Eerste slag om Königsberg

Voorbeschouwing

Inleiding

Het Sovjet-offensief in Oost-Pruisen was onderdeel van het Oost-Pruisische Strategische Offensief en gericht tegen de Heeresgruppe Mitte. Het doel van het offensief was de inname van Königsberg, de toenmalige hoofdstad van Oost-Pruisen en het huidige Russische Kaliningrad. Na een moeizame start van dit offensief werd op 30 januari 1945 Königsberg belegerd door het 3e Wit-Russische Front. Op 27 februari 1945 werd deze belegering doorbroken door een gecoördineerde samenwerking tussen het Duitse garnizoen van Königsberg en het XXVII. Armeekorps. Königsberg en haar inwoners waren voorlopig gered van een ondergang. De tweede slag om Königsberg zou plaatsvinden van 1 april tot 9 april 1945.

Voorbeschouwing

Begin december 1944 had Heeresgruppe Mitte, dat in Oost-Pruisen opgesteld was, de beschikking over 33 infanterie-divisies en 12 panzer- of pantsergrenadierdivisies. Van deze laatstgenoemde waren drie aan het front gelegen en werden negen in reserve gehouden. De Heeresgruppe verdedigde een front van 579 kilometer, wat gelijk stond aan 16 kilometer per divisie. In Oost-Pruisen had de legergroep een systeem van veldfortificaties aangelegd en bezette het een aantal betonnen verdedigingswerken aan de oude grens (daterend uit 1914) met het toenmalige Rusland en rond Königsberg. Deze betonnen fortificaties waren van voor de oorlog. Het probleem echter met deze vooroorlogse fortificaties was dat het prikkeldraad en wapentuig al lang en breed waren ontmanteld om elders hergebruikt te worden (bijvoorbeeld aan de Atlantikwall). De 3.Panzerarmee kreeg de taak om de toegang tot Königsberg vanuit het noorden en oosten te verdedigen.

Overzicht verdedigingswerken van de Heeresgruppe Mitte in Oost-Pruisen op 5 januari 1945:

Verdedigingswerken van gewapend beton: 500
Mitrailleursnesten: 850
Artillerie- en mortierbatterijen: 350
Regio’s met tank- en gemechaniseerde geschut concentraties: 26
Magazijnen: 140
Overige bunkers en grote concentraties loopgraven: 450

Rond de jaarwisseling verloor Heeresgruppe Mitte vijf pantserdivisies en twee cavaleriebrigades door overplaatsingen naar andere Duitse legergroepen. Generaloberst Georg-Hans Reinhardt (bevelhebber van de Heeresgruppe Mitte) schatte op 4 januari 1945 dat het Rode Leger vijf legers had langs de rivier de Narew en een ongeveer even sterke aanvalsgroep van 50 à 60 divisies ten zuiden van Ragnit aan de Memel (het huidige Neman) in het Goldap-Schillfelde gebied. Een paar dagen later kreeg Reinhardt het bevel van het OKH (Oberkommando des Heeres) om nog een pantserdivisie in te leveren.

De sterkte van de Heeresgruppe Mitte in aan het Oost-Pruisische front was als volgt op de vooravond van het Oost-Pruisische Strategische Offensief:

Manschappen: 135.480
Zware Machinegeweren: 8.174
AT-geschut: 1.060
Mortieren: 1.605
Houwitsers: 1.432
Tanks & gem. geschut: 367

Daarnaast waren 200.000 manschappen gestationeerd in diverse verdedigingswerken in het achterland van het Sovjet-offensief, bewapend met 4.000 machinegeweren en 1.000 artilleriestukken van diverse kalibers.

De gemiddelde Duitse divisie van de Heeresgruppe Mitte had doorgaans tussen de 6.000 en 9.000 manschappen. Zo had de 61. Infanterie-Division de beschikking over 6.700 manschappen en de Fallschirm-Panzergrenadier-Division 2 "Hermann Göring" over ongeveer 10.000 manschappen.

Het Sovjet-offensief tegen Heeresgruppe Mitte in Oost-Pruisen was verdeeld in twee legergroepen:

De sterkte van het Rode Leger op de vooravond van het offensief was als volgt:

