Ontsnapping van Hr. Ms. Abraham Crijnssen

Inleiding

Begin maart 1942 was het duidelijk dat Java, als laatste bolwerk in Nederlands Oost-IndiŽ, spoedig in handen van de Japanners zou vallen. De Slag in de Javazee was verloren en alle grotere Nederlandse oorlogsschepen waren verloren gegaan waaronder het Nederlandse vlaggenschip, de lichte kruiser Hr. Ms. De Ruyter. De overgebleven kleinere schepen kregen de opdracht om uit te wijken naar AustraliŽ of Colombo of, als dit door een te kleine actieradius niet mogelijk was, ter plaatse het schip te vernietigen. Onder geen beding mocht een enkel schip in handen van de vijand vallen.

Onder de kleinere schepen in Java bevonden zich op dat moment de vier stalen mijnenvegers van de Jan van Amstel-klasse. Samen vormden zij de 2e mijnenvegerdivisie onder luitenant-ter-zee (LTZ) 1 J.R.L. Lebeau. De divisie bestond uit Hr. Ms. Jan van Amstel, Pieter de Bitter, Abraham Crijnssen en Eland Dubois en was gestationeerd in Soerabaja, noordoost Java.

Al op 17 februari had de 2e mijnenvegerdivisie de order gekregen van de Commandant Marine te Soerabaja, schout-bij-nacht P. Koenraad, om een ontsnappingspoging te wagen bij het verkrijgen van de code KPX. Begin maart waren er echter nog steeds geen duidelijke instructies gegeven hoe deze order uit te voeren terwijl het personeel van het Marine etablissement Soerabaja al volop bezig was de basis grondig te vernielen. In deze periode heerste een enorme chaos in Soerabaja. De Japanners controleerden nu de zee rond en de lucht boven Java en ontsnappen werd steeds moeilijker.


Bronnen

Boeken


Versie: 18-1-2011 Artikel door: Peter Kimenai

Deze website is een initiatief van STIWOT (Stichting Informatie Wereldoorlog Twee) Alle rechten voorbehouden © 2002--2017
Directe link: http://www.go2war2.nl/artikel/1889/Ontsnapping-van-Hr-Ms-Abraham-Crijnssen.htm