Nishi, Takeichi

Takeichi Nishi (1902-1945)

Inleiding

Baron Takeichi Nishi (1902-1945) was een Japanse legerofficier en winnaar van een gouden medaille springen (een discipline van de paardensport). Hij diende van 1924 tot en met 1945 in het Japans Keizerlijk Leger (IJA 'Imperial Japanese Army'). Nishi diende als tankcommandant van een tankeenheid bestaande uit lichte Type 95 Ha-Go en middelzware Type 97 Chi-Ha tanks tijdens de Slag om Iwo Jima (19 februari 1945 - 26 maart 1945) en kwam om tijdens de gevechten op het eiland.

Gezinsleven en jeugdjaren

Takeichi Nishi werd geboren in Tokio en was het derde kind van baron Tokujirô Nishi (1847-1912). Tokujirô Nishi werkte in het Ministerie van Buitenlandse Zaken en was tevens ambassadeur van China. Na het overlijden van zijn vader op 13 maart 1912 kreeg Takeichi Nishi de titel van baron. Op 30 oktober 1914 overleed de moeder van de toen twaalfjarige Takeichi Nishi. In 1915 ging Nishi naar de middelbare school (Tokyo First Junior High School). Hij droomde ervan om militair te worden. In september 1916 ging Nishi het leger in: de Leger Kadet School van Hiroshima. Die school was gebaseerd op Pruisische (leger)scholen of opleidingscentra. In 1920 volgde hij militaire lessen aan de Landelijke Cadetten Academie in Tokio. In april 1920 voltooide hij zijn studie aan die Cadetten Academie en begon lessen te volgen aan de militaire academie van het Japans Keizerlijk Leger (IJA). Hij werd in april 1921 toegelaten tot die academie. Hij werd ingedeeld bij het Eerste Cavalerie Regiment te Tokio. In 1924 voltooide hij zijn opleiding aan de militaire academie, werd tweede luitenant (25 oktober 1924) en trouwde op 27 december met Takeko Kawamura. Samen met haar kreeg hij een dochter (november 1925) en een zoon (juli 1927).

Springconcours was een grote hobby van Nishi. In 1930 ontdekte Nishi een 'wonderpaard', Uranus in Italië. Nishi besloot om het paard te kopen. Samen met Uranus won hij in 1932 een gouden medaille tijdens de Olympische Zomerspelen in Los Angeles. Zijn overwinning zorgde ervoor dat veel Amerikanen hem 'baron Nishi' noemden. Nishi sprak vloeiend Engels en was langer dan de meeste Japanners. Hij kreeg de status van een beroemdheid en werd uitgenodigd voor de ceremonie van de 'Santa Anita Racetrack'. Nishi kreeg zelfs een honorair burgerschap toegekend door de stad Los Angeles. Nishi was tevens populair bij Japanse Amerikanen die na de agressie van het Japanse Keizerrijk tegen China in 1931 (Mantsjoerije) en na de Japanse aanval op Pearl Harbor in december 1941 buitengesloten werden of zelfs (na 1941) geïnterneerd werden in Amerikaanse kampen. Bij terugkomst in Japan in 1932 na de Olympische Zomerspelen in Los Angeles op het treinstation van Tokio werd Nishi en het Japanse Olympische team verwelkomd door Japanners die 'Banzai, Banzai' (een Japanse heilgroet) riepen. Na de Zomerspelen werd Nishi toegewezen aan het 16de Narashino Cavalerieregiment en werd tevens bevorderd tot instructeur met de rang van kapitein (1933). In 1936 deed Nishi mee aan de Olympische spelen in Berlijn maar verloor (hij werd 20ste). Bij terugkeer uit Berlijn werd Nishi belast met de levering van militaire paarden aan het leger en werd bevorderd tot majoor in maart 1939. In augustus 1940 werkte Nishi tijdelijk bij het Ministerie van Landbouw in het Japanse Keizerrijk.