Front/LegerManschappen EenhedenMateriaal
2e Wit-Russische Front: 606.655

67 jagerdivisies

3 cavelieredivisies

5 tankkorpsen

1 gemechaniseerde korps

3 onafhankelijke tankbrigades

3 gefortificeerde regio's

2.088 AT-kanonnen

6.132 artilleriestukken

5.792 mortieren

970 raketwerpers

1.026 AA-geschut

1.230 tanks

930 gemechaniseerde kanonnen

19.959 machinegeweren

3e Wit-Russische Front: 558.830

67 jagerdivisies

2 tankkorpsen

7 onafhankelijke tankbrigades

1 gefortificeerde regio

1.806 AT kanonnen

5.328 artilleriestukken

5.256 mortieren

593 raketwerpers

818 AA-geschut

861 tanks

479 gemechaniseerde kanonnen

16.479 machinegeweren

1.333 - 2.003 vliegtuigen

Totaal: 1.669.100

133 divisies

8 korpsen

10 brigades

4 gefortificeerde regio’s

3.894 AT kanonnen

11.460 artilleriestukken

11.048 mortieren

1.563 raketwerpers

1.844 AA-geschut

2.091 tanks

1.409 gemechaniseerde kanonnen

36.438 machinegeweren

3.097 vliegtuigen

Het 3e Wit-Russische Front had op 12 januari de beschikking over 1.553 gevechtsklare pantservoertuigen, waarvan 541 in de reserve stonden. Daarnaast stonden 25 voertuigen in de reparatie.

Op 12 januari 1945 viel het 2e Wit-Russische Front de 4. Armee aan ten noorden en zuiden van de Rominter Heide om de 3. Panzerarmee te misleiden en de reserves van dit Duitse leger naar zich toe te trekken. Het onderstaande overzicht geeft een weergave van de door het Front ingezette manschappen en materiaal:

Manschappen: 241.000
Machinepistolen: 91.660
Lichte machinegeweren: 8.075
Zware machinegeweren: 1.523
Artilleriestukken: 2.245
Mortieren: 1.347
Tanks & Gemechaniseerde kanonnen: 700

Het Sovjet januari-offensief wordt gelanceerd: 13 januari – 27 januari 1945

In de vroege, mistige en koude ochtend van 13 januari 1945 begon het 3e Wit-Russische Front van maarschalk Ivan D. Chernyakovsky haar offensief tegen de Duitse legers in het noordelijke gedeelte van Oost-Pruisen met als doel Königsberg. Het offensief was geconcentreerd in het gebied tussen Ebenrode (het huidige Russische Nesterow) en Schlossberg (het huidige Russische Dobrowolsk). Een enorme hoeveelheid aan granaten werd die ochtend afgevuurd op de Duitse stellingen. Het 5e Leger vuurde alleen al 117.100 granaten af (Galitzky,1970 p 221). Deze artilleriebarrage was zo zwaar dat inwoners van Königsberg 100 tot 120 kilometer verderop het kabaal nog konden horen. De Duitse majoor Baumann herinnerde het volgende hierover:

“Al reeds onderweg naar het front in de trein reizend door het Oost-Pruisische landschap werd je bewust van een bijna geluidloze vibratie in de lucht. Wanneer je het treinstation van Königsberg verliet werd je bewust van een zachte diepe gerommel – het geluid van een constante barrage tussen Gumbinnen en Schlossberg, op een afstand van ongeveer 100 tot 120 kilometer.”(Glantz, ed., 1986, 399)

De Sovjet-artilleriebarrage bleek achteraf meer decibellen aan lawaai op te leveren dan nauwkeurigheid. De Sovjet-artilleristen hadden die ochtend te kampen met zeer dichte mist wat hun zicht aanzienlijk had verslechterd. Hierdoor hadden de Sovjets niet in de gaten gekregen dat de Duitsers die nacht hun voorwaartse posities hadden verlaten. Na een kleine terreinwinst kregen de Sovjet troepen dan ook te maken met goed ingegraven Duitse troepen en efficiënte tegenaanvallen. De Duitse verdediging in deze sector bleek goed georganiseerd en hardnekkig tot schrik van de Sovjet-bevelhebbers. Het stadje Kattenau werd het toneel van zware strijd en werd al op 14 januari heroverd door Duitse troepen. Het Sovjet-offensief dreigde al te stagneren nog voor dat het de kans had gekregen om zich te ontplooien; dat had directe gevolgen voor de situatie aan het Baltische front en indirecte gevolgen voor de uiteindelijke aanval op Berlijn.

Diezelfde dag verwittigde Heinz Guderian Adolf Hitler ervan dat Heeresgruppe Mitte in staat was om een Sovjet-doorbraak aan de Narew en in Oost-Pruisen de kop in te drukken. Adolf Hitler antwoordde met het bevel om de Panzerkorps “Grossdeutschland” en twee van haar pantserdivisies over te plaatsen naar Heeresgruppe A.

Op 15 januari 1945 verbeterden de weeromstandigheden in het noorden en het 3e Wit-Russische Front ondernam zware lucht- en tankaanvallen, waardoor de 3. Panzerarmee gedwongen werd om naar het front ten zuiden van Schlossberg op te trekken om te voorkomen dat daar een doorbraak door de Sovjets werd geforceerd.

