterhoede aan te vallen mislukte op 12 december en een tweede poging op 17 december mislukte eveneens. Op 26 december ondernamen de Finnen een derde poging met behulp van skitroepen. De skitroepen bleken zeer goed in staat tactische manoeuvres uit te voeren tegen de statische Sovjetcolonnes, die door de slechte toestand van de wegen door de ijzige kou te kampen hadden met grote problemen in de aanvoer. De Finse aanval bereikte zijn hoogtepunt toen op 5 januari de Sovjet 18e Divisie Fuseliers in mootjes werd gehakt, terwijl op 11 januari de Finnen de oever van het meer ten oosten van de 168e Divisie Fuseliers bereikten. Deze divisie groef zich bij Kitalš in en vormde egelstellingen.

Daar waar de Sovjets probeerden uit te breken, werden ze zonder veel moeite vernietigd, maar waar ze voldoende voorraden hadden ontstonden bittere gevechten. De twee achterste motti's van de 18e Divisie Fuseliers hielden het uit tot het eind van de oorlog. De grote motti bij Kitalš, die de gehele 168e Divisie Fuseliers omvatte, werd door de Sovjetluchtmacht van voorraden voorzien en kon niet opgeruimd worden. Het enige wat de Finnen konden doen was het blokkeren van ontzettingstroepen die over het ijs van het meer probeerden te trekken, maar op 6 maart zag een aflossingscolonne kans contact te maken met de 168e Divisie Fuseliers en de verbinding met de ingesloten troepen werd hersteld. De 18e Divisie Fuseliers werd echter zo goed als geheel vernietigd, waarbij de Finnen een aanzienlijke hoeveelheid zwaar materieel buit wisten te maken.

Gedurende deze belangrijke operaties werd het front bij Kollaa, dat de achterhoede van het Finse offensief moest beschermen, intact gehouden tegen een overweldigende Sovjetovermacht. Hoewel het IVe Legerkorps belangrijke successen had weten te boeken waren er toch enkele verontrustende gebeurtenissen. De tegenstand van de Sovjettroepen in de motti's was van dergelijke mate dat het merendeel van de Finse troepen gebonden werd en het IVe Legerkorps niet naar andere sectoren kon worden overgeplaatst.

Verder naar het noorden bij Tolvajšrvi wisten de Finnen een spectaculaire overwinning te boeken op de 139e Divisie Fuseliers. Hier gingen de Finse troepen onder bevel van Talvela op 12 december tot de aanval over en na twee dagen van hevige strijd begon de 139e Divisie Fuseliers in wanorde terug te trekken. De Finse troepen gingen onmiddellijk over tot de achtervolging van de vluchtende Sovjettroepen. Het Sovjet-opperbevel stuurde de 75e Divisie Fuseliers om de 139e Divisie Fuseliers te hulp te schieten, maar deze onderging hetzelfde lot als de 139e Divisie Fuseliers op 21 december. Op 24 december hadden de Finnen de Sovjets teruggedrongen tot Aittojoki, waar het front voor de rest van de oorlog gestabiliseerd werd. De overwinning bij Tolvajšrvi zorgde voor een veilige situatie aan de noordelijke flank van het IVe Legerkorps en leverde een waardevolle buit op, waaronder 60 tanks en 30 kanonnen. Er werd echter nog een operatie uitgevoerd tegen de 150e Divisie Fuseliers bij Ilomantsi. Deze aanvallen mislukten echter jammerlijk, waardoor Finse troepen verder gebonden bleven om een stabiele frontlinie te kunnen garanderen.

De Slag bij Suomussalmi
De grootste overwinning werd door de Finnen nog verder naar het noorden behaald. Kolonel Siilasvuo wist met zijn 9e Divisie het Rode Leger bij Suomussalmi een zware nederlaag toe te brengen. De Sovjet 163e Divisie Fuseliers was gelegerd in het kleine dorp Suomussalmi. Siilasvuo combineerde een frontaanval met de gebruikelijke aanvallen op de flanken en de achterhoede, maar deze hadden aanvankelijk weinig succes. Op 21 december bood de 163e Divisie Fuseliers nog altijd verbeten tegenstand en het Sovjet-opperbevel had de 44e Divisie Fuseliers de opdracht gegeven de 163e Divisie Fuseliers te komen versterken. Maar Siilasvuo had ook twee regimenten versterking gekregen en hij maakte plannen om de aanval op 26 december te hernieuwen.