Tweede Wereldoorlog

Tijdens de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) begonnen vliegtuigen en tanks een doorslaggevende rol op het slagveld te spelen. De cavalerie kreeg te maken met een grootschalige mechanisering. Na de Eerste Wereldoorlog deed Japan kennis en ervaring op met Britse en Franse tanks (bijvoorbeeld de FT-17). In de jaren dertig begon Japan aan tankproductie. Verschillende tankregimenten werden toentertijd opgericht. Vooral lichte en middelzware Japanse tanks werden geproduceerd. Takeichi Nishi werd de commandant van het 26ste Tankregiment dat gestationeerd was in Mantsjoekwo (Mantsjoerije) voor defensieve taken en om een eventuele Sovjetinvasie tegen te houden. Op 7 december 1941 viel het Japanse Keizerrijk schepen van de Verenigde Staten in Pearl Harbor aan. Daarna begon het Japans Keizerlijk Leger aan een veroveringstocht (expansiepolitiek) in Zuidoost-Azië die aanvankelijk voorspoedig verliep. Japan was vanaf dat ogenblik in oorlog met de Verenigde Staten. De president van de Verenigde Staten Franklin Roosevelt (1882-1945) verklaarde Japan de oorlog op 8 december 1941. Hitler-Duitsland had een pact met Japan en Italië op 27 september 1940 gesloten (Driemogendhedenpact) waarin stond dat de landen elkaar militair, economisch en technologisch zouden steunen. Vier dagen na Pearl Harbor verklaarde Hitler de oorlog aan de Verenigde Staten. In augustus 1943 werd Nishi luitenant kolonel. In 1944 werd het 26ste Tankregiment belast met de verdediging van het eiland Iwo Jima onder het bevel van luitenant generaal Tadamichi Kuribayashi (1891-1945). Omdat Japanse tanks op een schip verloren gingen door een Amerikaanse duikboot (USS Cobia, SS-245) moest Nishi terug naar Tokio om nieuwe tanks voor zijn regiment te regelen. In totaal werden 22 tot 23 tanks afgeleverd aan zijn tankregiment. Het Japanse militaire hoofdkwartier op Iwo Jima werd in het oosten gestationeerd toen de gevechten tussen Amerikaanse (mariniers van het V Amphibious Corps ondersteund door de Seventh Air Force en de U.S. 5th Fleet) en Japanse troepen (109ste Infanteriedivisie ondersteund door de met luchtafweerkanonnen uitgeruste Marine Bewakingsmacht) begonnen.

De verdediging van Iwo Jima

Iwo Jima is een eiland dat bedekt is met grijs en zwart vulkaanzand. Het eiland heeft een oppervlakte van ongeveer 21 vierkante kilometer. In het zuiden is de vulkaan Suribachi het hoogste punt (169 meter). Het eiland ligt 1250 kilometer ten zuiden van Tokio. Iwo Jima was tijdens de Tweede Wereldoorlog een strategische plek voor zowel Japan als de Verenigde Staten. Voor de Japanners vormde het eiland een uitvalsbasis voor vliegtuigen (bommenwerpers en jachtvliegtuigen) om eventuele Amerikaanse aanvallen af te slaan of in ieder geval te vertragen. Het eiland was als het ware een buffer om Japan te verdedigen tegen Amerikaanse aanvallen. Voor de Amerikanen was het eiland belangrijk omdat er verschillende vliegvelden (twee waarvan een derde in aanbouw) aanwezig waren. Daarnaast kon de zware B-29 bommenwerper op een van de vliegvelden landen. Het eiland vormde een uitstekende uitvalsbasis voor Amerikaanse jachtvliegtuigen en jachtbommenwerpers om Amerikaanse bommenwerpers te ondersteunen die het Japanse vasteland aan konden vallen. Voor de verdediging van Iwo Jima had bevelhebbend generaal Tadamichi Kuribayashi de beschikking over honderden stukken artillerie, antitankkanonnen, mortieren, machinegeweren en raketlanceerinrichtingen. Op het eiland hadden de Japanners tientallen bunkers en kanonnen ingegraven, (zie ook Verdediging Iwo Jima). Iwo Jima bestond in feite uit één groot tunnelstelsel met bunkers, machinegeweernesten, kanonnen en luchtafweergeschut.