Maarschalk Chernyakovskii verplaatste zijn 11e Garde Leger met één tankkorps vanachter het centrum van zijn aanvalskracht naar zijn rechterflank in de sector ten noorden van Schlossberg. Op 20 januari 1945 slaagde het 3e Wit-Russische Front er uiteindelijk in om een doorbraak te forceren in de Duitse linies tussen de rivieren de Pregel en de Memel. Het Sovjet 43e Leger forceerde een doorbraak van de Memellinie zelf nabij en onder Tilsit met als resultaat dat de daar opgestelde Volkssturm- en Volksgrenadier-soldaten ongeorganiseerde troep op de vlucht sloegen. Op 21 januari werd Gumbinnen (het huidige Russische Gussew) door het 3e Wit-Russische Front ingenomen.

De terreinwinst die het 3e Wit-Russische Front boekte tijdens de opmars richting de hoofdstad van Oost-Pruisen was in dusdanig hoog tempo, dat de nazipartij in Königsberg een aantal vluchtelingentreinen naar Allenstein (het huidige Poolse Olsztyn) stuurde, niet wetende dat de stad reeds was ingenomen door het 3e Garde Cavalerie Korps. Voor vooral de kozakken binnen dit korps vormden de vluchtelingentreinen ideale concentraties van vrouwen en buit. De Gauleiter van Oost-Pruisen Erich Koch, was de stad ontvlucht toen het nog mogelijk was om de trein naar het zuidwesten te nemen. Zijn ‘Gauleiter Sonderzug’ (een speciale trein) had Königsberg in de nacht van 21 op 22 januari 1945 verlaten. Lokale autoriteiten in en nabij Königsberg waren in tegenstelling tot de Gauleiter en zijn gevolg minder op de hoogte van de situatie aan het naderende front. Koch nam een kamer in een hotel in de buurt van de Oostzeehaven van Pillau (nu het Russische Baltijsk), waar hij zijn laatste orders opstelde over hoe Königsberg verdedigd moest worden. Ondertussen wachtte een vliegtuig, een privé-schip en twee ijsbrekers op hem. Koch verliet de haven van Pillau een week later per schip.

Op 23 januari 1945 brak een staat van ‘Wilde Sau’ (chaos) uit in de Duitse achterhoede. Diezelfde dag werden de scholen in Königsberg gesloten en de universiteit sloot haar deuren vijf dagen later. Op 24 januari 1945 was Chernyakhovskii’s 3e Wit-Russische Front ten zuiden van de Pregel doorgebroken en binnen aanvalsbereik van Königsberg. Op 24 januari gaf de bevelhebber van de 4. Armee, General der Infanterie Friedrich Hossbach, zonder overleg met het opperbevel Oost-Pruisen op, waarmee het de 3. Panzerarmee en de Pruisische burgerbevolking in de steek liet. Op 25 januari werd het opperbevel van de Duitse troepen in Oost-Pruisen, ‘Heeresgruppe Mitte’, hernoemd tot ‘Heeresgruppe Nord’ en was het 3e Wit-Russische Front tot op 19 kilometer ten zuidoosten van Königsberg genaderd. Diezelfde dag was Reinhardt gewond geraakt door een luchtaanval. Hij en zijn generale staf werden op 26 januari om 21.15 uur op bevel van Hitler ontheven van hun taken, nadat Reinhardt om 19.15 uur zijn legergroep het bevel had gegeven om terug te trekken naar de lijn Wartenburg-Bischofsburg-Schippenbeil-Friedland. Diezelfde dag speelde er zich een drama af op het haventerrein van Pillau toen een munitiedepot tot ontploffing werd gebracht met als resultaat dat duizenden vluchtelingen de dood vonden of gewond raakten.

Op 27 januari werd Generaloberst Lothar Rendulic benoemd tot bevelhebber van de Heeresgruppe Nord en hij kreeg het bevel van Hitler om Königsberg en wat resteerde van Oost-Pruisen te verdedigen.


De omsingeling van Königsberg: 27 januari – 30 januari 1945

Het 5e Leger onder leiding van Gorbatov was op 27 januari 1945 het Frische Haff aan beide kanten van het Pregel-estuarium genaderd, zodat Königsberg bijna geheel omsingeld was. Hierdoor waren de enige overgebleven vluchtroutes voor de Duitse burgerbevolking de zeehaven van Pillau, over het ijs naar de Frische Nehrung en Königsberg zelf. Binnen de stad werden de ziekenhuizen overspoeld met 11,000 gewonden en er was sprake van een constante stroom van vluchtelingen van het platteland naar de stad. Eind januari waren er ongeveer 300.000 vluchtelingen in de stad. Thorwald maakt in zijn boek de volgende bedrukkende beschrijving van de situatie op dat moment:

“…samengeperst met personeel van de Luftwaffe, Organisation Todt en het grondleger. Boerenkarren werden op elkaar gedrukt langs de bermen in lange rijen en op de wegen daartussen was een constante beweging van kinderwagens, fietsen, sleeën, vrachtwagens, grijsgroene artilleriestukken, besneeuwde motorfietsen en een massa…. De kou was scherper dan de voorgaande dagen, maar deze mensen kenden de vijand die achter hun aanzat en hun sombere gezichten waren bezweet als blijk van hun vermoeidheid en angst.”(Thorwald,1950, 182)

Diezelfde dag maakte de nazipartij de inwoners van Königsberg via luidsprekers en zonder overleg met het Duitse leger duidelijk dat in het geval van een Sovjet-doorbraak zij naar de zeehaven van Pillau moesten vluchten. Het gevolg was een onbeschrijfelijke chaos ten oosten van Königsberg toen bleek dat de weg naar Pillau oorlogsgebied was geworden.