Een krachtige tegenaanval van de 163e Divisie Fuseliers bezorgde Siilasvuo enkele benauwde momenten, maar toen de verse troepen in de strijd werden geworpen was de Sovjetweerstand gebroken en op 29 december vluchtten de overlevenden van de 163e Divisie Fuseliers de wildernis in. De 163e Divisie Fuseliers had opgehouden te bestaan als een georganiseerde gevechtseenheid. De Finnen maakten 11 tanks, 25 kanonnen en 150 vrachtwagens buit.

Het succes werd mogelijk door de traagheid van de 44e Divisie Fuseliers. Hoewel deze verse eenheid aanvankelijk weinig tegenstand ondervond hield zij halt en groef zich in, in plaats van zich te haasten om de 163e Divisie Fuseliers te komen versterken. Siilasvuo zette onmiddelijk zijn troepen tegen deze nieuwe vijand in. De 44e Divisie Fuseliers lag verspreid over kilometerslange wegen en toen Siilasvuo verse troepen kreeg toegewezen werden de aanvallen op de flanken ingezet. Op 5 januari begon de 44e Divisie Fuseliers uiteen te vallen en kleine geÔsoleerde groepen Sovjetmanschappen vluchtten de bossen in, waar de meesten door Finse skitroepen werden achterhaald. Opnieuw maakten de Finnen grote hoeveelheden Sovjetmaterieel buit. Er vielen 35 tanks, 50 kanonnen, 25 anti-tankkanonnen en 250 vrachtwagens in Finse handen.

De Finse overwinning bij Suomussalmi was een ongekende prestatie, die ook strategisch van zeer groot belang was. De Sovjets zagen in het verdere verloop van de oorlog af om op te rukken naar Oulu en Finland in tweeŽn te delen. De 9e Divisie van de Finnen kon zelfs vrijgemaakt worden om elders ingezet te worden.

De gevechten bij Kuhmo
Het Finse opperbevel plaatste de 9e Divisie over naar het front bij Kuhmo om het tegen de 54e Divisie Fuseliers op te nemen. Siilasvuo's troepen arriveerden op 28 januari in deze sector waar zij moesten constateren dat de Sovjets zich goed hadden ingegraven. Siilasvuo had nauwelijks artillerie en munitie voor zijn lichte wapens voorhanden, maar probeerde toch zijn succes bij Suomussalmi te herhalen.

De aanvallen op de flanken van de 54e Divisie Fuseliers van de Sovjets begonnen op 29 januari. Hoewel de formatie in motti's werd gehakt boden de Sovjetsoldaten wanhopig verzet en het lukte de 9e Divisie niet om de motti's te zuiveren. Het Sovjet-opperbevel stuurde de 23e Divisie Fuseliers om hulp te verlenen aan de belegerde motti's waardoor een groot deel van Siilasvuo's strijdkrachten moesten worden ingezet om de 23e Divisie Fuseliers op afstand te houden.

Opvallender in januari was het verschijnen van een Sovjet-skibrigade op het strijdtoneel die de 54e Divisie Fuseliers probeerden te ontzetten. Deze skiformatie was echter haastig gevormd en de onhandige tactiek van de brigade leidde tot een fiasco. De Finse patrouilles achtervolgden de Sovjets door de besneeuwde wildernis en op 15 februari was er van de brigade nauwelijks meer iets over. Dat nam niet weg dat de gevechten bij Kuhmo voor de Finnen in een strategische nederlaag ontaarden. De motti's van de 54e Divisie Fuseliers, die door vliegtuigen van voorraden werden voorzien, boden aan het eind van de oorlog nog steeds tegenstand, waardoor de 9e Divisie gebonden bleef.

Operaties bij Salla
Op 2 januari werd door de Finnen een soortgelijke operatie uitgevoerd bij Salla, maar deze keer werden de aanvallers teruggeslagen en de manschappen van de 122e Divisie Fuseliers wisten hun posities te handhaven. Hoewel de Sovjets zich hier later onder de Finse druk terug moesten trekken bleef de schade voor de 122e Divisie Fuseliers beperkt.

De Finse overwinningen waren een opmerkelijke militaire prestatie. Ondanks de grote tekorten aan manschappen en zware wapens waren de Finnen er in geslaagd het Rode Leger te trakteren op een aantal bloedige nederlagen. En toch wist de Finse regering op advies van Carl Mannerheim dat het tot een vrede moest komen want op de lange termijn zou Finland onvermijdelijk aan het kortste eind trekken. In januari kwamen via derden de eerste voorzichtige meldingen dat de Sovjet-Unie misschien bereid was te onderhandelen met Helsinki. De Finse regering zocht toenadering tot Berlijn en de Duitse regering zocht hierna inderdaad contact met Moskou. De Sovjets wilden echter niet onderhandelen met Duitsland als tussenpersoon.