Wat tanks betreft had Takeichi Nishi de leiding over het 26ste Tankregiment dat op Iwo Jima werd gestationeerd. Hij kreeg de leiding over dat tankregiment op 26 juni 1944. Het 26ste Tankregiment viel onder de Japanse 109ste Divisie (de 109ste Divisie bestond uit het 145ste Infanterieregiment, het Derde Battalion 17de Gemengde Infanterieregiment, het 26ste Tankregiment, de Tweede Gemengde Brigade en de Brigade Artillerie Groep). Tijdens de aanval van een Amerikaanse duikboot op het 26ste Tankregiment tijdens een transport in 1944 naar het eiland overleefden zeshonderd man van de eenheid de aanval (twee niet) en kwamen veilig op Iwo Jima aan. In december 1944 kwamen nieuwe tanks aan die door Nishi in Tokio besteld waren. Nishi was van plan de tanks in te zetten als mobiele vuurbrigades: overal waar de Amerikanen doorbraken of de Japanners onder de voet werden gelopen door Amerikaanse soldaten moesten de tanks worden ingezet. Het landschap van Iwo Jima verhinderde echter de snelle inzet van tanks als 'vuurbrigades'. Daarom besloot Nishi de tanks zo goed mogelijk met takken, bladeren of netten te camoufleren.

Omdat het eiland door heuvels werd bedekt konden Japanse tanks worden ingegraven. Dat gebeurde en verschillende tanks werden in de grond of tussen rotsen tot aan hun koepels ingegraven om te dienen als bunkers en statische vuurmonden. Zandzakken en natuurlijke obstakels zoals rotsen dienden geregeld als extra bescherming voor Japanse soldaten en ingegraven wapens. Van sommige tanks werden de koepels gedemonteerd. Die koepels werden tevens ingegraven of gecamoufleerd. Generaal Tadamichi Kuribayashi vermoedde dat de Amerikanen op het strand van Iwo Jima nabij de Suribachi zouden aanvallen en wilde de Amerikanen op laten rukken en hen na enkele honderden meters onder vuur nemen vanaf de met bunkers en kanonnen uitgeruste Suribachi en het hogerop gelegen terrein. Hij zag af van een grootschalige versterking van het strand zelf (slechts enkele obstakels die later door Amerikaanse bombardementen vernietigd werden) maar concentreerde zijn aanvalskracht in en op de Suribachi, in bunkers en in en op het heuvelachtige terrein van Iwo Jima. Hij wist dat hij op die manier zoveel mogelijk schade kon aanrichten bij de Amerikanen. De Amerikanen dachten dat hun scheepsbeschietingen en bombardementen de Japanners op Iwo Jima onschadelijk zouden maken. De Amerikaanse generaal Chester W. Nimitz (1885-1966) zou zelfs gezegd hebben: "Well, this will be easy. The Japanese will surrender Iwo Jima without a fight."

Op 19 februari 1945 begonnen Amerikaanse troepen (zie Amerikaanse eenheden Iwo Jima) na een langdurige scheepsbeschieting en bombardementen aan een grootschalige landingsoperatie met amfibievoertuigen om het eiland te veroveren. Verschillende sectoren van het strand op Iwo Jima kregen codenamen (groen, rood 1 en 2, geel 1 en 2, blauw 1 en 2). De Amerikaanse troepen wisten van het bestaan van Nishi, zij wisten zelfs dat hij op het eiland gestationeerd was, en probeerden hem te overtuigen om zich over te geven. Nishi wees dat aanbod af en wilde het eiland verdedigen. Daarvan afgezien wees de Japanse legertop overgave van soldaten af: de mogelijkheid bestaat dat Nishi zou zijn doodgeschoten door Japanse soldaten indien hij trachtte zich over te geven. Aanvankelijk kregen de Amerikanen weinig tegenstand maar nadat zij in grote aantallen een paar honderd meter over het mulle, moeilijk begaanbare vulkaanzand waren gekropen begonnen een groot deel van de op Iwo Jima gestationeerde Japanse kanonnen en mitrailleurs te vuren. Ondanks de eerdere driedaagse beschietingen van Amerikaanse schepen voor de kust van Iwo Jima konden de Japanse soldaten aanvallen uitvoeren vanuit de bunkers en hinderlagen op het eiland. De bombardementen en het Amerikaanse scheepsgeschut hadden de ondergrondse tunnels en gangenstelsels grotendeels niet vernietigd (wel waren doelen op het oppervlak van Iwo Jima beschadigd of vernietigd, inclusief enkele bunkers en grotten).