Het volgende schema geeft een overzicht van de gemechaniseerde sterkte van het 3e Wit-Russische Front op 27 januari 1945:

Operationeel: 654
Reserve: 67
Reparatie: 301
Geëvacueerd: 56

Tussen 27 en 28 januari 1945 leek niemand in de stad te overwegen om Königsberg tot de laatste man te verdedigen. De enige georganiseerde verdediging was de ring van 19e eeuwse forten om de stad. Deze forten waren bezet door ‘buik’ en ‘oor’ bataljons (bestaand uit personen met lichamelijke kwalen, zoals gehoorproblemen) en andere inferieure beveiligingsgarnizoenen. De straten van Königsberg waren voorzien van primitieve versperringen. De Duitse eenheden die zich op dit moment ten oosten van Königsberg begaven waren de 5. Panzer Division, twee Volkssturmdivisies en één infanteriedivisie. Op 28 januari 1945 werd het voorstadje Metgethen ontruimd. Diezelfde dag naderde een Sovjet-eenheid vanuit het noorden langs de Hauptstrasse het 19e eeuwse fort ‘Quednau’ met daarachter het onverdedigde Königsberg. Het werd een race tegen de klok tussen het naderende Rode Leger en de 367. Infanterie Division die de stad vanuit het zuidwesten moest bereiken. De Duitse divisie arriveerde als eerste en moest in alle haast een verdediging opzetten tegen de oprukkende Sovjet-tanks. Lasch beschrijft in zijn boek dit cruciale moment:

“Op dit moment, als een cadeau uit de hemel, verscheen het (Duitse) gemechaniseerde geschut op het strijdtoneel en rolde voorwaarts over de weg naar Kranz. Russische tanks naderden aan de andere kant maar de Duitsers konden hen in het licht van de seinpatronen op tijd onderscheiden. Met grote vaardigheid namen onze vijf of zes gemechaniseerde kanonnen positie in achter een schacht in de grond en zij schakelden tussen zes en acht Russische tanks in korte tijd uit, waaronder Stalins. Het gehele landschap stond in kunstmatig daglicht door het licht van de exploderende en brandende Russische tanks.” (Lasch, 1977, 51)

Bij elkaar werden zo’n 30 Sovjettanks uitgeschakeld tijdens deze slag. Om een langdurige verdediging van Königsberg te waarborgen moesten de routes langs de oevers van de lagune open gehouden worden.

De verbindingscorridor met de 4. Armee in centraal Oost-Pruisen was nauw en kwetsbaar. Het werd één keer onderbroken door het Sovjet 11e Garde Leger en het werd opengehouden door een samenwerking van het Duitse garnizoen in Königsberg opererend vanuit het noordoosten met de Panzergrenadier-Division “Grossdeutschland” (onder leiding van Generalmajor Karl Lorenz) van het Panzerkorps “Grossdeutschland”, dat in de richting van het Sovjet 4e Leger aanviel.

Op 29 januari werd Metgethen veroverd door het 3e Wit-Russische Front en in de nacht van 29 op 30 januari 1945 sloten de Sovjets de laatste levenslijn van Königsberg (de route langs de noordelijke oever van de lagune naar het Samland-schiereiland en de zeehaven van Pillau) af zonder dat de Heeresgruppe Nord hiervan op de hoogte was. Diezelfde nacht was het vliegveld van Seerappen door het Rode Leger veroverd. In de ochtend van 30 januari 1945 verliet een vluchtelingentrein het schilderachtige voorstadje Metgethen richting Pillau. Nabij Seerappen werd de trein getroffen door een Sovjet-tank die midden op de rails stond. De trein werd gedwongen te stoppen en de passagiers werden blootgesteld aan verkrachtingen en plundering.

Die dag vormde het begin van het 1e beleg van Königsberg dat tot 26 februari 1945 duurde.