Eerste toenaderingen
Er moest dus een andere manier worden gebruikt voor de totstandkoming van eventueel overhandelen met de Sovjetregering. Op 1 januari had de Finse toneelschrijfster Hella Wuolijoki, een socialiste, Tanner voorgesteld naar Stockholm te gaan om te onderhandelen met de Sovjetambassadeur in Zweden, Madame Kollontai, die een goede bekende van haar was. Op 10 januari gaf Tanner haar toestemming te gaan. Er volgde een aantal informele gesprekken. Het resultaat was dat op 29 januari door de Sovjet-Unie een nota gestuurd werd aan de Zweedse regering, waarin stond dat 'de Sovjet-Unie in principe geen bezwaar had een overeenkomst te sluiten met de Rysti-Tanner-regering'. Er stond verder in dat de Finse regering moest laten weten, welke concessies ze nu wilden doen en dat de eisen nu verder zouden gaan dan de eisen die in de herfst waren gesteld. De weg naar de vrede lag nu open, want Stalin had via een diplomatieke omweg de Terijoki-regering laten vallen en er daardoor van afgezien om heel Finland te controleren.

De Sovjets volhardden echter in hun eisen ten aanzien van HangŲ, maar zover wilden de Finse leiders niet gaan. Tanner reisde zelf af naar Stockholm en had een ontmoeting met Kollontai. Tanner verklaarde dat Finland eventueel bereid was afstand te doen van een eiland voor de kust, maar Moskou was niet bereid op deze basis te onderhandelen. De Finnen waren overmoedig geworden door hun militaire successen en de Britse en Franse toespelingen dat zij meenden dat de Sovjets concessies wilden doen. Pas toen op het slagveld een nederlaag werd geleden, begonnen de Finnen de Sovjet-toenaderingen ernstig te nemen.

Risto Ryti en Tanner bespraken de situatie op 10 februari op een vergadering van de Verdedigingsraad. Mannerheim was ook aanwezig en er werd geconcludeerd dat er drie mogelijkheden waren. De eerste mogelijkheid was een eiland aanbieden in plaats van HangŲ en vrede sluiten met de Sovjet-Unie. Een tweede mogelijkheid was de oorlog voortzetten met actieve steun van Zweden als die verkregen kon worden. Ten derde was er het interventieaanbod van Groot-BrittanniŽ en Frankrijk hetgeen aanvaard zou kunnen worden. Deze mogelijkheden werden op 12 februari aan de Commissie voor Buitenlandse Aangelegenheden van het kabinet voorgelegd waar de meerderheid koos voor het sluiten van vrede. Diezelfde dag vond er echter een ramp plaats aan het front. Het Rode Leger was er in geslaagd door het front op de Karelische landengte te breken, waardoor de Finse onderhandelingspositie aanzienlijk werd verslechterd.

Definitielijst

artillerie
Verzamelnaam voor krijgswerktuigen waarmee men projectielen afschiet. De moderne term artillerie duidt in het algemeen geschut aan, waarvan de schootsafstanden en kalibers boven bepaalde grenzen vallen. Met artillerie duidt men ook een legeronderdeel aan dat zich voornamelijk van geschut bedient.
brigade
Bestond meestal uit twee of meer Regimenten. Kon onafhankelijk of als een deel van een Divisie dienen. Soms waren ze deel van een Korps in plaats van een Divisie. In theorie bestond een Brigade uit 5.000 - 7.000 man.
Divisie
Bestond meestal uit tussen de een en vier Regimenten en maakte meestal deel uit van een Korps. In theorie bestond een Divisie uit 10.000 - 20.000 man.
offensief
Aanval in kleinere of grote schaal.
Rode Leger
Leger van de Sovjetunie.
Sovjet-Unie
Sovjet Rusland, andere naam voor de USSR.

Pagina navigatie

Afbeeldingen


Kaart van de eerste twee maanden van de Winteroorlog


Een Finse ski-eenheid in actie op het besneeuwde terrein in het hoge noorden


Grote aantallen Russisch materieel werd achtergelaten of vernietigd in de zogenoemde 'motti's'

Informatie

Artikel door:
Tom Notten
Geplaatst op:
03-05-2003
Laatst gewijzigd:
08-03-2016
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

CategorieŽn


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2018
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.