Het 26ste Tankregiment onder leiding van Takeichi Nishi verdedigde verschillende sectoren op Iwo Jima en was uitgerust met elf Type 97 Chi-Ha middelzware tanks (waarvan enkele verbeterde Shinhoto Chi-Ha tanks met 47mm kanonnen) en twaalf Type 95 Ha-Go lichte tanks. De Tweede Compagnie van het 26ste Tankregiment met een artillerie peloton was gestationeerd in het westen en de Eerste Compagnie met een artillerie peloton in het zuiden. De Derde Compagnie was gestationeerd in het oostelijke district. Op 20 februari 1945 was de Eerste Compagnie in gevecht met Amerikaanse mariniers die door een tankregiment werden ondersteund. Zij vochten tot en met 1 maart 1945 en werden verslagen door de Amerikanen op Heuvel 382. Op 25 februari 1945 werd de Japanse Derde Compagnie naar het tweede vliegveld gestuurd om dit te verdedigen tegen Amerikaanse mariniers. Het vliegveld werd op 27 februari 1945 door de Amerikanen (mariniers) ingenomen en de Derde Compagnie werd verslagen. Op 28 februari 1945 hadden de tanks van de Tweede Compagnie zich in grotten verscholen. Toen de Amerikanen langskwamen vielen de Japanse tanks aan maar werden vernietigd door Amerikaanse bazooka's. De overlevenden van het 26ste Tankregiment trokken zich naar het oostelijke district terug waar zij als infanterie doorvochten tot het einde. Door de Amerikaanse kwantiteit en kwaliteit van wapens en technologie (schepen, vliegtuigen en M4 Sherman tanks) in combinatie met het verlies aan munitie en rantsoenen aan Japanse kant, was het eiland op 26 maart 1945 gezuiverd van Japanse troepen.

De op Iwo Jima gestationeerde Japanse tanks van het 26ste Tankregiment waren totaal niet opgewassen tegen de Amerikaanse M4A2 en M4A3 Sherman tanks. De bepantsering van de M4 Sherman was dikker dan het pantser van de Japanse Type 95 Ha-Go en Type 97 Chi-Ha tanks die op Iwo Jima gestationeerd waren. Ook was de bewapening van de Sherman tanks krachtiger. Sommige Sherman tanks waren zelfs met vlammenwerpers uitgerust. Die vlammenwerpers werden gebruikt om de Japanse gangenstelsels en de bunkers uit te roken. Het feit dat de Japanners zich over het algemeen niet terugtrokken hielp ook niet bij een eventuele Japanse overwinning. Op 26 maart 1945 om negen uur in de morgen werd het eiland eindelijk veilig verklaard. De verliezen bedroegen 18,375 Japanse doden of vermisten (van de 20,530 tot 21,060 Japanse troepen) en 6,821 Amerikaanse doden of vermisten (van de 110,000 Amerikaanse militairen die in totaal meededen aan de operatie). Slechts 216 Japanse soldaten werden gevangen genomen. De rest vocht door tot het einde.

Het is plausibel dat Takeichi Nishi, net als andere Japanse soldaten, is omgekomen door Amerikaans machinegeweervuur of door Amerikaanse vlammenwerpers op 22 maart 1945. De mogelijkheid bestaat ook dat Nishi zelfmoord heeft gepleegd. Auteur John C. Shively van 'The Last Lieutenant' (2006) stelt dat Nishi is omgekomen door Amerikaans geweervuur tijdens de nacht (in maart 1945). Op basis van de getuigenis van de oom van Shively, wiens peloton op Iwo Jima in 1945 gestationeerd was, werd er in de nacht van 22 maart 1945 geschoten op Japanse soldaten. Nishi zou een van de slachtoffers zijn geweest. Een lichaam van een dode Japanse soldaat werd de volgende ochtend gevonden met ruiterlaarzen aan. Het paard Uranus stierf door ziekte een week na de dood van Nishi en werd later door middel van een monument herdacht (War Horse Memorial bij het Historie en Folklore Museum in Honbetsu, Hokkaido, Japan). De gouden medaille die Nishi in 1932 in Los Angeles won en zijn ruiterlaarzen (merk Hermès) liggen in het Prins Chichibunomiya Herdenkingsmuseum te Tokio.