Eerste beleg van Königsberg en doorbraak: 30 januari – 26 februari 1945

Het leven in de belegerde stad viel niet mee voor de inwoners van Königsberg. Het 3e Wit-Russische Front had zich ingegraven rondom de stad. Königsberg werd in die periode dagelijks onderworpen aan artilleriebeschietingen en als het weer meeviel zag de lucht zwart van laag vliegende Sovjet- gevechtsvliegtuigen en duikbommenwerpers. Ook was er een tekort aan grond- en hulpstoffen. Wel was er nog voldoende drinkwater, elektriciteit en levensmiddelen aanwezig voor de inwoners, vluchtelingen en soldaten. De SS in Königsberg hield zich vooral bezig met het opsporen van deserteurs en van mannen die geschikt waren om te vechten. Opgepakte deserteurs werden zonder pardon geëxecuteerd en tentoongesteld als waarschuwing voor anderen. Station-noord was één van die plekken. In de stad hingen grote gele pamfletten met het volgende opschrift:

“Alle 16-jarigen dienen zich voor 3 februari bij de Volkssturm of het leger aan te sluiten.”

Jongeren die deze oproep negeerden riskeerden de doodstraf. Het kwam in die dagen voor dat onafhankelijk opererende Waffen-SS-formaties rekruten ronselde.

Ondertussen waren twee divisies van generaal Hans Gollnick’s XXVII. Armeekorps vanuit Memel op het Samland-schiereiland gearriveerd. Een stuk land van tussen de 12 en 28 kilometer lang en twee Sovjetlegers (de 39e en 43e) stonden tussen hen en de verdedigers van Königsberg. Tussen 3 en 7 februari 1945 vocht de Samland-aanvalsgroep zich een weg naar het dorpje Thierenberg.

De op 28 januari benoemde commandant van de Festung Königsberg, Generaloberst Otto Lasch, bracht enige orde onder de vluchtelingen in zijn stad al kon hij hen niet beschermen tegen artilleriebeschietingen en luchtbombardementen. Duitse soldaten die tezamen met de vluchtelingen in de stad waren terechtgekomen kregen een nieuwe eenheid toegewezen en de Hitlerjugend werd verdeeld in infanteriebataljons. Deze jongens bleken zeer gemotiveerd en enthousiast te zijn tijdens hun militaire training. De 5. Panzer Division en de Oost-Pruisische 1. Infanterie Division vormden het hart van het Königsberg-garnizoen.

Lasch nam eerst zijn intrek in het Oberfinanzpraesidium en later in een schuilbunker onder de Paradeplatz en vormde daar zijn hoofdkwartier. Hij liet alle twaalf 19e eeuwse forten rond de stad bezetten en hij gaf de opdracht aan de Volkssturm om aanvullende verdedigingswerken in en buiten Königsberg te bouwen. Zo werden in een korte tijd loopgraven en schuttersputjes gegraven en mijnenvelden aangelegd onder het toeziend oog van legerpersoneel. De twaalf ringforten vormden de buitenste verdedigingslinie. De tweede linie werd gevormd door de binnenforten uit het midden van de 19e eeuw in de stad zelf. De ruïnes van het oude koninklijke kasteel werden omgevormd tot een belangrijk steunpunt.

Op 9 februari 1945 werd generaal Ivan Kh. Bagramyan naar het hoofdkwartier van het 3e Wit-Russische Front ontboden waar maarschalk Chernyakovsky hem inlichtte over de situatie aan het front.

Het volgende schema geeft een overzicht van de gemechaniseerde sterkte van het 3e Wit-Russische front op 10 februari 1945:

Operationeel: 399
Reserve: 38
Reparatie: 286
Geëvacueerd: 48

Op 10 februari 1945 werd het Duitse passagiersschip ‘SS General von Steuben’ tot zinken gebracht door de Sovjet-onderzeeboot S-13 nadat het was vertrokken uit Pillau. Bijna alle ruim 4000 opvarenden verdronken (waaronder 2,800 gewonde Duitse soldaten). Op 17 februari 1945 gaf Heeresgruppe Nord het bevel aan zowel de verdedigers van Königsberg als de Samland-aanvalsgroep om tegelijk aan te vallen om een verbinding te maken met elkaar.

Op 18 februari 1945 werd maarschalk Chernyakhovsky, destijds als 39-jarige de jongste frontcommandant van het Rode Leger, gedood door een verdwaalde granaat terwijl hij buiten Königsberg op inspectietocht was. Hij werd door zijn troepen ter plekke in een veldgraf begraven. Het Rode Leger was geschokt door de dood van deze gerespecteerde officier. Op 21 februari nam maarschalk Aleksandr M. Vasilevsky (voormalige chef van generale staf) in opdracht van Stalin het bevel over het 3e Wit-Russische Front op zich.

Otto Lasch kreeg de opdracht om alleen met delen van de 5. Panzer Division en 1. Infanterie Division aan te vallen. Hij besloot echter om naast de 1. Infanterie Division ook de gehele 5. Panzer Division en de 561. Volksgrenadier Division in te zetten. Hij nam contact op met de Samland-aanvalsgroep om hen te verwittigen over zijn beslissing. Generaal Gollnick, de commandant van het XXVII. Armeekorps, liet de OBH van de Heeresgruppe weten dat de beslissing van Lasch niet de zijne was. De OBH bracht vervolgens Lasch op de hoogte van de eventuele risico's die het voor Lasch zou meebrengen.

“In antwoord op dit bericht verklaarde ik dat alleen een volledige inzet kon helpen, en dat ik bereid was om hiervoor verantwoording af te leggen in de wetenschap dat leven en dood van het volledige garnizoen en de burgerbevolking afhing van het succes of de mislukking van deze aanval” (Lasch, 1977, 70), aldus generaal Lasch.

Op 19 februari vielen Gollnick's korps en de drie divisies aan en concentreerden hun aanvalskracht op het Sovjet 39e Leger in de zuidelijke sector van de Sovjet-belegeringsmacht. De aanval vanuit Königsberg werd om 4 uur ’s morgens gelanceerd en werd geleid door de 1. Infanterie Division. Een veroverde T-34 tank met daarin Duitse soldaten in Sovjet-uniformen onder bevel van een officier die perfect Russisch sprak, vormde de speerpunt van de aanval. Een colonne van vijf Tiger-tanks volgde de T-34 op de voet:

“Op het afgesproken tijdstip rolde de T-34 voorwaarts en vervolgde zijn weg zonder een schot te lossen. Aangekomen bij een vijandelijke observatiepost vertelde de tankcommandant de Ivan’s in het Russisch dat ze moesten terugtrekken aangezien de Duitsers op zijn hielen zaten. Tijdens deze conversatie verschenen de Tiger tanks vanachter de T-34 op de achtergrond. De Russen renden weg – sommigen van hen sprongen nog in hun ondergoed uit hun bed.“ (Plato, 1978,262)

De 1. Infanterie Division had diezelfde dag Metgethen heroverd na een zware strijd om de locale meisjesschool, die de Sovjets hadden veranderd in een steunpunt. De Duitse soldaten konden hun ogen na de strijd niet geloven:

“Op de straten lagen de stoffelijke overschotten van oude mensen, vrouwen en kinderen. Zij waren in verregaande staat van en sommigen van hen waren aan elkaar gevroren tot griezelige hopen. Anderen werden verbrand gevonden in de zwartgeblakerde ruïnes. In het station stonden nog steeds de wagons van de trein die de Russen een paar weken eerder bij verrassing hadden aangevallen. Op de vloeren van de wagons vonden de Duitsers de lichamen van vrouwen van alle leeftijden, liggend met hun kleren opengescheurd.” (Thorwald, 1950, 194).

De 5. Panzer Division kreeg nu groen licht en had na een dag strijd 10 kilometer terreinwinst geboekt. Het XXVII. Armeekorps viel ook met drie divisies aan en kreeg vuursteun van de Duitse zware kruiser ‘Admiral Scheer’. Dit korps ondervond meer weerstand dan de 1. Infanterie Divisie. Op 20 februari 1945 ontmoetten beide Duitse aanvalsgroepen elkaar ten noordwesten van Gross Heydekrug en gezamenlijk vormden zij een corridor van tussen de vijf en tien kilometer breed waardoor vluchtelingen uit Königsberg de haven van Pillau konden bereiken.

Op 22 februari nam maarschalk Aleksandr M. Vasilevsky (commandant van het 3e Wit-Russische Front) ook het bevel over van het 1e Wit-Russische Front en creëerde een nieuwe aanvalsgroep: de Samland groep. Zijn plan was om Heeresgruppe Nord stukje voor stukje te vernietigen. De Sovjets werden echter door het slechte weer gehinderd. De Sovjetfronten hadden te kampen met haperende bevoorrading en luchtaanvallen waren bijna onmogelijk uit te voeren. Vasilevsky concludeerde dat de Duitse troepenconcentratie in het Samland-gebied en Königsberg moeilijk verslagen kon worden en gaf op 26 februari 1945 het bevel aan zijn legers om in een maand tijd zijn legers te reorganiseren en verzetshaarden (waaronder die op het Samland schiereiland en Heiligenbeil- Heilsbeyl) op te rollen.


Nabeschouwing

Midden februari 1945 waren 1,300,000 van de 2,300,000 Oost-Pruisische burgers geëvacueerd. Ongeveer de helft van de mannelijke achterblijvers behoorde tot de Volkssturm en de andere helft werd in de Wehrmacht opgenomen. In totaal zouden 2.500.000 burgers en soldaten tussen januari en april 1945 via de zee geëvacueerd worden, waarvan ongeveer 450.000 via de haven van Pillau.