In films

In de film 'Letters from Iwo Jima' (2006) komt Takeichi Nishi voor. In de film kunnen Nishi en de bevelhebbend generaal van Iwo Jima Tadamichi Kuribayashi het goed met elkaar vinden. Zij behandelen elkaar als vrienden. Verschillen met de realiteit bestaan eruit dat Nishi in het echt het soms niet eens was met Tadamichi Kuribayashi. Nishi zou Japanse soldaten niet willen straffen die tanks met vers water schoonmaakten (Kuribayashi had dat namelijk verboden). Nishi zou echter wel een Amerikaanse krijgsgevangene hebben geholpen (zoals dat in de film naar voren komt) met behulp van medicijnen en verzorging, aldus een Japanse biografie die over hem is geschreven.


Vervolg

De verdediging van Iwo Jima

Iwo Jima is een eiland dat bedekt is met grijs en zwart vulkaanzand. Het eiland heeft een oppervlakte van ongeveer 21 vierkante kilometer. In het zuiden is de vulkaan Suribachi het hoogste punt (169 meter). Het eiland ligt 1250 kilometer ten zuiden van Tokio. Iwo Jima was tijdens de Tweede Wereldoorlog een strategische plek voor zowel Japan als de Verenigde Staten. Voor de Japanners vormde het eiland een uitvalsbasis voor vliegtuigen (bommenwerpers en jachtvliegtuigen) om eventuele Amerikaanse aanvallen af te slaan of in ieder geval te vertragen. Het eiland was als het ware een buffer om Japan te verdedigen tegen Amerikaanse aanvallen. Voor de Amerikanen was het eiland belangrijk omdat er verschillende vliegvelden (twee waarvan een derde in aanbouw) aanwezig waren. Daarnaast kon de zware B-29 bommenwerper op een van de vliegvelden landen. Het eiland vormde een uitstekende uitvalsbasis voor Amerikaanse jachtvliegtuigen en jachtbommenwerpers om Amerikaanse bommenwerpers te ondersteunen die het Japanse vasteland aan konden vallen. Voor de verdediging van Iwo Jima had bevelhebbend generaal Tadamichi Kuribayashi de beschikking over honderden stukken artillerie, mortieren, machinegeweren, antitankkanonnen en raketlanceerinrichtingen. Op het eiland hadden de Japanners tevens tientallen bunkers en kanonnen ingegraven. Iwo Jima bestond in feite uit één groot tunnelstelsel met bunkers, machinegeweernesten, kanonnen en luchtafweergeschut.

Wat tanks betreft had Takeichi Nishi de leiding over het 26ste Tankregiment dat op Iwo Jima werd gestationeerd. Hij kreeg de leiding over dat tankregiment op 26 juni 1944. Het 26ste Tankregiment viel onder de Japanse 109ste Divisie (de 109ste Divisie bestond uit het 145ste Infanterieregiment, het Derde Battalion 17de Gemengde Infanterieregiment, het 26ste Tankregiment, de Tweede Gemengde Brigade en de Brigade Artillerie Groep). Tijdens de aanval van een Amerikaanse duikboot op het 26ste Tankregiment tijdens een transport in 1944 naar het eiland overleefden zeshonderd man van de eenheid de aanval (twee niet) en kwamen veilig op Iwo Jima aan. In december 1944 kwamen nieuwe tanks aan die door Nishi in Tokio besteld waren. Nishi was van plan de tanks in te zetten als mobiele vuurbrigades: overal waar de Amerikanen doorbraken of de Japanners onder de voet werden gelopen door Amerikaanse soldaten moesten de tanks worden ingezet. Het landschap van Iwo Jima verhinderde echter de snelle inzet van tanks als 'vuurbrigades'. Daarom besloot Nishi de tanks zo goed mogelijk met takken, bladeren of netten te camoufleren.