In de drie weken nadat het 1e beleg was doorbroken verlieten 100.000 burgers en vluchtelingen uit andere gebieden Königsberg via Metgethen om daarna via Pillau Oost-Pruisen te verlaten. Zij werden voortdurend blootgesteld aan Sovjet-artillerievuur. In Peyse werd een kamp voor de wachtende vluchtelingen ingericht. Na het beleg werd het openbare leven in Königsberg hervat. De artilleriebarrages en luchtaanvallen op de stad waren gestopt en Königsberg werd met de dag voller door eerder naar het platteland gevluchte terugkerende burgers en terugtrekkende Duitse soldaten. Water, gas en elektriciteit waren weer beschikbaar en restaurants en bioscopen werden heropend. Zelfs de dierentuin begon weer bezoekers aan te trekken.

Op 8 maart 1945 werd door het OKH een rapport vrijgegeven dat een ruwe schets gaf van de verliezen van Heeresgruppe Nord (tot 25 januari 1945: Heeresgruppe Mitte) tussen januari en februari 1945 in Oost-Pruisen. Het onderstaande schema geeft een overzicht van deze verliezen:

Gesneuveld: 30.000
Vermist: 57.000
Gewond: 126.000
Totaal: 213.000

Diezelfde maand werd de 4.Armee vernietigd in de zogenaamde slag om de Heiligenbeiler Kessel, ten zuidwesten van Königsberg, door de 2e en 3e Wit-Russische Fronten. Op 6 april 1945 vervolgde het 3e Wit-Russische Front het offensief tegen Königsberg. Na vier dagen van zware strijd en harde straatgevechten viel de hoofdstad van Oost-Pruisen.


Slagorde 3e Wit-Russische Front op 1 januari 1945

Frontcommandant: Legergeneraal Ivan D. Chernyakhovsky
Lid van de Militaire Raad: Luitenant-generaal V. Makarov
Stafchef: Kolonel-generaal A. P. Pokrovskiy
2e Garde Leger
Commandant: Luitenant-generaal Porfirii G. Chanchibadze
11e Garde Leger
Commandant: Legergeneraal Kuzma N. Galitsky
5e Leger
Commandant: Kolonel-generaal Nikolay I. Krylov
28e Leger
Commandant: Luitenant-generaal Alexander A. Lucinschi
31e Leger
Commandant: Luitenant-generaal Pyotr G. Shafranov
39e Leger
Commandant: Kolonel-generaal Ivan I. Lyudnikov
1e Luchtleger
Commandant: Kolonel-generaal der luchtvaart Timofey T. Khryukin

Slagorde 2e Wit-Russische Front op 8 januari 1945

Frontcommandant: Maarschalk van de Sovjet-Unie Konstantin Rokossovsky
Lid van de Militaire Raad: Luitenant-generaal N. E. Subbotin
Stafchef: Kolonel-generaal Aleksandr N. Bogolyubov
70e Leger
Commandant: Kolonel-generaal Vasilii S. Popov
33e Leger
Commandant: Kolonel-generaal Vyacheslav D. Tsvetayev
49e Leger
Commandant: Kolonel-generaal Ivan T. Grishin
3e Leger
Commandant: Kolonel-generaal Alexander V. Gorbatov
48e Leger
Commandant: Kolonel-generaal Nikolay Ivanovich Gusev
65e Leger
Commandant: Kolonel-generaal P. I. Baht
5e Garde Tankleger
Commandant: Kolonel-generaal Vasily T. Volsky
4e Luchtleger
Commandant: Kolonel-generaal der luchtvaart Konstantin A. Vershinin

Slagorde Heeresgruppe Mitte op 12 januari 1945

Opperbevelhebber: Generaloberst Georg-Hans Reinhardt
Stafchef: Generalleutnant Otto Heidkämper
Generalstabsoffizier: Oberst Albert Schindler
3.Panzerarmee
Commandant: Generaloberst Erhard Raus
- XXVI. Armeekorps 549. Volks-Grenadier-Division
349. Volks-Grenadier-Division
1. Infanterie-Division
69. Infanterie-Division
- IX. Armeekorps 56. Infanterie-Division
561. Volks-Grenadier-Division
548. Volks-Grenadier-Division
551. Volks-Grenadier-Division
Stab 286. Sicherungs-Division
- XXVIII. Armeekorps Divisionsstab z.b.V. 607
58. Infanterie-Division
95. Infanterie-Division
4.Armee
Commandant: General der Infanterie Friedrich Hoßbach
- LV. Armeekorps 547. Volks-Grenadier-Division
562. Volks-Grenadier-Division
203. Infanterie-Division
- VI. Armeekorps 541. Volks-Grenadier-Division
Gruppe Oberst Hannibal (Polizei)
131. Infanterie-Division
558. Volks-Grenadier-Division
- XXXXI. Panzerkorps 170. Infanterie-Division
367. Infanterie-Division
50. Infanterie-Division
28. Jäger-Division
21. Infanterie-Division
- Fallschirm-Panzerkorps “Hermann Göring” Fallschirm-Panzergrenadier-Division 2 “Hermann Göring”
61. Infanterie-Division
- Overig 5. Panzer-Division
Fallschirm-Panzer-Division 1 “Hermann Göring”
2.Armee (versus 2e Wit-Russische Front)
Commandant: Generaloberst Walter Weiss
- XXVII. Armeekorps 542. Volks-Grenadier-Division
252. Infanterie-Division
35. Infanterie-Division
- XXIII. Armeekorps 5. Jäger-Division
7. Infanterie-Division
299. Infanterie-Division
129. Infanterie-Division
- XX. Armeekorps 292. Infanterie-Division
14. Infanterie-Division
102. Infanterie-Division

Slagorde Armeeabteilung Samland op 19 februari 1945

Commandant: General der Infanterie Hans Gollnick
Stafchef: Oberst Ernst-August Lassen
Generalstabsoffizier: Major Alexander Rominger
Armeeabteilung Samland
- IX. Armeekorps Festungskommandant Pillau (Divisionsstab z.b.V. 607)
Divisionsstab 548. Volks-Grenadier-Division
58. Infanterie-Division
93. Infanterie-Division
95. Infanterie-Division + 286. Infanterie-Division (restanten)
551. Volks-Grenadier-Division (restanten)

Tijdlijn

Een beknopt overzicht van de gebeurtenissen tussen 13 januari en 26 februari 1945 in Oost-Pruisen:

13 januari 1945: Start van offensief 3e Wit-Russische Front tegen de 3.Panzerarmee.
14 januari 1945: Kattenau wordt heroverd door Duitse troepen.
20 januari 1945: Het 3e Wit-Russische Front forceert een doorbraak in de Duitse linies.
20/21 januari 1945: Gauleiter Koch ontvlucht Königsberg.
21 januari 1945: Gumbinnen wordt ingenomen door het 3e Wit-Russische Front
24 januari 1945: Het 3e Wit-Russische Front is binnen aanvalsbereik van Königsberg.
25 januari 1945:
  • Heeresgruppe Mitte hernoemd tot ‘Heeresgruppe Nord’
  • Reinhardt raakt gewond tijdens een luchtaanval
  • Het 3e Wit-Russische Front is tot 19km ten zuidoosten van Königsberg genaderd.
  • 26 januari 1945:
  • Reinhardt wordt op bevel van Hitler ontheven van zijn taken.
  • Een munitiedepot in de haven van Pillau wordt tot ontploffing gebracht met als gevolg duizenden doden en gewonden onder de vluchtelingen.
  • 27 januari 1945: Rendulic wordt benoemd tot nieuwe bevelhebber van Heeresgruppe Nord.
    28 januari 1945:
  • De 367. Infanterie Division bereikt Königsberg en verijdelt een Sovjet doorbraak ten noorden van de stad.
  • Generaal Otto Lasch wordt tot commandant van Königsberg benoemd.
  • 29 januari 1945: Metgethen veroverd door het 3e Wit-Russische Front.
    29/30 januari 1945: Het 3e Wit-Russische Front onderbreekt de laatste levenslijn van Königsberg.
    30 januari 1945:
  • Begin eerste beleg van Königsberg.
  • Hitler spreekt zijn volk voor de laatste keer toe.
  • ? februari 1945: Het XXVII. Armeekorps arriveert op de Samland schiereiland.
    3-7 februari 1945: Het XXVII. Armeekorps vecht zich een weg naar Thierenberg.
    10 februari 1945: Het passagierschip SS General von Steuben wordt tot zinken gebracht door een Sovjet onderzeeboot.
    17 februari 1945: Heeresgruppe Nord geeft het bevel aan zowel de verdedigers van Königsberg als de Samland-aanvalsgroep om tegelijk aan te vallen om een verbinding te maken.
    18 februari 1945: Maarschalk Chernyakhovsky wordt gedood door een verdwaalde granaat buiten Königsberg.
    19 februari 1945:
  • Het garnizoen van Königsberg en de Samland-aanvalsgroep vallen gezamenlijk aan.
  • Metgethen wordt heroverd door Duitse troepen.
  • 20 februari 1945: Verdedigers Königsberg en Samland-aanvalsgroep ontmoeten elkaar.
    21 februari 1945: Maarschalk Aleksandr M. Vasilevsky neemt het bevel over het 3e Wit-Russische Front.
    22 februari 1945: Maarschalk Aleksandr M. Vasilevsky vormt de Samland groep.
    26 februari 1945: STAVKA geeft maarschalk Aleksandr M. Vasilevsky het bevel om het beleg van Königsberg op te heffen en een maand om zijn legers te herorganiseren.
    27 februari 1945: Eerste beleg van Königsberg wordt opgeheven.

    Bronnen

    Boeken


    Versie: 10-9-2012 Artikel door: Kaj Metz

    Deze website is een initiatief van STIWOT (Stichting Informatie Wereldoorlog Twee) Alle rechten voorbehouden © 2002--2018
    Directe link: http://www.go2war2.nl/artikel/2602/Eerste-slag-om-Königsberg.htm