Omdat het eiland door heuvels werd bedekt konden Japanse tanks worden ingegraven. Dat gebeurde en verschillende tanks werden in de grond of tussen rotsen tot aan hun koepels ingegraven om te dienen als statische vuurmonden. Zandzakken en natuurlijke obstakels zoals rotsen dienden geregeld als extra bescherming voor Japanse soldaten en ingegraven wapens. Van sommige tanks werden de koepels gedemonteerd. Die koepels werden tevens ingegraven of gecamoufleerd. Generaal Tadamichi Kuribayashi vermoedde dat de Amerikanen op het strand van Iwo Jima nabij de Suribachi zouden aanvallen en wilde de Amerikanen op laten rukken en hen na enkele honderden meters onder vuur nemen vanaf de met bunkers en kanonnen uitgeruste Suribachi en het hogerop gelegen terrein. Hij zag af van een grootschalige versterking van het strand zelf (slechts enkele obstakels die later door Amerikaanse bombardementen vernietigd werden) maar concentreerde zijn aanvalskracht in en op de Suribachi, in bunkers en in en op het heuvelachtige terrein van Iwo Jima. Hij wist dat hij op die manier zoveel mogelijk schade kon aanrichten bij de Amerikanen. De Amerikanen dachten dat hun scheepsbeschietingen en bombardementen de Japanners op Iwo Jima onschadelijk zouden maken. De Amerikaanse generaal Chester W. Nimitz (1885-1966) zou zelfs gezegd hebben: "Well, this will be easy. The Japanese will surrender Iwo Jima without a fight."

Op 19 februari 1945 begonnen Amerikaanse troepen na een langdurige scheepsbeschieting en bombardementen aan een grootschalige landingsoperatie met amfibievoertuigen om het eiland te veroveren. Verschillende sectoren van het strand op Iwo Jima kregen codenamen (groen, rood 1 en 2, geel 1 en 2, blauw 1 en 2). De Amerikaanse troepen wisten van het bestaan van Nishi, wisten zelfs dat hij op het eiland gestationeerd was, en probeerden hem te overtuigen om zich over te geven. Nishi wees dat aanbod af en wilde het eiland verdedigen. Daarvan afgezien wees de Japanse legertop overgave van soldaten af: de mogelijkheid bestaat dat Nishi zou zijn doodgeschoten door Japanse soldaten indien hij trachtte zich over te geven. Aanvankelijk kregen de Amerikanen weinig tegenstand maar nadat zij in grote aantallen een paar honderd meter over het mulle, moeilijk begaanbare vulkaanzand waren gekropen begonnen een groot deel van de op Iwo Jima gestationeerde Japanse kanonnen en mitrailleurs te vuren. Ondanks de eerdere driedaagse beschietingen van Amerikaanse schepen voor de kust van Iwo Jima konden Japanse soldaten aanvallen uitvoeren vanuit de bunkers en hinderlagen op het eiland. De bombardementen en het Amerikaanse scheepsgeschut hadden de ondergrondse tunnels en gangenstelsels grotendeels niet vernietigd (wel waren doelen op het oppervlak van Iwo Jima beschadigd of vernietigd, inclusief enkele bunkers en grotten).

Het 26ste Tankregiment onder leiding van Takeichi Nishi verdedigde verschillende sectoren op Iwo Jima en was uitgerust met elf Type 97 Chi-Ha middelzware tanks (waarvan enkele verbeterde Shinhoto Chi-Ha tanks met 47mm kanonnen) en twaalf Type 95 Ha-Go lichte tanks. De Tweede Compagnie van het 26ste Tankregiment met een artillerie peloton was gestationeerd in het westen en de Eerste Compagnie met een artillerie peloton in het zuiden. De Derde Compagnie was gestationeerd in het oostelijke district. Op 20 februari 1945 was de Eerste Compagnie in gevecht met Amerikaanse mariniers die door een tankregiment werden ondersteund. Zij vochten tot en met 1 maart 1945 en werden verslagen door de Amerikanen op Heuvel 382. Op 25 februari 1945 werd de Japanse Derde Compagnie naar het tweede vliegveld gestuurd om die te verdedigen tegen Amerikaanse mariniers. Het vliegveld werd op 27 februari 1945 door de Amerikanen (mariniers) ingenomen en de Derde Compagnie werd verslagen. Op 28 februari 1945 hadden de tanks van de Tweede Compagnie zich in grotten verscholen. Toen de Amerikanen langskwamen vielen de Japanse tanks aan maar werden vernietigd door Amerikaanse bazooka's. De overlevenden van het 26ste Tankregiment trokken zich naar het oostelijke district terug waar zij als infanterie doorvochten tot het einde. Door de Amerikaanse kwantiteit en kwaliteit van wapens en technologie (schepen, vliegtuigen en M4 Sherman tanks) in combinatie met het verlies aan munitie en rantsoenen aan Japanse kant, was het eiland op 26 maart 1945 gezuiverd van Japanse troepen.

De op Iwo Jima gestationeerde Japanse tanks van het 26ste Tankregiment waren totaal niet opgewassen tegen de Amerikaanse M4A2 en M4A3 Sherman tanks. De bepantsering van de M4 Sherman was dikker dan het pantser van de Japanse Type 95 Ha-Go en Type 97 Chi-Ha tanks die op Iwo Jima gestationeerd waren. Ook was de bewapening van de Sherman tanks krachtiger. Sommige Sherman tanks waren zelfs met vlammenwerpers bewapend. Die vlammenwerpers werden vooral gebruikt om de Japanse gangenstelsels en de bunkers uit te roken. Het feit dat de Japanners zich over het algemeen niet terugtrokken hielp ook niet bij een eventuele Japanse overwinning. Op 26 maart 1945 om negen uur in de morgen werd het eiland eindelijk veilig verklaard. De verliezen bedroegen 18,375 Japanse doden of vermisten (van de 20,530 tot 21,060 Japanse troepen) en 6,821 Amerikaanse doden of vermisten (van de 110,000 Amerikaanse militairen die in totaal meededen aan de operatie). Slechts 216 Japanse soldaten werden gevangen genomen. De rest vocht door tot het einde.

Het is plausibel dat Takeichi Nishi, net als andere Japanse soldaten, is omgekomen door Amerikaans machinegeweervuur of door Amerikaanse vlammenwerpers op 22 maart 1945. De mogelijkheid bestaat ook dat Nishi zelfmoord heeft gepleegd. Auteur John C. Shively van 'The Last Lieutenant' stelt dat Nishi is omgekomen door Amerikaans geweervuur tijdens de nacht (in maart 1945). Op basis van de getuigenis van de oom van Shively, wiens peleton op Iwo Jima in 1945 gestationeerd was, werd er in de nacht van 22 maart 1945 geschoten op Japanse soldaten. Nishi zou een van de slachtoffers zijn geweest. Een lichaam van een dode Japanse soldaat werd de volgende ochtend gevonden met ruiterlaarzen aan. Het paard Uranus stierf door ziekte een week na de dood van Nishi en werd later door middel van een monument herdacht (War Horse Memorial bij het Historie en Folklore Museum in Honbetsu, Hokkaido, Japan). De gouden medaille die Nishi in 1932 in Los Angeles won en zijn ruiterlaarzen (merk Hermès) liggen in het Prins Chichibunomiya Herdenkingsmuseum te Tokio.

In films

In de film 'Letters from Iwo Jima' (2006) komt Takeichi Nishi voor. In de film kunnen Nishi en bevelhebbend generaal van Iwo Jima, Tadamichi Kuribayashi het goed met elkaar vinden. Zij behandelen elkaar als vrienden. Verschillen met de realiteit bestaan eruit dat Nishi in het echt het soms niet eens was met Tadamichi Kuribayashi. Nishi zou Japanse soldaten niet willen straffen die tanks met vers water schoonmaakten (Kuribayashi had dat namelijk verboden). Nishi zou echter wel een Amerikaanse krijgsgevangene hebben geholpen (zoals dat in de film naar voren komt) met behulp van medicijnen en verzorging, aldus een Japanse biografie die over hem is geschreven.


Bronnen

Boeken